28 november 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Amsterdam

lokale maatwerkafspraken grootste Amsterdamse uitstoters

de leden Norbruis (D66) stelde op 28 november 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam (2 vragen).

In het kort

2 vragen en wat het college antwoordt

  • Hoe ziet het proces om tot lokale maatwerkafspraken te komen eruit? → Welke processtappen zijn tot nu toe doorlopen?
  • Hoe verhouden de lokale maatwerkafspraken zich tot landelijke/ provinciale/ Europese afspraken? → Wat zijn de mogelijkheden van de gemeente (gelet op haar bevoegdheden) om afspraken met deze bedrijven te maken of bij te dragen aan de afspraken die op Rijks- of provinciaal niveau verkend…

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Raadsinformatiebrief Beantwoording schriftelijke vragen

Aan:

Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s):

Behandeld door Onderwerp

De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 21 oktober 2024 Portefeuille Duurzaamheid, energietransitie en circulaire economie Dirk de Jager Ruimte en Duurzaamheid, [email protected] Beantwoording schriftelijke vragen van de leden Norbruis (D66), Garmy (Volt), Nadif (GroenLinks) en Noordzij (PvdA) inzake lokale maatwerkafspraken grootste Amsterdamse uitstoters.

Geachte leden van de gemeenteraad, Op 10 april 2024 heeft het college schriftelijke vragen ontvangen van de leden Norbruis (D66), Garmy (Volt), Nadif (GroenLinks) en Noordzij (PvdA) inzake lokale maatwerkafspraken grootste Amsterdamse uitstoters. Onderstaand treft u de beantwoording van deze vragen aan.

Toelichting door de vragenstellers We zitten in de grootste klimaatcrisis ooit. Een crisis die allesomvattend is en aan de basis ligt van andere problemen en zorgen in de stad. Het komende decennium is allesbepalend om klimaatverandering tegen te gaan, voordat het definitief te laat is. Daarom is ambitieus en daadkrachtig klimaatbeleid wat D66, Volt, GroenLinks en PvdA betreft een absolute prioriteit. Wij kunnen de klimaatcrisis nu nog afwentelen: kiezen voor generaties na ons. Kiezen voor de toekomst van de stad. Kiezen vóór een gezond klimaat. Klimaatwetenschappers hebben een duidelijke boodschap: het is noodzakelijk om onze CO2-uitstoot drastisch te verminderen.

De gemeente heeft een belangrijke taak om – binnen de bevoegdheden die het heeft - duurzame keuzes te stimuleren en de vervuilende keuzes ontmoedigen. In 2019 is een lijst met 10 grootste veroorzakers van CO2-uitstoot opgesteld. In het Amsterdams Akkoord staat dat de gemeente maatwerkafspraken zal maken met de grootste Amsterdamse vervuilers. Tijdens de raadsvergadering in juli 2023 zijn mondelinge vragen hierover gesteld.…

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Hoe ziet het proces om tot lokale maatwerkafspraken te komen eruit?

Antwoord van het college

Welke processtappen zijn tot nu toe doorlopen? En welke processtappen worden nog gezet?

Om de internationaal, nationaal en gemeentelijk gestelde klimaatdoelen te halen is het noodzakelijk dat de CO2 uitstoot van Amsterdam omlaag gaat. Hier moeten we met zijn allen aan werken. Zoals we veel van onze inwoners vragen, vragen we ook veel van de industrie. Aangezien de uitstoot van de haven & industrie van Amsterdam 18% is van de totale CO2 uitstoot van de stad (Routekaart Amsterdam klimaatneutraal 2050), is het zonder een significante CO2-reductie van de industrie onmogelijk onze klimaatdoelen te halen en de ergste gevolgen van de klimaatcrisis te voorkomen. Daarom heeft het college in het coalitieakkoord opgenomen dat zij, bovenop de bestaande Europese, nationale en regionale regelingen, afspraken wil maken met de grootste CO2 uitstoters op Amsterdams grondgebied. Het doel van deze afspraken is om de bedrijven te bewegen hun verduurzamingsopgave te versnellen en hun CO2-uitstoot sneller terug te dringen.

Het proces om tot afspraken te komen is niet eenvoudig omdat de gemeente geen eenduidige (juridische) instrumenten heeft om afspraken af te dwingen. Daarom onderzoekt het college via welke wegen afspraken tot stand kunnen komen. We onderzoeken de verduurzamingsplannen van de bedrijven, hoe we ze kunnen uitdagen extra stappen te nemen en welke rol de gemeente hierin kan nemen. Uit eerdere gesprekken in het REHA traject (zie hieronder) is gebleken dat belangrijke randvoorwaarden om tot (versnelde) verduurzaming te komen zijn: beschikbaarheid, betaalbaarheid van het duurzame alternatief en (toereikende) wet- & regelgeving. Zo zijn bijvoorbeeld het oplossen van netcongestie en het uitrollen van waterstof, stoom en CO2 infrastructuur genoemd als belangrijke onderwerpen.

Het proces om tot afspraken over duurzaamheid en uitstoot te komen ziet er als volgt uit: -

-

Het college rondt binnenkort een analyse af van de meest energie intensieve bedrijven in Amsterdam. In deze analyse wordt onderzocht wat de transitiepaden en duurzaamheidsdoelen zijn van de bedrijven, aan welke reductieverplichtingen ze moeten voldoen, bijvoorbeeld vanwege Europese en nationale wetgeving, en welke afspraken de bedrijven al hebben gemaakt om verduurzamingsstappen te ondernemen. Vervolgens analyseren we welke instrumenten het college heeft om als mogelijk een versnelling van de verduurzaming af te dwingen, dan wel bedrijven daartoe te verleiden. Deze analyse doen wij u in Q4 van 2024 toekomen.

Op bestuurlijk niveau zullen komende periode gesprekken worden gevoerd op basis van deze analyse om te zien hoe deze bedrijven hier tegenaan kijken en welke afspraken gemaakt kunnen worden.

In Q1 2025 wordt u geïnformeerd over de afspraken die gemaakt zijn en het vervolgproces.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 21 oktober 2024 Pagina 3 van 10

In oktober 2024 is motie 442.24 aangenomen van de leden Van Schagen, Noordzij, Nadif, Koyuncu, Kabamba, Garmy, Bakker en Veldhuyzen inzake maatwerkafspraken met Amsterdams grootste vervuilers. Hierin vragen zij het college

- Met een Plan van Aanpak te komen voor de Amsterdamse maatwerkafspraken

- Hierin voor de grootste vervuilers een analyse te delen met welke middelen de gemeente kan inzetten. Zowel positief als negatief (wortel en stok)

- Dit te koppelen aan de Amsterdamse Klimaatdoelen en waar mogelijk te laten inspireren door de landelijke maatwerkafspraken

- Dit Plan van Aanpak voor het eind van het jaar naar de Gemeenteraad te sturen.

Deze acties zullen worden meegenomen in de toezegging die het college in deze raadsinformatiebrief doet om in Q4 2024 een analyse van de bedrijven met u delen. Het college beschouwt de motie bij dezen als afgedaan.

Al genomen stappen Vanuit verschillende portefeuilles voert het college met regelmaat gesprekken met de energie intensieve industrie. We gebruiken hiervoor de bestaande netwerk- en overlegstructuren waarin de gemeente en deze bedrijven elkaar al jaren intensief opzoeken.

Om de verduurzaming van de industrie te versnellen en bedrijven te faciliteren in hun energietransitie is het college in 2022, in samenwerking met het Havenbedrijf, gestart met gesprekken met de bedrijven via het Roadmap Energietransitie Havengebied Amsterdam programma, kortweg het REHA. De gemeente heeft met alle REHA-bedrijven gesprekken gevoerd met het ambitiedocument REHA als resultaat [bijlage 1]. Het gaat om de volgende bedrijven:

AEB*, Ketjen*, AsfaltNU, Argent Energy, Advanced Methanol Amsterdam, Orgaworld, Sonneborn*, Cargill*, Vattenfall*, ICL en Bunge*. (Bedrijven met een* zijn opgenomen in de lijst van 10 meest energie-intensieve bedrijven). Uit de lijst met 10 meest energie-intensieve bedrijven doen het Amsterdam AUMC, de 2 datacenters Global Switch en Equinix, en de rioolwaterzuivering RWZI niet mee aan REHA. Voor deze bedrijven lopen andere verduurzamingstrajecten binnen de gemeente. Deze bedrijven worden wel meegenomen in dit proces om tot afspraken te komen.

In de eerste fase van het REHA-traject gingen de gesprekken over de ambities, mogelijkheden, knelpunten en behoeften van de bedrijven om hun bedrijfsvoering te verduurzamen. Het programma heeft in deze fase nog niet geleid tot afspraken met de bedrijven maar heeft wel tot belangrijke inzichten geleid die we meenemen in het vervolgproces. In de vervolgfase van het REHA-traject blijven we in dialoog met de bedrijven over de ontwikkelingen die van belang zijn voor hun verduurzamingsplannen, zoals de Cluster Energie Strategie 2024, netcongestie en het uitrollen van waterstof, stoom en CO2 infrastructuur.

Naast het REHA-programma werkt de gemeente samen met het Havenbedrijf aan de verduurzaming van het havengebied en op regionaal niveau is de gemeente een belangrijke initiator en opdrachtgever van het Programmabureau Noordzeekanaalgebied (PB NZKG).

Programmabureau adresseert veel maatregelen om de industrieregio NZKG – een van de 6 industriële clusters in het nationale Klimaatakkoord – te verduurzamen We sturen op een snelle realisatie van deze maatregelen door actief deel te nemen aan het PB NZKG. Ook kunnen we via

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 21 oktober 2024 Pagina 4 van 10

het PB NZKG belangrijke punten voor de gemeente Amsterdam op tafel krijgen bij het Rijk en de EU.

Momenteel wordt door het Havenbedrijf gewerkt aan de visie 2040 en het strategisch plan 20252028. In de Visie 2040 worden de ambities van de haven vastgesteld. Het strategisch plan geeft sturing op de ambities uit de Visie 2040, en bevat een uitvoeringsagenda voor de komende 4 jaar.

Het college stelt deze Visie vast, als aandeelhouder, waarna deze aan de gemeenteraad wordt voorgelegd voor wensen en bedenkingen.

Vraag 2

Hoe verhouden de lokale maatwerkafspraken zich tot landelijke/ provinciale/ Europese afspraken?

Antwoord van het college

Wat zijn de mogelijkheden van de gemeente (gelet op haar bevoegdheden) om afspraken met deze bedrijven te maken of bij te dragen aan de afspraken die op Rijks- of provinciaal niveau verkend worden? Aan welke knoppen kan de gemeente draaien?

Zoals aangegeven bij antwoord 1+2, brengen we in de huidige analyse in kaart aan welke (inter)nationale/regionale regelgeving elk bedrijf moet voldoen, welke extra verduurzamingsmogelijkheden elk bedrijf heeft en aan welke knoppen de gemeente kan draaien.

Dit doen we per bedrijf, omdat de knoppen en mogelijkheden per bedrijf verschillen.

De belangrijkste bestaande internationale en nationale maatregelen, afspraken en programma’s, waar ook de gemeente Amsterdam betrokken bij is, worden hieronder beschreven.

Europese wet- en regelgeving Binnen Europa is het ‘European Union Emissions Trading System’ (EU ETS) een handelssysteem waarin industriële producenten uitstootrechten kunnen kopen en verkopen. Ieder jaar moeten Europese industriële producenten uitstootrechten inleveren ter hoogte van hun uitstoot in dat jaar. De prijs voor de uitstootrechten is afhankelijk van de verhouding tussen vraag en aanbod.

Deze prijsvorming geeft de producenten een financiële prikkel om te verduurzamen en is een van de belangrijkste Europese instrumenten gericht op de industrie. De beschikbare CO2emissierechten worden jaarlijks verminderd totdat de Europese Unie volledig klimaatneutraal is in 2050. Overigens eindigt de EU ETS voor industrie omstreeks 2040 wat betekent dat de industrie dan klimaatneutraal dient te zijn.

De Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) ziet in Nederland toe op de naleving van deze regeling.

Het AEB en de RWZI vallen vooralsnog niet onder deze regeling. Op dit moment vallen 15 vestigingen van bedrijven binnen Amsterdam onder het EU ETS-systeem, 7 daarvan zijn opgenomen in de lijst met 10 grootste uitstoters van Amsterdam (2019)1.

Nationale CO2-heffing In Nederland is aanvullend op het EU-ETS de nationale CO2-heffing ingevoerd. De vormgeving van de nationale heffing is voor een groot deel gebaseerd op het EU-ETS. De heffing compenseert voor de variabele EU ETS prijs en garandeert daarmee een minimale CO2-prijs. Ook afvalverbrandingsinstallaties (AVI’s), die tot nu toe niet deelnemen aan de EU-ETS, vallen onder

1

Dit zijn Vattenfall, Amsterdam UMC, Bunge, Cargill, Ketjen, Sonneborn, Global Switch Amsterdam

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 21 oktober 2024 Pagina 5 van 10

deze regeling. De regeling geldt dus voor het AEB, die bovenaan de lijst met meest energieintensieve bedrijven van Amsterdam staat.

Maatwerkafspraken vanuit Rijksoverheid De nationale maatwerkaanpak die in december 2021 werd aangekondigd door het vorige kabinet, als onderdeel van het klimaatakkoord, daagt de 20 grootste industriële uitstoters in Nederland uit om plannen te maken om sneller fors minder CO2 uit te stoten en daarnaast bij te dragen aan een gezonde en veilige leefomgeving, waarbij in het bijzonder aandacht is voor stikstofreductie. Deze plannen vormen de basis voor maatwerkafspraken. In totaal zijn er nu acht intentieverklaringen getekend. Het maken van maatwerkafspraken met de industrie wordt voortgezet door de nieuwe regering.

In Amsterdam is alleen het AEB onderdeel van de landelijke lijst met 20 grootste industriële uitstoters. Zij is één van de vijf AVI’s in de lijst. Voor de AVI’s heeft de minister een aparte aanpak voor ogen. Deze is afhankelijk van de sectoraanpak voor deze bedrijven. Vanuit de ambitie om ook steeds minder afval te produceren is het aannemelijk dat de totale capaciteit van AVI’s in Nederland afneemt. Afhankelijk hiervan wordt bepaald met welke AVI’s maatwerkafspraken worden gemaakt. Het AEB heeft de afgelopen jaren maatregelen genomen om te verduurzamen.

Zie ook het antwoord op vraag 5.

Nationaal Programma Verduurzaming Industrie (NPVI), Cluster Energie Strategie (CES) en Meerjarenprogramma’s Infrastructuur Energie en Klimaat (MIEK) Als uitwerking van het klimaatakkoord stuurt de Rijksoverheid op verduurzaming van de industrie via het Nationaal Programma Verduurzaming Industrie (NPVI). Het Rijk is opdrachtgever van de Cluster Energie Strategie (CES, zie hier). Het doel van de CES is om meer zicht te krijgen op de ontwikkeling van de zes industriële clusters in Nederland, waarvan het Noordzeekanaalgebied er één is. Het gaat dan om inzicht in de behoefte aan toekomstige energie-infrastructuur zodat de Rijksoverheid infrastructuurprojecten die van cruciaal belang zijn voor de energietransitie, de zogenaamde MIEK-projecten (Meerjarenprogramma’s Infrastructuur Energie en Klimaat), kan prioriteren. In het NZKG worden vanuit de CES 40 bedrijven gemonitord. Deze nationale programma’s worden in het industriecluster NZKG gecoördineerd vanuit het programmabureau NZKG, waarvan de gemeente Amsterdam naast verschillende andere overheden en industriële partners een belangrijke initiator en opdrachtgever is. Vanuit deze samenwerking wordt direct samengewerkt met de industrie, waaronder verschillende bedrijven uit de lijst (AEB, Bunge, Cargill, Ketjen, Sonneborn, en Vattenfall), en overheden om met elkaar stappen te zetten om de transitie te realiseren.

4.

Hoe wordt de voortgang van uitvoering van de maatwerkafspraken gemonitord? Aan de hand van welk toetsingskader en op welke frequentie? Hoe kan hierop bijgestuurd worden? En hoe wordt de gemeenteraad hierbij betrokken en hierover geïnformeerd?

Onderdeel van de te maken afspraken betreft de monitoring en uitvoering ervan. Het college zal de raad regelmatig informeren nadat de afspraken gemaakt zijn.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

5.

Datum 21 oktober 2024 Pagina 6 van 10

Met welke partijen zijn tot dusver gesprekken gevoerd over maatwerkafspraken? Met welke partijen verwacht de gemeente daadwerkelijk maatwerkafspraken te maken?

Zoals beschreven onder antwoord 1+2 is het REHA-traject gestart als eerste aanzet om te komen tot afspraken met een groot deel van de bedrijven uit de top 10.

Daarnaast hebben diverse ontwikkelingen plaatsgevonden sinds het opstellen van de lijst met 10 meest energie-intensieve bedrijven. De gemeente is actief betrokken bij het project Aurora voor de CO2-afvang en opslag (CCS) bij de AEB. Realisatie van dit project heeft grote impact op de CO2 uitstoot van het bedrijf, en is ook een belangrijke voorwaarde oor de verkoop van het bedrijf.

Daarnaast heeft gemeente Amsterdam als aandeelhouder een belangrijke sturende rol gespeeld om de verduurzamingsambities op te nemen in het onlangs gepresenteerde strategisch plan van het bedrijf.

De Hemweg kolencentrale van Vattenfall is sinds het opstellen van de lijst gesloten, waardoor de grootste uitstoter van de lijst is verdwenen. Sindsdien heeft het bedrijf meerdere plannen aangekondigd om uit te groeien tot een duurzame energiehub vanwaar verschillende duurzame energiebronnen zullen worden gefaciliteerd, zoals de productie groene waterstof, een zonnepark, wind op zee en op land en warmte uitkoppeling naar het warmtenet. De gemeente Amsterdam heeft op een aantal dossiers direct contact met het bedrijf en het bedrijf is ook aangehaakt bij de verschillende initiatieven in het NZKG en de Amsterdamse haven.

Vier partijen uit de lijst met grootste uitstoters nemen niet deel aan het REHA-programma. Deze partijen worden wel meegenomen in de analyse die u Q4 2024 ontvangt.

Dit zijn de datacenters, AUMC en de RWZI. Voor deze partijen lopen afzonderlijke trajecten:

- Onder dit college is het vestigingsbeleid datacenters aangescherpt waarin ook verscherpte duurzaamheidseisen zijn opgenomen.

- Het AUMC heeft via Sigra (een samenwerkingsverband tussen zorginstellingen in de regio) het stedelijk klimaatcontract Amsterdam ondertekend, waarin ze de duurzame transities van de stad Amsterdam ondersteunen zoals beschreven in de raadsinformatiebrief ‘onze stad van morgen’.

- Met het waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV) heeft de gemeente Amsterdam sinds 2022 een strategische samenwerkingsagenda waarin klimaatadaptatie, circulariteit en energietransitie belangrijke onderwerpen zijn.

6. Wordt bij de maatwerkafspraken de rol en inzet vanuit de gemeente in het stimuleren van een duurzaam bedrijfsleven in Amsterdam expliciet meegenomen? Wat voor soort (financiële) maatregelen/regelgeving overweegt de wethouder om obstakels bij partijen weg te nemen, zodat partijen de afspraken en duurzame doelen makkelijker kunnen behalen?

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 21 oktober 2024 Pagina 7 van 10

Ja, het stimuleren van een duurzaam bedrijfsleven in Amsterdam wordt expliciet meegenomen in de maatwerkafspraken. Het type (financiële) maatregelen/regelgeving om tot afspraken te komen wordt geanalyseerd en zal u worden toegestuurd in Q4 2024.

Daarnaast doet de gemeente al veel om een duurzaam bedrijfsleven te stimuleren en de voorwaarden te creëren waarbinnen bedrijven verder kunnen verduurzamen. Dat betekent dat we met de mogelijkheden die wij hebben de juiste randvoorwaarden en regels trachten te scheppen om verduurzaming van bedrijven mogelijk te maken. We doen dat via: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Beschikbaarheid duurzaam alternatief; productie, infrastructuur, import;

Wet- en regelgeving en vergunningsprocedures;

Ruimte; fysiek, milieu en veiligheid;

Betaalbaarheid en gelijk speelveld;

Human capital;

Innovatie ontwikkeling;

Maatschappelijke acceptatie.

Specifieke stappen die we hierbij zetten, veelal samen met het PB NZKG, de Provincie NH, de ODNZKG en het Havenbedrijf:

- Er wordt momenteel een nieuw BOW (Beleid Omgevingsveiligheid Westpoort) opgesteld voor het Amsterdamse havengebied. Dit beleid moet ertoe leiden dat bedrijven gemakkelijker nieuwe duurzame technologieën kunnen introduceren in de haven;

- Er wordt een GOP (Gebiedsgericht Omgevings Programma) opgesteld voor het havengebied, als uitwerking van de Omgevingsvisie. Het GOP moet duidelijk maken welke fysieke, milieu- en veiligheidsruimte er daadwerkelijk is voor de verschillende opgaven in het Amsterdamse havengebied. Dit moet handvatten geven om te beslissen wat wel en wat niet kan in het gebied;

- Binnen het REHA-programma wordt direct met de industrie samengewerkt om mogelijkheden en middelen te identificeren die bijdragen aan de verduurzaming van deze bedrijven;

- De gemeente Amsterdam is actief betrokken bij elektriciteits-, waterstof- en CO2werkgroepen in het Noordzeekanaalgebied, waar samen met de industrie en relevante overheden wordt gewerkt aan de randvoorwaarden en infrastructuur die nodig zijn voor de verduurzaming van de industrie;

- De gemeente Amsterdam is onderdeel van het H2A consortium. Deze samenwerking, opgezet door het Havenbedrijf, richt zich op de grootschalige import van groene waterstof naar het Amsterdamse havengebied;

- Vanuit de eerdere genoemde analyse wordt een lijst met mogelijke investeringen opgesteld voor de verduurzaming van de industrie, zoals lokaal waterstofnetwerk, CO2of stoom-infrastructuur of levering industriewater;

- We zetten ons in om het vergunningsproces zo efficiënt mogelijk te begeleiden en in te richten zodat de procedures zo min mogelijk vertragende invloed hebben op de introductie van nieuwe technologieën. Als opdrachtgevers van de omgevingsdienst wordt samen met de omgevingsdienst en de provincie Noord-Holland ingezet op het stroomlijnen van het proces;

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

-

-

-

7.

Datum 21 oktober 2024 Pagina 8 van 10

Samen met de omgevingsdienst wordt ingezet op betere handhaving van bestaande weten regelgeving.

Lobby richting Rijk en EU is van groot belang om belangrijke knelpunten te adresseren: aanleg infrastructuur, beschikbaarheid duurzame energie, wet- & regelgeving, prijsontwikkeling, subsidiering;

Samen met verschillende regionale kennisinstellingen (MBO, HBO, WO) wordt er gewerkt aan een aantrekkelijk leeraanbod dat goed aansluit bij de duurzame industriële waardeketen in de regio;

Aanbod van energyscans waarop het voor de industrie beter inzichtelijk wordt hoe energie beter bespaard kan worden, vervangen oude apparatuur, machines;

Investeren in innovatie fieldlabs en challenges. Noodzakelijk voor de introductie van nieuwe duurzame technologieën.

Zijn de afspraken - ter vermindering van CO2-uitstoot - bindend te maken vanuit de gemeente? Zo ja, is de wethouder voornemens juridisch bindende afspraken te maken? Zo nee, welke andere instrumenten kan de gemeente inzetten, zoals erfpachtvoorwaarden of privaatrechtelijke overeenkomsten, om doelen afdwingbaar te maken?

Bindende afspraken zijn gesteld vanuit de EU ETS en nationale CO2-heffing. De gemeente is behalve als aandeelhouder bij het AEB, niet in de positie om juridisch bindende bovenwettelijke afspraken te maken met bedrijven. Naast onze inzet om de juiste randvoorwaarden voor de verduurzaming van de bedrijven te realiseren, wordt het instrument erfpacht ingezet. In nieuwe erfpachtcontracten die door het Havenbedrijf worden afgegeven worden inspanningsverplichtingen opgenomen voor de vermindering van de CO2-uitstoot. We onderzoeken of deze duurzaamheidsvoorwaarden verder kunnen worden aangescherpt. Naast erfpachtcontracten wordt er ook gekeken of bijvoorbeeld specifieke duurzaamheidsclausules kunnen worden opgenomen bij het afgeven van nieuwe milieuvergunningen. Dit zult u terugvinden in de analyse per bedrijf die wij in Q4 met de raad zullen delen.

8.

Is de wethouder het met de fracties van D66 Amsterdam eens dat het wenselijk is om, waar mogelijk, met deze partijen ook afspraken te maken over andere belangrijke duurzaamheidsdoelen, waaronder maar niet uitsluitend energieverbruik, fijnstofuitstoot, stikstofuitstoot, circulariteit? Zo ja, is de wethouder bereid om (ten minste) streefcijfers te koppelen aan deze doelen? Zo nee, waarom niet?

Het college is het ermee eens dat ook andere duurzaamheidsdoelen dan CO2-uitstoot belangrijk zijn. Desondanks ligt de focus op klimaatverandering en zal de CO2 uitstoot leidend zijn bij het maken van deze afspraken.

Op energieverbruik en circulariteit worden vanuit de gemeente in andere trajecten stappen ondernomen. Op stikstof en fijnstof zijn Europese en landelijke normen vastgesteld, waar de bedrijven zich aan moeten houden. Mocht het logisch of eenvoudig zijn om wel andere doelen mee te nemen, dan zullen we dat uiteraard doen.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 21 oktober 2024 Pagina 9 van 10

Wat betreft circulariteit is de gemeente Amsterdam een aantal maanden geleden gestart met het circulair in de haven programma. Hierin worden de circulaire kansen van het havengebied in kaart gebracht. De focus ligt hier op de circulaire bedrijven in het Amsterdamse havengebied, reststroom gebruik, de beschikbaarheid van circulaire grondstoffen en de introductie van nieuwe duurzame circulaire technologieën die in de toekomst een centrale rol zullen vervullen in de circulaire economie.

Voor bedrijven geldt de wettelijke energiebesparingsplicht. In hoeverre bedrijven deze wetgeving naleven zal worden meegenomen in de gesprekken die met de bedrijven worden gevoerd. Ook bieden we de bedrijven vanuit de gemeente energyscans aan.

9. Kan bij de maatwerkafspraken ook meegenomen worden of en hoe partijen zuiniger en flexibeler energie kunnen gebruiken, en naast gebruiker van energie ook producent en buffer van energie zoals warmte of stroom kunnen worden?

Ja, dit wordt meegenomen. Bedrijven onderzoeken bijvoorbeeld hoe ze hun eigen warmte kunnen gebruiken. Ook wordt gekeken naar uitwisseling van energie tussen bedrijven. Als restwarmte gebruikt kan worden in plaats van fossiele energiebronnen kan dit een manier zijn om de CO2uitstoot verminderen. De wettelijke verplichting tot energiebesparing is vastgelegd in de Wet milieubeheer en Omgevingswet. Vanuit het REHA programma zijn afgelopen jaar energiescans aangeboden aan de bedrijven, meerdere bedrijven hebben hier dankbaar gebruik van gemaakt. De informatie uit de energiescans kan worden gebruikt om het productieproces efficiënter te maken, de haalbaarheid van de transitieplannen te toetsen en uiteindelijk investeringsbeslissingen te nemen.

Het belangrijk om te vermelden dat de gemeente geen formele instrumenten heeft, in bijvoorbeeld de Elektriciteitswet (en ook de Energiewet) is nadrukkelijk benoemd dat de gemeenteraad niet bevoegd is om het produceren, transporteren en leveren van elektriciteit en gas in het belang van de energievoorziening aan regels te binden.

10. Hoe wordt bij de afspraken rekening gehouden met kennisontwikkeling en onderzoek, door bijvoorbeeld het initiëren van pilots en onderzoeksresultaten beschikbaar te stellen voor andere partijen/ de gemeente?

Het college erkent dat kennisontwikkeling en innovatie van cruciaal belang zijn voor de energietransitie. De gemeente Amsterdam is vanuit het programma Verduurzaming Haven en Industrie samen met de bedrijven actief betrokken bij verschillende kennisontwikkeling- en innovatieprogramma’s. Zo is afgelopen jaar de kennis & innovatietafel NZKG opgericht. Vanuit deze samenwerking worden gezamenlijk met verschillende regionale kennisinstellingen voor MBO, HBO en WO-projecten uitgewerkt om het leeraanbod en de testfaciliteiten te versterken en talent voor de energietransitie aan te trekken. Regelmatig wordt hierin een beroep gedaan op de bedrijven om samen met de kennisinstellingen, in zogenaamde learning communities, een aantrekkelijk en actueel leeraanbod te ontwikkelen en het onderzoek bij de kennisinstelling goed aan te laten sluiten op de behoeftes van de industrie.

Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl

Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief

Datum 21 oktober 2024 Pagina 10 van 10

Daarnaast is dit jaar het programma ‘project development NZKG’ gestart. Dit programma koppelt innovatieve projecten en startups die zich richten op de verduurzaming van de industrie aan beschikbare financiële instrumenten en subsidies en een groot netwerk aan bedrijven, kennisinstellingen, overheden en andere MKB-bedrijven en startups. Het programma ‘project development NZKG’ wil komende jaren een portfolio van innovatieve projecten opbouwen, zowel binnen de bedrijven als nieuwe innovatieve startups en MKB. Zo hoopt men via het programma goed ingericht te zijn om aanspraak te maken op financiering en innovatieve projecten tot ontwikkeling te brengen.

Wij verwachten u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen lid Norbruis (D66) cs inzake lokale maatwerkafspraken grootste Amsterdamse uitstoters

Bron: raadsinformatie van de gemeente Amsterdam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Amsterdam

Alle artikel 35-vragen in Amsterdam