19 juni 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Assen

Intergemeentelijke werkgroep - Beantwoording vragen IWGR - Ontwerpbegroting 2026

Een raadslid stelde op 19 juni 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Assen.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Geachte leden van de raadsfocusgroep GR Noord Drenthe, Op 19 mei vond een overleg plaats met uw focusgroep GR Noord-Drenthe in het gemeentehuis te Gieten. Tijdens dit overleg zijn onder andere uw vragen over de ontwerpbegroting behandeld.

Zoals afgesproken ontvangt u hierbij tevens een korte schriftelijke beantwoording.

Vragen OD Drenthe Ontwerpbegroting 2026

•

De gehanteerde inflatiecorrectie is 4,6%, terwijl andere Gemeenschappelijke Regelingen tussen 2 en 2,5 % zitten. Hoe kan dit?

Reactie: In de ontwerpbegroting 2026 is abusievelijk een foutieve indexering opgenomen voor het jaar 2026. Aan het algemeen bestuur wordt daarom voorgesteld om bij de vaststelling van de begroting uit te gaan van de correcte indexcijfers. Dit leidt tot een lagere deelnemersbijdrage. Uw raad is hierover op 26 mei schriftelijk geïnformeerd.

•

Reservering zaaksysteem. Wanneer wordt dit aanbesteed? Moet deze reservering ieder jaar plaatsvinden?

Reactie: Het zaaksysteem LOS (LeefOmgevingSysteem) nadert het einde van haar contractperiode en moet opnieuw Europees aanbesteed worden. Deze procedure wordt in 2026 gestart. In 2027 wordt de implementatie uitgevoerd. De totale kosten zijn momenteel begroot op € 700.000. In de meerjarenbegroting wordt voor de jaren 2026-2028 een bestemmingsreserve opgebouwd van € 450.000 (€ 150.000 per jaar). Via zienswijzen is verzocht om de kosten over meerdere jaren uit te spreiden in plaats van een hoge incidentele bijdrage ineens. Onderzocht wordt op welke wijze het verwachte tekort van € 250.000 het beste kan worden opgevangen. Mogelijk biedt een toekomstig positief rekeningresultaat hiervoor ruimte. We verwachten dat het nieuwe zaaksysteem per 1 januari 2028 in gebruik kan worden genomen.

•

Het aantal uren in de ontwerpbegroting 2026 is lager dan het aantal uren dat voor het jaar 2026 is opgenomen in de ontwerpbegroting 2025. Hoe kan dat?

Reactie: In de ontwerpbegroting wordt een schatting gemaakt van de vraag vanuit de deelnemers. Voor de ontwerpbegroting 2026 zijn de uren voor het jaarprogramma 2025 als basis gehanteerd. Hierop heeft een correctie plaatsgevonden door de landelijke subsidie voor het versterken van het energietoezicht. Dit geeft daardoor een vertekend beeld.

•

De deelnemersbijdrage in de periode tussen 2026 en 2029 fluctueert nogal.

Waardoor komt dit?

Reactie: Meerjarig is gerekend met indexering (CAO / loonwijzigingen) en 3 jaar lang een dotatie in een bestemmingsreserve voor een nieuwe aanbesteding van het zaaksysteem.

Verder zorgt het aflopen van de Rijkssubsidieregeling energie voor een schommeling in de bijdrage. Dit jaar wordt duidelijk of deze Rijkssubsidieregeling verlengd wordt.

•

Waarom wordt verwacht dat het aantal uren ten gevolge van de impact Omgevingswet niet verder stijgt?

Reactie: De omgevingswet leidt tot structureel meer inzet. Op basis van de berekende impact Omgevingswet van 18 % heeft het bestuur besloten om 5% structureel toe te voegen aan de begroting. Voor 2026 vindt hier geen aanpassing in plaats, de 0-lijn. Dit is mede met het oog op de ravijnjaren van uw gemeenten. Uiteraard vraagt dit wel om het maken van keuzes en prioriteren. Omdat het werken met de omgevingswet meer tijd vraagt is het belangrijk hierop te blijven monitoren. In de voortgangsrapportages leest u hier meer over. 1/2

•

Er wordt 5% extra gevraagd voor de Omgevingswet. Is dit ieder jaar? En waarover wordt die 5% berekend (zo gaat het om een steeds groter bedrag).

Reactie: Zie de beantwoording van de vorige vraag. Er is geen sprake van een jaarlijkse verhoging met 5% (geen stapeling). Het percentage / bedrag is eenmalig structureel toegevoegd (op eenzelfde wijze als ook indexering wordt toegepast in een jaar).

•

U & H strategie; herijking Drentse Maat. Welke consequenties heeft dit?

Reactie: Ook in de uitvoerings- en handhavingsstrategie is het hanteren van de 0-lijn voor de regio als geheel het financieel uitgangspunt (budgettair neutraal). Afhankelijk van de keuzes kan er wel sprake zijn van een verschuiving van de bijdrage tussen gemeenten. In het jaarprogramma van de omgevingsdienst wordt een concrete vertaling gemaakt naar producten en uren. Hiervoor wordt sinds 2016 gebruik gemaakt van kentallen en spelregels uit de zogenaamde ‘Drentse Maat’. De Drentse Maat beschrijft hoe beleidskeuzes en ervaringscijfers doorwerken in het jaarprogramma en de begroting van de omgevingsdienst.

Gelijktijdig met de besluitvorming over de U&H strategie vindt in 2025 een herijking plaats van de Drentse Maat. Daarmee wordt een doorrekening van de vernieuwde U&H strategie naar het jaarprogramma en de ontwerpbegroting 2027 mogelijk.

Meer informatie Indien u na het lezen van de beantwoording van uw vragen nog aanvullende vragen heeft dan vernemen wij dat graag.

2/2

Bekijk de brief: Intergemeentelijke werkgroep - Beantwoording vragen IWGR - Ontwerpbegroting 2026

Bron: raadsinformatie van de gemeente Assen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Assen

Alle artikel 35-vragen in Assen