22 april 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Beekdaelen

bouwplan Schinveld-Noord

Een raadslid stelde op 22 april 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Beekdaelen.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Aan de leden van de raad van de Gemeente Beekdaelen

Betreft Beantwoording art 32 vragen inzake bouwplan SchinveldNoord Datum document 5 mei 2026 Datum verzending 12 mei 2026 Ons kenmerk Z/26/219693 406899 Behandeld door

Geachte leden van de Raad, Op 22 april hebben wij schriftelijke vragen conform artikel 32 RvO van de fractie Vernieuwingsgroep ontvangen met betrekking tot woningbouw in Schinveld-Noord. Onderstaand treft u de beantwoording van deze vragen aan.

Toelichting: in de aangeleverde vragen ontbreekt de nummering van vraag 4 en 5. In deze beantwoording is aangesloten bij de door u gehanteerde nummering.

Vraag 1 Het project heet ‘Jabeekerhof’. Hoe komt nu zo’n naam tot stand? Wie beslist over de keuze van zo’n naam: projectontwikkelaar, gemeente?

Antwoord vraag 1 De projectontwikkelaar heeft aan het plan een werknaam toegekend. De gemeente heeft hier geen zeggenschap over. Deze werknaam staat los van de uiteindelijke officiële straatnaamgeving, die pas aan de orde is bij vergunningverlening. Over de definitieve straatnaam besluit het college.

Vraag 2 Heeft de omgeving ook een stem gehad in de keuze voor deze naam?

Zo nee, kan dit alsnog gebeuren (denk aan ons participatiebeleid)?

Antwoord vraag 2 De omgeving heeft geen formele stem gehad in de keuze voor de werknaam. Tijdens de gehouden participatiebijeenkomsten zijn hierover wel opmerkingen gemaakt door omwonenden. Voor de uiteindelijke straatnaamgeving is in de geldende verordening geen vaste procedure vastgelegd. Beekdaelen kent geen straatnaamcommissie; het college stelt de straatnaam vast. Het is mogelijk om dit proces participatief in te richten, bijvoorbeeld door input op te halen bij de omgeving.

Gebruikelijk is daarbij om advies te vragen aan de plaatselijke heemkundevereniging.

Vraag 3 Werkt de naam ‘Jabeekerhof’ niet vervreemdend voor een woonwijkje in Schinveld? Zou er niet beter aangesloten kunnen worden bij de historie van die plek (staalconstructie)?

1

Antwoord vraag 3 De naam Jabeekerhof is gekozen omdat het plangebied grenst aan de Jabeekerstraat; dat is de enige relatie. Het college onderkent dat deze benaming voor een woonwijk in Schinveld niet logisch is en verwarring kan oproepen. De officiële straatnaam zal dan ook een andere naam krijgen, waarbij aansluiting bij de lokale historie tot de mogelijkheden behoort.

Vraag 6 In hoeverre zouden de plannen voor ‘Jabeekerhof’ het mogelijk maken om een achterontsluiting te realiseren voor percelen aan de Eindstraat?

Antwoord vraag 6 De wens voor een achterontsluiting is ook tijdens de participatiebijeenkomsten geuit. Dit past echter niet binnen het conceptstedenbouwkundig plan zoals dat nu is gepresenteerd. Een achterontsluiting zou ertoe leiden dat achterkanten van percelen zichtbaar worden vanaf de openbare weg, wat stedenbouwkundig doorgaans onwenselijk wordt geacht. Daarnaast betekent het realiseren van een extra ontsluitingsweg minder uitgeefbare grond en minder woningen, hetgeen grote financiële consequenties heeft voor de haalbaarheid van het plan.

Vraag 7 Welke mogelijkheden heeft het college om hierop te sturen?

Antwoord vraag 7 Het college kan de ontwikkelaar vragen om de gewenste ontsluiting te onderzoeken, maar kan dit niet afdwingen. De gronden waarop een dergelijke ontsluiting gerealiseerd zou moeten worden zijn geen eigendom van de gemeente. Ook in het kader van de vergunningverlening betreft dit geen aspect waarop de gemeente actief kan sturen.

Vraag 8 Heeft de projectontwikkelaar grondposities verworven om dit mogelijk te maken?

Antwoord vraag 8 Voor zover bekend heeft de ontwikkelaar een optie tot koop op een deel van de gronden achter de percelen aan de Eindstraat, maar is hiervan nog geen eigenaar. Voor een aansluiting op de Eindstraat is daarnaast een strook grond nodig die niet in eigendom is van de ontwikkelaar. De gemeente beschikt wel over een perceel waarmee een verbinding theoretisch mogelijk zou zijn. De direct aangrenzende perceeleigenaren hebben echter aangegeven tegen iedere vorm van ontsluiting te zijn.

Vraag 9 Zijn er mogelijkheden om van het Schragerpad een fietsverbinding te maken richting Duitsland?

Antwoord vraag 9

Die mogelijkheid bestaat in theorie. Hiervoor zijn echter financiële middelen nodig om het pad te verharden en geschikt te maken voor fietsverkeer. Deze middelen zijn momenteel niet voorzien. Het Schragerpad maakt bovendien geen onderdeel uit van het bouwplan.

Daarnaast is niet bekend hoe direct aanwonenden tegenover een dergelijke ontwikkeling zouden staan.

Vraag 10 Op welk moment en op welke wijze is het college voornemens de gemeenteraad actief te informeren over de voortgang en inhoud van het bouwplan?

Antwoord vraag 10 Informeel zijn alle raads- en commissieleden uitgenodigd voor een informatiebijeenkomst op 21 mei 2026 in Schinveld, waar de projectontwikkelaar een presentatie zal geven over het voorgenomen bouwplan.

Formeel wordt de gemeenteraad betrokken op het moment dat sprake is van besluitvorming waarbij de raad aan zet is, zoals bij een eventuele bestemmingsplanwijziging of wanneer in het kader van een vergunningprocedure een bindend advies is vereist.

Burgemeester en wethouders van Beekdaelen, De secretaris,

De burgemeester,

Mevr. Mr. S.M.J. Troisfontaine

Dhr. ing. E. Geurts

Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen ex art 32 Vernieuwingsgroep inzake bouwplan Schinveld-Noord

Bron: raadsinformatie van de gemeente Beekdaelen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Beekdaelen

Alle artikel 35-vragen in Beekdaelen