19 december 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Borne

Raadsmemo beantwoording vragen van presidium n.a.v. juridisch advies uitbreiding Scholtenhof

Een raadslid stelde op 19 december 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Borne (1 vragen).

In het kort

1 vragen en wat het college antwoordt

  • Komt het college op basis van het juridisch advies tot een ander standpunt dan het standpunt dat is geformuleerd in het raadsvoorstel dat aan de orde is geweest in het… → 1 2.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Bestuurlijke memo

Nummer 23int08319 aan Presidium

Van College van B en W

Opsteller R. ter Stege

datum 31-10-23

betreft Vragen van presidium n.a.v. juridisch advies uitbreiding Scholtenhof SO.00002103 E BPRB & W stuk Het College van B&W Portefeuillehouder M.J. Velten Argumentatie voor aanbieding memo aan het presidium van de gemeenteraad:

Er zijn namens het presidium vragen gesteld aan het college n.a.v. het juridisch advies dat de raad heeft opgevraagd inzake de aangevraagde omgevingsvergunning voor de uitbreiding van De Scholtenhof (Actolei).

Geacht presidium, U heeft aan het college onderstaande vragen gesteld. Middels deze memo wordt hierop geantwoord.

Vragen presidium:

Geacht college, Op 12 september 2023 is er in het politiek beraad gesproken over uw voorstel aan de raad betreffende de verklaring van geen bedenkingen voor de uitbreiding van de Scholtenhof. In dit politiek beraad is besloten dat de raad een eigen juridisch advies vraagt betreffende de juridische mogelijkheden voor het weigeren van de verklaring van geen bedenkingen. Namens de raad hebben de fractievoorzitters dit juridisch advies gevraagd bij advocaat Erik Averdijk, werkzaam bij Robers Advocaten. Bijgevoegd stuur ik u dit juridisch advies vertrouwelijk toe. Het presidium is voornemens om de raad in de raadsvergadering van 2 november aanstaande een procesvoorstel te doen betreffende het vervolg. Naar alle waarschijnlijkheid zal dit deel van de raadsvergadering in beslotenheid plaatsvinden.

Ter voorbereiding van dit procesvoorstel verzoekt het presidium uw college om de volgende vragen schriftelijk, uiterlijk dinsdag 31 oktober, aan de raad te beantwoorden:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Komt het college op basis van het juridisch advies tot een ander standpunt dan het standpunt dat is geformuleerd in het raadsvoorstel dat aan de orde is geweest in het politiek beraad van 12 september 2023?

Antwoord van het college

1

2. Het presidium ziet gelet op het juridisch advies mogelijkheden om het gesprek aan te gaan met de aanvrager (Actolei) om te komen tot een gewijzigde aanvraag waarbij het aantal cliënten zodanig wordt beperkt voor nu en in de toekomst dat er sprake is van een voor de (meerderheid van de) raad acceptabele situatie. Op deze wijze kunnen verdere onderzoeken aan zowel de zijde van Actolei (overgangsrecht, onderbouwing behoefte) als de zijde van de gemeente naar de historische besluitvorming achterwege blijven. Daarnaast kunnen mogelijke juridische procedures worden voorkomen.

Is het college bereid en in staat – ook gelet op de eerder ingenomen standpunten – een dergelijk gesprek geloofwaardig en effectief te voeren?

Op basis van de beantwoording van uw college op deze vragen zal het presidium een procesvoorstel voorleggen aan de raad. Het presidium verzoekt u om ten aanzien van de beantwoording van deze vragen geheimhouding op te leggen.

Zoals aangegeven verzoeken wij u het juridisch advies, gelet op het feit dat het vervolgproces nog moet worden bepaald, vertrouwelijk te behandelen. Ik zie uw schriftelijke reactie uiterlijk dinsdag 31 oktober tegemoet.

Namens het presidium, Maarten Hollander ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Antwoorden college:

Vraag 1 We zien ons gedwongen om bij ons eerdere standpunt te blijven. Het juridisch advies geeft ons geen ruimte om dat standpunt te heroverwegen. Onderstaande motivatie ligt hieraan ten grondslag:

A.

Het juridisch advies onderschrijft onze conclusie dat de eerder door de raad genoemde weigeringsgronden een weigering van een vvgb niet kunnen dragen, zodat dit besluit naar alle waarschijnlijkheid door de bestuursrechter zou worden vernietigd.

B.

In het juridisch advies wordt in het kader van de ladder voor duurzame verstedelijking aangegeven dat de behoefte nog onvoldoende onderbouwd is.

Reactie: De ruimtelijke onderbouwing bevat een paragraaf over de ladder. Hierin wordt bevestigd dat er sprake is van behoefte waar deze locatie in kan voorzien. Weliswaar bevat de onderbouwing geen concrete kwantificering van de behoefte, maar er is geen reden om eraan te twijfelen dat een meer gedetailleerde onderbouwing indien gewenst kan worden gegeven. De behoefte is evident.

C.

De vraag wordt opgeworpen of Actolei wel kan aantonen dat het gebruik door 38 cliënten onder het overgangsrecht valt.

Reactie: Bekend is dat dit aantal cliënten al sinds jaar en dag op de locatie verblijft. Toegegeven moet worden dat ook een gering aantal cliënten op nr. 40 verblijft, waar geen maatschappelijke bestemming geldt zodat de huisvesting van deze cliënten strikt juridisch niet onder het overgangsrecht valt. Dan blijft er evenwel nog steeds een aantal van ca. 34 cliënten over dat wel onder het overgangsrecht valt. Dit aantal kan op dit moment legaal op de locatie worden gehuisvest.

2

D.

In het advies wordt erop gewezen dat onduidelijk is met welke bedoeling in 2016 in het bestemmingsplan het aantal van 20 zorgeenheden is vastgelegd, met daarbij de bepaling dat per zorgeenheid slechts 1 cliënt mag verblijven. Mogelijk heeft dit te maken met de gewenste kleinschaligheid, hetgeen eventueel nu een argument zou kunnen zijn om niet mee te werken aan een uitbreiding.

Reactie: Wellicht zit er met betrekking tot de genoemde kleinschaligheid enige beoordelingsruimte voor de raad. Maar zelfs wanneer dit de wens was, dan geldt dat op dit moment op de locatie Hertmerweg 38 het gebruik voor maatschappelijk zorg (met bijv. onbeperkt aantal cliënten in de dagopvang) en de huisvesting van ca. 34 cliënten is toegestaan.

De vraag die de bestuursrechter zal beantwoorden is, of er ten opzichte van deze nu toegestane situatie, ruimtelijk relevante argumenten zijn die maken dat de aangevraagde vergunning (en vvgb) kon worden geweigerd. Rekening houdend met de beoordelingsruimte die aan de raad en het college toekomt, is het waarschijnlijk dat de bestuursrechter deze argumenten onvoldoende ziet. Daarbij dient naast de nu al toegestane situatie, ook te worden betrokken dat het totale plan (incl. onder andere einde gebruik op 2 andere adressen en de landschappelijke inpassing van het geheel) waarvoor nu vergunning wordt gevraagd er ruimtelijk gezien beter op wordt. Verder is de bouw van de gebouwen op zichzelf ook al toegestaan (geen toevoeging). Bovendien is niet goed te onderbouwen dat de ruimtelijke impact van het huisvesten van ca. 14 extra cliënten zodanig is, dat dat reden kon zijn de vergunning niet te verlenen.

Vraag 2 Er is op verschillende momenten tijdens deze procedure al met de aanvrager gesproken. In het laatste gesprek gaf de aanvrager aan niet van zijn gevraagde aantal (48) af te willen wijken en hier een besluit op te willen. De onlangs namens aanvrager ingediende brief (ingebrekestelling, zie hieronder) bevestigt dit standpunt ook. Bovendien zou het bovenstaande antwoord op vraag 1 afbreuk kunnen doen aan de geloofwaardigheid en consistentie van het standpunt van het college. Derhalve zien wij geen ruimte voor een gesprek met de aanvrager.

Verder nog het volgende:

De beslistermijn van 6 maanden na ontvangst van de aanvraag omgevingsvergunning (daarbij de tussenperiode voor aanleveren aanvullende stukken meegenomen) is verstreken. Het college kan pas een besluit nemen op de aanvraag omgevingsvergunning als er door de raad een besluit t.a.v. de vvgb is genomen.

Er is op 26 oktober 2023 namens Stichting Actolei dan ook een ingebrekestelling ingediend wegens het niet tijdig nemen van een besluit. Hierna is er nog twee weken tijd om een besluit te nemen. Wanneer het college dat niet doet, is hij automatisch voor iedere dag dat geen besluit is genomen een dwangsom verschuldigd. Het college is voor ten hoogste 42 dagen een dwangsom verschuldigd. De dwangsom bedraagt ten hoogste € 1.442. De dwangsom bedraagt de eerste veertien dagen € 23 per dag, de daaropvolgende veertien dagen € 35 per dag en de overige dagen € 45 per dag.

Eveneens kan de stichting vanaf het moment dat de dwangsom gaat lopen direct beroep instellen en de rechter vragen om een termijn te stellen waarbinnen het college op straffe van een dwangsom alsnog een besluit moet nemen. Het is niet nodig om eerst bezwaar te maken bij het college.

3

Bekijk de brief: Raadsmemo beantwoording vragen van presidium n.a.v. juridisch advies uitbreiding Scholtenhof

Bron: raadsinformatie van de gemeente Borne (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Borne

Alle artikel 35-vragen in Borne