vragen GB90
Een raadslid stelde op 7 maart 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Borne (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- Proces: Buro Briq en Atelier Omgevingswet (levert PL invoering Omgevingswet). • Blz. 10 wat wordt bedoeld met het aanleveren van hoofdstukken voor de verschillende… → Hoe moet dit samenkomen tot een integraal geheel?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Beantwoording vragen raadslid Rose Headley (GB90) PvA Omgevingsvisie
• Wordt de keuze voor dynamische dorpen, zoals beschreven in de vorig jaar herijkte visie MijnBorne 2030, een leidend principe van de omgevingsvisie? Antw.: Ja (is één van de basisdocumenten die we gebruiken als onderlegger voor de uitwerking van de thema’s).
• In hoeverre wordt voor het beschrijven van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving gebruik gemaakt van buurtscores op functie zoals veiligheid, gezondheid, hittestress, waterproblematiek, groen in woonbuurt? Of van iets vergelijkbaars? Antw: daar waar scores of andere analyses/cijfers aanwezig zijn, worden deze gebruikt bij de voorbereiding van het document.
• In hoeverre wordt er in de omgevingsvisie ruimte ingebouwd voor innovatieve oplossingen?
Antw: het idee is om met een aantal scenario’s te werken die qua innovatie van elkaar verschillen waaruit vervolgens wordt gekozen.
• Blz. 5. Wat wordt bedoeld met 'overgang van de huidige toelatingsplanologie naar uitnodigingsplanologie?' Antw: de Omgevingswet gaat uit van een paradigmawisseling waarbij initiatiefnemers worden uitgenodigd (principe van ‘ja mits’, i.p.v. ‘nee tenzij’). Initiatieven worden vanuit die grondhouding beoordeeld. Dit betekent dat regels op een andere wijze worden opgesteld (bijv. meer met ‘open normen’).
• Blz. 5. Er wordt genoemd dat gezondheid een belangrijk onderdeel is van de omgevingswet.
Het komt terug in alle waarden van de Bornse fysieke leefomgeving. In hoeverre wordt dit ook uitgedragen in het communicatie-en participatieproces en krijgt het een plaats in de omgevingsvisie zelf? Antw: gezondheid is een onderdeel van de Omgevingswet (zgn. ‘maatschappelijke doelen’ – art. 1.3 Ow). Bij het voorbereiden van de diverse thema’s wordt gezondheid meegenomen. Denk hierbij aan bewegen vanuit mobiliteit, gezondheid & water (gescheiden stelsels/hittestress/afkoppelen), gezonde woonomgeving (fijnstof/luchtkwaliteit), ruimte bieden voor groen etc.
• In hoeverre is er bij de totstandkoming van de omgevingsvisie voortdurend sprake van interactie tussen fysiek en sociaal domein? Antw: zie vorige vraag. Sociaal is actief betrokken bij de voorbereiding (collega’s zijn aangesloten bij de werkgroepen/in het voorzittersoverleg).
• Blz. 9 Bestaan zowel de kerngroep als stuurgroep uit vertegenwoordigers van RO en SD?
Antw: Ja, in de kerngroep. De Stuurgroep bestaat uit de portefeuillehouder, de ambtelijk opdrachtgever en de projectleider.
• Blz.…
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Proces: Buro Briq en Atelier Omgevingswet (levert PL invoering Omgevingswet). • Blz. 10 wat wordt bedoeld met het aanleveren van hoofdstukken voor de verschillende disciplines?
Antwoord van het college
Hoe moet dit samenkomen tot een integraal geheel? Antw: hoofdstukken worden door de werkgroep voorbereid, deze worden vervolgens integraal afgestemd (‘voorzittersoverleg’) waarna een bundeling plaatsvindt in de visie. De gedachte achter het opstellen van een Omgevingsvisie in deze vorm is, dat er in de toekomst niet langer allemaal afzonderlijke visiedocumenten worden opgesteld en vastgesteld, maar dat het zal gaan om een actualisatie van de Omgevingsvisie (eventueel op themaniveau) om de integraliteit te waarborgen.
• Blz. 11 Pva communicatie moet 'participatie en communicatie' zijn toch? Antw: moet zijn ‘PvA Communicatie en participatie’.
• Blz. 11. Er moet een keuze worden gemaakt of er per nieuw uit te werken deelonderwerp een apart participatietraject wordt doorlopen. Antw: voor specifieke doelgroepen vinden aparte
thema-avonden plaats c.q hebben plaatsgevonden (bijv. Groen, Vrijetijd en een Landbouw- en Economische avond) om de ambities te kunnen bepalen. Voor alle thema’s (ambities & scenario’s) tezamen vindt participatie plaats bij de voorbereiding van de visie conform het PvA.
• Welke deelonderwerpen worden bedoeld? Antw: Openbare ruimte & klimaat, vrijtijdseconomie, duurzaamheid, wonen, economie, centrum, buitengebied, cultuurhistorie, mobiliteit waarbij gezondheid/sociaal als overkoepelend thema is aangesloten (let wel: het gaat hierbij om de fysieke leefomgeving).
• Uit het communicatie- en participatieplan wordt niet duidelijk welke keuze is gemaakt. Kan dat worden toegelicht? Antw: De woonvisie en de visie vrijetijdseconomie zijn reeds ter inzage gelegd. Hiervoor lopen separate trajecten. De overige visies lopen zoveel als mogelijk gelijk op met de Omgevingsvisie.
• Hebben de vragen op blz. 12 betrekking op het vormgeven van de omgevingsvisie of op participatie in ruimtelijke projecten? Antw: Beide situaties. Het raadsvoorstel over advies, delegatie en participatie dat geagendeerd staat voor 14 maart a.s. speelt daar ook een belangrijke kaderstellende rol in.
• Bij stap 2: afstemming en participatie (blz. 13) staat beschreven dat het resultaat een document met inzichten is. Welk doel dient dat document? Antw: dit document is bedoeld voor de interne afstemming en het bepalen van de ambities.
• Hoe verhouden deze inzichten zich tot het communicatie- en participatieplan? Antw: in het C&P traject worden de scenario’s besproken.
• Blz. 16 Er staat: 'Op tijd bijsturen, opschalen of een pas op de plaats maken kan nodig zijn om een betere omgevingsvisie te ontwikkelen.' Zijn er evaluatiemomenten in het proces ingebouwd?
Antw: Op dit moment zijn die niet voorzien, maar we gaan daar graag het gesprek met u over aan.
Communicatie-en participatieplan
• Blz. 3 wat wordt bedoeld met 'initiatiefnemers'? ( projectontwikkelaars? Zo ja - is dat passend onder 'inwoners'?). Antw: ‘Inwoners’ is één term geworden om de leesbaarheid van het stuk te vergroten. Initiatiefnemers kunnen immers ook particulieren en/of inwoners zijn.
• Blz. 3. Hoe zorg je ervoor dat niet alleen de 'usual suspects' - betrokken en mondige inwoners die bv. ook in wijkraden en met het Borne Panel meedoen - input leveren? (Op p10 wordt gesproken over 'zoveel mogelijk inwoners betrekken'. ). Antw: dit krijgt een vervolg bij de concrete uitwerking van het C&P plan (dit heeft nadrukkelijk aandacht). Door de wijken in te gaan verwachten we ook buiten de gebaande paden input op te halen.
• Wat wordt er gedaan om een dwarsdoorsnede van betrokkenen te bereiken? Zodat je het spanningsveld tussen langetermijnambites en kortetermijnambities scherper kunt krijgen? Vraag: is er een spanningsveld tussen korte- en lange termijn? In het uitvoeringsprogramma besteden wij hier aandacht aan.
• Blz. 4: er wordt ingezet op de twee laagste niveaus van de participatieladder: 'informeren' en 'raadplegen'. In hoeverre is er bewust voor gekozen om niet meer in te zetten op 'adviseren' of zelfs 'coproduceren' - in het bijzonder met het oog op de wens (p11 pva) dat inwoners deelname aan het participatieproces boeiend en relevant ervaren - zelfs een leuke belevenis. Draagt een hoger niveau van participatie hier niet aan bij? Antw: tijdens de voorbereiding is/wordt intensief overlegd met de verschillende partijen (‘inspiratiebijeenkomsten’). De inhoud van ‘Mijn Borne 2030’ is hierbij het vertrekpunt. Tijdens deze bijeenkomsten worden de ambities getoetst en vertaald in diverse scenario’s. Eén scenario wordt uitgewerkt in de visie.
• Hoe komen de scenario's tot stand? Antw: wij schetsen enkele scenario’s (o.b.v. de overeenkomsten dan wel verschillen tussen ambities).
• Op welke wijze en aan wie worden de scenario's vastgelegd? Nu is voorzien dat het college een voorkeursscenario vaststelt ten behoeve van de inspraak. Uiteindelijk is het aan de raad om de omgevingsvisie vast te stellen.
• Is er ruimte om inwoners te betrekken bij de totstandkoming van scenario's? Antw: wij willen bij het C&P traject ambities voorleggen & toetsen en deze verwerken in de definitieve scenario’s. Op deze manier zijn inwoners betrokken bij de totstandkoming van de inhoud van de scenario’s.
• In hoeverre wordt MijnBorne2030 gebruikt bij het uitwerken van scenario's? Antw: dit is één van de basisdocumenten die we gebruiken als onderlegger voor de uitwerking van de thema’s.
• Blz. 4. Er wordt gesproken over doelgroepen. Welke worden bedoeld? En waarvoor worden deze doelgroepen apart benaderd? Antw: dit zijn doelgroepen die specifiek voor de inspiratiebijeenkomsten input leveren (bijv. agrariërs, ondernemers en BBO (‘Bundeling Bornse Ondernemers’).
• Blz. 4. Er wordt gesproken over deelonderwerpen. Wordt hiermee hetzelfde bedoeld als de later genoemde thema's? Antw: ja. Waaraan moeten we denken? Antw: zie vorenstaand. In hoeverre wordt bij de aparte behandeling van deelonderwerpen of thema's de integraliteit van de visie geborgd? Antw: daar is het proces op ingericht (zie vorenstaand).
• Blz. 4. In hoeverre denken inwoners ook mee over of in de totstandkoming van geïntegreerde ideeën? Antw: ja, wanneer de visie ter inzage wordt gelegd. Daarnaast zit dit deels ook in de gesprekken op de participatiemarkt en is dit bij de rondgang langs wijken gewaarborgd.
• Blz. 6. Op 1 dag 'De participatiemarkt' houden lijkt wel heel beperkt. Zeker aangezien in het pva staat (blz. 14) dat de voorkeur ernaar uit gaat dat de meeste input uit de participatiemarkt wordt gehaald. Is het mogelijk om meerdere momenten te creëren waarbij mensen inspraak leveren?
Antw: dit is wat gedaan wordt. Het C&P plan wordt uitgewerkt in een in een uitvoeringsplan, waarbij wij op verschillende momenten verschillende doelgroepen actief benaderen. Na de participatiemarkt (‘uitnodigen’) volgt een participatieweek (‘opzoeken’).
• P6 Hoe verhoudt de participatiemarkt zich tot de 'koffiekaravaan' en 'doelgroepen' sessies?
Antw: deze volgen elkaar op (het participatieproces is tweeledig: ‘uitnodigen’ & ‘opzoeken’) en zijn beide belangrijk voor het proces en de uitkomst.
• Hoe moeten ze in de tijd worden geplaatst? Ook ten opzichte van elkaar? Antw: is aansluitend.
• Wat wordt er gedaan met de input van inwoners die in deze verschillende sessies naar voren komt? Antw: verzamelen & verwerken (en daarmee de scenario’s verfijnen). Het maakt daarbij niet uit wanneer de input geleverd is (op de participatiemarkt of in de participatieweek).
• Zit er een verschil in weging van input geleverd tijdens deze verschillende participatiemomenten? Antw: nee.
• P6. Onder de kop 'Ter inzage' staat tijdens de inspraakperiode, wanneer de concept visie voorligt, organiseren we de mogelijkheid om op verschillende manieren toelichting gegeven op de voorgestelde visie. Wat wordt concreet bedoeld met deze mogelijkheid? Antw: de concept-visie ter inzage leggen in het gemeentehuis/digitaal via de website of evt. op verschillende locaties/avonden de concept-visie toelichten).
Borne, 6 maart 2023 Nog een algemeen punt: er zitten nog best wat zinnen in het pva die niet lopen. Een voorbeeld: p5.
De omgevingsvisie heeft echter een ruimer bereik en maakt het omgevingsvisie maakt het omgevingsvieis maakt het... Misschien nog even naar kijken.
Bekijk de brief: Beantwoording vragen GB90
Bron: raadsinformatie van de gemeente Borne (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.