schriftelijke vragen VVD - verblijfsbelasting
Een raadslid stelde op 13 juni 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Buren (5 vragen).
In het kort
5 vragen en wat het college antwoordt
- Wordt deze ondernemer financieel gecompenseerd voor de aanslagen verblijfsbelasting vanaf 2023 en zo ja, hoe ziet die compensatie eruit en op welke termijn wordt die… → De rechter heeft in het specifieke geval van deze ondernemer alleen een oordeel geveld over de belastingjaren 2021 en 2022.
- Hoeveel vergelijkbare gevallen zijn er bekend binnen onze gemeente? → Er zijn binnen onze gemeente geen andere gevallen bekend van personen of ondernemingen die beroep hebben ingesteld tegen de aanslag verblijfsbelasting.
- Worden vergelijkbare gevallen financieel gecompenseerd voor de aanslag toeristen belasting 2021 en de aanslagen verblijfsbelasting vanaf 2022? → a.
- Is er gestopt met het aanslaan van ondernemers voor verblijfsbelasting wanneer zij voldoen aan de gestelde eisen in de uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer? → a.
- Wat doet deze uitspraak met de meerjarenbegroting en kunt u een inschatting maken van de kosten voor de gemeente, uitgesplitst in het herstellen van financiële schade… → a.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen (artikel 34 RvO) Datum vraag: 16 juni 2025 Datum antwoord: 25 juni 2025 Aan de voorzitter van de raad Onderwerp: Gevolgen uitspraak belastingkamer m.b.t. verblijfsbelasting Het college/de burgemeester wordt verzocht de volgende vraag/vragen schriftelijk te beantwoorden: 1.
Wordt deze ondernemer financieel gecompenseerd voor de aanslagen verblijfsbelasting vanaf 2023 en zo ja, hoe ziet die compensatie eruit en op welke termijn wordt die compensatie gegeven?
2. Hoeveel vergelijkbare gevallen zijn er bekend binnen onze gemeente?
3. Worden vergelijkbare gevallen financieel gecompenseerd voor de aanslag toeristen belasting 2021 en de aanslagen verblijfsbelasting vanaf 2022?
a. Zo ja, hoe ziet die compensatie eruit en op weke termijn wordt die compensatie gegeven?
b. Zo nee, waarom niet?
4. Is er gestopt met het aanslaan van ondernemers voor verblijfsbelasting wanneer zij voldoen aan de gestelde eisen in de uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer?
a. Zo nee, waarom niet?
5. Wat doet deze uitspraak met de meerjarenbegroting en kunt u een inschatting maken van de kosten voor de gemeente, uitgesplitst in het herstellen van financiële schade voor ondernemers en het niet meer kunnen heffen van verblijfsbelasting bij deze ondernemers?
Toelichting:
Op 18 april 2025 is er uitspraak gedaan van de enkelvoudige belastingkamer tegen de gemeente Buren.
In het kort komt het erop neer dat de gemeente onrechtmatig heeft gehandeld door verblijfsbelasting te heffen bij één van onze ondernemers. Volgens de belastingkamer is het voor de gemeente niet toegestaan om, wanneer een ondernemer arbeidsmigranten conform CAO betaald en deze arbeidsmigranten om niet huisvest op zijn bedrijf, verblijfsbelasting te heffen.
Naam en ondertekening:
Julian van Blijderveen VVD Buren
Registratienummer: Z.070099/D.223520
Het college/de burgemeester wordt verzocht de volgende vraag/vragen schriftelijk te beantwoorden:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Wordt deze ondernemer financieel gecompenseerd voor de aanslagen verblijfsbelasting vanaf 2023 en zo ja, hoe ziet die compensatie eruit en op welke termijn wordt die compensatie gegeven?
Antwoord van het college
De rechter heeft in het specifieke geval van deze ondernemer alleen een oordeel geveld over de belastingjaren 2021 en 2022.
Deze ondernemer hoeft de aanslagen verblijfsbelasting, waartegen hij beroep heeft ingesteld, niet te betalen. Hij heeft bewijs overlegd dat hij werknemers gratis liet verblijven op zijn erf en dat zij in geval van ziekte niet weg hoefden uit het verblijf.
De ondernemer heeft ook de kosten voor het beroep vergoed gekregen. Die bestaan uit griffierechten en verletkosten.
Voor het jaar 2023 heeft deze ondernemer geen aanslag ontvangen omdat hij geen werknemers liet overnachten op zijn terrein.
Vraag 2
Hoeveel vergelijkbare gevallen zijn er bekend binnen onze gemeente?
Antwoord van het college
Er zijn binnen onze gemeente geen andere gevallen bekend van personen of ondernemingen die beroep hebben ingesteld tegen de aanslag verblijfsbelasting.
Vraag 3
Worden vergelijkbare gevallen financieel gecompenseerd voor de aanslag toeristen belasting 2021 en de aanslagen verblijfsbelasting vanaf 2022?
Antwoord van het college
a. Zo ja, hoe ziet die compensatie eruit en op welke termijn wordt die compensatie gegeven?
Belastingaanslagen waartegen geen bezwaar of beroep is ingesteld, zijn na 6 weken onherroepelijk geworden.
In die gevallen waar eveneens onomstotelijk kan worden vastgesteld dat er destijds contact is geweest met de gemeente én waar duidelijk is gebleken dat de ondernemer geen vergoeding voor overnachting heeft gevraagd, kan een verzoek om ambtshalve teruggaaf worden ingediend.
b. Zo nee, waarom niet?
Zie het antwoord onder 3a.
Vraag 4
Is er gestopt met het aanslaan van ondernemers voor verblijfsbelasting wanneer zij voldoen aan de gestelde eisen in de uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer?
Antwoord van het college
a. Zo nee, waarom niet?
Nee, ondernemers ontvangen nog steeds een aanslag verblijfsbelasting.
In de belastingverordening is de omschrijving van het belastbaar feit aangepast.
Hierdoor vallen personen die gedurende hun verblijf beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden verrichten voor anderen, zoals de bedoeling is, onder de belastingplicht.
Vraag 5
Wat doet deze uitspraak met de meerjarenbegroting en kunt u een inschatting maken van de kosten voor de gemeente, uitgesplitst in het herstellen van financiële schade voor ondernemers en het niet meer kunnen heffen van verblijfsbelasting bij deze ondernemers?
Antwoord van het college
a. De uitspraak van de rechtbank heeft geen enkele invloed op de meerjarenbegroting. De uitspraak heeft betrekking op één specifieke situatie. Voor de jaren 2023 tot en met heden heeft deze uitspraak geen gevolgen voor de opbrengst van de verblijfsbelasting.
Van enige schade in juridische zin is geen sprake.
b. Het niet meer kunnen heffen van de verblijfsbelasting is niet aan de orde omdat de omschrijving van het belastbaar feit in de verordening verblijfsbelasting is aangepast. Ik verwijs u naar het antwoord onder punt 4.
Registratienummer: Z.070099/D.223520
Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen VVD - verblijfsbelasting
Bron: raadsinformatie van de gemeente Buren (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.