vragen van tijdens en n.a.v. Beeldvormende bijeenkomst Klimaatadaptatie 13 september 2022
Een raadslid stelde op 13 september 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Buren.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Technische vragen gesteld tijdens de Beeldvormende Bijeenkomst van de gemeenteraad Buren Onderwerp:
Datum:
Portefeuillehouder:
Ambtelijke ondersteuning:
Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie deel 1 2022 13 september 2022, 20.00-21.00 uur E.M. de Bas en J.P. Neven Chanel Witting, beleidsmedewerker duurzaamheid – [email protected] Andre de Haan, beleidsmedewerker water en riolering – [email protected] (onderdeel maatregelplan vergroten neerslagbestendigheid)
Vragen leden van de gemeenteraad tijdens de beeldvormende avond op 13 september 2022 Onderdeel Maatregelplan vergroten neerslagbestendigheid van het Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie deel 1 Allereerst: Modelberekeningen hebben een grote plaats binnen deze studie en de denkrichting van de maatregelen. Bij het bepalen van de maatregelen zochten we naar een optimum tussen effectief en efficiënt, ofwel is een maatregel doeltreffend en is die maatregel financieel verantwoord. Het blijft een risicoafweging. Veiligheid heeft een prijs.
Verder hebben we ons gericht op het beperken van schade. We moeten overlast accepteren. Ondergelopen straten zullen steeds meer en meer normaal zijn.
Daarmee bergen we overtollig water tijdelijk in de openbare ruimte.
Verder hebben inwoners ook een eigen verantwoordelijkheid. In bepaalde gevallen kunnen inwoners zelf met een kleine aanpassing op hun terrein of aan hun woning het risico verkleinen. Inwoners kennen de specifieke toestand en de mogelijkheden op het eigen perceel natuurlijk het beste..
De exacte scheidslijn is lastig aan te geven, maar door de eigenaren van risicovolle panden te informeren hebben we al een goede invulling gegeven aan onze zorgplicht De maatregelen zijn globaal bepaald, de specifieke invulling gebeurt in overleg met betrokkenen en omwonenden.
Vraag:
Antwoord:
Vraag 1:
Waarom staat Zevenmorgen in Ingen niet in het lijstje van de locaties waar maatregelen uitgevoerd gaan worden?
Op de Zevenmorgen is inmiddels al een maatregel uitgevoerd. Het overgebleven pand op de Zevenmorgen staat dermate landelijk dat hier een private oplossing het meest voor de hand ligt.
Vraag 2:
Hoe gaan we om met woningen die nog roodgekleurd blijven nadat de maatregelen worden uitgevoerd?
Welke maatregelen uit de tabel kunnen snel gerealiseerd worden?
Kunnen de sloten bijvoorbeeld snel afgegraven worden?
Hier zien we een grote verantwoordelijkheid voor de eigenaren zelf.
Komt er een stijging van de rioolheffing?
Als we conform de huidige uitgangspunten blijven werken is een extra stijging
Vraag 3:
Vraag 4:
We prioriteerden en planden zo realistisch mogelijk. Maatregelen in het watersysteem (slootverbreding) is primair een verantwoordelijkheid van het waterschap. Hierover zijn we intensief in contact. Daarbij kijken we ook hoe en hoeveel wij kunnen bijdragen in het realiseren van waterberging.
onontkoombaar. Maar door op de klimaatmaatregelen beperkt af te schrijven blijft de tariefontwikkeling zoals eerder geprognotiseerd. Een zeer beperkte stijging dus.
Vraag 5:
Is er cofinanciering mogelijk met het waterschap?
Zie ook vraag 3. We moeten ieder vanuit onze eigen verantwoordelijkheid aan de slag, Maar soms verschilt het belang van beide partijen. Dan zoeken we naar maatwerk, ook in de financiering.
Vraag 6:
In hoeverre betaalt het waterschap mee aan de oplossing van de wateroverlast in Lienden?
De wateroverlast in Lienden Noord is vooral een inrichtingsvraagstuk en is daarmee gemeentelijke verantwoordelijkheid. De wateroverlast aan de zuidzijde van Lienden is veel meer een knelpunt in het watersysteem. Hier is het waterschap dus primair aan zet. Maar we proberen zoveel mogelijk als partners op te trekken, ook in de financiële afwikkeling.
Vraag 7:
In hoeverre kan het waterschap aan waterberging bijdragen?
Het uitgangspunt is dat als wij extra afwentelen op het watersysteem (door een andere inrichting), wij daar ook de rekening voor betalen. Als de extra belasting echter uitsluitend komt door klimaatontwikkeling betaalt de beheerder van het systeem. In het geval van het stedelijk water is dat de gemeente (riolering maar ook de wadi’s, greppels). In het geval van het oppervlaktewater is dat het waterschap.
Vraag 8:
Het waterplan is een parapluplan in bebouwd gebied voor waterveiligheid en oppervlaktewater. Dit plan diende bestuurlijk nog te worden afgestemd. Hoe zit dit en hoe sluit dat aan bij het maatregelplan neerslagbestendigheid?
Het waterplan had een looptijd van 2009-2017 en had tot doel het watersysteem in de gemeente op orde te maken. Met de huidige klimaatontwikkelingen blijken er nieuwe knelpunten. Het waterschap neigt naar een nieuwe generatie waterplannen om gezamenlijk de nieuwe uitdagingen aan te gaan. Het is altijd verstandig om samen op te trekken, maar wel vanuit de eigen verantwoordelijkheid (zie ook punt 7).
Technische vragen van de fractie PCG m.b.t. Lokale Adaptatieplan Fractie:
Vraag:
Antwoord:
PCG
Vraag:
Antwoord:
De vragen die hier worden gesteld gaan over de Lokale Adaptatie Strategie (LAS), die in februari 2022 al door de gemeenteraad is vastgesteld. De LAS wordt uitgewerkt in het Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie deel 1 en deel 2, waarvan deel 1 in oktober 2022 ter vaststelling en ter bespreking wordt voorgelegd voor de gemeenteraad.
Onderstaande vragen over de LAS worden wel beantwoord, maar ook het verzoek om nog naar Bijlage 1: het Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie deel 1, Bijlage 2:
Maatregelplan vergroten neerslagbestendigheid, en Bijlage 3: Klimaatbewust Buren te kijken, omdat deze ter besluitvorming voor liggen.
Vraag 1:
Pagina 5: Op welke manier blijft de gemeente aangehaakt in gesprekken over teelt ondersteunende voorzieningen vanuit het oogpunt van klimaatadaptatie?
Zie eerst beantwoording vraag 4. Onze bestemmingsplannen geven regels over wat er mogelijk is voor teelt ondersteunde voorzieningen. Wel merken wij het spanningsveld op tussen landschappelijke inrichting en de aanpassingen die steeds meer nodig zijn aan hitte, droogte en wateroverlast, waar teeltondersteunde voorzieningen in kunnen bijdragen. Vandaar dat wij bij de verkenning van de landelijk gebied op bodem en water ook aandacht hebben gevraagd voor de opgave teeltondersteunende voorzieningen, om hier ook in de regio het gesprek over aan te kunnen gaan. Het onderwerp is dus niet opgenomen in Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie deel 1.
Vraag 2:
Pagina 5: En hoe worden de belanghebbenden (Fruittelers, Akkerbouwers en Boomtelers) hierover geïnformeerd?
Zie eerst beantwoording vraag 4. Regionaal zijn de belanghebbenden ook betrokken bij de verkenning en verdere gesprekken vanuit de werkgroep landelijk.
Vraag 3:
Pagina 13: De PCG vindt de term ‘Betuws Agrarisch Cultuur’ op zich goed klinken bij onze plattelandsgemeente, maar heeft dit concrete gevolgen voor de agrariërs in onze gemeente?
In de verdere ontwikkelingen van het aanpassen aan het klimaat wordt ook rekening gehouden met de uitgangspunten van het Landschapsontwikkelingsplan, waarvan het behouden van het Betuws agrarisch cultuurlandschap er één is.
Vraag 4:
Pagina 24: Er is i.v.m. de RAS een speerpunt m.b.t. de ‘klimaatbestendige inrichting van de land- en tuinbouw voor de langere termijn’ uitgewerkt. Om verder richting te geven aan het speerpunt is een regionale ambtelijke werkgroep landelijk opgesteld. Hier zijn ook de provincie Gelderland, LTO en Staatsbosbeheer aangehaakt. De gemeente Buren neemt deel in de ambtelijke werkgroep landelijk als medetrekker. Wat betekent dit voor de invloed van de gemeente uren op de RAS?
Gemeente Buren is inderdaad aangesloten bij de regionale werkgroep landelijk van de RAS. De werkgroep heeft de opdracht uitgezet aan een adviesbureau om een verkenning van het landelijke gebied (natuur en landbouw) uit te voeren op bodem en water. Een analyse van het bodem- en watersysteem, een overzicht van de projecten en de klimaatkwetsbaarheden in de deelgebieden van het Rivierenland worden nu afgerond. Vanuit Buren hebben wij hierin ook aandacht gevraagd voor teeltondersteunde voorzieningen. Met behulp van deze verkenning kan het gesprek met de stakeholders in het gebied verder worden aangegaan over waar we naartoe willen, wat de rol van de overheden hierbij is en kunnen vervolgstappen worden gezet. Wanneer de verkenning is afgerond, zullen de resultaten ook intern worden teruggekoppeld naar de gemeenteraad.
Vraag 5:
Pagina 25: Mogen we ervan uit gaan dat als er vanuit de gemeente vergroening van de leefomgeving en/of openbare ruimte plaatsvind, de beplanting/bomen/enz. alleen lokaal betrokken wordt?
Vergroening van de openbare ruimte is geen onderdeel dat nu is meegenomen in Uitvoeringsplan deel 1 dat ter besluitvorming voorligt, maar wordt wel als uitgangspunt meegenomen bij Uitvoeringsplan deel 2. Dan wordt ook de samenhang gezocht met een omgevingsprogramma over groene, klimaatbestendige kernen. Het is dan mogelijk om lokale groennormen in te stellen, maar ook om vergroening mee te nemen in een gebiedsgericht programma.…
Bron: raadsinformatie van de gemeente Buren (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.