Bravoflex haltes Geldrop-Mierlo
Een raadslid stelde op 6 maart 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Geldrop-Mierlo (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- De adviesaanvraag aan de Wmo-adviesraad is op 18 november 2025 uitgezet en beperkte zich tot de locatie van extra haltes. → 1.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen (ex. Artikel 36 RvO)
Registratie: 2026.36.014 Datum: 6 maart 2026 Aan de voorzitter van de raad, Steller vragen: Daan Jansen – SAMEN Geldrop-Mierlo Onderwerp: Bravoflex haltes Geldrop-Mierlo Het college / de burgemeester* wordt verzocht de volgende vragen schriftelijk te beantwoorden:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
De adviesaanvraag aan de Wmo-adviesraad is op 18 november 2025 uitgezet en beperkte zich tot de locatie van extra haltes. De invoering van Bravoflex per 1 maart 2026 stond op dat moment al in de steigers en werd door de burgemeester op 4 januari 2026 publiekelijk aangekondigd. Wanneer is de overeenkomst met Bravoflex voor de inzet in Geldrop-Mierlo gesloten, en had het advies van de Wmo-adviesraad op dat moment nog daadwerkelijk invloed op de besluitvorming? Toelichting: Sinds medio 2025 is de raad op verschillende momenten geïnformeerd over de voorgenomen invoering van Bravoflex in Geldrop-Mierlo. Op 27 januari 2026 ontving de raad een raadsinformatiebrief over het gevraagde advies van de Wmo-adviesraad inzake extra haltes. SAMEN waardeert dit advies, maar heeft vragen over de breedte van de advisering, de onderbouwing van het verwachte gebruik en de rol van het advies in de besluitvorming. Datum beantwoording: Pagina 1 van 3 Inleiding: Bravoflex maakt onderdeel uit van de provinciale OV-concessie van de Provincie Noord-Brabant. Binnen deze concessie bepaalt de provincie de inzet en vormgeving van het openbaar vervoer. Gemeente Geldrop-Mierlo heeft in overleg met de provincie meegedacht over de praktische invulling binnen de gemeente, waaronder de locaties van extra Bravoflexhaltes. Daarbij is gekeken hoe het systeem het beste kan aansluiten op de bestaande OV-structuur.
Antwoord van het college
1. Het college heeft uitsluitend de Wmo-adviesraad om advies gevraagd over extra Bravoflex-haltes.
Bereikbaarheid van het NS-station raakt echter niet alleen ouderen en minder mobiele inwoners, maar ook forensen, jongeren en inwoners zonder auto. Waarom is er niet breder getoetst welke doelgroepen baat hebben bij Bravoflex, zowel als aanvulling op als vervanging van het reguliere OV?
In de huidige situatie zijn alle bestaande bushaltes binnen de gemeente aangewezen als Bravoflexhalte.
Dit betreft zowel de grotere haltes met uitgebreide OV-voorzieningen als de buurtbushaltes. Daarmee beschikt de gemeente al over een fijnmazig netwerk van opstappunten, daarom heeft er geen verdere toetsing plaatsgevonden.
De extra halte bij het station is een lang gekoesterde wens vanuit Geldrop-Mierlo, dit is ook vermeld in het doelstellingenakkoord en hiermee nagekomen. Andere extra Bravoflex-Haltes worden voorzien bij Eindhoven Zoo en het Anna Ziekenhuis. Op basis van advies en de gebruikservaringen wordt beoordeeld of en waar nog meer uitbreidingen wenselijk en haalbaar zijn.
2. Uit het krantenartikel in het Eindhovens Dagblad blijkt dat eerdere experimenten met Bravoflex in Eindhoven, Waalre en Veldhoven zijn gestopt vanwege zeer laag gebruik — tien reizigers per dag in plaats van de beoogde 175. Welke concrete gebruiksverwachtingen heeft het college voor Geldrop-Mierlo, en hoe wordt voorkomen dat dit experiment hetzelfde lot treft?
De eerdere pilots in Eindhoven, Waalre en Veldhoven hebben geleid tot aanpassing van het concept Bravoflex. Het doel is om het openbaar vervoer voor inwoners flexibeler en beter toegankelijk te maken, met name op plekken of momenten waar regulier openbaar vervoer minder goed aansluit. Het systeem wordt gezien als een aanvulling op het bestaande fijnmazige netwerk van openbaar vervoer.
Het college verwacht zeker gebruik van de 3 extra Bravoflex-haltes. Het gebruik en de ervaringen met Bravoflex worden binnen de concessie gemonitord door de provincie en de vervoerder.
3. De adviesaanvraag aan de Wmo-adviesraad is op 18 november 2025 uitgezet en beperkte zich tot de locatie van extra haltes. De invoering van Bravoflex per 1 maart 2026 stond op dat moment al in de steigers en werd door de burgemeester op 4 januari 2026 publiekelijk aangekondigd.
Wanneer is de overeenkomst met Bravoflex voor de inzet in Geldrop-Mierlo gesloten, en had het advies van de Wmo-adviesraad op dat moment nog daadwerkelijk invloed op de besluitvorming?
De inzet van Bravoflex vloeit voort uit de provinciale concessie voor het openbaar vervoer en de regionale aanbesteding van Taxbus en Bravoflex door de provincie Noord-Brabant en de Metropoolregio Eindhoven. De overeenkomst is eind 2025 op regionaal niveau gesloten.
De gemeente heeft invloed op het toevoegen van extra haltes om zo Bravoflex verder in te richten.
Het advies van de Wmo-adviesraad is betrokken bij de uitwerking en in het bijzonder bij de locatie van aanvullende haltes. In die zin heeft het advies bijgedragen aan de verdere inrichting van Bravoflex binnen onze gemeente.
Bekijk de brief: 2026.36.014 Beantwoording vragen SAMEN over Bravoflex haltes Geldrop-Mierlo
Bron: raadsinformatie van de gemeente Geldrop-Mierlo (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.