Herinrichting Bekelaar
Een raadslid stelde op 6 mei 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Geldrop-Mierlo (3 vragen).
In het kort
3 vragen en wat het college antwoordt
- Wanneer is bij het college het vermoeden ontstaan dat het beschikbare krediet mogelijk niet toereikend zou zijn? → En op welk moment werd dit definitief bevestigd, bijvoorbeeld door de uitkomst van de aanbesteding op 27 maart 2025?
- Heeft het college voorafgaand aan de aanbesteding de oorspronkelijke raming herijkt op basis van actuele marktontwikkelingen en inflatie? → Zo ja, wat was daarvan de uitkomst?
- Op welke wijze borgt het college in toekomstige projecten tijdige actualisering van ramingen én tijdige informatievoorziening aan de raad bij (mogelijke) significante… → 1.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Vragen Portefeuillehouder Raad en datum: Gemeenteraad 6 mei 2025 Datum indienen vragen: 8 april 2025 Aan de voorzitter van de raad, Steller vragen en fractie: Daan Jansen, SAMEN Onderwerp: Project ‘herinrichting Bekelaar” te Mierlo Het college / de burgemeester wordt verzocht de volgende vraag, vragen mondeling/schriftelijk te beantwoorden:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Wanneer is bij het college het vermoeden ontstaan dat het beschikbare krediet mogelijk niet toereikend zou zijn?
Antwoord van het college
En op welk moment werd dit definitief bevestigd, bijvoorbeeld door de uitkomst van de aanbesteding op 27 maart 2025?
Vraag 2
Heeft het college voorafgaand aan de aanbesteding de oorspronkelijke raming herijkt op basis van actuele marktontwikkelingen en inflatie?
Antwoord van het college
Zo ja, wat was daarvan de uitkomst? Zo nee, waarom niet?
Vraag 3
Op welke wijze borgt het college in toekomstige projecten tijdige actualisering van ramingen én tijdige informatievoorziening aan de raad bij (mogelijke) significante afwijkingen? Toelichting: Tijdens de commissievergadering Ruimte van 7 april 2025 heeft het college mondeling gemeld dat het project Herinrichting Bekelaar € 325.000 boven het eerder door de raad beschikbaar gestelde krediet uitkomt. De reden hiervoor is onder andere een hogere aanneemsom dan geraamd en prijsontwikkelingen sinds 2021. Deze mededeling roept bij fractie SAMEN vragen op over het moment van inzicht in dit tekort en de wijze waarop de raad hierover is geïnformeerd, mede in het licht van het budgetrecht. Datum beantwoording: 25 april 2025 Pagina 1 van 3
Antwoord van het college
1. Wanneer is bij het college het vermoeden ontstaan dat het beschikbare krediet mogelijk niet toereikend zou zijn? En op welk moment werd dit definitief bevestigd, bijvoorbeeld door de uitkomst van de aanbesteding op 27 maart 2025?
Het vermoeden dat het beschikbare krediet mogelijk niet toereikend zou zijn is tijdens het opstellen van de inkoopstrategie ontstaan, Deze is behandeld in de collegevergadering van 18 maart 2025. Dit werd definitief bevestigd direct na het openen van de inschrijvingsdocumenten op 27 maart 2025.
2. Heeft het college voorafgaand aan de aanbesteding de oorspronkelijke raming herijkt op basis van actuele marktontwikkelingen en inflatie? Zo ja, wat was daarvan de uitkomst? Zo nee, waarom niet?
Dit heeft het college niet overwogen.
Dit heeft te maken met onze wijze van begroten.
Investeringen worden in de meerjarenraming opgenomen tegen zogenaamd constante prijzen. Dit betekent bijvoorbeeld voor de begroting 2026 dat er wordt uitgegaan van de cijfers 2025, dit ook voor de investeringen die zijn opgenomen in de jaren 2027-2029.
Daarnaast wordt bij het opstellen van de meerjarenramingen een stelpost voor loon- en prijsmutaties gevormd. Deze stelpost wordt wel in lopende prijzen gemaakt. Dit wil zeggen dat deze oploopt met de loon- en prijsmutaties vanuit de algemene uitkering.
Op het moment dat de aanbesteding heeft plaatsgevonden is het oorspronkelijke budget beschikbaar en daarnaast uit de stelpost loon- en prijsmutaties het gedeelte van de hogere inschrijving dat voorkomt uit loon- en prijsmutaties. In de auditcommissie van 25-02-2025 is deze methodiek, voor wat betreft de stelposten, besproken. Bij het opstellen van de begroting zullen wij voor wat betreft kredieten kijken of we moeten kiezen voor het te verwachten prijspeil van het betreffende jaar. Dit kan echter wel resulteren in een ongewenst effect, omdat de aanbestedingen worden afgestemd op het beschikbare krediet wat dan hoger is.
3. Waarom is bij het opstellen van de oorspronkelijke raming in 2022 uitgegaan van het prijspeil van 2021, terwijl de uitvoering pas in 2025 zou plaatsvinden?
Zie antwoord op vraag 2.
Voor wat betreft de casus Bekelaar.
Het raadsvoorstel t.b.v. een extra krediet is in de collegevergadering van 22 januari 2022 behandeld.
Op het tijdstip dat het raadvoorstel is geschreven zijn eventuele prijsstijgingen voor 2022 nog niet beschikbaar. De werkzaamheden ten behoeve van de herinrichting Bekelaar stond gepland voor 2023. Door het vervangen van de brug over het Eindhovens kanaal door de gemeente Helmond werd de herinrichting doorgeschoven vanwege de bereikbaarheid van Mierlo en de diverse omleidingsroutes in en om Mierlo. Het tijdstip van het vervangen van de brug is ook een paar keer doorgeschoven. Hierdoor kan de herinrichting van de Bekelaar pas in 2025 uitgevoerd worden.
4. Waarom is de raad pas na de aanbesteding en op korte termijn vóór het kredietbesluit van 6 mei geïnformeerd over het ontstane tekort?
Door het vaststellen van de begroting en het beschikbaar stellen van de kredieten, is het aanbesteden en in uitvoering nemen van deze aanpassing, een uitvoeringsbevoegdheid geworden van het college.
Alleen door het feit dat er in onderhavige situatie sprake is van een (ogenschijnlijke) overschrijding van het krediet met meer dan 10% (artikel 5 lid 6 van de financiële verordening), zou op basis hiervan, alsnog de gemeenteraad een aanvullend krediet beschikbaar moeten stellen.
Pagina 2 van 3
5. Waarom is het verzoek tot aanvullend krediet van € 325.000 niet geagendeerd als bespreekpunt in de commissie Ruimte, gelet op de financiële en ruimtelijke impact?
De ruimtelijke impact is eerder behandeld en maakt nu geen onderdeel meer uit van de besluitvorming. Gelet op de geplande werkzaamheden ook samen met de gemeente Someren is bezien welke procedure gevolgd diende te worden om enerzijds voortgang in de werkzaamheden te houden en anderzijds conform de financiële verordening de gemeenteraad te betrekken.
In deze casus is het volgende proces doorlopen.
Direct nadat het resultaat van de aanbesteding duidelijk werd, is de commissie Ruimte op 7 april 2025 geïnformeerd en voor de raadsvergadering van 6 mei 2025, ligt het aanvullend krediet voor aan de gemeenteraad.
6. Acht het college het verantwoord dat bij een project van deze omvang (€ 1,9 miljoen) de raad pas in dit late stadium geconfronteerd wordt met een aanvullend kredietverzoek?
Het college is van mening dat gegeven de omstandigheden de juiste en ook correcte procedure is gevolgd. Dit omdat de gemeenteraad eerder bij vaststelling van de begroting het krediet heeft vastgesteld waarbij de inhoudelijke afweging heeft plaatsgevonden. Nu gaat het over het hogere benodigde budget.
7. Op welke wijze borgt het college in toekomstige projecten tijdige actualisering van ramingen én tijdige informatievoorziening aan de raad bij (mogelijke) significante afwijkingen?
Zie hiervoor antwoord 2.
Pagina 3 van 3
Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen SAMEN over Herinrichting Bekelaar
Bron: raadsinformatie van de gemeente Geldrop-Mierlo (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.