verordening waterberging
Een raadslid stelde op 20 november 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Geldrop-Mierlo (3 vragen).
In het kort
3 vragen en wat het college antwoordt
- Artikel 2:1 4b zegt dat de hemelwaterberging zo wordt ontworpen “dat deze weer voor 100% beschikbaar is binnen 48 uur na de bui”. → Beter lijkt ons: “dat deze na volledige vulling binnen 48 uur weer 100% beschikbaar is”.
- In de Toelichting Verordening, bij de Artikelsgewijze toelichting staat bij: Artikel 2.4 de formule voor de berekening bevat een fout, er staat 50m2 x 60/100 m1 = 3m3… → 3.
- In de begrippenlijst is “Noodoverlaat” gedefinieerd als “een externe overstortput waarbij overtollig water uit een rioolstelsel kan stromen en “Overloopvoorziening” als… → Beter lijkt ons: “dat deze na volledige vulling binnen 48 uur weer 100% beschikbaar is”.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Artikel 2:1 4b zegt dat de hemelwaterberging zo wordt ontworpen “dat deze weer voor 100% beschikbaar is binnen 48 uur na de bui”. Dit lijkt ons juridisch te vaag. Welke bui dan?
Antwoord van het college
Beter lijkt ons: “dat deze na volledige vulling binnen 48 uur weer 100% beschikbaar is”. Wat vindt u daarvan? Ook stellen we voor toe te voegen: ook bij de hoogste grondwaterstand.
Vraag 2
In de Toelichting Verordening, bij de Artikelsgewijze toelichting staat bij: Artikel 2.4 de formule voor de berekening bevat een fout, er staat 50m2 x 60/100 m1 = 3m3 Dat moet zijn 50 m2 x 60/1000 m1 = 3 m3. Bent u dit met ons eens?
Antwoord van het college
3. Artikel 2.5 zegt dat een “noodoverlaat” aanwezig moet zijn. Gezien de begripsomschrijvingen in de Verordening, denken wij dat hier “overloopvoorziening” had moeten staan. Omdat dat wat anders is, denken wij dat in dit geval geen toestemming nodig is. Denkt u dat ook? Toelichting: Ad 2. 1 mm = 1/1000 m3 en niet 1/100 Ad
Vraag 3
In de begrippenlijst is “Noodoverlaat” gedefinieerd als “een externe overstortput waarbij overtollig water uit een rioolstelsel kan stromen en “Overloopvoorziening” als een voorziening voor het uitlaten van een overschot aan regenwater. Datum beantwoording: Antwoord: Vraag 1a. Artikel 2:1 4b zegt dat de hemelwaterberging zo wordt ontworpen “dat deze weer voor 100% beschikbaar is binnen 48 uur na de bui”. Dit lijkt ons juridisch te vaag. Welke bui dan?
Antwoord van het college
Beter lijkt ons: “dat deze na volledige vulling binnen 48 uur weer 100% beschikbaar is”. Wat vindt u daarvan? Antwoord: De tekstsuggestie geeft op het onderdeel ‘ volledige’ een niet gewenste definitie. Ook bij niet volledige vulling dient de hemelwaterberging weer voor 100% beschikbaar te zijn binnen 48 uur. Ons voorstel artikel 2:1 4b als volgt te wijzigen: De hemelwaterberging wordt zo ontworpen en in stand gehouden dat deze na vulling door een regenbui binnen 48 uur weer voor 100% beschikbaar is. Vraag 1b: Ook stellen we voor toe te voegen: ook bij de hoogste grondwaterstand. Antwoord: De toevoeging ‘ook bij de hoogste grondwaterstand’ is niet noodzakelijk. In artikel 4:1 van de Toelichting Verordening Waterberging staat vermeld dat de bodem van de hemelwaterberging (voorziening) boven de gemiddelde hoogste grondwaterstand moet worden aangelegd zodat de hemelwaterberging leeg kan lopen. Daarnaast is de verplichting tot waterberging bij nieuwbouw overval van toepassing behoudens de uitzonderingsgebieden, centra Geldrop en Mierlo. Als in een plangebied de grondwaterstand in de regel zeer hoog is, is infiltratie moeilijker. Per planontwikkeling wordt dan bekeken of er met een maatwerkvoorschrift kan worden afgeweken van de verordening. Het college kan hierover een besluit nemen. Overigens is de verordening alleen van toepassing op nieuw verhard oppervlak (zoals nieuwbouw van woningen). Vraag 2. In de Toelichting Verordening, bij de Artikelsgewijze toelichting staat bij: Artikel 2.4 de formule voor de berekening bevat een fout, er staat 50m2 x 60/100 m1 = 3m3 Dat moet zijn 50 m2 x 60/1000 m1 = 3 m3. Bent u dit met ons eens? Antwoord: Ja, ons voorstel om dit te wijzigen in de Toelichting Verordening Waterberging. Vraag 3. Artikel 2.5 zegt dat een “noodoverlaat” aanwezig moet zijn. Gezien de begripsomschrijvingen in de Verordening, denken wij dat hier “overloopvoorziening” had moeten staan. Omdat dat wat anders is, denken wij dat in dit geval geen toestemming nodig is. Denkt u dat ook? Antwoord: Een overloopvoorziening heeft betrekking op de hemelwaterberging. De overloopvoorziening zorgt ervoor dat het teveel aan hemelwater wordt geloosd naar openbaar terrein. In het openbaar terrein zijn noodoverlaten aanwezig om piekbelastingen op te vangen (lees het teveel aan hemelwater in de waterberging). Toestemming is noodzakelijk om de rol beheerder (beheersing van risico’s en uitvoerbaarheid) van de openbare ruimte te kunnen uitvoeren. Om te voldoen aan de juiste definities is ons voorstel artikel 2.5 als volgt te wijzigen: Voor geval van hogere intensiteiten neerslag dan waar de voorziening van 60 mm op is ontworpen, moet een overloopvoorziening aanwezig zijn. Bij een dergelijke calamiteit kan het hemelwater in die situaties niet volledig worden geborgen in de hemelwaterberging en mag middels een overloopvoorziening het teveel aan hemelwater worden geloosd naar openbaar terrein. De gemeente moet als beheerder van de openbare ruimte hiertoe toestemming geven. Deze overloopvoorziening wordt bij voorkeur bovengronds, of tenminste controleerbaar en beheerbaar geïnstalleerd.
Bekijk de brief: Beantwoording schriftelijke vragen GroenLinks over verordening waterberging
Bron: raadsinformatie van de gemeente Geldrop-Mierlo (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.