vragen fracties ap 8 raadsvoorstel fietsbeleidsplan Gilze en Rijen
Een raadslid stelde op 5 juli 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Gilze en Rijen.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
BEANTWOORDING TECHNISCHE VRAGEN -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Aan De gemeenteraad van de Gemeente Gilze en Rijen Van Het college van burgemeester en wethouders Portefeuillehouder Wethouder Machielsen Vragensteller GB, D66 Onderwerp Raadsvoorstel vaststellen fietsbeleidsplan Gilze en Rijen Datum vergadering 05-07-2022 Agendapunt vergadering 8 Datum ingekomen 24-06-2022 Datum beantwoording 30-06-2022 Behandelend medewerker G. Smit Zaaknummer 401791 Nummer -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------GB
1. In de opdracht van het fietsbeleidsplan staat dat de maatregelen mix gebaseerd is op indicatieve kostenraming op basis van eenheidsprijzen en kentallen. Graag ontvangen wij voor de maatregelen mix per item deze indicatieve kostenraming.
Antwoord:
Het doel van dit fietsbeleidsplan is altijd geweest om inzichtelijk te maken welk type projecten op basis van de kosten ‘eenvoudig’ uit te voeren zijn en welke projecten betrokkenheid vergen van o.a. u als Raad om uit te voeren. De kostenraming in het fietsbeleidsplan is gebaseerd op standaard maten en afmetingen per maatregel en niet gekoppeld aan specifieke locaties in of activiteiten voor onze gemeente. Bedragen zijn pas zinvol wanneer er in de maatregelenmix concrete maatregelen zijn benoemd.
2. In de opdracht van het fietsbeleidsplan staat: De fietsvisie voorzien we van 1 kaartbeeld met verschillende lagen, waaronder een overzichtskaart met het gewenste netwerk én de relatie met het regionale netwerk en snelfietsroutes; knelpunten c.q. aandachtspunten; verknopingspunten met andere modaliteiten en de belangrijkste bestemmingen voor het fietsverkeer (denk aan scholen, winkelcentra).
De meeste elementen zien wij terug in de kaart figuur 6 op pagina 12, behalve de kaart / laag met de knelpunten c.q. aandachtspunten. Waar kunnen wij deze vinden? Indien niet in het document opgenomen ontvangen we deze graag alsnog.
Antwoord:
Knelpunten zijn in deze kaart ontbrekende onderdelen van het netwerk, wegen waar we de (grotere stromen) fietsers wel willen hebben, maar waar deze meer gefaciliteerd zou kunnen worden dan nu het geval is. Verderop in de opdracht staat dat we in het fietsbeleidsplan niet op zoek gaan naar alle specifieke knelpunten en wensen van o.a. stakeholders zoals bewoners en maatschappelijke organisaties. Dit kan een onderdeel zijn van het vervolgtraject.
3. In het overzicht reacties staat meermaals geschreven De specifieke locaties worden meegegeven als aandachtspunt voor de vervolg fase na het vaststellen van het beleidsplan.
Graag ontvangen wij de lijst met aandachtspunten.
Antwoord:
De aandachtspunten die we op dit moment hebben is de lijst zoals deze in het overzicht met reacties is terug te lezen.
4. In het overzicht reacties staat meermaals geschreven Dit wordt meegegeven als opmerking voor de vervolgstap nadat het beleidsplan is vastgesteld.
Graag ontvangen wij de lijst met opmerkingen.
Antwoord:
De lijst met opmerkingen is de lijst zoals u die heeft gelezen in het overzicht reacties.
5. In het overzicht reacties staat meermaals geschreven De locaties uit het hoofdstuk zijn op basis van analyse in beeld gekomen.
Hoe heeft deze analyse er uit gezien / welke methode en technieken zijn gebruikt?
Antwoord:
Het antwoord op deze vraag was niet helemaal correct. Voor alle genoemde locaties in het overzicht reacties in hoofdstuk 3.1 geldt het volgende antwoord: Dit wordt meegegeven als opmerking voor de vervolgstap nadat het beleidsplan is vastgesteld. Deze aanpassing is verwerkt in het overzicht reacties.
D66
6. Bij de bespreking van de RIB Fietsplan op 21 sept. 2021 is de commissie toegezegd dat het fietsplan niet alleen uit kaders en een maatregelenmix zou bestaan, maar ook de ‘hot spots’ qua verkeersonveiligheid in beeld zouden komen, en wat daaraan te doen. Zo stond o.a. in het collegeantwoord op de technische vraag van GB dat men in het plan zou “specificeren welke locaties nu al op het oog zijn (= niet limitatief) om zoiets uit te voeren”. De wethouder zei toen ook dat er tevens gekeken zal worden naar “de kwaliteit van de fietsroutes, de herinrichting van straten”. “De hot spots hebben we nu al in beeld, o.a. vanuit de data van ongevallen als vanuit het rondfietsen zelf”. We constateren dat in dit plan de concrete hotspots echter niet in beeld zijn gekomen, en dat verbaast ons ten zeerste.
a. is er een inventarisatie van ‘hot spot’/knelpunten gemaakt? Zo ja, kan deze overlegd worden?
Zo nee, waarom is die er niet? Stond deze wel in de opdracht aan RoyalHaskoning?
Antwoord:
Nee, het uitgangspunt was het ontwikkelen van een plan op hoofdlijnen. Het inventariseren van de hotspots was geen onderdeel van de opdracht. b.
Tijdens de RIA van 16 mei bleek dat de adviseurs van RHK al wel enkele hot spots noemden, en aangaven er wel naar gekeken te hebben. Kan deze informatie over hot spots alsnog op papier gezet worden en met ons gedeeld?
Antwoord:
De kennis van deze hotspots komt voort uit de betrokkenheid bij de ontwikkeling van het plan en de verdieping in het fietssysteem van onze gemeente. Enkele hotspots kunnen dan automatisch naar voren komen. Deze hotspots zijn niet in een afzonderlijke lijst genoteerd omdat dit geen onderdeel was van de opdracht. 7.
In het raadsvoorstel onder 9. duurzaamheid en inclusie staat “Ook de mindervalide inwoners moeten meer gebruik kunnen maken van fietsvoorzieningen.” Welke punten in het fietsbeleidsplan zijn specifiek gericht op deze mindervalide?
Antwoord:
Onderdelen in het fietsbeleidsplan die specifiek gericht zijn op mindervaliden zijn: het onderhoud van de fietspaden, vlak maken en paaltjes weghalen (programmalijn 1) wat de mindervalide fietser helpt in het navigeren door de fietsinfrastructuur. Daarnaast worden andere mindervaliden verkeersdeelnemers geholpen door bijvoorbeeld het verbeteren van de faciliteiten voor fietsers zoals de fietsenstallingen, waardoor er minder slingerende fietsen op de trottoirs staan die de doorgang bemoeilijken (programmalijn 2).
8.
Wie heeft de reacties uit de inspraakrondes van reactie voorzien? Zijn dat medewerkers van RoyalHaskoning of van de ABG organisatie?
Antwoord:
De reacties uit de inspraakrondes zijn van een reactie voorzien door zowel de adviseurs van Royal HaskoningDHV als de ABG organisatie. 9.
In de reacties uit de inspraakrondes zijn diverse “hotspots” aangegeven. Waarom komen deze niet allemaal in het fietsbeleidsplan terug en zouden deze alsnog, in het beleidsplan, in een knelpunten matrix opgenomen kunnen worden?
Antwoord:
Het uitgangspunt was een plan op hoofdlijnen, het inventariseren van hotspots was daar geen onderdeel van.
10. In de aangereikte stukken staat dat de voorrangsregels voor fietsers, binnen de bebouwde kom, voorrang (gaan) krijgen (dat dit overal gelijk getrokken wordt). Kunt u aangeven op welke rotondes binnen de bebouwde kom fietsers nog geen voorrang hebben?
Antwoord:
Op dit moment heeft de fietser op elke rotonde binnen de bebouwde kom voorrang.
11. Kunt u aangeven wat het zichtbare verschil is tussen een fietssuggestiestrook en een fietsstrook?
Antwoord:
Een fietsstrook is een doorgetrokken of onderbroken strepen gemarkeerd gedeelte van de rijbaan waarop afbeeldingen van een fiets zijn aangebracht.
Een fietssuggestiestrook is een weggedeelte langs de rand van de rijbaan dat door een onderbroken streep of middels een afwijkende verharding van de rijbaan is gescheiden.
12. Kunt u aangeven wat het juridische verschil is tussen een fietssuggestiestrook en een fietsstrook?
Antwoord:
Fietsstroken zijn bestemd voor het fietsverkeer en invalidenvoertuigen. Andere bestuurders mogen fietsstroken met doorgetrokken strepen niet gebruiken. Bestuurders mogen hun voertuig niet laten stilstaan op een fietsstrook of op de rijbaan langs een fietsstrook. Dit geldt zowel voor fietsstroken met een onderbroken streep als voor fietsstroken met een doorgetrokken streep. Voor het aanbrengen of verwijderen van een fietsstrook is een verkeersbesluit nodig.
Een suggestiestrook is een weggedeelte langs de rand van de rijbaan. Fietsers mogen buiten de suggestiestrook rijden (bijvoorbeeld bij het inhalen) en bestuurders van andere voertuigen mogen eveneens van de suggestiestrook gebruikmaken.
13. In het beleidsplan staat de term “fietsstraten”. Kunt u aangeven wat dit inhoudt?
Antwoord:
Een fietsstraat is een straat binnen een verblijfsgebied, die functioneert als belangrijke fietsverbinding en die door vormgeving en inrichting als zodanig herkenbaar is, maar waarop ook in beperkte mate autoverkeer voorkomt. Een belangrijk kenmerk van de fietsstraat is dat de positie van de auto ondergeschikt is aan die van de fiets.
Bekijk de brief: beantwoording vragen fracties ap 8 raadsvoorstel fietsbeleidsplan Gilze en Rijen
Bron: raadsinformatie van de gemeente Gilze en Rijen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.