28 augustus 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Gouda

vrijheid van betoging

Een raadslid stelde op 28 augustus 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Gouda (4 vragen).

In het kort

4 vragen en wat het college antwoordt

  • Bekendheid en beoordeling van het voorval o Is het college bekend met het incident van 7 augustus jl. op station Gouda (stationshal), waarbij BOA’s een kleine… → Het college is bekend met het incident van 7 augustus 2025 in de stationshal. o Hoe beoordeelt het college dit specifieke optreden van de BOA’s?
  • Beleid en juridische kaders o Hoe ziet de gemeente Gouda de toepassing van het grondwettelijk recht op demonstratie (artikel 9 Grondwet en Wet openbare manifestaties) in… → Het standpunt van het college is dat demonstraties door de gemeente zoveel als mogelijk gefaciliteerd dienen te worden.
  • Handhaving en bevoegdheden o Over welke instructies en richtlijnen beschikken BOA’s en politie in Gouda ten aanzien van het demonstratierecht? → De boa's zijn gehouden aan de kaders van de Grondwet en de Wet openbare manifestaties.
  • Lessen en verbeteringen o Welke maatregelen neemt het college om te zorgen dat handhavers goed geïnformeerd en opgeleid zijn over de rechten en vrijheden van… → Gezien de Wet openbare manifestaties niet in de basisopleiding van de permanente her- en bijscholing van de boa opleiding wordt gegeven is de wens omtrent het volgen van een dergelijke…

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

beantwoording schriftelijke vragen Bezoekadres Huis van de Stad, Burgemeester Jamesplein 1

Fractie van D66

Postadres Postbus 1086, 2800 BB Gouda

afdeling

uw kenmerk

gouda

Veiligheid en wijken

-

30 september 2025

contactpersoon

zaaknummer

1550193 onderwerp

Beantwoording schriftelijke vragen van D66 m.b.t. vrijheid van betoging Geachte fractie,

Op 27 augustus 2025 heeft u schriftelijke vragen gesteld over het onderwerp vrijheid van betoging.

Onderstaand de beantwoording van uw vragen.

Achtergrond Op 7 augustus jl. heeft een kleinschalige, vreedzame, demonstratie van negen personen plaatsgevonden. Tijdens die demonstratie zouden boa’s de deelnemers hebben gesommeerd hun actie te beëindigen, omdat er geen toestemming van de gemeente zou zijn. Daarbij zijn ook identiteitsbewijzen gevraagd en werd aanvankelijk verhinderd dat enkele demonstranten de locatie konden verlaten. Uiteindelijk gaf de politie aan dat er geen probleem was en konden de demonstranten vertrekken.

Omdat het recht op demonstratie een belangrijk grondrecht is en de gemeente verantwoordelijk is voor het faciliteren van dit recht, heeft de fractie van D66 Gouda hierover conform artikel 39 van het Reglement van Orde, de volgende vragen:

Casus Op donderdag 7 augustus 2025 waren er in het hele land demonstraties tegen het Nederlandse beleid met betrekking tot Israël en Gaza, de bekende "sit-ins".

Ook in de stationshal van Gouda werd een "sit-in" gehouden. Van deze demonstratie was aan de gemeente Gouda geen voorafgaande kennisgeving gedaan, terwijl van vrijwel alle demonstraties die in Gouda worden gehouden wel een voorafgaande kennisgeving wordt gedaan. Volgens artikel 11 lid 1 onder a van de Wet openbare manifestaties is het houden van of deelnemen aan een betoging waarvoor de vereiste kennisgeving niet is gedaan een strafbaar feit.

Drie boa’s van de gemeente Gouda wilden aan de woordvoerder van de demonstranten een brief met voorwaarden (zie bijlage) overhandigen.

Eén van de boa’s heeft deze brief afgegeven aan een demonstrant. Van één of meerdere demonstranten zouden (vervolgens) de identiteitsgegevens zijn genoteerd.…

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Bekendheid en beoordeling van het voorval o Is het college bekend met het incident van 7 augustus jl. op station Gouda (stationshal), waarbij BOA’s een kleine demonstratie zouden hebben beëindigd en identiteitsbewijzen hebben opgevraagd?

Antwoord van het college

Het college is bekend met het incident van 7 augustus 2025 in de stationshal. o

Hoe beoordeelt het college dit specifieke optreden van de BOA’s?

Het college betreurt dat het optreden van de boa’s onbedoeld deze demonstratie heeft belemmerd. De lessen die hieruit zijn getrokken, namelijk het volgen van de beleidslijn van het OM en helder communiceren, moeten herhaling van deze situatie in de toekomst voorkomen.

Vraag 2

Beleid en juridische kaders o Hoe ziet de gemeente Gouda de toepassing van het grondwettelijk recht op demonstratie (artikel 9 Grondwet en Wet openbare manifestaties) in de lokale praktijk?

Antwoord van het college

Het standpunt van het college is dat demonstraties door de gemeente zoveel als mogelijk gefaciliteerd dienen te worden. Wel kan de burgemeester, naar aanleiding van een kennisgeving, voorschriften en beperkingen stellen als dit nodig is. Deze voorschriften worden aan de demonstranten, zo mogelijk middels tussenkomst van de organisator of woordvoerder van de demonstratie, in briefvorm verstrekt. Indien nodig wordt daarbij een toelichting gegeven. o

Is er voor demonstraties in Gouda sprake van een meldingsplicht of een toestemmingsvereiste? Hoe wordt dit aan inwoners en handhavers gecommuniceerd?

In artikel 2:2 van de Algemene plaatselijke verordening Gouda 2025 (hierna te noemen APV) is opgenomen dat degene die het voornemen heeft op een openbare

pagina 2

plaats een betoging te houden, daarvan ten minste 48 uur voordat de betoging wordt gehouden, schriftelijk kennis aan de burgemeester geeft. Deze informatie is te vinden op de website van de gemeente.

Vraag 3

Handhaving en bevoegdheden o Over welke instructies en richtlijnen beschikken BOA’s en politie in Gouda ten aanzien van het demonstratierecht?

Antwoord van het college

De boa's zijn gehouden aan de kaders van de Grondwet en de Wet openbare manifestaties. Binnen de gemeente Gouda hebben de boa’s een handelingskader waar zij over zijn geïnstrueerd. Dit handelingskader houdt in dat de boa’s tijdens demonstraties contact maken met de aanwezige woordvoerder dan wel organisator en wordt er zo nodig een brief uitgereikt waarin voorschriften staan. Als er geen organisator of woordvoerder is of deze zich niet kenbaar maakt, wordt het gesprek aangegaan en de brief overhandigd aan één van de demonstranten. Bij vragen van de demonstranten wordt uiteraard het gesprek aangegaan of worden de voorschriften verduidelijkt. Ook het laagdrempelig aangaan van een gesprek, het hebben van een signalerende functie en contact leggen met politie bij (dreigende) ongeregeldheden zijn onderdeel van het handelingskader. o

Onder welke omstandigheden mogen BOA’s of politie identiteitsbewijzen vragen van demonstranten?

Boa's zijn toezichthouders. Toezichthouders zijn op grond van artikel 5:16a Algemene wet bestuursrecht bevoegd inzage te vorderen van een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1van de Wet op de identificatieplicht, voor zover dat redelijkerwijs noodzakelijk is voor de uitvoering van zijn taak.

Politiemedewerkers zijn hiertoe bevoegd op grond van artikel 8, eerste lid, van de Politiewet.

Volgens artikel 11 lid 1 onder a van de Wet openbare manifestaties is het houden van of deelnemen aan een betoging waarvoor de vereiste kennisgeving niet is gedaan een strafbaar feit. Een kennisgeving voor het houden van een demonstratie is verplicht zodat de burgemeester vooraf de impact van de demonstatie op de openbare orde (verkeer, gezondheid, veiligheidsrisico’s) kan inschatten en waar nodig de politie kan inzetten en andere maatregelen kan treffen om ervoor te zorgen, dat de demonstratie op de gewenste manier kan plaatsvinden.

Demonstreren is een belangrijk grondrecht en wordt gefaciliteerd.

Uitgangspunt is dan ook dat het vorderen van een identiteitsbewijs achterwege blijft bij een enkele overtreding van de Wet openbare manifestaties, zoals de overtreding dat er geen voorafgaande kennisgeving aan de burgemeester is gedaan.

Huidig beleid van het OM is dat bij een enkele overtreding van artikel 11 van de Wet openbare manifestaties er in beginsel enkel aangehouden wordt ter beëindiging van het strafbare feit.

Er vindt daarbij in beginsel ook geen identiteitsvaststelling van de aangehoudene plaats.

pagina 3

In gevallen waar er (naast overtreding van artikel 11 van de Wet openbare manifestaties) andere strafbare feiten / misdrijven worden gepleegd, is identiteitsvaststelling en/of aanhouding wel aangewezen. o

Op welke manier is geborgd dat handhavers proportioneel en rechtmatig handelen bij vreedzame, kleinschalige demonstraties?

De boa’s zijn geïnstrueerd om te handelen vanuit het proportionaliteit- en subsidiariteitsbeginsel. De regels hieromtrent zijn bij wet vastgelegd. Voorafgaand aan en tijdens een demonstratie zullen boa’s dus altijd moeten nagaan of zij moeten handelen en zo ja, of dit proportioneel is. Achteraf kan worden getoetst of boa’s daadwerkelijk proportioneel en rechtmatig hebben gehandeld. In het geval van de demonstratie van 7 augustus 2025 wordt er geëvalueerd en beoordeeld of de handhavers rechtmatig, proportioneel en subsidiair hebben gehandeld. Dit gebeurt in beginsel door de teamleider van de boa's, maar wordt ook getoetst door de direct toezichthouder van de politie, die formeel toezicht houdt op het handelen van de boa's. Dit gebeurt standaard bij aanhoudingen, maar ook bij klachten waar geweld is toegepast. De uitkomst van eventuele klachten wordt dan gedeeld met alle boa's om te zorgen dat iedereen goed wordt geïnstrueerd en daarmee een handelingskader is bepaald. Buiten dit formele toezicht worden optredens van de boa’s bij demonstraties ook geëvalueerd met politie en de afdeling Veiligheid en Wijken.

Vraag 4

Lessen en verbeteringen o Welke maatregelen neemt het college om te zorgen dat handhavers goed geïnformeerd en opgeleid zijn over de rechten en vrijheden van demonstranten?

Antwoord van het college

Gezien de Wet openbare manifestaties niet in de basisopleiding van de permanente her- en bijscholing van de boa opleiding wordt gegeven is de wens omtrent het volgen van een dergelijke training intern besproken.

In oktober 2025 zal er een training Wet openbare manifestaties aan de boa’s worden gegeven. Ook nieuw aan te stellen boa’s zullen een dergelijke training moeten volgen. Ook wordt ervoor gezorgd dat het onderwerp onder de aandacht blijft.

o

Hoe wordt voorkomen dat er een zogenoemd “chilling effect” optreedt (burgers die afzien van demonstreren uit angst voor repercussies)?

Het college gaat ervan uit dat een “chilling effect” wordt voorkomen door te erkennen en te leren van dingen die niet goed zijn gegaan, door pro-actieve communicatie met vertegenwoordigers van actiegroepen/demonstranten en door een restrictieve en consistente handhaving. Zo weet een ieder wat die kan en mag verwachten.

pagina 4

Wij vertrouwen erop u met deze antwoorden voldoende te hebben geïnformeerd.

Burgemeester en wethouders van Gouda, de secretaris, de burgemeester,

drs. R.C. Bakker

mr. drs. P. Verhoeve

Geschatte ambtelijke capaciteit: 10 uur.

Bijlage: brief met voorschriften bij een onaangekondigde demonstratie

pagina 5

Bekijk de brief: 25-055 Beantwoording schriftelijke vragen D66 inzake vrijheid van betoging

Bron: raadsinformatie van de gemeente Gouda (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Gouda

Alle artikel 35-vragen in Gouda