26u0006844 Beantwoording vragen fractie Lokaal Alternatief
Een raadslid stelde op 16 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade (8 vragen).
In het kort
8 vragen en wat het college antwoordt
- Het college stelt voor de afstandsgrens te verhogen van 2 naar 6 kilometer. o Erkent het college dat deze maatregel de verantwoordelijkheid nadrukkelijk verschuift naar… → Ouders zijn primair verantwoordelijk voor het schoolbezoek van hun kind.
- In hoeverre wordt bij de beoordeling daadwerkelijk en aantoonbaar rekening gehouden met de draagkracht van gezinnen, zoals: ziekte, fysieke beperkingen, mantelzorgtaken… → o Kan het college aangeven hoe deze factoren worden gewogen en door wie?
- Onze fractie maakt zich zorgen dat juist de meest kwetsbare kinderen buiten beeld raken. o Welke harde waarborgen zijn ingebouwd om te voorkomen dat deze groep tussen… → De verordening bevat meerdere waarborgen: • iedere aanvraag wordt individueel beoordeeld; • er is ruimte voor deskundigenadvies; • leerlingen met een structurele handicap behouden aanspraak…
- Vanaf 11 jaar wordt zelfstandig reizen nadrukkelijk als optie gezien. 3 o Is het college het met ons eens dat leeftijd op zichzelf geen betrouwbare maatstaf is voor… → Het college is het ermee eens dat leeftijd op zichzelf geen betrouwbare maatstaf is voor zelfstandigheid.
- Wie draagt uiteindelijk de verantwoordelijkheid wanneer achteraf blijkt dat zelfstandig reizen onveilig of onverantwoord was? → Wanneer een vervoersvoorziening wordt toegekend, gebeurt dit op basis van een zorgvuldig onderzoek en een individuele beoordeling.
- Indien fietsen als alternatief wordt gezien: o Hoe wordt vastgesteld dat een kind verkeersveilig is? → Dit wordt beoordeeld binnen het totale onderzoek naar de vervoersmogelijkheden van de leerling.
- Voor leerlingen in het SBO en andere vormen van speciaal onderwijs geldt dat de zelfredzaamheid sterk uiteenloopt. o Waarom kiest het college er toch voor generiek… → De verordening bevat algemene uitgangspunten, maar de uitvoering vindt plaats op basis van individuele beoordeling.
- Kan het college exact aangeven: o hoeveel kinderen hun recht op leerlingenvervoer geheel of gedeeltelijk verliezen; Volgens de uitgevoerde analyse betreft dit naar… → Dat aantal komt grotendeels overeen met het aantal betreffende leerlingen.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Fractie Lokaal Alternatief t.a.v. Mevrouw Szalata en mevrouw van Wersch Gemeente Kerkrade Markt 33, 6461 EC Kerkrade Postbus 600, 6460 AP Kerkrade www.kerkrade.nl [email protected] Telefoon 14 045 Datum 12 juni 2026 Zaaknummer Uw kenmerk Ambtenaar B.M.G.M. Merx Bijlage(n) N.v.t.
Ons kenmerk 26u0006844 *26u0006844* Onderwerp: Beantwoording binnengekomen vragen betreffende Agendapunt 7.2 Ontwerpbesluit vaststellen Verordening Leerlingenvervoer 2026 Geachte mevrouw Szalata en mevrouw van Wersch, Naar aanleiding van uw vragen d.d. 11 juni 2026 betreffende Agendapunt 7.2 Ontwerpbesluit vaststellen Verordening Leerlingenvervoer 2026 berichten wij u als volgt.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Het college stelt voor de afstandsgrens te verhogen van 2 naar 6 kilometer. o Erkent het college dat deze maatregel de verantwoordelijkheid nadrukkelijk verschuift naar ouders?
Antwoord van het college
Ouders zijn primair verantwoordelijk voor het schoolbezoek van hun kind. Dat uitgangspunt volgt ook uit de wettelijke systematiek van het Leerlingenvervoer. De gemeente ondersteunt wanneer vervoer noodzakelijk is, maar neemt deze verantwoordelijkheid niet over. Met de voorgestelde afstandsgrens sluit Kerkrade aan bij de VNG-modelverordening en de praktijk van veel andere gemeenten.
Daarnaast hebben zowel de betrokken schoolbesturen als de Adviesraad Maatschappelijke Ondersteuning (AMO) zich positief uitgesproken over deze wijziging. Het voorstel is daarmee niet alleen getoetst aan de wettelijke uitgangspunten en uitvoerbaarheid, maar kan ook rekenen op draagvlak vanuit relevante maatschappelijke partners. o Hoe wordt concreet voorkomen dat gezinnen die dit niet aankunnen de dupe worden van deze beleidswijziging?
De afstandsgrens is niet het enige criterium bij de beoordeling van een aanvraag. Bij iedere aanvraag wordt gekeken naar de individuele situatie van de leerling en het gezin. Daarnaast is het mogelijk om een
2 deskundige in te schakelen en de hardheidsclausule uit te voeren.
Leerlingen met een structurele handicap blijven bovendien uitgezonderd van deze afstandsgrens.
Vraag 2
In hoeverre wordt bij de beoordeling daadwerkelijk en aantoonbaar rekening gehouden met de draagkracht van gezinnen, zoals: ziekte, fysieke beperkingen, mantelzorgtaken en psychische problematiek?
Antwoord van het college
o Kan het college aangeven hoe deze factoren worden gewogen en door wie?
Deze omstandigheden kunnen onderdeel zijn van het onderzoek dat voorafgaat aan een besluit. Daarbij wordt gekeken naar de mogelijkheden van zowel de leerling als het gezin om het vervoer te organiseren. De beoordeling vindt altijd plaats op basis van de individuele situatie.
De beoordeling wordt uitgevoerd door de gemeente. Indien nodig wordt onafhankelijk deskundig advies ingewonnen, bijvoorbeeld van een medisch of gedragskundig deskundige. De omstandigheden worden niet afzonderlijk afgevinkt, maar in samenhang beoordeeld als onderdeel van de totale situatie van leerling en gezin.
Vraag 3
Onze fractie maakt zich zorgen dat juist de meest kwetsbare kinderen buiten beeld raken. o Welke harde waarborgen zijn ingebouwd om te voorkomen dat deze groep tussen wal en schip valt?
Antwoord van het college
De verordening bevat meerdere waarborgen:
• iedere aanvraag wordt individueel beoordeeld;
• er is ruimte voor deskundigenadvies;
• leerlingen met een structurele handicap behouden aanspraak op Leerlingenvervoer;
• het college kan gebruikmaken van de hardheidsclausule;
• bij gewijzigde omstandigheden kan een nieuwe beoordeling plaatsvinden.
Hierdoor blijft maatwerk mogelijk wanneer de standaardregels onvoldoende recht doen aan de situatie. o Kan het college uitsluiten dat financiële motieven de doorslag geven boven de belangen van het kind?
Ja. De beoordeling van een aanvraag vindt plaats op basis van de wettelijke criteria en de individuele omstandigheden van de leerling. Het uitgangspunt blijft dat een passende vervoersvoorziening wordt verstrekt wanneer deze noodzakelijk is. Financiële overwegingen kunnen nooit een reden zijn om een leerling noodzakelijke ondersteuning te onthouden.
Vraag 4
Vanaf 11 jaar wordt zelfstandig reizen nadrukkelijk als optie gezien. 3 o Is het college het met ons eens dat leeftijd op zichzelf geen betrouwbare maatstaf is voor zelfstandigheid en veiligheid?
Antwoord van het college
Het college is het ermee eens dat leeftijd op zichzelf geen betrouwbare maatstaf is voor zelfstandigheid. Daarom bepaalt de verordening niet dat een leerling vanaf 11 jaar zelfstandig moet reizen. De leeftijd van 11 jaar vormt slechts een logisch moment om samen met ouders en leerling te onderzoeken welke ontwikkelmogelijkheden er zijn. o Op basis van welke objectieve criteria wordt bepaald dat een kind dit aankan?
Bij de beoordeling wordt gekeken naar de totale situatie van de leerling, waaronder:
• leeftijd en ontwikkeling;
• eventuele beperkingen;
• verkeersvaardigheid;
• de reisafstand;
• de complexiteit van de route;
• mogelijkheden van openbaar vervoer;
• eventuele adviezen van deskundigen.
Er wordt altijd individueel beoordeeld.
Vraag 5
Wie draagt uiteindelijk de verantwoordelijkheid wanneer achteraf blijkt dat zelfstandig reizen onveilig of onverantwoord was?
Antwoord van het college
Wanneer een vervoersvoorziening wordt toegekend, gebeurt dit op basis van een zorgvuldig onderzoek en een individuele beoordeling. Het college neemt besluiten binnen de wettelijke kaders en op basis van de beschikbare informatie. Daarbij wordt steeds gezocht naar een passende en verantwoorde vervoersoplossing. Indien omstandigheden wijzigen, kunnen ouders dit melden en kan een herbeoordeling plaatsvinden.
Vraag 6
Indien fietsen als alternatief wordt gezien: o Hoe wordt vastgesteld dat een kind verkeersveilig is?
Antwoord van het college
Dit wordt beoordeeld binnen het totale onderzoek naar de vervoersmogelijkheden van de leerling. Daarbij wordt gekeken naar leeftijd, ontwikkeling, verkeerssituatie, afstand en eventuele beperkingen. o Acht het college een formele toets (zoals een fietsexamen) noodzakelijk en zo nee, waarom niet?
Nee. Het college acht een verplichte formele toets niet noodzakelijk. De beoordeling van verkeersveiligheid vraagt maatwerk. Een fietsexamen zegt bovendien niet in alle gevallen iets over de praktische verkeersvaardigheid van een individuele leerling op een specifieke route.
4
Vraag 7
Voor leerlingen in het SBO en andere vormen van speciaal onderwijs geldt dat de zelfredzaamheid sterk uiteenloopt. o Waarom kiest het college er toch voor generiek beleid toe te passen?
Antwoord van het college
De verordening bevat algemene uitgangspunten, maar de uitvoering vindt plaats op basis van individuele beoordeling. Juist omdat de verschillen binnen het speciaal basisonderwijs groot zijn, is gekozen voor maatwerk binnen een uniform juridisch kader. o Hoe wordt voorkomen dat deze groep onevenredig hard wordt geraakt?
Door iedere aanvraag afzonderlijk te beoordelen. Bij leerlingen waarbij sprake is van beperkingen of verminderde zelfredzaamheid kan rekening worden gehouden met de individuele omstandigheden. Indien nodig kan deskundigenadvies worden ingewonnen.
Vraag 8
Kan het college exact aangeven: o hoeveel kinderen hun recht op leerlingenvervoer geheel of gedeeltelijk verliezen; Volgens de uitgevoerde analyse betreft dit naar verwachting circa 47 leerlingen die onder de huidige regeling wel en onder de nieuwe afstandsgrens niet langer automatisch voor vervoer in aanmerking komen. o hoeveel gezinnen hierdoor extra worden belast?
Antwoord van het college
Dat aantal komt grotendeels overeen met het aantal betreffende leerlingen. Hierbij geldt wel dat de feitelijke gevolgen per gezin verschillen en dat individuele omstandigheden kunnen leiden tot maatwerk. Daarnaast wordt voor reeds afgegeven beschikkingen een overgangstermijn van één jaar gehanteerd, zodat gezinnen voldoende tijd hebben om zich voor te bereiden op de gewijzigde omstandigheden.
9. Welke concrete gevolgen verwacht het college voor: o schooldeelname en ontwikkelkansen van kinderen;
Het college verwacht geen negatieve gevolgen voor onderwijsdeelname of ontwikkelkansen. De verantwoordelijkheid voor het organiseren van vervoer komt voor een deel meer bij ouders te liggen. Voor sommige gezinnen betekent dit dat zij hun kind vaker zelf naar school zullen moeten brengen of ophalen.
Wanneer sprake is van een structurele handicap of andere omstandigheden waardoor vervoer naar school niet redelijkerwijs door ouders georganiseerd kan worden, blijft maatwerk mogelijk. Iedere aanvraag wordt individueel beoordeeld waarbij gekeken wordt naar de mogelijkheden van de leerling en het gezin.
5 o de druk op gezinnen;
Voor sommige gezinnen kan de wijziging leiden tot een grotere verantwoordelijkheid bij het organiseren van vervoer. Daarom blijft maatwerk mogelijk wanneer sprake is van bijzondere omstandigheden. o eventuele toename van andere hulpvragen (bijvoorbeeld WMO of jeugdzorg)?
Het college verwacht geen substantiële toename van Wmo- of jeugdhulpvragen als gevolg van deze wijziging. De ontwikkelingen worden wel gemonitord binnen de reguliere uitvoering.
10. Het college geeft aan dat financiële overwegingen een rol spelen. o Welk bedrag wordt met deze maatregel bespaard?
Het college beschouwt deze wijziging niet als een bezuinigingsmaatregel.
Aanleiding voor de nieuwe verordening is het actualiseren van de regeling en het aansluiten bij de meest recente VNG-modelverordening.
De verwachting is dat de nieuwe verordening een mindering van circa €120.000 per jaar op het structurele tekort van Leerlingenvervoer teweegbrengt. De voorgestelde wijzigingen dragen bij aan het beheersbaar houden van deze kostenontwikkeling en aan een financieel houdbare uitvoering van het Leerlingenvervoer op langere termijn. o Hoe verhoudt deze besparing zich tot de mogelijke maatschappelijke kosten en risico’s?
Het college heeft nadrukkelijk gekozen voor een verordening waarin maatwerk mogelijk blijft. Juist om maatschappelijke risico's te beperken zijn uitzonderingen, individuele beoordelingen en de hardheidsclausule opgenomen. Het college verwacht daarom dat de financiële voordelen gerealiseerd kunnen worden zonder dat noodzakelijke ondersteuning aan leerlingen wordt onthouden.
11. Welke alternatieven zijn overwogen om te bezuinigen zonder dat kwetsbare kinderen en gezinnen worden geraakt, en waarom zijn deze afgevallen?
Bij de voorbereiding is gekeken naar aansluiting bij de meest recente VNG-modelverordening en de uitvoeringspraktijk van andere gemeenten.
Daarbij is gezocht naar maatregelen die zowel juridisch houdbaar als uitvoerbaar zijn en die bijdragen aan een toekomstbestendig Leerlingenvervoer.
Het college heeft gekozen voor de voorliggende verordening omdat deze een evenwicht biedt tussen toegankelijkheid van onderwijs, maatwerk voor kwetsbare leerlingen en mogelijkheden tot ontwikkeling van zelfredzaamheid bij de leerlingen. Daarbij blijft het uitgangspunt dat leerlingen die vervoer noodzakelijk nodig hebben daarvoor in aanmerking kunnen komen.
6 Hopende u hiermee voldoende te hebben ingelicht.
Bekijk de brief: 26u0006844 Beantwoording vragen fractie Lokaal Alternatief
Bron: raadsinformatie van de gemeente Kerkrade (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.