6 mei 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Loon op Zand

beeldvormende sessie 3 april

Een raadslid stelde op 6 mei 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Loon op Zand.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Toekomstig KLM Hei-akker 97 5171 WR KAATSHEUVEL

*2025.06387* 2025.06387

Datum 6-mei-2025

Verzenddatum

Zaaknummer ZK.25.00625

uw kenmerk

uw brief / registratienr 9-apr.-2025 / 202505355

Onderwerp Antwoorden schriftelijke vragen ex artikel 24 inzake beeldvormende sessie 3 april

Geachte heer Krikken, Op 9 april ontvingen we uw vragen naar aanleiding van de beeldvormende sessie op 3 april omtrent de ombuigingen. Via deze route ontvangt u de beantwoording hier van.

Vraag 1

1) In het interpellatie debat werd door de wethouder uitvoerig uitgelegd dat de ommezwaai van de begroting 2025 van 7 november (€ 261.000,-- overschot) naar de Begrotingswijziging van 19 december (tekort van € 2,7 miljoen) een rechtstreeks gevolg was van de overschrijding van de jeugdhulp kosten en de september circulaire. In de begroting van 7 november zaten alle BERAP mutaties al verwerkt en de Kadernota 2025 wensen. Het eerste gat van € 1,9 miljoen was daarmee al gedekt. In de eerste begrotingswijziging van 19 december (een maand later!) volgden de meerlasten van de jeugdhulpkosten en de september circulaire effecten met als gevolg een tweede tekort van € 2,7 miljoen. Als toelichting hierop gaf de wethouder aan dat JUIST deze meerlasten de belangrijkste oorzaak waren van de doorwerking van het nieuw ontstane tekort in 2025 en vanaf 2026 doorwerkten. Opeens was er de noodzaak van de bijeenkomsten tussen raad en college om vanaf 2026 te bezuinigen. Het € 2,7 miljoen tekort in 2025 neemt onze financiële eindverantwoordelijke bestuurder blijkbaar voor kennisgeving aan.

Geen woord daarover in zijn mijmeringen in het persbericht. Daarmee ontstond een totaal ander beeld. Dat had dus niets met het Ravijnjaar te maken.

a. Waarom worden de ombuigingsvoorstellen 2026 e.v., die rechtstreeks voortvloeien uit ontwikkelingen in 2024, in het persbericht opeens in verband gebracht met het Ravijnjaar 2026, terwijl de wethouder een ander verband aanlegde in interpellatiedebat? Op welk moment wordt nu de waarheid geweld aangedaan?

Anton Pieckplein 1 5171 CV Kaatsheuvel Postbus 7

5170 AA

Kaatsheuvel

telefoon

0416-289111

IBAN NL95 BNGH 028.50.05.111

E-mail: [email protected]

Antwoord 1a;

Het tekort in 2025 vloeit niet direct voort uit de effecten van het zogeheten Ravijnjaar.

Echter de effecten die vanaf 2026 optreden zijn wel deels te relateren aan het Ravijnjaar, waarnaar het persbericht verwijst. Dit vormt een structurele bedreiging voor het financieel evenwicht van veel gemeenten, ook de gemeente Loon op Zand. Daarom is er in het persbericht gerefereerd aan het ravijnjaar als context voor de noodzaak van de bezuinigingen vanaf 2026. De eerder genoemde financiële druk vanuit jeugdhulp is structureel. Beide sporen lopen parallel en versterken elkaar. Het debat en het persbericht leggen verschillende accenten, maar het college ziet dit niet als de “waarheid geweld aandoen”. 2)

b. Waarom maakt het persbericht de sprong van 2024 naar 2026, terwijl op 19 december 2024 als gevolg van belangrijke ontwikkelingen in 2024 de begroting 2025 een belangrijke deuk heeft opgelopen? De inwoners hebben immers recht om dat te weten, omdat nu eenmaal zij als belangrijke financier van het eerste tekort door de wethouder zijn ingezet. (namelijk OZB verhoging als financieringsinstrument voor de afdekking van de begroting) Antwoord 1b;

Het college erkent dat de begrotingswijziging van 19 december 2024 van grote betekenis was en dat deze samenhangt met ontwikkelingen in 2024. Het persbericht van 3 april is geschreven met de focus op de toekomst, namelijk de structurele noodzaak om de gemeentelijke financiën vanaf 2026 in balans te brengen. De communicatie over OZBmaatregelen en de effecten op 2025 heeft reeds op andere momenten, waaronder de begrotingsstukken en raadsbijeenkomsten, plaatsgevonden. Voor het persbericht is gekozen om met name vooruit te kijken. En geen gedetailleerde financiële verantwoording te maken, zoals in andere producten van de P&C te denken aan Begroting, Jaarrekening, Bestuursrapportage en Slotwijziging. c.

Vindt de wethouder niet dat hij in het kader van transparant communiceren ook aandacht had moeten schenken aan het feit dat Loon op Zand in twee jaar tijd (2024 en 2025) behoorlijke financiële averij oploopt c.q. gaat oplopen?

Antwoord 1c;

Het college onderschrijft het belang van transparante communicatie. Het is ook van belang om in de communicatie de juiste keuzes te maken over timing en vorm. De financiële ontwikkelingen in 2024 en 2025 zijn op meerdere manieren gecommuniceerd richting de raad en inwoners. Dit gebeurde onder andere met raadsinformatiebrieven, Begroting 2025 en Slotwijziging 2024. In het persbericht van 3 april is ervoor gekozen om vooral vooruit te kijken en de richting van het ombuigingstraject te noemen, in het belang van rust, duidelijkheid en perspectief voor de inwoners. Het college spant zich in om op verschillende momenten passende informatie te verstrekken, waarbij het persbericht er 1 van is.

d. Een analyse van de persberichten over financiële boodschappen vanaf medio 2024 maakt inzichtelijk dat - ondanks het feit dat bekend was Loon op Zand in 2024 en 2025 miljoenenstroppen zou lijden - er nimmer persberichten zijn geweest dat tijdige communicatie tussen raad en college noodzaak was. Een groot verschil met het persberichtje van 3 april. Is dat niet een beetje het paard achter de wagen spannen?

Antwoord 1d;

Het college herkent zich niet in de suggestie dat de communicatie te laat op gang is gekomen. In 2024 en begin 2025 zijn er verschillende momenten geweest waarop het 2

college in de raad heeft aangegeven dat financiële bijsturing nodig is. Ook richting de inwoners is er openheid via openbare vergaderingen en raadsstukken. De noodzaak van structurele bezuinigingen vanaf 2026 is zichtbaarder geworden mede in het licht van het Ravijnjaar. Het persbericht van 3 april weerspiegelt dit punt en is juist bedoeld om die samenwerking met de raad en participatie met de samenleving te onderstrepen. Hiermee zet het college een stap voorwaarts om gezamenlijk naar een oplossing te zoeken.

Vraag 2 De wethouder heeft steeds beweerd dat hij niet van “wishful thinking” en “worst case scenario’s” is. Dat was zijn reden waarom de raad pas op 19 december de late mutaties voor de meerjarenplanning 2026 e.v. en de Begroting 2025 voor zijn kiezen kreeg. Een reden temeer dat er geen enkel relatie is tussen het Ravijnjaar en de plotselinge ommezwaai naar een groot tekort. Als extra argument haalt de wethouder aan dat er gemeenten zijn van vergelijkbare omvang die in het zelfde schuitje zitten als Loon op Zand. Een beknopt onderzoek door Toekomstig KLM wijst uit dat veel gemeenten echter niet zoals Loon op Zand het ontstaan van de tekorten al hebben vanaf 2024. Het ziet er naar dat uit dat koste wat kost de wethouder een ander beeld wil creëren dan zich werkelijk hete geval is.

Gaarne ontvangen wij een feitenrelaas van dit college vanaf 1 oktober 2024, welke feiten betrekking hebben op de communicatie die het college heeft gehad met alle actoren (zowel intern als extern), die invloed hebben gehad op alle mutaties tot de eerste begrotingswijziging op 19 december 2024. Dit feitenrelaas voorzien van actoren, datums en een samenvatting van het besprokene en vervolgactie.

Antwoord 2;

Het college benadrukt dat het handelen in deze periode is ingegeven door de actuele financiële inzichten, die pas laat in het begrotingsproces beschikbaar kwamen. En door zorgvuldige afwegingen op basis van betrouwbare gegevens niet in de begroting konden worden opgenomen. Met raadsinformatiebrieven informeerden wij u over de financiële impact uit de Septembercirculaire en de ontwikkelingen van de regionale jeugdhulp. Het college houdt vast aan het principe om geen besluiten te baseren op speculaties of niet onderbouwde risico’s, zoals tijdens het interpellatiedebat genoemd. Voor het feitenrelaas verwijzen wij u naar het interpellatiedebat, waarin alle punten zijn genoemd. Het college heeft steeds gecommuniceerd op basis van feitelijk onderbouwde inzichten. Dit om onnodige maatschappelijke onrust of politieke speculatie te voorkomen. Het klopt dat bij meerdere gemeenten in het land sprake is van financiële druk. En het college heeft deze signalen besproken in de regio. Tegelijk is de financiële situatie van elke gemeente uniek.

Vraag 3 In de laatste volzin van de tweede alinea zegt de wethouder: “we moeten wel tijdig met elkaar bespreken hoe we de dreigende tekorten willen opvangen”. Hoe valt “tijdig” te rijmen met de aanpak van de wethouder sinds medio vorig jaar en zijn voorkennis dat hij al wist dat we miljoenentekorten zouden hebben vanaf 2025. Waarom is niet onder zijn leiding proactief “tijdig het gesprek tussen college en raad aangegaan”?

Antwoord 3;

Het college wil benadrukken dat ‘tijdig’ in deze context niet betekent ‘zo vroe g mogelijk’ maar ‘op het juiste moment, gebaseerd op voldoende feitelijke onderbouwing”.…

Bekijk de brief: [2025.06387] Antwoorden schriftelijke vragen ex artikel 24 inzake beeldvormende sessie 3 april

Bron: raadsinformatie van de gemeente Loon op Zand (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Loon op Zand

Alle artikel 35-vragen in Loon op Zand