4 oktober 2022 · artikel 35-vragen · gemeente Loon op Zand

het Spookslot in de Efteling.pdf

Een raadslid stelde op 4 oktober 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Loon op Zand (14 vragen).

In het kort

14 vragen en wat het college antwoordt

  • In de bijlage bij deze brief zijn data opgenomen, welke al dan niet een rechtstreeks verband houden met het proces van de gedane aanvragen tot monumentale status voor… → Zo neen, gaarne toelichten.
  • Uit de opsomming van de feiten en activiteiten, blijkt dat de sloopmelding blijkbaar een geheel andere procesroute volgt binnen de gemeentelijke organisatie dan de… → Op de monumentale aanvraag van het Spookslot is de Erfgoedverordening gemeente Loon op Zand uit 2015 van toepassing.
  • In de RIB wordt gemeld dat op 3 juni een ambtelijke hoorzitting plaatsvond. → Er zijn immers volgens de postlijst drie aanvragers bij de gemeente geregistreerd.
  • Kunt u toelichten wat er met de andere twee aanvragen is gebeurd en waarom zij niet werden betrokken bij de hoorzitting? → Zijn er per heden reeds formele beschikkingen in dit proces verzonden?
  • In het tijdvak van 3 juni tot 22 juni is blijkbaar het ambtelijk inzicht ontstaan dat er ten behoeve van het voorleggen voor een adviesaanvraag aan de Commissie… → De CRK kan pas advies geven over een aanvraag als zij over informatie beschikken.
  • Waarom is er niet voor gekozen om eerst een redengevende omschrijving op te vragen en dan de hoorzitting te organiseren? → Immers, de redengevende omschrijving is volgens eigen opgave in dit soort gevallen te allen tijde noodzakelijk.
  • Op 20 juni is het nieuwe coalitieakkoord gepresenteerd. → Op de afgegeven signalen van KLM heeft het college gereageerd.
  • Op 18 juli ontvangt de gemeente van aanvrager een redengevende verklaring. → Bij vraag drie hebben we uiteengezet dat alleen belanghebbenden een aanvraag tot monumentale aanwijzing kunnen indienen.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

De heer Krikken

*2022.24442* 2022.24442

Datum

Verzenddatum

4 oktober 2022

4 oktober 2022

Zaakdossier nr.

ZK22.02083

uw kenmerk nvt

uw brief / registratienr /

Onderwerp Beantwoording schriftelijke vragen raadslid Krikken over Het spookslot in de Efteling

Beste heer Krikken, Op 3 september 2022 heeft u ons vragen gesteld over het Spookslot in de Efteling. Met deze brief geven wij u graag antwoord op uw vragen. Onderstaand treft u eerst uw vraag met daaronder ons antwoord.

Vragen en antwoorden

Vraag 1

In de bijlage bij deze brief zijn data opgenomen, welke al dan niet een rechtstreeks verband houden met het proces van de gedane aanvragen tot monumentale status voor het Spookslot in de Efteling. De niet vetgedrukte data zijn rechtstreeks ontleend aan de RIB. Het overzicht biedt een helder overzicht van de gang van zaken m.b.t. de aanvraagprocedure. Kunt u bevestigen dat alle genoemde data corresponderen met de daarbij beschreven activiteiten?

Antwoord van het college

Zo neen, gaarne toelichten.

De data waarop aanpassingen/aanvullingen van toepassing zijn, worden hieronder toegelicht.

De data waar geen aanvulling bij is gegeven, zijn correct. In het rood kunt u de aanpassingen terugvinden in het door u aangeleverde overzicht in de bijlage van deze brief.

- Op 24 januari 2022 maakte de Efteling bekend dat het Spookslot zou worden gesloopt ten behoeve van een nieuw aangekondigde attractie Dans Macabre.

- Op 26 mei 2022 dient de Werkgroep Nostalgische Efteling een aanvraag tot monumentale aanwijzing in.

- Op 18 september 2022 heeft mevrouw A. van der Heijden namens de Werkgroep Nostalgische Efteling het verzoek gedaan om de zienswijze met hoge spoed te behandelen in het college.

Anton Pieckplein 1 5171 CV Kaatsheuvel

telefoon

0416-289111

IBAN NL95 BNGH 028.50.05.111

Postbus 7

telefax

088-1188623

E-mail: [email protected]

5170 AA

Kaatsheuvel

Vraag 2

Uit de opsomming van de feiten en activiteiten, blijkt dat de sloopmelding blijkbaar een geheel andere procesroute volgt binnen de gemeentelijke organisatie dan de aanvraag van een monumentale status voor hetzelfde onroerend goed. Door Toekomstig KLM is andermaal gewezen op de bestuurlijke noodzaak dat deze twee procedures op gespannen voet met elkaar staan en dat daarom een integrale beschouwing van beide verzoeken noodzaak is en daarmee samenhangend ook gezamenlijke interactie met betrokken stakeholders. Waarom is dat belang niet door het college c.q. de portefeuillehouder in daad en gedrag tot uitdrukking gekomen?

Antwoord van het college

Op de monumentale aanvraag van het Spookslot is de Erfgoedverordening gemeente Loon op Zand uit 2015 van toepassing. Deze verordening kent geen voorbescherming. Bij een voorbescherming bevriest de situatie juridisch en kan er bijvoorbeeld niet worden gesloopt.

Hierdoor was het in dit geval voor de Efteling voldoende om een sloopmelding in te dienen op basis van artikel 1.16 van het Bouwbesluit 2012. Wanneer de melding aan de wettelijke vereisten voldoet, wat het geval was, dient de gemeente de melding te accepteren. De acceptatie van dit besluit is geen besluit als bedoeld in artikel 1:3 Awb en staat dus niet open voor bezwaar en beroep. Ambtelijk (intern) is hierover contact geweest voor afstemming op diverse momenten. Er is ook contact geweest met de Efteling. We hebben de Efteling geadviseerd het voornemen van de sloop (de sloopmelding van 27 mei 2022) mede te delen aan de aanvrager vanuit het oogpunt van transparantie. Ook heeft er ambtelijk contact plaatsgevonden hierover met het Cuypersgenootschap, zodat de procedure zo transparant mogelijk verliep. Vanuit juridisch oogpunt was er geen mogelijkheid voor het college om te interveniëren. Het college is steeds nauw betrokken bij alle gezette stappen. Daarom vonden we het belangrijk hierover te communiceren met alle betrokken partijen.

Vraag 3

In de RIB wordt gemeld dat op 3 juni een ambtelijke hoorzitting plaatsvond. In de zitting is gesproken met de eigenaar, maar de aanvrager gaf aan geen gebruik te maken van de hoorzitting. Over welke aanvrager hebt u het dan?

Antwoord van het college

Er zijn immers volgens de postlijst drie aanvragers bij de gemeente geregistreerd.

In de Erfgoedverordening Loon op Zand is opgenomen, in artikel drie, dat een belanghebbende een aanvraag kan doen tot gemeentelijke monumentale status. Van de drie aanvragers hebben we geconcludeerd dat twee aanvragers niet kunnen worden aangemerkt als belanghebbenden, daar zij ons geen statuten konden overhandigen waarbij uit de doelomschrijving kon worden afgeleid dat zij belanghebbend zijn. Dit maakt dat de aanvraag niet in behandeling kon worden genomen. Om de aanvragers enigszins tegemoet te komen binnen onze mogelijkheden, hebben we in overleg met het Cuypersgenootschap (de belanghebbende aanvrager) afgesproken dat zij indirect en zonder officiële rechtspositie wél inhoudelijk input kunnen leveren aan het Cuypersgenootschap. Dit hebben zij ook gedaan. Uiteindelijk is er formeel één belanghebbend aanvrager en dat is het Cuypersgenootschap.

Vraag 4

Kunt u toelichten wat er met de andere twee aanvragen is gebeurd en waarom zij niet werden betrokken bij de hoorzitting?

Antwoord van het college

Zijn er per heden reeds formele beschikkingen in dit proces verzonden?

Formeel is er één belanghebbende aanvrager zoals bij vraag drie uiteengezet. Om die reden is het ontwerpbesluit met bijbehorende brief verzonden naar de aanvrager. We hebben ervoor gekozen om in de procedure partijen te horen die als belanghebbende kunnen worden aangemerkt. Omdat het Cuypersgenootschap afzag van de hoorzitting, was er voor de nietbelanghebbende partijen geen mogelijkheid om hierbij aanwezig te zijn. De aanvragers die niet worden konden aangemerkt als belanghebbende partij zijn hierover eerst telefonisch en daarna 2

schriftelijk van op de hoogte gesteld. We hebben in deze berichtgeving tevens de mogelijkheid om op informele basis deel te nemen aan de procedure kenbaar gemaakt. Bijvoorbeeld door het leveren van inhoudelijke input aan het Cuypersgenootschap. Dit hebben zij bijvoorbeeld gedaan bij het opstellen van de redengevende omschrijving, die uiteindelijk is ingediend door het Cuypersgenootschap.

Vraag 5

In het tijdvak van 3 juni tot 22 juni is blijkbaar het ambtelijk inzicht ontstaan dat er ten behoeve van het voorleggen voor een adviesaanvraag aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) een redengevende omschrijving benodigd is. Dat is bijzonder omdat de aanvraag van Cuypersgenootschap dan al drie maanden oud is. Wat heeft geleid tot dit inzicht en wat is de reden dat dan pas een regelgevende verklaring wordt opgevraagd?

Antwoord van het college

De CRK kan pas advies geven over een aanvraag als zij over informatie beschikken. Om te bepalen wat voor informatie nodig is om advies op te vragen aan de CRK en om een uiteindelijk besluit over te nemen, hebben we een externe partij om advies gevraagd. Daarvoor diende budget te worden vrijgemaakt. De externe partij heeft ons geadviseerd een redengevende omschrijving op te vragen. Dit heeft ertoe geleid dat het opvragen van de redengevende omschrijving deze periode heeft geduurd. De redengevende omschrijving is niet in de erfgoedverordening opgenomen, maar we achtten het benodigd voor de CRK om tot een onderbouwd advies te komen. Tevens heeft dit op zich laten wachten door een gebrek aan ambtelijke capaciteit.

Vraag 6

Waarom is er niet voor gekozen om eerst een redengevende omschrijving op te vragen en dan de hoorzitting te organiseren?

Antwoord van het college

Immers, de redengevende omschrijving is volgens eigen opgave in dit soort gevallen te allen tijde noodzakelijk.

We hebben ervoor gekozen aan de aanvrager de keuze te laten wanneer zij voorkeur heeft voor het plaatsvinden van de hoorzitting. Na het ontvangst van de redengevende omschrijving is de mogelijkheid van het voeren van een hoorzitting nogmaals voorgelegd aan de aanvrager. De aanvrager heeft op 1 augustus 2022 aangegeven hiervan geen gebruik te willen maken.

Op basis van de Erfgoedverordening is het overigens geen procedurele verplichting de aanvrager te horen. Echter vonden we het op basis van het beginsel hoor en wederhoor belangrijk de aanvrager in de gelegenheid te stellen gehoord te worden.

Vraag 7

Op 20 juni is het nieuwe coalitieakkoord gepresenteerd. In dit document met als titel “Met lef gefocust op u”, staat de raadsvoorzitter op de achterkaft als portefeuillehouder Monumentenbeleid genoemd. Als zodanig derhalve bestuurlijk verantwoordelijk voor processen zoals hier aan de orde. Niet lang na 20 juni is deze verantwoordelijkheid overgeheveld naar wethouder mevrouw R. van Vugt-Buter. Het aanvraag proces bevond zich ten tijde van deze overdracht - naar het zich laat aanzien- al in een kritiek stadium. Heeft de “oude” portefeuille de afgegeven signalen van Toekomstig KLM wel voldoende overgebracht aan de “nieuwe” portefeuille?

Antwoord van het college

Op de afgegeven signalen van KLM heeft het college gereageerd. Op dit moment is aangegeven dat er geen voorbescherming rust op het object en dat het college niet voornemens was daarop te interveniëren. Het college heeft een zeer zorgvuldige overdracht gehad op alle bestaande dossiers en dus ook op dit dossier.

3

Vraag 8

Op 18 juli ontvangt de gemeente van aanvrager een redengevende verklaring. Blijkbaar is er nog maar sprake van één aanvrager. NU.nl meldt echter op 3 september dat er twee instanties zijn. Wat klopt er van deze berichtgeving?

Antwoord van het college

Bij vraag drie hebben we uiteengezet dat alleen belanghebbenden een aanvraag tot monumentale aanwijzing kunnen indienen. De berichtgeving op NU.nl is juridisch gezien niet juist. In de praktijk zijn er dus wel meerdere instanties die zich inzetten voor het object, maar deze instanties kunnen niet worden aangemerkt als belanghebbende.

Vraag 9

Op 19 juli maakt De Efteling bekend dat het Spookslot wordt gesloopt. Op dat moment heeft de CRK – althans volgens de RIB – nog niet eens advies uitgebracht. Waarom is op dat moment niet met De Efteling contact opgenomen om de status van de aanvragen te bespreken en een gezamenlijke route hierin uit te stippelen?

Antwoord van het college

Immers, De Efteling kan de bevoegdheid van de gemeente in deze ook niet echt negeren. Speelde de sloopmelding hierin al een rol?

Zoals uiteengezet bij punt twee geldt er geen voorbescherming op het object en is de Efteling gerechtigd verder te gaan met de sloop. De Efteling is zelf bevoegd te bepalen hoe zij extern naar ons communiceert. De sloopmelding speelt een centrale rol in het dossier, omdat het voornemen tot sloop dat is bekendgemaakt in januari 2022 de aanleiding was tot het indienen van de monumentale aanvraag.

Vraag 10

Op 2 september presenteert het college een ontwerpbesluit tot geen aanwijzing gemeentelijk monument. Deze wijkt blijkbaar af van het eerder die week aangehouden ambtelijk advies, welke nog geënt was op het CRK advies van 2 augustus. Bestond er keuze om direct tot een definitieve afwijzing te komen dus zonder ontwerpstatus?

Antwoord van het college

Zo ja, waarom is daarvoor niet gekozen?

Er bestond geen keuze om direct tot een definitieve afwijzing te komen daar we zijn gebonden aan de juridische besluitvormingsprocedure tot het aanwijzen van een gemeentelijk monument.

Hierbij wordt in eerste instantie altijd een ontwerpbesluit ter inzage gelegd om belanghebbenden in de gelegenheid te stellen een zienswijze in te dienen. Als gemeente zijn wij verplicht belanghebbenden in gelegenheid te stellen zienswijzen indienen op het ontwerpbesluit. Hierna volgt het definitieve besluit.

Vraag 11

Op 3 september ontvangen alle raadsleden per e-mail van aanvrager(s) rechtstreeks bericht. Daarin wordt genoemd dat er tijdens een bezichtiging (deze week) vleermuizen zijn gesignaleerd. Is dit aanleiding voor het college op de zeer korte termijn nog in contact treden met De Efteling?

Antwoord van het college

In het vraagstuk over de vleermuizen is de provincie bevoegd gezag. De provincie heeft deze bevoegdheid gemandateerd aan de Omgevingsdienst. Maandagmiddag 5 september 2022 zijn er twee toezichthouders ter plaatste geweest van de Omgevingsdienst. De conclusie van de Omgevingsdienst is dat er geen beschermde diersoorten (zoals vleermuizen) of verblijfplaatsen voor deze diersoorten zijn geconstateerd. De Efteling heeft haar ecologisch werkprotocol overlegd en een onderbouwing aangeleverd waarom in het Spookslot geen vleermuizen kunnen verblijven. In dit dossier is continue overleg met de Efteling geweest.

4

Vraag 12

Geeft de handelwijze van de CRK aanleiding voor het college om de werkwijze aan te passen dan wel de samenstelling van de commissie te wijzigen?

Antwoord van het college

Graag uw antwoord toelichten.

Op korte termijn voorzien we hierin geen wijzigingen.

Vraag 13

De CRK is een commissie welke door de raad in het leven is groepen. De bijeenkomsten zijn volgens de vigerende verordening openbaar. Ondanks dit gegeven wordt geen openbare melding van de vergaderingen van de CRK gedaan, laat staan van de bekendmaking van de agenda. Deze werkwijze is nimmer beoogd door de raad en past niet bij het openbare karakter van deze bijeenkomsten. Wat is de reden waarom dit structureel wordt nagelaten?

Antwoord van het college

Uw constatering klopt, de data en/of agenda van de CRK worden niet gepubliceerd. We gaan met de CRK bespreken hoe we de agenda’s in de toekomst kunnen publiceren. Aanvragers die aangeven bij de vergadering aanwezig te willen zijn worden wel persoonlijk benaderd en uitgenodigd.

Vraag 14

In het persbericht valt te lezen dat “een uiterst zorgvuldige belangenafweging is gemaakt”. Ook valt te lezen dat het college onder tijdsdruk stond. Als het tijdsschema in de bijlage wordt beschouwd, te rekenen van 28 maart (datum eerste aanvraag), bent u dan nog steeds van mening dat de afweging uiterst zorgvuldig is geweest en dat tijdsdruk niet was te voorkomen?

Antwoord van het college

Zo ja, hoe lang moet het behandelproces dan zijn volgens het college om niet onder tijdsdruk te komen? Zijn alle stakeholders van de tijdsdruk op de hoogte geweest?

De afwegingen hebben zorgvuldig plaatsgevonden. We hebben de procedure van artikel drie van de Erfgoedverordening gevolgd. We hebben tevens extern deskundig advies ingewonnen bij de schouw, de hoorzitting en de inhoudelijke beoordeling. Daarnaast hebben we alle belanghebbenden de mogelijkheid gegeven gehoord te worden alvorens het besluit zal worden genomen door het college. Indien een monumentale aanvraag wordt ingediend na aankondiging van de sloop van een object, zal er altijd een (tijds)druk aanwezig zijn. Daarnaast zijn we gebonden aan de termijnen voor besluitvorming zoals opgenomen in artikel drie van de Erfgoedverordening. Doorgaans bieden deze termijnen voldoende gelegenheid om tot een besluit te komen.

Alle stakeholders waren op de hoogte van de tijdsdruk, omdat de melding van de Efteling dat het object zou worden gesloopt de directe aanleiding was om de monumentale aanvraag in te dienen. We vonden het daarom ook belangrijk een besluit te nemen, voordat de Efteling ging starten met de sloop van het object.

Bekijk de brief: [2022.24442] Beantwoording schriftelijke vragen raadslid Krikken over het Spookslot in de Efteling.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Loon op Zand (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Loon op Zand

Alle artikel 35-vragen in Loon op Zand