3 december 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Loon op Zand

kosten organisatieontwikkeling

Een raadslid stelde op 3 december 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Loon op Zand.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Aan het college van Loon op Zand Via e-mail griffie Datum: 2 december 2024 Betreft: Vraag ex art 169 lid 3 Gemeentewet jo. art. 24 lid 1 Reglement van Orde Loon op Zand Geacht college, Aanleiding Op 14 november jl. heeft uw college de door Toekomstig KLM gestelde vragen in het vragenhalfuurtje op een zodanige wijze schriftelijk beantwoord, dat er reden is om de vragen nogmaals te stellen, zij het op een andere wijze. Hieronder treft u de oorspronkelijke vragen met in het blauw uw antwoord. In het rood treft u onze reactie met een hernieuwde vraag. Hopelijk wordt thans meer duidelijkheid gecreëerd in de werkelijke intenties van onze vragen. Wij zien uw antwoord met belangstelling tegemoet.

Vraag

In een door het college eerder afgegeven schriftelijke verklaring inzake toezegging kosten organisatieontwikkeling komt uw college samenvattend tot het oordeel dat vanaf 2023 de kosten van de organisatorische ontwikkeling in structurele zin € 3 miljoen per jaar bedraagt. Hierover een viertal vragen:

a) Een bedrag van € 1,8 miljoen is door u becijferd als structurele uitbreiding van de formatie.

Kunt u (bij voorkeur schriftelijk) aangegeven over welke (uitbreidings-)functies we het hier in totaliteit hebben ?

Antwoord Nee, wij kunnen niet aangeven over welke uitbreidingsfuncties wij het in totaliteit hebben. Dit komt doordat de structurele uitbreiding als gevolg van de organisatieontwikkeling is niet 1 op 1 is te herleiden. Gedurende de jaren hebben we een uitbreiding van het werkpakket (o.a. omgevingstafels en Wet Openbare Overheid, duurzaamheid en transitievisie warmte) gekregen en dit leidde ook tot formatie aanvragen om hieraan te kunnen voldoen. Wel kunnen we, zoals in begroting 2024 vermeld, vertellen dat als gevolg van de inrichtingskeuzes voor de domeinstructuur de rollen van afdelingshoofden en coördinatoren vervallen en hebben we in de andere structuur domeinmanagers en teamleiders.

Eerder hebt u aangegeven dat de structurele lasten als gevolg van de organisatieontwikkeling jaarlijks € 3 miljoen bedragen. Daarvan is € 1,8 miljoen de som van alle uitbreidingsfuncties. Dit is volgens uw eigen opgave. Nu geeft u in uw beantwoording aan dat dat u niet kunt aangegeven over welke uitbreidingsfuncties het hier gaat. Hoe komt u dan aan het bedrag van € 1,8 miljoen ? Kunt u dat anders nu specificeren naar kostensoort ?

b) Hoeveel bedraagt het € volume ingehuurd personeel ofwel externe deskundigheid in de jaren 2020 tot en met 2024? Is dit gefinancierd met het (onbenut) budget van de het budget organisatieontwikkeling ?

Antwoord In de jaarrekening 2020 tot en met 2023 staat o.a. in de paragraaf bedrijfsvoering en bij de beleidsindicatoren een toelichting op de ontwikkeling van de inhuur derden t.o.v. de loonsom. De jaarrekening 2024 is nog in ontwikkeling.

Nee, dit is niet gefinancierd uit onbenut budget organisatieontwikkeling. Het budget organisatieontwikkeling is uitsluitend aangewend voor de organisatieontwikkeling. Als voor dit project inhuur van derden nodig was, heeft dit plaatsgevonden.

Kan het college uitleggen aan de hand van de rekening 2023 dat van de begrote salariskosten onbenut bleef ruim € 2,5 miljoen, terwijl de externe inhuur een overschrijding kent van ruim € 4 miljoen( ook na de begrotingswijziging). De externe inhuur werd grotendeels door de zogeheten vacatureruimte gefinancierd. Daarenboven was er nog steeds een tekort van een half miljoen, welke werd gefinancierd door de organisatieontwikkeling. Ruim de helft hiervan betrof overschrijding op externe inhuur (p. 55 rekening 2023). Hier kan toch niet worden beweerd dat de organisatieontwikkeling niet als financiering werd gebruikt voor enig tekort in de bedrijfsvoering ?

c) Rekenkundig kunnen we vaststellen dat als het project “organisatieontwikkeling” niet had bestaan, dan had de begroting 2025 een overschot gekend van €1 miljoen (excl. Sept circ.effect) Welke (financiële) voordelen heeft de gemeente nu van dit project ?

Antwoord Wij kunnen niet vaststellen dat de begroting 2025 een overschot van 1 miljoen euro had gekend als het project niet had bestaan. De cijfers die u in uw berekening heeft gebruikt, hebben wij niet.

De organisatie is sinds 1 januari een feit, dit is het jaar van basis op orde, 2025 evalueren van de effecten en hierop inspelen als dit nodig is. “Onze” cijfers zijn niet anders dan de cijfers van de vastgestelde Begroting 2025. Ik verwijs u naar het overzicht van het financieel perspectief (pagina 4 en 5). Volgens dit overzicht geldt volgens uw opgave een tekort van € 1,945 miljoen (saldo begroting). Dat betekent dat bij een structurele last van de organisatorische ontwikkeling (welke vanzelfsprekend nu is geïnternaliseerd in de begroting 2025) er in dit overzicht een positief resultaat was geweest van ruim € 1 miljoen. Quod erat demonstrandum! Zou u nu de vraag willen beantwoorden welk (financieel) voordeel de gemeente heeft anno 2024 e.v. na de meerjarige uitvoering van de organisatieontwikkeling ? De vraag kunnen we ook als herformuleren: Welke comparatieve voordelen plukt onze bedrijfsvoering door de gedane investering van tenminste € 3 miljoen en de jaarlijkse blijvende last van € 3 miljoen?

d) Hoeveel f.t.e. dienen per heden nog te worden ingevuld? Behoren die tot het uitbreidingsbudget van € 1,8 miljoen?

Antwoord Zoals in de begroting 2025, paragraaf bedrijfsvoering, vermeld, bedraagt de formatie 2024 181,6 f.t.e. en is de bezetting op 1 juli 2024 146,5 f.t.e. Dit betekent dat per 1 juli 2024 nog 35,1 fte niet structureel hebben ingevuld. Per 1 september 2024, zoals ook vermeld in de paragraaf is het aantal vacatures 12.

Zoals vermeld bij vraag 1, kunnen we niet 1 op 1 functies koppelen aan het uitbreidingsbudget van € 1,8 miljoen, omdat de uitbreiding van het werkpakket ook formatie-uitbreiding met zich meebracht.

Het antwoord blijft onbegrijpelijk. Een formatie-uitbreiding valt toch per definitie binnen het beschikbaar gestelde uitbreidingsbudget. Toename van de loonsom in de begroting is naast indexatie oorzaken en loonsom gerelateerde mutaties, toch simpel terug te herleiden naar aantallen f.t.e.. en dus budget ?

Met vriendelijke groet, Marten Krikken Raadslid Toekomstig KLM

Bekijk de brief: Schriftelijke vragen Toekomstig KLM n.a.v. de beantwoorden van vragenhalfuurtje inzake kosten organisatieontwikkeling

Bron: raadsinformatie van de gemeente Loon op Zand (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Loon op Zand

Alle artikel 35-vragen in Loon op Zand