2 oktober 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Middelburg

Kaderstelling Middelburgs Investeringsfonds - Corné de Voogd (SGP)

Een raadslid (SGP) stelde op 2 oktober 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Middelburg.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Commissie

Ruimte 2 oktober 2023

Agendapunt

4

Onderwerp

Kaderstelling Middelburgs Investeringsfonds

Vragensteller

Corné de Voogd (SGP)

Datum ingediend

27 september 2023

Datum beantwoording

29 september 2023

Vraag 1

Kan nu een financieel plaatje worden gegeven van de middelen van het fonds?

A. Totaal toevoeging eenmalige middelen.

B. Totaal toevoeging van structurele middelen per jaar.

C. Wat wordt bedoelt met de onbenutte kapitaallasten? Is dit een eenmalige toevoeging of wordt per jaar gekeken wat er aan kapitaallasten resteert en dat toegevoegd aan het fonds?

D. Wat betekent dit voor de algemene reserve? Als de weerstandsratio op termijn weer eens onder 1.4 zakt, is het dan ook wenselijk om de overgebleven kapitaallasten toe te voegen aan het investeringsfonds?

Antwoord

A. Incidenteel 8 miljoen (2024).

B. Structurele middelen lopen in de jaren op. Rekening houdend met de mutatie uit de Kadernota 2024 – 2025 zijn de volgende bedragen beschikbaar: € 0,500 miljoen (2023), € 0,505 miljoen (2024), € 0,430 miljoen (2025) en € 0,930 miljoen (2026 en verder).

C. Elk jaar wordt gekeken wat er aan kapitaallasten resteert en deze worden dan toegevoegd aan de reserve investeringsfonds.

D. Voorgesteld wordt om jaarlijks bij de Kadernota te bezien of de beschikbare middelen binnen de Algemene Reserve eenmalig ingezet kunnen worden voor het Middelburgs Investeringsfonds. Hier zijn voorwaarden aan gesteld:

• Alleen de gerealiseerde vrije besteedbare middelen binnen de algemene reserve worden ingezet;

• Een streefwaarde van 1,4 voor de weerstandsratio wordt gehanteerd.

Deze afweging wordt dus bij elke kadernota aan uw raad voorgelegd.

Vraag 2

Wat is de reden dat er gekozen is voor investeringen met een minimale levensduur van 25 jaar en niet bijvoorbeeld 30 jaar?

Antwoord

Uitgangspunt is dat een investering binnen het fysieke domein een lange afschrijvingstermijn kent. Hier wordt zoveel als mogelijk aangesloten bij de afschrijvingsrichtlijn. Bijvoorbeeld voor renovatie gebouwen (verduurzaming) wordt een afschrijvingstermijn van 25 jaar gehanteerd. Binnen de huidige richtlijn kennen wij bijna geen investeringen met een afschrijvingstermijn van 30 jaar. Een afschrijving van 40 jaar wordt vooral gehanteerd bij nieuwbouw over andere langlopende investeringen.

Vraag 3

Betreft dit nu een een fonds met een structureel of een tijdelijk karakter? Door het besluit in de kadernota om de structurele bijdrage te verlagen is er op de lange termijn alleen de 930.000 euro + de onbenutte kapitaallasten beschikbaar voor investeringen?

Antwoord

Beide.

Het doel van het investeringsfonds is om (duurzame) investeringen te doen binnen het fysieke domein.

•

•

Structureel: Met ‘duurzaam’ wordt hier bedoeld dat deze volgens regelgeving (Besluit Begroting en Verantwoording) afgeschreven moeten worden. De jaarlijkse kapitaallasten kunnen gedekt worden uit de structurele bijdrage die de raad beschikbaar heeft gesteld (zie 1B

- € 0,930 miljoen) Incidenteel: Investering die niet afgeschreven mogen worden kunnen eenmalig uit de reserve Investeringsfonds worden gedekt. Dit kan voorkomen bij bijdrage aan activa in eigendom van derden1. De BBV stelt hieraan strikte voorwaarden, zie artikel 61, m.n. lid d2. Dergelijke investering mogen niet worden geactiveerd ondanks dat ze wel een meerjarig nut hebben. Ook het afboeken van een onrendabele top grondexploitaties mogen niet worden geactiveerd.

1

BBV artikel 64, lid 6 staat: Voor bijdragen aan de activa in eigendom van derden, bedoeld in artikel 34, onderdeel c, is de

afschrijvingsduur maximaal gelijk aan die van de activa waarvoor de bijdrage aan derden wordt verstrek 2

BBV Artikel 61. Lid d de bijdrage kan worden teruggevorderd, indien de derde in gebreke blijft of de provincie onderscheidenlijk

gemeente anders recht kan doen gelden op de activa die samenhangen met de investering.

Vraag 4

Blz 3. (Financiële kaders 2.3) Waarom moet het tot bezit leiden? Zeker voor projecten in het kader van de energietransitie kunnen wij ons voorstellen dat het gaat om projecten die niet in ons eigendom zijn? Maar bijvoorbeeld Smart Grid Arnestein is dit wenselijk? Of in het kader van investeringen in Mobiliteitshub of verkeersproblematiek Arnemuiden kan dit toch ook (deels) in het bezit zijn van een andere wegbeheerder.

Antwoord

Inderdaad zouden investeringen om de gestelde doelen te kunnen bereiken (deels) ook door andere partijen gedaan kunnen worden en hoeft dat in een dergelijk geval niet tot bezit van de gemeente te leiden.

Zie ook beantwoording vraag 3. Het begrip ‘bezit’ is geen voorwaarden en moet hier ook niet te eng worden geïnterpreteerd. Immers ook “Bijdrage in activa van derden” vallen hieronder.

Bekijk de brief: Beantwoording vragen over Kaderstelling Middelburgs Investeringsfonds - Corné de Voogd (SGP)

Bron: raadsinformatie van de gemeente Middelburg (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Middelburg

Alle artikel 35-vragen in Middelburg