20 december 2022 · artikel 35-vragen · gemeente Midden-Delfland

COMM Beantwoording vragen lid Van 't Westeinde (CDA).docx

Een raadslid (CDA) stelde op 20 december 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Midden-Delfland.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Beantwoording vragen vanuit fracties Fractie

CDA

Agendapunt

punt 9 Wijziging APV

Naar aanleiding van de was-wordt tabel:

VRAAG 1 Welke voorwaarden kunnen er gesteld worden onder het derde lid van artikel 2:19 Stoken van vuren (pagina 5)?

ANTWOORD Er kunnen verschillende voorwaarden gesteld worden, bijvoorbeeld hoe je een vuurton of vuurkorf moet plaatsen en wat de minimale afstand is tot een woning/groen of een bouwwerk. Deze voorwaarden worden vastgesteld door het college in de aanwijsbesluiten die horen bij de APV.

VRAAG 2 Zijn er nu vereisten over hoe ver van te voren de gemeente bekend moet maken of de vergunning verleend kan worden als het gaat om A- B- of C- evenementen?

ANTWOORD Nee, hoewel er wel wordt gestreefd om de vergunning minimaal een paar weken van tevoren bekend te maken. We zijn bezig met het evenementenbeleid daarin nemen we deze vraag/afweging mee.

VRAAG 3 Klopt het dat door een onderscheid aan te brengen met A-, B-, C- en 0 evenementen voor evenementen met de 0-evenement status, het dringende advies om een cursus sociale hygiëne te volgen vervalt, er geen vereisten gelden met betrekking tot glaswerk en de alcoholwet geen problemen oplevert?

ANTWOORD Meestal wel. De uitzondering hierop is als er tijdens een 0 – evenement wél bedrijfsmatig alcohol wordt verstrekt. Als er op een 0-evenement waarbij geen evenementenvergunning nodig is wel een tap aanwezig is waar mensen bier en fris kunnen kopen, dan moet er een ontheffing van artikel 35 van de Alcoholwet door de gemeente worden verstrekt. In dat geval tellen de bovengenoemde voorwaarden wel.

In geval van bijvoorbeeld een buurtfeest waar mensen zonder winstoogmerk een drankje meenemen hoeft er dus geen ontheffing te worden verleend.

VRAAG 4 Wat wordt er verstaan onder professionele geluidsapparatuur en hoe kan een BOA inschatten of hier gebruik van wordt gemaakt? Is er ook overwogen om te werken met een geluidsnorm in plaats van apparatuurnorm (pagina 13)?

ANTWOORD Een onderdeel van een evenementenvergunning kan zijn dat er ontheffing wordt verleend voor het veroorzaken van geluidhinder. Dit is altijd onderdeel van de evenementenvergunning als de aanvrager aangeeft in de aanvraag dat er gebruik wordt gemaakt van een geluidsinstallatie. Het begint met de apparatuur omdat dit een duidelijke eerste stap is. In de meeste gevallen wordt er dan een maximale geluidsnorm van 65 dB verleend. Die norm in de praktijk meten vereist specifieke inzet. Deze wordt geleverd door de ODH.

VRAAG 5

Waarom is er gekozen voor kleine objecten van 15 m2 per object terwijl er ook maximaal 100 personen op een 0-evenement mogen komen? Hoeveel mensen passen er onder een partytent van 5x3 m2? (pagina 13)?

ANTWOORD Dit is meegenomen uit veiligheidsoverwegingen. Hoe groter de objecten op het evenemententerrein, hoe groter het risico op incidenten. Als er grote objecten worden geplaatst, dan moeten we er zeker van zijn dat deze niet zomaar kunnen omvallen bij plotselinge sterke wind of regen. Om hier zeker van te zien vragen we van objecten van groter dan 15m2 (dit is groter dan een “particuliere” partytent) altijd de constructiegegevens op. Daarom moet ook bij grote objecten alsnog een evenementenvergunning er aan te pas komen - zelfs al is het aantal bezoekers lager dan 100 – vanwege het hogere risico op incidenten.

VRAAG 6 Vermoedelijk staat in artikel 2:65 ‘Bedelarij’ een niet lopende zin en moet het stukje over ‘in door het college’ weg (pagina 24).

ANTWOORD Dit is de tekst die is aangedragen door de VNG bij wijziging van zomer 2022. Wij hebben deze formulering overgenomen.

De zin leest inderdaad “moeilijk”. Wij kunnen afwijken van de VNG en hiervan maken:

Het college kan gebieden aanwijzen waar het college overlast wil voorkomen of beëindigen.

Het is verboden in die gebieden te bedelen om geld of andere zaken.

VRAAG 7 Wordt er bij artikel 2:79 ‘woonoverlast’ gelijk overgegaan tot last onder bestuursdwang of dwangsom of speelt een instrument als de bestuurlijke boete hier ook nog een rol in (pagina 26)?

ANTWOORD Een bestuurlijke boete mag enkel ingezet worden als er een wettelijke grondslag bestaat. De bevoegdheid om een boete op te leggen moet zijn toegekend bij de bijzondere wet. In het geval van dit artikel is die wettelijke grondslag er niet. Het artikel geeft wel de mogelijkheid om als ultimum remedium een last onder bestuursdwang op te leggen. Dat is dus de enige mogelijkheid die er overblijft. Dit staat beschreven in lid 2.

VRAAG 8 Welke mogelijkheden biedt deze APV om eventuele overlast van deelfietsen en -scooters aan te pakken?

ANTWOORD Artikel 5:12 Overlast van fietsen of bromfietsen geeft ons de mogelijkheid te handhaven op fout geparkeerde voertuigen, maar ook wanneer er hinder, schade of overlast ontstaat. Het artikel geeft hier voorwaarden die we kunnen gebruiken voor de handhaving.

2

Bekijk de brief: COMM Beantwoording vragen lid Van 't Westeinde (CDA).docx

Bron: raadsinformatie van de gemeente Midden-Delfland (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Midden-Delfland

Alle artikel 35-vragen in Midden-Delfland