de sluiting van panden na ontdekking van een drugslab
Een raadslid stelde op 10 februari 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Noardeast-Fryslân.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Aan de leden van de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân Postbus 1 9100 AA Dokkum
Ons kenmerk:
2025-036407
Behandeld door:
E-mailadres:
A. de Vries [email protected] 25 februari 2025
Datum:
Onderwerp: Sluiting panden na ontdekking drugslab Geachte raad, Op 10 februari 2025 heeft S.J. Vogelzang van fractie Liberaal Noardeast-Fryslân, op grond van artikel 52 Reglement van Orde schriftelijke vragen gesteld, over de sluiting van panden na ontdekking van een drugslab. In deze brief geven wij antwoord op die vragen.
Vraag 1: Wie beslissen er over de sluiting van een pand?
Antwoord: Artikel 13b Opiumwet biedt de burgemeester de mogelijkheid een pand te sluiten om drugshandel te bestrijden. Artikel 174a Gemeentewet biedt de burgemeester een mogelijkheid om overlast met behulp van een woningsluiting aan te pakken. De beslissing om een pand te sluiten wordt enkel genomen door de burgemeester.
Vraag 2: Hoe wordt bepaald wat de duur van de sluiting is?
Antwoord: De duur van de sluiting wordt bepaald op basis van de (bestuurlijke) rapportage die door de politie of gemeentelijke boa’s wordt verstuurd aan de burgemeester. Op basis van de inhoud van deze rapportage wordt volgens de beleidsregel ‘bestuurlijke handhaving drugscriminaliteit gemeente Noardeast-Fryslân’ de duur van de sluiting bepaald. In de beleidsregel wordt voor het bepalen van de sluitingsduur onderscheid gemaakt tussen soorten middelen die aangetroffen zijn, nl. tussen soft- en harddrugs, en daarnaast tussen (bewoonde) woningen en lokalen. De beleidsregel kan worden geraadpleegd via: http://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR722900.
Vraag 3: Is er voor de sluiting ook overleg met de eigenaar van een pand?
Antwoord: Bij een spoedsluiting op basis van herstel van de openbare orde en/of bescherming van het woon- en leefklimaat is er geen overleg met de eigenaar van een pand. Dit is zo bepaald in de beleidsregel.
Bij sluitingen zonder spoedeisend belang biedt de burgemeester wel de mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze alvorens er overgegaan wordt tot eventuele sluiting van een pand. Dat is een verplichting op grond van art. 4:8 Algemene wet bestuursrecht, die daarom ook in de beleidsregel is opgenomen.
Vraag 4: Wat valt er precies onder een sluiting? Alle panden op het betreffende kadastraal nummer of alleen het pand waarin de illegale activiteiten zijn aangetroffen?
Antwoord: In beginsel wordt enkel het pand waar de illegale activiteiten hebben plaatsgevonden gesloten.
Wanneer er sprake van is dat andere panden direct aan het desbetreffende pand vastzitten en direct toegankelijk zijn via dit pand, bijvoorbeeld via een deur, dan worden deze eveneens gesloten.
Vraag 5: Wie betaalt de kosten van de opruimwerkzaamheden? Zijn deze te verhalen?
Antwoord: Bij het aantreffen van een productielocatie voor drugs worden de opruimwerkzaamheden uitgevoerd door de Landelijke Faciliteit Ontmantelen (LFO) van de politie. Het eventueel verhalen van deze kosten is een taak van de politie in samenspraak met het Openbaar Ministerie (OM).
Hoogachtend, Namens het college van burgemeester en wethouders van Noardeast-Fryslân,
H.J.C.M. Verbunt, MBA Secretaris
mr. J.G. Kramer Burgemeester
–2–
Bron: raadsinformatie van de gemeente Noardeast-Fryslân (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.