4 juli 2022 · artikel 35-vragen · gemeente Noordoostpolder

E01 00 Beantwoording vragen CU-SGP - Stikstof problematiek.pdf

Een raadslid stelde op 4 juli 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder (7 vragen).

In het kort

7 vragen en wat het college antwoordt

  • Waarop is het circulerende kaartmateriaal gebaseerd? → B.v.
  • 50-70% reductie in de oostrand. → en zijn er nog andere manieren om dit op te pakken?
  • Hoe verhoudt het zich tot stikstofuitstoot van het te realiseren MITC? → Voor het MITC wordt gebruik gemaakt van intern salderen.
  • Is de emissie, die weggehaald zou moeten worden uit de oostrand, dezelfde als de depositie in het natuurgebied Weerribben-Wieden? → Is bekend wat de bestaande stikstof depositie is van deze natuurgebieden?
  • Van NH3 is bekend dat het veel dichterbij neerslaat. → (verplaatsing van deze bedrijven op Overijssels grondgebied).
  • Is bekend hoe het proces tot beeldvorming en besluitvorming er verder uitziet? → De provincie heeft eerst een aantal inhoudelijke avonden georganiseerd om het gebied van informatie te voorzien.
  • En misschien wel de belangrijkste vraag: Welke rol heeft de gemeente gehad bij deze problematiek? → En welke rol ziet de gemeente voor zich voor de nabije toekomst om de belangen van de boeren uit de polder te verdedigen?

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Fractie:

Naam:

Onderwerp:

Datum indiening vragen:

CU-SGP Tobias van Dijk Stikstof problematiek 20 april 2022

Vragen:

Naar aanleiding van de keukentafelgesprekken over de stikstof, de vermindering van de uitstoot van bedrijven met als doel om de reductie van stikstof te realiseren.

De door de provincie recent gehouden bijeenkomsten over de werkwijze en beoogde maatregelen en effecten hebben veel vragen opgeroepen. De beantwoording was zeer beperkt en niet bevredigend.

Als CU-SGP maken wij ons ernstig zorgen en zien graag dat de gemeente haar (bemiddelende) rol goed (op)pakt.

Daarom stellen wij de volgende technische vragen:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Waarop is het circulerende kaartmateriaal gebaseerd?

Antwoord van het college

B.v. Metingen of kengetallen?

De kaarten die de provincie heeft opgesteld in het kader van de gebiedsprocessen zijn gebaseerd op de gegevens uit de emissieregistratie en de gecombineerde opgaves (ook wel de meitellingen of landbouwtellingen genoemd). Dit betreft feitelijke aantallen dieren, maar vermenigvuldigd met de kentallen zoals opgenomen in de Regeling Ammoniak en Veehouderij (RAV).

Vraag 2

50-70% reductie in de oostrand. Is bekend waarom hiervoor is gekozen?

Antwoord van het college

en zijn er nog andere manieren om dit op te pakken?

De provincie heeft in haar stikstofaanpak (vastgesteld in 2021) het doel vastgelegd om 74% van het Flevolandse aandeel in de overschrijding van stikstofneerslag te reduceren. Er zijn verscheidene scenario’s doorgerekend om dit reductiepercentage te bereiken. Daarbij is er gekeken naar een reductiepercentage voor de gehele provincie en een aangescherpt percentage aan de rand van de Noordoostpolder gezien dit gebied de kortste afstand heeft tot de meest relevante stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, te weten de Weerribben en de Wieden (en de neerslag afneemt bij toenemende afstand). Daarbij is uiteindelijk gekozen voor een richtinggevend doel van 20% reductie vanuit veldemissies (bemesten en beweiden) in de hele provincie, 50-70% reductie vanuit stalemissies in het gebiedsproces (oostrand van de Noordoostpolder) en 20% reductie vanuit stalemissies in de rest van de provincie. Het betreft richtinggevende percentages die nog bijgesteld kunnen worden. De percentages betreffen gemiddelden voor de betreffende sector en emissietype (provinciaal of in het gebied), en dus niet een directe richtlijn per individueel bedrijf.

Vraag 3

Hoe verhoudt het zich tot stikstofuitstoot van het te realiseren MITC?

Antwoord van het college

Voor het MITC wordt gebruik gemaakt van intern salderen. Dat houdt in dat de depositie die het MITC zal veroorzaken kleiner is dan de depositie van de huidige emissies van bemesten op dezelfde percelen. Het MITC draagt daarmee bij aan de oplossing.

Vraag 4

Is de emissie, die weggehaald zou moeten worden uit de oostrand, dezelfde als de depositie in het natuurgebied Weerribben-Wieden?

Antwoord van het college

Is bekend wat de bestaande stikstof depositie is van deze natuurgebieden? En is er ook gekeken naar de verbanden?

Emissie leidt tot depositie. Daarbij vindt de grootste depositie plaats nabij een stikstofbron en neemt deze af naarmate de afstand toeneemt. Dit effect is groter bij ammoniak (stikstofemissies vanuit mest) dan bij stikstofoxiden (stikstofemissie vanuit verbranding). De stikstofoxiden verspreiden verder. Het emissie-reductiedoel van de provincie is rechtstreeks gekoppeld aan het aandeel van de provincie Flevoland aan stikstofdepositie op de Natura 2000gebieden.

Hoe verhoudt zich de NOx-emissie van A28 en NH3-emissie vanuit de oostrand tot elkaar in de depositie op de Weerribben-Wieden?

De verhouding verschilt per hectare en is alleen te bepalen op basis van berekeningen. Om hier inzicht in te krijgen kunt u de AERIUS Monitor raadplegen. Zie onderstaand een voorbeeldhectare:

Voor de betreffende hectare komt 7,9% van de binnenlandse depositie van de landbouw en 0,3% van de depositie van snelwegen. Het betreft wel de cumulatieve percentages van de gehele landbouw en alle snelwegen. Een deel van deze percentages betreft de deposities vanuit het gebied en de A28.

Vraag 5

Van NH3 is bekend dat het veel dichterbij neerslaat. Is de ammoniak van de veehouderijbedrijven dichtbij Weerribben-Wieden niet veel effectiever om aan te pakken?

Antwoord van het college

(verplaatsing van deze bedrijven op Overijssels grondgebied). Is overwogen om Flevolandse middelen hiervoor in te zetten?

Ja. De provincie voert hierover gesprekken met de provincie Overijssel. De provincie Overijssel was ook aanwezig bij de eerste gebiedsbijeenkomst.

Vraag 6

Is bekend hoe het proces tot beeldvorming en besluitvorming er verder uitziet?

Antwoord van het college

De provincie heeft eerst een aantal inhoudelijke avonden georganiseerd om het gebied van informatie te voorzien. De komende maanden worden keukentafelgesprekken georganiseerd met de lokale ondernemers om te inventariseren wat zij al gedaan hebben en welke ideeën zij hebben voor verdere stikstofreductie. Hierbij worden ook randvoorwaarden, zoals middelen, geïnventariseerd. Dit moet leiden tot een totaalbeeld na de zomer, waarna het vervolg wordt bepaald. In 2022 zal daarnaast het Rijk richtinggevende gebiedsdoelen vaststellen. De provincie zal haar reductieplannen, gecombineerd met de andere provincies, moeten toetsen en ijken op die doelen. In 2023 is de provincie wettelijk verplicht gebiedsplannen op te stellen, waarin stikstof en andere internationale verplichtingen zoals water en klimaat van aanpak worden voorzien.

Vraag 7

En misschien wel de belangrijkste vraag: Welke rol heeft de gemeente gehad bij deze problematiek?

Antwoord van het college

En welke rol ziet de gemeente voor zich voor de nabije toekomst om de belangen van de boeren uit de polder te verdedigen?

Dit gebiedsproces is een proces van de provincie. Als gemeente sluiten we aan bij de regietafel van de provincie om op de hoogte te blijven van de ontwikkelingen en de belangen van de bedrijven uit de gemeente die hierdoor geraakt worden te behartigen.

Op 16 mei 2022 geeft de provincie een presentatie over de gebiedsgerichte aanpak stikstof aan de raad. Tijdens deze presentatie heeft u de gelegenheid om verdiepende vragen te stellen.

Datum beantwoording vragen:

Contactpersoon:

04-05-2022 E. Steenbergen-Haak. Vragen zijn beantwoord met input van de provincie.

Bekijk de brief: E01 00 Beantwoording vragen CU-SGP - Stikstof problematiek.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Noordoostpolder (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Noordoostpolder

Alle artikel 35-vragen in Noordoostpolder