de APV naar aanleiding van de vergadering Forum Stad 30 november 2023
Een raadslid stelde op 14 december 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk (5 vragen).
In het kort
5 vragen en wat het college antwoordt
- De toelichting bij dit artikel lijkt niet te kloppen, zo wordt in de toelichting gesproken over art. 4 waarin staat dat het college een ontheffing kan verlenen, maar dit… → dit is een verschrijving en is gewijzigd in de definitieve tekst.
- Houdt deze bepaling dus in dat ook een ontheffing bij het college kan worden aangevraagd voor flyeren in het overdekte deel van Bogaard Stadscentrum? → hiervoor is de definitie (artikel 1:1) van ‘openbare plaats’ van belang.
- Houdt lid 2 daarmee dus in dat flyers overal bezorgd mogen worden tenzij er een Nee/Neesticker op de brievenbus zit? → dit klopt, in zoverre dat er bij een Nee/Nee-sticker en een Nee/Ja-sticker als het gaat om flyers van een politieke partij geen flyers bezorgd mogen worden, naar oordeel van de Reclame Code…
- De tijden waarop geflyerd mag worden: waarom is er specifiek gekozen voor deze tijden? → de tijden zijn ongewijzigd overgenomen uit de APV 2021.
- Er zijn gemeenten die bezig zijn met beleid om overmatig geluidsoverlast van auto’s tegen te gaan. → de modelverordening bevat een standaardbepaling over deze geluidsoverlast.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Beantwoording vragen over de APV die zijn gesteld in de vergadering Forum Stad 30-11-2023
Algemene plaatselijke verordening voor Rijswijk VVD:
Art. 2:6 APV:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
De toelichting bij dit artikel lijkt niet te kloppen, zo wordt in de toelichting gesproken over art. 4 waarin staat dat het college een ontheffing kan verlenen, maar dit moet volgens de APV zelf art. 5 zijn.
Antwoord van het college
dit is een verschrijving en is gewijzigd in de definitieve tekst. Dit houdt in dat de vermelding van lid 4 is aangepast naar lid 5.
Vraag 2
Houdt deze bepaling dus in dat ook een ontheffing bij het college kan worden aangevraagd voor flyeren in het overdekte deel van Bogaard Stadscentrum? Dit is toch privaat terrein, dus is het college hiertoe wel bevoegd?
Antwoord van het college
hiervoor is de definitie (artikel 1:1) van ‘openbare plaats’ van belang. Hiervoor is aangesloten bij de Wet openbare manifestaties (verder: Wom).
Artikel 1, eerste lid, van de Wom bepaalt wat een openbare plaats is, namelijk: een plaats die krachtens bestemming of vast gebruik open staat voor het publiek. Deze definitie kent dus twee criteria.
• Ten eerste moet de plaats open staan voor het publiek. Dat wil volgens de memorie van toelichting zeggen “dat in beginsel eenieder vrij is om er te komen, te vertoeven en te gaan; dit houdt in dat het verblijf op die plaats niet door de gerechtigde aan een bepaald doel gebonden mag zijn (...). Dat de plaats "open staat" betekent verder dat geen sprake is van een meldingsplicht, de eis van voorafgaand verlof, of de heffing van een toegangsprijs voor het betreden van de plaats”. Op grond hiervan zijn bijvoorbeeld stadions, postkantoren, warenhuizen, restaurants, musea, ziekenhuizen en kerken geen “openbare plaatsen”. Ook de hal van het gemeentehuis valt buiten het begrip “openbare plaats”.
• Het tweede criterium is dat het open staan van de plaats moet zijn gebaseerd op bestemming of vast gebruik. “De bestemming ziet op het karakter dat door de gerechtigde aan de plaats is gegeven blijkens een besluit of blijkens de uit de inrichting van de plaats sprekende bedoeling. Een openbare plaats krachtens vast gebruik ontstaat wanneer de plaats gedurende zekere tijd wordt gebruikt als had deze die bestemming, en de rechthebbende deze feitelijke toestand gedoogt”, aldus de memorie van toelichting (TK 1985-1986, 19 427, nr. 3, p. 16).
Voorbeelden van openbare plaatsen in de zin van artikel 1, eerste lid, van de Wom zijn: openbare wegen, plantsoenen, speelweiden en parken en vrij toegankelijke gedeelten van overdekte passages, van winkelgalerijen, van stationshallen en van vliegvelden, openbare waterwegen en recreatieplassen.
Dat het Bogaard Stadscentrum privaat terrein is, betekent dus niet per definitie dat de APV hier geen kracht heeft. Er kan bijvoorbeeld ook worden gehandhaafd op een evenement dat georganiseerd wordt zonder vergunning. Het college kan dus ook een ontheffing verlenen voor dit terrein.
Vraag 3
Houdt lid 2 daarmee dus in dat flyers overal bezorgd mogen worden tenzij er een Nee/Neesticker op de brievenbus zit?
Antwoord van het college
dit klopt, in zoverre dat er bij een Nee/Nee-sticker en een Nee/Ja-sticker als het gaat om flyers van een politieke partij geen flyers bezorgd mogen worden, naar oordeel van de Reclame Code Commissie.1
Vraag 4
De tijden waarop geflyerd mag worden: waarom is er specifiek gekozen voor deze tijden? En zijn er bezwaren als de tijden worden aangepast/geschrapt?
Antwoord van het college
de tijden zijn ongewijzigd overgenomen uit de APV 2021. Deze tijden kunnen aangepast worden als de raad daartoe besluit.
Vraag 5
Er zijn gemeenten die bezig zijn met beleid om overmatig geluidsoverlast van auto’s tegen te gaan. Kan er onderzoek gedaan worden naar geluidsoverlast bij voertuigen? En kunnen we dit opnemen in de APV, zoals in Rotterdam?
Antwoord van het college
de modelverordening bevat een standaardbepaling over deze geluidsoverlast. Om dit te kunnen opnemen in de Rijswijkse APV, is het nodig om eerst goed onderzoek te doen. Afhankelijk van de uitkomst van dit onderzoek kan er dan gemotiveerd voor gekozen worden om een bepaling op te nemen in de APV.
Rijswijks Belang:
1. Er staat nog steeds geen verbod op de verkoop van messen aan minderjarigen. Kunnen we dit opnemen in de APV?
Antwoord: op grond van het huidige vierde lid van artikel 31 Wet Wapens en Munitie (verder: WWM) is het verboden een categorie IV-wapen over te dragen aan een persoon die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt. In het dagelijks leven worden vaak al dan niet potentiële steekwapens aan minderjarigen overgedragen voor legitieme doelen. Denk bijvoorbeeld aan een keukenmes voor hulp in de keuken, een snoeimes voor iemand die de hoveniersopleiding doet of het aanschaffen van een bestekset van iemand die 17 jaar wordt en op kamers gaat.
Volgens de memorie van toelichting is het verbod op de verkoop van messen aan minderjarigen op te nemen in de APV onwenselijk, gelet op de verstoring hiervan voor het dagelijks leven.
Op dit moment ligt een wetswijziging voor met betrekking tot de WWM. Daarmee zou mogelijk wel een algemeen verkoopverbod worden ingevoerd (en daarmee de mogelijkheid om dit op gemeenteniveau aan te pakken, vervallen). Over deze bepaling is veel te doen en worden verschillende adviezen geschreven. Het is daarmee duidelijk dat er sprake is van een complex onderwerp. Dat betreft niet alleen de wenselijkheid, maar ook de mogelijkheid tot handhaving. Denk bijvoorbeeld aan de verkoop via internet. Het handhaven van dit verbod vraagt veel capaciteit, terwijl de omvang van het probleem op dit moment niet kan worden vastgesteld en hier nader onderzoek naar zou moeten worden gedaan.
Beter voor Rijswijk:
1. Kabelgootvisie (Wethouder van der Laar). We missen dit in de APV.
Antwoord: op dit moment is er geen vraag bekend naar de kabelgootvisie. Indien gewenst kan hier nader onderzoek naar worden gedaan. Er is op dit moment geen uitspraak te doen of dit in Rijswijk wenselijk is, omdat hier meerdere belangen spelen. Denk aan vraagstukken van brancheorganisaties (slechtzienden, mensen in rollator, etc.), financiële aspecten, minder parkeerplekken als een kabelgoot wordt geplaatst en dergelijke.
1 Zie https://www.reclamecode.nl/uitspraken/gezondheid/overige-2015-00124/150025/
2. We missen de Vuurwerkblije zones in de APV. Kan dit opgenomen worden?
Antwoord: een vuurwerkblije zone is een (ludiek) initiatief van de Vuurwerkfederatie. Het heeft geen officiële status en hier wordt ook niet op gehandhaafd.
In Rijswijk mag overal vuurwerk worden afgestoken op de daarvoor in het Vuurwerkbesluit bepaalde tijden, tenzij op grond van artikel 2:73 door het college vuurwerkvrije zones zijn aangewezen.
Het ligt niet voor de hand om ook vuurwerkblije zones op te nemen om de volgende redenen: -
Het gaat om een ludieke actie en er is bij de actie nadrukkelijk aangegeven dat dit geen officiële status heeft;
Het is niet mogelijk om hierop te handhaven;
Een vuurwerkblije zone heeft voornamelijk zin als er sprake is van een algeheel vuurwerkverbod.
CDA
1. Raadslid Helma van Schie verwijst naar RV 23-090 Bijlage A: Toelichting APV 2024 en vraagt of dit openbare orde wijzigingen zijn?
Antwoord: bijlage A is de toelichting behorend bij de APV. De APV heeft betrekking op de openbare orde en veiligheid en daarmee de toelichting ook. De wijzigingen die invloed hebben op de inrichting van de openbare orde zijn expliciet genoemd in het raadsvoorstel.
Wij.Rijswijk
1. We schenken tot 00:00 uur. Is er gekeken of er animo is bij cafés in Rijswijk om langer open te blijven en langer te schenken. Is hier navraag naar gedaan?
Antwoord: voor de reguliere horeca geldt op dit moment een sluitingstijd van maandag t/m vrijdag tussen 01:00 uur en 05:00 uur en op zaterdag en zondag tussen 01:30 en 05:00 uur. Met de juiste vergunning kan er tijdens de openingstijden alcohol geschonken worden. Dit is opgenomen in artikel 2:29 van de nieuwe APV.
Er is niet gesproken met horecaondernemers in Rijswijk en/of onderzoek gedaan met betrekking tot de sluitingstijd.
In het nieuwe, door de raad vastgestelde retail- en horecabeleid is overigens opgenomen dat schenkingstijden voor horeca bij maatschappelijke functies (sporthal, buurthuis etc.) worden verruimd. Dit is opgenomen in artikel 2:34b van de (nieuwe) APV.
2. Hoe zit het met het halen van spullen uit het aangeboden grofvuil, word je hier nog steeds voor beboet? Enkele maanden geleden hebben we dit aangekaart, toen werd ons als raad verteld dat we de APV hierop zouden moeten aanpassen. Is dat nog steeds nodig?
Antwoord: dit is niet geregeld in de APV, maar in artikel 21 van de Afvalstoffenverordening Rijswijk 2021. Ter voorkoming van zwerfafval is het verboden afval te doorzoeken. Het gaat dus niet om dat iemand afval wegneemt. Het artikel is opgenomen ter bescherming van het milieu.
Artikel 21 Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereedstaande afvalstoffen
1. Het is verboden afvalstoffen of inzamelmiddelen die ter inzameling gereed staan te doorzoeken en te verspreiden.
2. Het is verboden tegen afvalstoffen of inzamelmiddelen, die ter inzameling gereed staan, te stoten, te schoppen, deze omver te werpen of deze anderszins te behandelen waardoor er zwerfafval ontstaat.
D66
1. Artikel 2:1a Verstoren openbare orde
1. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 424 en 426 bis van het Wetboek van Strafrecht is het verboden op of aan de openbare weg of in een voor het publiek toegankelijk bouwwerk op enigerlei wijze de orde te verstoren, personen lastig te vallen of te vechten.
2. Het is verboden op een in het eerste lid bedoelde plaats een voorwerp en/of stof, kennelijk meegebracht om de orde te verstoren, bij zich te hebben.
Zie het tweede lid: geldt vuurwerk ook als dergelijke stof en is dit artikel een mogelijkheid om als kapstok te gebruiken om te handhaven op het gebruik van vuurwerk buiten de daarvoor toegestane uren rondom de jaarwisseling?
Antwoord: dat is niet het geval. Het gaat hier allereerst om bij zich hebben van vuurwerk en niet om het gebruik van vuurwerk. Daarnaast zijn de regels hierover vastgelegd in hogere regelgeving, namelijk het Vuurwerkbesluit, en wordt dus op die manier gehandhaafd. In de APV kunnen regels gesteld worden over de gebieden waar vuurwerk mag worden afgestoken en waar niet (zie artikelen 2:71-2:73 APV). 2.
Artikel 5:12 Overlast van fietsen of bromfietsen
1. Het is verboden op door het college in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of opheffing van overlast, of ter voorkoming van schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen fietsen of bromfietsen onbeheerd buiten de daarvoor bestemde ruimten of plaatsen te laten staan.
2. Het is verboden fietsen of bromfietsen langer dan 28 dagen op dezelfde locatie op de weg te laten staan. Het college kan gebieden aanwijzen waarvoor een kortere stallingsduur geldt.
3. Het is verboden een fiets of een bromfiets te plaatsen buiten fietsenrekken of overige fietsparkeervoorzieningen indien daardoor de verkeersveiligheid en/of de verkeersvrijheid wordt gehinderd of anderszins hinder of schade ontstaat.
Kan de burgemeester aangeven welke handhaving concreet wordt voorzien?
Antwoord: de aanpassing van de APV biedt, naast de reeds bestaande handhaving op fietswrakken, de mogelijkheid om te handhaven op weesfietsen. Na de vaststelling van de APV worden de verschillende manieren waarop we kunnen handhaven uitgewerkt. Daarbij wordt zoveel mogelijk aangehaakt bij de werkwijze van onze buurgemeenten.
Concreet kan daarbij gedacht worden aan: -
Het labelen van fietsen en verwijderen van fietsen wanneer de gestelde termijn wordt overschreden op basis van meldingen openbaar gebied;
Fietsen die tijdens het handhaven worden verwijderd, worden opgeslagen bij het fietsdepot Haaglanden. Op deze manier wordt de rechtmatige eigenaar in de gelegenheid gesteld de fiets op te halen.
Hoe wordt deze nieuwe bepaling gecommuniceerd met de inwoners?
Antwoord: naast de wettelijke verplichte publicatie zullen de belangrijkste wijzigingen worden gecommuniceerd met de inwoners. Daarbij kan gedacht worden aan berichten op de gemeentelijke website en in Nieuwsblad Rijswijk.
Wanneer het college besluit tot een kortere stallingsduur voor bepaalde gebieden, zal dit voor dit gebied duidelijk worden aangegeven door middel van borden.
3. Deelscooter: was eerst actie over toegezegd. We lezen nu in de beantwoording dat het pas in 2024 aan de raad wordt voorgelegd. Waarom in 2024?
Antwoord: momenteel wordt gewerkt aan nieuw beleid betreffende deelmobiliteit. Dit beleid wordt in 2024 aan uw raad voorgelegd. Hierop vooruitlopen met de APV is niet wenselijk. Mogelijk komt VNG met een modelbepaling. Overigens wordt in 2024 ook een handelingskader deelscooters verwacht.2
4. Aanvulling op punt 4 van de VVD: in het vorige college is een toezegging gedaan om geluidsoverlast te monitoren en de proef in Rotterdam te volgen.
Antwoord: zie de beantwoording bij vraag 5 van de VVD.
5. Naam ‘Winkelcentrum in de Bogaard’ moet gewijzigd worden: Bogaard Stadscentrum.
Antwoord: dit betreft artikel 2:6 van de APV. Dit is gewijzigd.
2 Zie https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2023/07/18/deelscooters-model-apv-en-
inclusiviteit-deelmobiliteit en https://www.eerstekamer.nl/behandeling/20230926/brief_regering_stand_van_zaken/document3/f=/vm6yqki ut3un.pdf.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Rijswijk (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.