4 juni 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Rijswijk

vraag PvdA

Een raadslid stelde op 4 juni 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Hierbij een reactie op de gestelde vraag.

Vraag: 1.

In het raadsvoorstel wordt beargumenteerd waarom het college voorstelt om de verordening aan te passen. Hoe groot is de kans dat een andere gegadigde (marktpartij) het voorgestelde besluit onverbindend wil laten verklaren?

In reactie op uw vraag het volgende.

Het risico dat een andere gegadigde een procedure zal starten om (onderdelen van) de Verordening onverbindend te laten verklaren wordt laag ingeschat om de navolgende redenen.

Bij de vaststelling van de huidige nog geldende Verordening waarin een geldigheidsduur van 10 jaar voor een nieuwe vergunning en 10 jaar als looptijd op grond van het overgangsrecht voor de lopende vergunning is opgenomen, is geen reactie van andere marktpartijen gekomen.

Inmiddels blijkt dat veel gemeenten de termijn van 15 jaar hanteren, waardoor er nu niet direct aanleiding lijkt te ontstaan voor marktpartijen om op zoek te gaan naar een nieuwe locatie.

Tot op heden heeft zich nog geen potentiële partij gemeld die interesse heeft om zich te vestigen.

Bekijk de brief: Beantwoording vraag PvdA

Bron: raadsinformatie van de gemeente Rijswijk (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Rijswijk

Alle artikel 35-vragen in Rijswijk