vragen D66 - RIB 26 006 Tussenstand regionale woonzorgvisie
Een raadslid stelde op 14 april 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk (2 vragen).
In het kort
2 vragen en wat het college antwoordt
- Wat is de invloed van de regionale woonzorgvisie op de lokale woonzorgvisie en de daarbij horende uitvoeringsagenda 2021-2030 van Rijswijk? → De regionale woonzorgvisie heeft een sturende en kader stellende invloed op de lokale woonzorgvisie.
- In het concept regionale woonzorgvisie Haaglanden wordt gesproken over een regionaal behoefteonderzoek naar huisvesting van arbeidsmigranten en naar standplaatsen voor… → En kunt u die met ons delen?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Vragen D66 Rijswijk - RIB 26 006 (Tussenstand regionale woonzorgvisie) Datum: 14-04-2026 (Forum Stad en Samenleving)
De druk op de woningmarkt blijft onverminderd hoog. Daarom is het belangrijk om goed na te denken over hoe we woningen verdelen en aan wie we voorrang geven. Door het tekort aan woningen is extra actie nodig. De nieuwe regionale woonzorgvisie kan helpen om meer woningen te realiseren en deze eerlijk te verdelen in de regio.
We zijn blij met de focus op bijzondere doelgroepen, o.a. mensen in kwetsbare posities, en de huisvesting van ouderen en woonwagenbewoners, deze worden expliciet meegenomen in de regionale woonzorgvisie.
De nieuwe regionale woonvisie zal naar verwachting een aanzienlijke impact hebben. Het is daarom wat ons betreft belangrijk om goed te kijken wat dit betekent voor Rijswijk.
Daarom stellen wij de volgende vragen aan het college:
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Wat is de invloed van de regionale woonzorgvisie op de lokale woonzorgvisie en de daarbij horende uitvoeringsagenda 2021-2030 van Rijswijk?
Antwoord van het college
De regionale woonzorgvisie heeft een sturende en kader stellende invloed op de lokale woonzorgvisie. Voor Rijswijk betekent dit onder andere dat de regionale afspraken leiden tot aanvullende opgaven voor specifieke aandachtsgroepen.
Het is aan de gemeente om deze regionale kaders te vertalen naar de lokale situatie.
De lokale woonzorgvisie 2021-2030 wordt daarbij opgenomen in het Volkshuisvestingsprogramma. Hiermee worden de woonzorgopgaven integraal onderdeel van het bredere volkshuisvestingsbeleid. Gezien verdere uitwerking en vaststelling van het Volkshuisvestingsprogramma momenteel uitgesteld is, verkennen we op dit moment de actualisering van de uitvoeringsagenda 2021-2025.
Zodat we de periode tot de vaststelling van het Volkshuisvestingsprogramma kunnen overbruggen.
Wat ziet het college als verwachte verschuivingen tijdens en na de implementatieperiode? (c.q. de invoering van de Wet versterking regie volkshuisvesting, verwacht op 1 juli 2026) De lokale woonzorgvisie vertaalt ambities naar concrete acties en aanbevelingen om deze te realiseren voor drie kwetsbare doelgroepen: kwetsbare senioren, mensen met een verstandelijke beperking en mensen met een psychische kwetsbaarheid.
In het licht van de Wet versterking regie volkshuisvesting (Regiewet) die naar verwachting in 2026 van kracht wordt, wordt deze opgave verbreed voor meer
aandachtsgroepen1 en bezien als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de regiogemeenten en woningcorporaties.
Dat vraagt om regionale afstemming en het maken van goede prestatieafspraken met alle partijen.
Doordat de Regiewet het aantal aandachtsgroepen verruimt, waarmee de omvang en complexiteit van de woon- en zorgopgave toeneemt, wordt ook de druk op de woningvoorraad niet minder. Dit vraagt om scherpe keuzes in prioritering en investeringen om te zorgen dat de huisvesting van alle groepen evenwichtig en uitvoerbaar blijft.
Is het college bereid een impactanalyse uit te voeren en deze met de raad te delen? En zo ja, wanneer kunnen we deze verwachten?
Om deze vraag te beantwoorden, is het van belang te verduidelijken wat de regionale woonzorgvisie feitelijk biedt. Dit document is in de eerste plaats een behoefteonderzoek en een opgavebepaling. Het biedt kwantitatief inzicht in de toekomstige vraag en geeft richtlijnen voor de regionale verdeling van de huisvestingsopgave.
Hoewel we hiermee een voorzichtige inschatting kunnen maken van wat er op Rijswijk afkomt, merken we op dat wij vanuit onze eigen lokale woonzorgvisie al veel doen voor de genoemde doelgroepen. Tegelijkertijd moeten we realistisch zijn over de cijfers.
Onze huidige lokale visie is gebaseerd op onderzoeken uit 2021; in de tussenliggende periode zijn nieuwe prognoses opgesteld en wordt met de komst van de Regiewet de definitie van aandachtsgroepen aanzienlijk verbreed, zoals bovenstaand toegelicht.
Tot slot bevatten de bestaande prestatieafspraken met corporaties een begrenzingsnorm voor de huisvesting van bijzondere doelgroepen. De verwachting is dat de werkelijke behoefte deze huidige norm en de beschikbare capaciteit zal overschrijden. Dit is iets om in de nieuwe prestatieafspraken, die in 2026 zullen worden vormgegeven, nader op in te gaan.
Het college is bereid de raad nader te informeren over de voortgang en de uitkomsten bij de vaststelling van de regionale woonzorgvisie en de betekenis hiervan voor onze eigen Rijswijkse woonzorgstrategie en de lokale knelpunten.
Ter verduidelijking nog een aantal cijfers, bij de laatste evaluatie van de lokale uitvoeringsagenda (januari 2026) was de situatie als volgt:
a. Er moeten nog 409 “woningen met een PLUS” in de vrije sector bijkomen
1
Onder aandachtsgroepen worden in dit kader onder meer verstaan: mensen die uitstromen uit
beschermd wonen en maatschappelijke opvang, dak- en thuislozen, statushouders, jongeren die uit jeugdzorg uitstromen, mensen met een lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking, en andere huishoudens die zonder ondersteuning moeilijk passende huisvesting kunnen vinden.
b. 145 wooneenheden voor 24-uurs zorg
c. 210 wooneenheden met Verstandelijk Gehandicapten intensieve zorg
d. 15 extra wooneenheden “gespikkeld wonen” voor Verstandelijk Gehandicapten die zelfstandig kunnen wonen
e. 30 extra wooneenheden “beschermd wonen”
f. 23 extra wooneenheden voor uitstroom uit instellingen Nu staat in de concept regionale woonzorgvisie dat Rijswijk 1.515 woningen, waarvan 1.100 nultreden woningen voor ouderen nodig heeft op basis van het BZK-basisscenario. Daarnaast worden in de concept regionale woonzorgvisie een aantal nieuwe definities gebruikt voor verschillende woonvormen. Deze komen niet een-op-een overeen met de definities in de huidige Rijswijkse woonzorgvisie, waardoor het moeilijk is ze direct te vergelijken. Het document vinden we waardevol, maar kan toegankelijker worden gemaakt door een begrippen- en afkortingenlijst toe te voegen en definities consequent toe te passen. Zo is het momenteel bijv. onduidelijk wat precies wordt bedoeld met afkortingen zoals RRA, VHP, BBL, SVH, HVO, PPMH, BTW, ETHOS en BW&MO Den Haag.
Vraag 2
In het concept regionale woonzorgvisie Haaglanden wordt gesproken over een regionaal behoefteonderzoek naar huisvesting van arbeidsmigranten en naar standplaatsen voor woonwagenbewoners. Zijn de eerste resultaten van dit onderzoek al bekend?
Antwoord van het college
En kunt u die met ons delen?
Nee. In maart 2026 is door de Bestuurlijke Tafel Wonen opdracht gegeven voor het uitvoeren van een regionaal onderzoek naar de behoefte aan woonwagenstandplaatsen. De uitkomst wordt in het najaar van 2026 verwacht en kan dan gedeeld worden met de raad.
Ten aanzien van de doelgroep arbeidsmigranten is nader, gedegen onderzoek nodig. Binnen het huidige traject richting een regionale woonzorgvisie is er vooralsnog voor gekozen om dit behoefteonderzoek vanwege complexiteit op een nader moment te starten.
Heeft het college signalen ontvangen dat er mogelijk een tekort is aan standplaatsen voor woonwagenbewoners in Rijswijk?
Ja, die signalen herkennen we. Op basis van het aantal ingeschrevenen in het gemeentelijke register voor woonwagenstandplaatszoekenden kunnen we stellen dat de vraag aanzienlijk groter is dan het aanbod. Zeker omdat het aantal woonwagens dat vrijkomt zeer gering is.
Zo ja, welke stappen ziet het college om een tekort aan te pakken, in lijn met de regionale afspraken?
Op basis van het regionale behoefte onderzoek wordt ook in kaart gebracht wat de lokale behoefte is. Op basis van deze data gaan we een lokaal woonwagenbeleid opstellen.
Daarnaast is door de Bestuurlijke Tafel Wonen in maart 2026 ook opdracht gegeven om een regionaal locatieonderzoek uit te voeren. Hierbij onderzoeken we de mogelijkheid om een nieuwe regionale woonwagenlocatie te realiseren, waarbij ingeschrevenen vanuit alle regiogemeenten een nieuwe woonplek kunnen krijgen.
Bekijk de brief: Beantwoording vragen D66 - RIB 26 006 Tussenstand regionale woonzorgvisie
Bron: raadsinformatie van de gemeente Rijswijk (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.