vragen PRO
Een raadslid stelde op 9 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Rijswijk (5 vragen).
In het kort
5 vragen en wat het college antwoordt
- IPP Haaglanden stelt dat projecten moeten bijdragen aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat en het bevorderen van werkgelegenheid. → IPP beoordeelt projecten aan de hand van de doelstelling uit de Gemeenschappelijke Regeling en het afwegingskader uit de Investeringsagenda 2025.
- IPP Haaglanden geeft aan zich in te zetten voor betaalbare bedrijfshuisvesting. → IPP brengt betaalbare bedrijfsruimte in beeld via projectvoorstellen, gebiedsanalyses en de vastgoed- en grondexploitaties.
- Het energiefonds heeft onder andere als doel bij te dragen aan CO₂-reductie en duurzame energieopwekking. → De effecten van het energiefonds worden per project gemonitord.
- IPP Haaglanden spreekt de ambitie uit om de Plaspoelpolder te ontwikkelen tot een groen, klimaatbestendig en energie-efficiënt werklandschap. → De ambitie voor een groener en klimaatbestendiger werklandschap wordt gezien als onderdeel van een goed functionerende werkomgeving voor ondernemers en werknemers.
- IPP Haaglanden geeft aan vastgoed te verwerven om bedrijventerreinen efficiënter in te richten en de kwaliteit van de werkomgeving te verbeteren. a) Kan het college met… → Vastgoedverwerving is voor IPP geen doel op zichzelf, maar een middel om herstructurering, beter ruimtegebruik, behoud van bedrijfsruimte of kwaliteitsverbetering mogelijk te maken.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Beantwoording vragen PRO
Vragen en antwoorden
Vraag 1
IPP Haaglanden stelt dat projecten moeten bijdragen aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat en het bevorderen van werkgelegenheid. Kan het college met de raad delen op welke wijze IPP beoordeelt of projecten daadwerkelijk bijdragen aan werkgelegenheid en een sterker vestigingsklimaat?
Antwoord van het college
IPP beoordeelt projecten aan de hand van de doelstelling uit de Gemeenschappelijke Regeling en het afwegingskader uit de Investeringsagenda 2025. Daarbij wordt gekeken of een project bijdraagt aan behoud of toevoeging van bedrijfsruimte, beter ruimtegebruik, juiste bedrijf op de juiste plek, versterking van het vestigingsklimaat en behoud of groei van werkgelegenheid.
Werkgelegenheid wordt daarbij niet alleen gezien als het aantal banen, maar ook als het behoud van ruimte voor ondernemers, mkb, maakbedrijven en andere bedrijvigheid die past bij het profiel van het gebied.
Vraag 2
IPP Haaglanden geeft aan zich in te zetten voor betaalbare bedrijfshuisvesting. Kan het college met de raad delen op welke wijze de IPP in beeld brengt of betaalbare bedrijfsruimte behouden blijft of wordt toegevoegd?
Antwoord van het college
IPP brengt betaalbare bedrijfsruimte in beeld via projectvoorstellen, gebiedsanalyses en de vastgoed- en grondexploitaties. Daarbij wordt gekeken naar behoud, toevoeging en betere benutting van bedrijfsruimte.
IPP kan marktprijzen niet volledig sturen, maar kan via herstructurering, verwerving, erfpacht, samenwerking met eigenaren en gerichte investeringen wel bijdragen aan het behoud van passende bedrijfsruimte voor ondernemers.
Vraag 3
Het energiefonds heeft onder andere als doel bij te dragen aan CO₂-reductie en duurzame energieopwekking. Kan het college met de raad delen op welke wijze de effecten van het energiefonds op CO₂reductie, duurzame energieopwekking en het verminderen van netcongestie worden gemonitord en gerapporteerd?
Antwoord van het college
De effecten van het energiefonds worden per project gemonitord. Daarbij kan worden gekeken naar energiebesparing, duurzame energieopwekking, vermeden CO₂-uitstoot, het aantal deelnemende ondernemers en de bijdrage aan oplossingen voor netcongestie.
Omdat netcongestie mede afhankelijk is van netbeheerders, regelgeving en technische mogelijkheden, zal hierover deels kwantitatief en deels kwalitatief worden gerapporteerd. De rapportage kan worden meegenomen in de reguliere begrotings- en verantwoordingscyclus van IPP Haaglanden.
Vraag 4
IPP Haaglanden spreekt de ambitie uit om de Plaspoelpolder te ontwikkelen tot een groen, klimaatbestendig en energie-efficiënt werklandschap. Kan het college met de raad delen op welke wijze wordt gemeten of de Plaspoelpolder daadwerkelijk groener, klimaatbestendiger en aantrekkelijker wordt voor ondernemers en werknemers?
Antwoord van het college
De ambitie voor een groener en klimaatbestendiger werklandschap wordt gezien als onderdeel van een goed functionerende werkomgeving voor ondernemers en werknemers. Het gaat daarbij om een bedrijventerrein waar bedrijven goed kunnen ondernemen en waar de omgeving veilig, aantrekkelijk en toekomstbestendig is.
De voortgang wordt waar mogelijk gevolgd via concrete maatregelen, zoals toevoeging van groen, vermindering van verharding waar mogelijk, waterberging, maatregelen tegen hittestress, verduurzaming van vastgoed en verbetering van uitstraling en verblijfskwaliteit. Ook signalen van ondernemers kunnen hierbij worden betrokken. Het IPP rapporteert hierover via de P&C cyclus.
IPP voert niet alle openbare taken zelf uit; regulier beheer en onderhoud blijven gemeentelijke taken. IPP kan wel via gebiedsgerichte projecten bijdragen aan kwaliteitsverbetering.
Vraag 5
IPP Haaglanden geeft aan vastgoed te verwerven om bedrijventerreinen efficiënter in te richten en de kwaliteit van de werkomgeving te verbeteren. a) Kan het college met de raad delen op welke wijze aspecten zoals leegstandsreductie, vergroening, ruimtelijke kwaliteit en verblijfskwaliteit worden meegewogen bij de afweging om vastgoed al dan niet te verwerven?
Antwoord van het college
Vastgoedverwerving is voor IPP geen doel op zichzelf, maar een middel om herstructurering, beter ruimtegebruik, behoud van bedrijfsruimte of kwaliteitsverbetering mogelijk te maken.
Bij een mogelijke verwerving wordt gekeken naar de strategische ligging, de bijdrage aan het bedrijventerrein, kansen voor leegstandsreductie, verduurzaming, vergroening, ruimtelijke kwaliteit, veiligheid en financiële haalbaarheid.
b) Welke prioritering hanteert IPP bij vastgoedverwerving, en hoe verhouden maatschappelijke doelstellingen zoals verduurzaming, betaalbare bedrijfsruimte, werkgelegenheid en kwaliteitsverbetering van bedrijventerreinen zich tot elkaar binnen die afweging?
IPP hanteert geen vaste rangorde waarbij één doelstelling altijd voorgaat. Per project wordt een integrale afweging gemaakt. De basis daarvoor zijn de Gemeenschappelijke Regeling, de Investeringsagenda 2025 en de financiële kaders.
Projecten krijgen vooral prioriteit wanneer zij bijdragen aan de kerntaak van IPP: behoud en versterking van bedrijventerreinen, een goed vestigingsklimaat, betaalbare en passende bedrijfsruimte, werkgelegenheid en toekomstbestendige kwaliteit. Verduurzaming, vergroening en ruimtelijke kwaliteit worden daarbij meegewogen als onderdelen van een goed functionerende werkomgeving.
Bekijk de brief: Beantwoording vragen PRO
Bron: raadsinformatie van de gemeente Rijswijk (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.