Partij voor Teylingen Schriftelijke Vragen Uitspraak Raad van State_1 - Partij voor Teylingen S
Een raadslid stelde op 18 september 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Teylingen.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
SCHRIFTELIJKE VRAGEN (artikel 32 RvO) (Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. Bij de vragen wordt aangegeven of schriftelijk of mondelinge beantwoording wordt verlangd. De vragen worden digitaal bij de griffier ingediend. Beantwoording is zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk 30 dagen na indiening)
Van (naam raadslid)
Joep Derksen, Partij voor Teylingen
Aan
De voorzitter van de raad
Onderwerp:
Uitspraak Raad van State nieuwe woning (‘Uitspraak Raad van State Loosterweg 16, Voorhout’)
Ingediend d.d.
17.09.2025
Verzoekt mondelinge/ schriftelijke beantwoording
Datum doorgezonden aan college/overige raadsleden door griffie:
Toelichting:
Dit artikel is verschenen in het Leidsch Dagblad. Teylingen krijgt huiswerk met nieuwe woning Voorhout. Gemeente heeft vijf maanden de tijd om alsnog toestemming te geven | Leidsch Dagblad. Het gemeentebestuur van Teylingen wordt volgens dit artikel op de vingers getikt door de Raad van State en de raad is onjuist gepasseerd door het gemeentebestuur in de besluitvorming, zo valt te lezen.
Inhoud schriftelijke vraag [Inleidend stuk, gevolgd door vragen]
1. 2. 3.
Heeft het college het artikel gelezen?
Staan hier feitelijke onjuistheden in? Zo ja; welke?
Volgens de Raad van State hebben Burgemeester en Wethouders de plannen van de aanvragers voor een woning plus bijgebouwen van duizend vierkante meter en een tuin van vierhonderd vierkante meter niet voorgelegd aan de gemeenteraad, aldus het krantenartikel. Klopt dit?
4. Wanneer de gemeenteraad daadwerkelijk gepasseerd is, in hoeverre wordt hierbij niet voldaan aan de gemeentelijke en politieke regels?
5. Vindt dit college, dat zij juist gehandeld heeft?
6. Waarom is de gemeenteraad in dit dossier niet vooraf betrokken, terwijl het hier om een ingrijpend besluit gaat met grote ruimtelijke en politieke consequenties?
7. Hoe kan het college verantwoorden dat de hoogste bestuursrechter moet ingrijpen om de raad alsnog bij de besluitvorming te betrekken?
8. Welke lessen trekt het college uit dit signaal van de Raad van State en welke waarborgen worden genomen om te voorkomen dat de gemeenteraad in de toekomst opnieuw wordt gepasseerd?
9. Heeft het college overwogen om excuses aan te bieden richting de gemeenteraad voor de gang van zaken? Zo nee, waarom niet?
10. Is het college van mening dat de handelswijze in dit dossier afbreuk doet aan de democratische controle door de gemeenteraad? Graag een gemotiveerd antwoord.
11. Welke gevolgen heeft dit oordeel van de Raad van State voor de rechtspositie van de betrokken initiatiefnemer(s) en voor andere projecten binnen de gemeente die op een vergelijkbare manier zijn behandeld?
12. Acht het college het nodig om een externe juridische toetsing of onderzoek te laten uitvoeren naar de interne besluitvorming en communicatie rond dit dossier?
We willen graag, dat elke vraag afzonderlijk en inhoudelijk beantwoord wordt.
Datum antwoordbesluit college:
Antwoord college:
[Herhaal de vragen en geef daaronder het antwoord van het college aan] Vraag 1:
Heeft het college het artikel gelezen?
Antwoord:
Ja, het college heeft kennisgenomen van het artikel in het Leidsch Dagblad van 18 september 2025. Het college gaat overigens uit van de uitspraak van de Raad van State in plaats van een artikel in de krant.
Vraag 2:
Staan hier feitelijke onjuistheden in? Zo ja; welke?
Antwoord:
In het artikel in het Leidsch Dagblad wordt gesuggereerd dat de gemeenteraad alsnog akkoord moet gaan met een woonvlak van 1.400 m2. Dat is niet juist. De (afdeling Bestuursrechtspraak van de) Raad van State heeft geoordeeld dat de gemeenteraad opnieuw moet beslissen over de vaststelling van het bestemmingsplan. Daarbij moet volgens de uitspraak rekening worden gehouden met de bezwaren van kopers tegen het verkleinen van het woonkavel tot 1.000m2, zoals opgenomen in het raadsbesluit. De Raad van State noemt hierbij zowel de mogelijkheid van een aanvullende motivering van het eerder genomen besluit als een gewijzigd of inhoudelijk nieuw besluit.
Vraag 3:
Volgens de Raad van State hebben Burgemeester en Wethouders de plannen van de aanvragers voor een woning plus bijgebouwen van duizend vierkante meter en een tuin van vierhonderd vierkante meter niet voorgelegd aan de gemeenteraad, aldus het krantenartikel. Klopt dit?
Antwoord:
Dat klopt.
Vraag 4 Wanneer de gemeenteraad daadwerkelijk gepasseerd is, in hoeverre wordt hierbij niet voldaan aan de gemeentelijke en politieke regels?
Antwoord:
De gemeenteraad heeft het bestemmingsplan “Loosterweg 16, Voorhout” vastgesteld. De formele besluitvorming heeft via de raad plaatsgevonden. De raad is dus niet gepasseerd in de besluitvorming. De raad is echter niet in kennis gesteld van het (mondelinge) bezwaar dat de kopers van het perceel hadden tegen de ambtshalve wijziging van het bestemmingsplan. Dit omdat de wens van kopers voor een groter woonvlak, niet paste in het verzoek van Woonstichting Stek, de aanvrager van de bestemmingsplanwijziging. Het verzoek van Stek paste volgens de beoordeling op dat moment in het ruimtelijk beleid, zoals gemotiveerd in het raadsvoorstel voor de vaststelling van het bestemmingsplan.
Gezien de uitspraak van de Raad van State, erkennen wij dat het zorgvuldiger was geweest wanneer wij de gemeenteraad ook van deze informatie hadden voorzien. Wij zijn er vanuit gegaan dat de wens van de koper een zaak tussen koper en verkoper was.
Vraag 5 Vindt dit college, dat zij juist gehandeld heeft?
Antwoord:
Zie hiervoor het antwoord onder 4.
Vraag 6 Waarom is de gemeenteraad in dit dossier niet vooraf betrokken, terwijl het hier om een ingrijpend besluit gaat met grote ruimtelijke en politieke consequenties?
Antwoord:
De gemeenteraad heeft als bevoegd gezag het bestemmingsplan ‘Loosterweg 16, Voorhout’ op 1 juni 2023 vastgesteld. Voorafgaande hieraan is de raad op 10 januari 2023 via een raadsbrief geïnformeerd over het ter inzage leggen van het ontwerpbestemmingsplan.
Vraag 7 Hoe kan het college verantwoorden dat de hoogste bestuursrechter moet ingrijpen om de raad alsnog bij de besluitvorming te betrekken?
Antwoord:
De gemeenteraad is bij de besluitvorming betrokken, zie het antwoord op vraag 6.
De Raad van State heeft echter geoordeeld dat de informatievoorziening aan de raad hierbij niet volledig was en dat in de besluitvorming het plan van kopers meegewogen had moeten worden. Uit de uitspraak blijkt dat de gemeenteraad een nieuw besluit moet nemen over het vaststellen van het bestemmingsplan.
Vraag 8 Welke lessen trekt het college uit dit signaal van de Raad van State en welke waarborgen worden genomen om te voorkomen dat de gemeenteraad in de toekomst opnieuw wordt gepasseerd?
Antwoord:
Indien aan de orde zal het college, in vergelijkbare situaties, de raad vollediger informeren.
Vraag 9 Heeft het college overwogen om excuses aan te bieden richting de gemeenteraad voor de gang van zaken? Zo nee, waarom niet?
Antwoord:
Nee, dat hebben wij niet overwogen.
Er is geen sprake geweest van het passeren van de raad in de besluitvorming (zie antwoord vraag 4), noch van bewust of opzettelijk achterhouden van informatie aan de raad. Er is naar eer en geweten geadviseerd binnen de beleidskaders zoals die op dat moment werden gehanteerd en op basis van het door Woonstichting Stek ingediende verzoek tot bestemmingswijziging.
Het college heeft op 22 september 2025 een vragen half uur georganiseerd over het oordeel van de RvS om de raad direct te informeren en de gelegenheid te bieden om vragen te stellen.
Vraag 10:
Is het college van mening dat de handelswijze in dit dossier afbreuk doet aan de democratische controle door de gemeenteraad? Graag een gemotiveerd antwoord.
Antwoord:
De formele besluitvorming is via de raad verlopen. Echter, op basis van de uitspraak van de Raad van State kan geconcludeerd worden dat de informatievoorziening aan de raad vollediger had moeten zijn. De Raad van State biedt hiervoor de mogelijkheid van een herstelbesluit.
Vraag 11:
Welke gevolgen heeft dit oordeel van de Raad van State voor de rechtspositie van de betrokken initiatiefnemer(s) en voor andere projecten binnen de gemeente die op een vergelijkbare manier zijn behandeld?
Antwoord:
De uitspraak van de Raad van State is een zogenaamde ‘tussenuitspraak’ en stel de raad in de gelegenheid het gebrek in het besluit over de vaststelling van het bestemmingsplan te herstellen. Vervolgens kunnen appelanten (Woonstichting Stek en kopers) zienswijzen indienen op dit herstelbesluit en doet de Raad van State daarna einduitspraak.
In reactie op het tweede deel van de vraag: Bij relevante andere projecten zal het college de strekking van de uitspraak van de Raad van State in acht nemen.
Vraag 12:
Acht het college het nodig om een externe juridische toetsing of onderzoek te laten uitvoeren naar de interne besluitvorming en communicatie rond dit dossier?
Antwoord:
Nee dit acht het college niet nodig.
Datum afhandeling raadsvergadering:
Bijlagen:…
Bron: raadsinformatie van de gemeente Teylingen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.