woningen in aanbouw
Een raadslid stelde op 20 april 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Waddinxveen (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- De schriftelijke vragen volgens artikel 32 van het Reglement van Orde van de raad van de VVD over de woningen in aanbouw met OZB-tarief niet-woningen worden met de brief… → Het gaat voor belastingjaar 2023 (met aanslagen dagtekening 23-2-2023 en 31-3-2023) om: •120 percelen grond met een niet-woning-tarief en •488 woningen in aanbouw (waarvan minimaal de…
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Collegevoorstel Zaakkenmerk: 12563 Documentkenmerk: 12565 Onderwerp: Beantwoording schriftelijke vragen artikel 32 RvO van de VVD Portefeuillehouder: Femke Vleij Datum college: 18 april 2023 Openbaarheid: Openbaar Onderwerp Beantwoording schriftelijke vragen artikel 32 RvO van de VVD over woningen in aanbouw Voorgesteld besluit
Vragen en antwoorden
Vraag 1
De schriftelijke vragen volgens artikel 32 van het Reglement van Orde van de raad van de VVD over de woningen in aanbouw met OZB-tarief niet-woningen worden met de brief in dit voorstel beantwoord. Inleiding Geachte mevrouw Van der Ploeg, In uw brief van 23 maart 2023 stelt u, namens uw fractie, schriftelijke vragen volgens artikel 32 van het Reglement van Orde van de raad. Hieronder geven wij u antwoord op de vragen met betrekking tot woningen in aanbouw met OZB-tarief niet-woningen. Vraag 1 Hoeveel woningen in aanbouw zijn bij de laatste OZB aanslag als niet-woningen beschouwd?
Antwoord van het college
Het gaat voor belastingjaar 2023 (met aanslagen dagtekening 23-2-2023 en 31-3-2023) om:
•120 percelen grond met een niet-woning-tarief en
•488 woningen in aanbouw (waarvan minimaal de eerste paal geslagen is) met het woning-tarief.
Vraag 2 Is het college het met de VVD eens dat ook woningen in aanbouw onder de tariefgroep woningen dient te vallen?
Antwoord:
De woningen in aanbouw vallen inderdaad onder het woning-tarief. Voor percelen grond(nog niet bebouwde bouwgrond) is nog geen sprake van een woning in aanbouw, waarvoor hier het niet-woning tarief geldt.
Vraag 3
Hoe komt het dat woningen in aanbouw voor de OZB onder het tarief niet-woningen zijn gerekend?
Antwoord:
Voor de fase in aanbouw bij woningen hebben we te maken met 2 verschillende situaties:
•De situatie dat er sprake is van nog niet bebouwde bouwgrond (voorafgaand aan het slaan van de eerste paal): dan is er volgens de huidige jurisprudentie (en dus ‘wetgeving’ die gevolgd moet worden) geen sprake van een woning en dus van een niet-woning waarop het niet-woning tarief van toepassing is.
•De situatie na het slaan van de eerste paal; vanaf dat moment wordt de woning voor het woningtarief aangeslagen omdat er op basis van dezelfde jurisprudentie sprake is van een woning.
Het gevolg is dus dat percelen grond waar binnenkort een woning op wordt gebouwd, tot het slaan van de eerste paal, als niet-woning worden aangeslagen en daarna als een woning. Inwoners hebben daar dus (alleen) last van als deze voor 1 januari een stuk grond koopt en na 1 januari de eerste paal wordt geslagen. Als voor 1 januari de eerste paal wordt geslagen, is het op 1 januari een woning (in aanbouw) en wordt het woningentarief toegepast.
Bovenstaande is gebaseerd op uitspraken (jurisprudentie) van Gerechtshoven en de Hoge Raad (zie bijlage).
Vraag 4 Wat gaat het college er aan doen om de woningen in aanbouw die voor de laatste OZBaanslag als niet-woning zijn gerekend te compenseren?
Antwoord:
Zoals geantwoord bij vraag 3 is er sprake van huidige jurisprudentie (en dus "wetgeving" die gevolgd moet worden). Het compenseren van het verschil tussen niet-woning tarief en woning tarief bij de huidige opgelegde OZB-aanslagen brengt rechtsongelijkheid met zich mee, voor de belastingplichtige die in het verleden het OZB tarief niet-woningen hebben betaald voor een in aanbouw zijnde woning.
Advies De schriftelijke vragen van de VVD volgens artikel 32 van het Reglement van Orde van de raad over de woningen in aanbouw met OZB-tarief niet-woningen worden met de brief in dit voorstel beantwoord.
Vervolg De antwoorden op de artikel 32 vragen worden via de griffier naar de indiener van de vragen en de gehele raad gestuurd.
Bijlage(n)
1. Schriftelijke vragen VVD over woningen in aanbouw met OZB-tarief niet woning Samenvatting raadsinformatie en pers
Op 23 maart 2023 stelde de fractie van de VVD schriftelijke vragen volgens artikel 32 van het Reglement van Orde van de raad over woningen in aanbouw met OZB-tarief nietwoning. De vragen worden met dit collegevoorstel/-besluit beantwoord
Bron: raadsinformatie van de gemeente Waddinxveen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.