schriftelijke vragen PVV - Duidelijkheid bouw woonwagenkamp Rokkeveenseweg Zuid
Een raadslid stelde op 7 augustus 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Aan De gemeenteraad van Zoetermeer
Zaakid 2025-111278
Van Het college/ Wethouder Weerwag
Datum 19 augustus 2025
Onderwerp Beantwoording schriftelijke vragen fractie PVV d.d. 7 augustus over "Duidelijkheid bouw woonwagenkamp Rokkeveenseweg Zuid"
Bijlagen
Inleiding De woonwagenlocatie aan de Rokkeveenseweg Zuid is in erfpacht uitgegeven aan de corporatie. De corporatie is daarmee eigenaar en primair verantwoordelijk voor inrichting, beheer en onderhoud. De gemeente heeft een rol bij de toewijzing van standplaatsen, vergunningverlening en het toezicht op naleving van wettelijke kaders.
Vraag 1 Kan het college bevestigen dat op 25 februari 2025 een aanvraag voor een omgevingsvergunning is ingediend?
Antwoord 1 Ja. Op 25 februari 2025 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor het plaatsen van een nieuwe woonwagen op het perceel Rokkeveenseweg Zuid 125.
Vraag 2 Waarom is op 15 april 2025 pas besloten de beslistermijn met zes weken te verlengen?
Antwoord 2 Op 15 april 2025 is de beslistermijn verlengd met zes weken omdat aanvullende adviezen nodig waren voor een zorgvuldige beoordeling.
In de periode tussen 15 april en 29 juni is er geen communicatie geweest richting de aanvrager. In deze periode is wel advies gevraagd aan de brandweer en is de juridische planologische toetsnota geschreven.
Hierover had de aanvrager geïnformeerd moeten worden.
Zie ook vervolg bij het antwoord op vraag 3.
1
Vraag 3 Waarom is er nog geen besluit genomen over de vergunning en waarom is niet gereageerd op de ingebrekestelling van 29 juni 2025?
Antwoord 3 De ingebrekestelling is op 29 juni 2025 ontvangen. Er zijn aanvullende afstemmingen en aanpassingen aan de aanvraag nodig om tot een volledig besluit te komen. Met de aanvrager wordt op korte termijn een gesprek ingepland om deze punten te bespreken en een tijdpad voor afhandeling vast te leggen. Het college erkent dat de communicatie vanuit de gemeente in deze periode tekort is geschoten en zullen hiervoor in het gesprek met de aanvrager onze excuses aanbieden. De aanvrager is hier inmiddels telefonisch over geïnformeerd.
Vraag 4 Op basis waarvan zijn de huurprijzen van de drie nieuwe standplaatsen vastgesteld?
Antwoord 4 De huurprijzen worden door de corporatie vastgesteld op basis van het woningwaarderingsstelsel (WWS) uit het Besluit huurprijzen woonruimte.
• De maximale huurprijs wordt bepaald aan de hand van punten voor onder meer oppervlakte, voorzieningen en ligging.
• De feitelijke huur mag niet boven deze maximale huurprijs uitkomen.
• Bij nieuwe verhuring wordt de puntentelling opnieuw vastgesteld, wat kan leiden tot een hogere huurprijs dan bij langdurig bestaande huurovereenkomsten.
Vraag 5 Waarom is het voorstel om slechts twee standplaatsen te realiseren genegeerd?
Antwoord 5 Het landelijke woonwagenbeleid staat geen vermindering van het aantal standplaatsen toe.
De gemeente onderstreept het belang voor deze doelgroep om geen vermindering toe te staan. De gemeente heeft regelmatig met bewoners gesproken over de mogelijkheden, maar het woonwagenbeleid en de beschikbare ruimte laat geen inrichting toe met minder standplaatsen.
Vraag 6 Waarom is het door bewoners ingediende plan in juni 2024 zonder motivering afgewezen?
Antwoord 6 Het plan is regelmatig besproken in gezamenlijke gesprekken met bewoners, de corporatie en de gemeente.
De gemeente en de corporatie hebben het plan beoordeeld en geconcludeerd dat het niet voldoet aan de geldende beleidskaders.
Vraag 7 Waarom is zonder overleg gestart met renovatiewerkzaamheden?
Antwoord 7 De renovatiewerkzaamheden vallen onder de verantwoordelijkheid van de corporatie. Er zijn vooraf
gezamenlijke gesprekken gevoerd met bewoners, de corporatie en de gemeente, en er is telefonisch en per e-mail informatie verstrekt.
Vraag 8 Erkent het college dat bewoners jarenlang onvoldoende zijn gehoord?
Antwoord 8 Het college snapt dat dit zo heeft gevoeld, echter is er de laatste drie jaar veel tijd geïnvesteerd om het contact te verbeteren. Er hebben gezamenlijke gesprekken plaatsgevonden met bewoners, de corporatie en de gemeente. Daarnaast is er telefonisch en per e-mail veelvuldig gecommuniceerd over de voortgang.
Vraag 9 Is het college bereid om alsnog met bewoners in gesprek te gaan en gelijkheid met andere locaties te waarborgen?
Antwoord 9 Ja. Er wordt een gesprek ingepland in het kader van de vergunningaanvraag met de aanvrager. Gelijke behandeling wordt beoordeeld binnen de kaders van het landelijke beleid en de locatiespecifieke omstandigheden.
Vraag 10 Welke structurele verbeteringen worden genomen om herhaling te voorkomen?
Antwoord 10 De gemeente zal via recent ingevoerde terugkerende woonbehoefteonderzoeken de wensen en behoeften van de woonwagengemeenschap blijven onderzoeken. De uitkomsten van deze onderzoeken vormen de input voor de verdere ontwikkeling en herijking van het gemeentelijk woonwagenbeleid, in lijn met het landelijke beleidskader.
Verder worden bewoners via gezamenlijke overleggen tussen bewoners, de corporatie en de gemeente geïnformeerd en is er binnen de gemeente een vast aanspreekpunt voor bewoners.
Vraag 11 Kan het college per ommegaande een definitief besluit communiceren over de aangevraagde omgevingsvergunning?
Antwoord 11 Na het gesprek met de aanvrager en bewoners wordt gezamenlijk een stappenplan met een tijdslijn opgesteld. Op basis daarvan wordt de aanvraag verder in behandeling genomen en worden de betrokkenen over de voortgang geïnformeerd.
Voor technische vragen kunt u zich wenden tot:
Naam : Robbert Heerings Telefoon : +31793468306 E-mailadres : [email protected]
Bron: raadsinformatie van de gemeente Zoetermeer (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.