Amendement van het lid Grinwis c.s. over bevoegdheden voor de ACM ter voorbereiding op een kostengebaseerde tariefsystematiek
Aangenomen · 127 voor, 23 tegen
Op 16 april 2024 stemde de Tweede Kamer over deze amendement. Het voorstel is aangenomen met 127 stemmen voor en 23 tegen. Voor stemden PVV, GroenLinks-PvdA, VVD, D66, BBB, CDA, SP, ChristenUnie, DENK, PvdD, SGP, Volt en JA21. Tegen stemden NSC en FVD.
Behandeld bij: Wijziging van de Omgevingswet, de Gaswet en de Warmtewet in verband met gemeentelijke instrumenten voor de warmtetransitie in de gebouwde omgeving (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie)
Ingediend door P.A. Grinwis (ChristenUnie).
Zo stemde elke partij
| Partij | Stem | Zetels |
|---|---|---|
| PVV | ✓ Voor | 37 |
| GroenLinks-PvdA | ✓ Voor | 25 |
| VVD | ✓ Voor | 24 |
| NSC | ✗ Tegen | 20 |
| D66 | ✓ Voor | 9 |
| BBB | ✓ Voor | 7 |
| CDA | ✓ Voor | 5 |
| SP | ✓ Voor | 5 |
| ChristenUnie | ✓ Voor | 3 |
| DENK | ✓ Voor | 3 |
| FVD | ✗ Tegen | 3 |
| PvdD | ✓ Voor | 3 |
| SGP | ✓ Voor | 3 |
| Volt | ✓ Voor | 2 |
| JA21 | ✓ Voor | 1 |
Andere amendementen op 16 april 2024
Amendement van het lid Erkens over het regelen dat het Rijk bij algemene maatregel van bestuur instructieregels moet stellen ten aanzien van de strikte voorwaarden waaronder er mag worden afgeweken van een overgangstermijn van 8 jaarAangenomen · 88–62Amendement van het lid Flach over het vastleggen dat warmteprogramma’s gericht worden op een doelmatige en voor eigenaren en huurders haalbare en betaalbare verduurzaming van de warmtevoorzieningAangenomen · 144–6Gewijzigd amendement van de leden Grinwis en Flach ter vervanging van nr. 14 over het opnemen van de stapsgewijze implementatie richting een op kosten gebaseerde tariefregulering van warmteVerworpen · 22–128Nader gewijzigd amendement van het lid Erkens c.s. ter vervanging van nr. 13 over het regelen dat het Rijk bij algemene maatregel van bestuur instructieregels moet stellen ten aanzien van de betaalbaarheid voor de gebouweigenaren en -gebruikers in de wijkAangenomen · 147–3
Bron: Tweede Kamer Open Data. Bij een hoofdelijke stemming is de fractiestem de meerderheid van de leden.