Motie van het lid Dral over jeugdbeschermingsmaatregelen voorkomen in situaties waarin die weinig effect zullen hebben
Aangenomen · 107 voor, 43 tegen
Op 2 oktober 2025 stemde de Tweede Kamer over deze motie. Het voorstel is aangenomen met 107 stemmen voor en 43 tegen. Voor stemden GroenLinks-PvdA, VVD, NSC, D66, BBB, CDA, SP, FVD, PvdD, SGP, Volt en JA21. Tegen stemden PVV, ChristenUnie en DENK.
In het kort
Wat vraagt de motie?
- Verzoekt de regering om met de Raad voor de Kinderbescherming, de gecertificeerde instellingen en lokale teams in gesprek te gaan over hoe kan worden voorkomen dat er jeugdbeschermingsmaatregelen worden uitgesproken in situaties waarin de inzet van jeugdbescherming naar verwachting weinig effect zal hebben, en deze organisaties te vragen om de uitkomsten hiervan uiterlijk maart 2026 terug te rapporteren aan de regering
- Verzoekt de regering gemeenten te stimuleren om stevige lokale teams te organiseren die breed analyseren wat nodig is, bijvoorbeeld indien er primair sprake is van problematiek bij ouders (schulden, ggz, echtscheiding) en kinderen hierbij niet enkel richting jeugdzorg te verwijzen, en gemeenten te vragen om de resultaten hiervan uiterlijk maart 2026 terug te rapporteren aan de regering
Aanleiding
Overwegende dat een deel van de caseload in de jeugdzorg en jeugdbescherming bestaat uit problemen bij ouders, zoals armoede, schulden, psychische problematiek, verslaving, woningnood en vechtscheidingen
Overgenomen uit de tekst zelf, zonder eigen interpretatie.
Behandeld bij: Jeugdzorg
Ingediend door R.M. Dral (VVD).
Zo stemde elke partij
| Partij | Stem | Zetels |
|---|---|---|
| PVV | ✗ Tegen | 37 |
| GroenLinks-PvdA | ✓ Voor | 25 |
| VVD | ✓ Voor | 24 |
| NSC | ✓ Voor | 19 |
| D66 | ✓ Voor | 9 |
| BBB | ✓ Voor | 8 |
| CDA | ✓ Voor | 5 |
| SP | ✓ Voor | 5 |
| ChristenUnie | ✗ Tegen | 3 |
| DENK | ✗ Tegen | 3 |
| FVD | ✓ Voor | 3 |
| PvdD | ✓ Voor | 3 |
| SGP | ✓ Voor | 3 |
| Volt | ✓ Voor | 2 |
| JA21 | ✓ Voor | 1 |
Andere motieen op 2 oktober 2025
Alle stemmingen in oktober 2025
Bron: Tweede Kamer Open Data. Bij een hoofdelijke stemming is de fractiestem de meerderheid van de leden.