Motie van het lid Flach c.s. over met het ministerie van OCW en veldpartijen het scenario van een nieuwe opleidingsplek voor tandartsen in Rotterdam uitwerken
Verworpen · 58 voor, 92 tegen
Op 11 juni 2024 stemde de Tweede Kamer over deze motie. Het voorstel is verworpen met 58 stemmen voor en 92 tegen. Voor stemden GroenLinks-PvdA, BBB, CDA, SP, ChristenUnie, DENK, FVD, PvdD, SGP en JA21. Tegen stemden PVV, VVD, NSC, D66 en Volt.
In het kort
Wat vraagt de motie?
- Verzoekt de regering om samen het Ministerie van OCW en de veldpartijen het scenario van een nieuwe opleidingsplek in Rotterdam uit te werken, zodat inzichtelijk wordt wat er (financieel) voor nodig is om dit te realiseren, en de Kamer hierover voor Prinsjesdag te informeren
Aanleiding
Constaterende dat er in bepaalde regio’s, waaronder Zeeland, sprake is van een tekort aan tandartsen, waardoor de tandartszorg onder druk staat
Overgenomen uit de tekst zelf, zonder eigen interpretatie.
Behandeld bij: Voorjaarsnota 2024
Ingediend door A.J. Flach (SGP).
Zo stemde elke partij
| Partij | Stem | Zetels |
|---|---|---|
| PVV | ✗ Tegen | 37 |
| GroenLinks-PvdA | ✓ Voor | 25 |
| VVD | ✗ Tegen | 24 |
| NSC | ✗ Tegen | 20 |
| D66 | ✗ Tegen | 9 |
| BBB | ✓ Voor | 7 |
| CDA | ✓ Voor | 5 |
| SP | ✓ Voor | 5 |
| ChristenUnie | ✓ Voor | 3 |
| DENK | ✓ Voor | 3 |
| FVD | ✓ Voor | 3 |
| PvdD | ✓ Voor | 3 |
| SGP | ✓ Voor | 3 |
| Volt | ✗ Tegen | 2 |
| JA21 | ✓ Voor | 1 |
Andere motieen op 11 juni 2024
Motie van het lid Daniëlle Jansen over een resultaatsverplichting verbinden aan de investering in valpreventieAangenomen · 138–12Motie van de leden Daniëlle Jansen en Welzijn over onderzoek verrichten naar de invloed van de woonsituatie van ouderen op valaccidenten bij ouderenAangenomen · 138–12Motie van de leden Tseggai en Stultiens over onbetaalde stages verbiedenVerworpen · 47–103Motie van het lid Ceder over de wachttijd voor asielzoekers voor toetreding tot de arbeidsmarkt verkorten naar drie maandenVerworpen · 50–100Motie van het lid Erkens c.s. over de strategie voor de Nederlandse defensie-industrie herijken en duidelijke keuzes maken op het gebied van specialisatieAangenomen · 136–14Motie van het lid Erkens c.s. over zich committeren aan de samenwerking met Damen en partners voor de oppervlakteschepenAangenomen · 141–9Motie van het lid Van Oostenbruggen c.s. over de programmaorganisatie en programmabeheersing inrichten volgens de aanbevelingen van de ADR en de ADR een rol geven in de monitoring van het ICAAangenomen · 147–3Motie van de leden Tuinman en Erkens over het uitwerken van een onderhoudsstrategie voor de onderzeebotenAangenomen · 147–3Motie van de leden Tuinman en Van Oostenbruggen over zo spoedig mogelijk beginnen met een evaluatiefase van defensiematerieelprojecten en daarin meenemen hoe het gebruik van non-disclosure agreements kan worden geminimaliseerdAangenomen · 150–0Motie van het lid Stoffer c.s. over het besluit over de definitieve gunning van de opdracht tot bouw van de onderzeeboten overlaten aan een volgend kabinetVerworpen · 43–107Motie van het lid Stoffer over een onderzoek door de Europese Commissie naar ongeoorloofde staatssteun bij Naval GroupVerworpen · 9–141Motie van het lid Stoffer over het door de ADR laten toetsen van de hardheid van de met Nederlandse bedrijven overeengekomen afspraken in de ICA'sVerworpen · 15–135
Bron: Tweede Kamer Open Data. Bij een hoofdelijke stemming is de fractiestem de meerderheid van de leden.