Motie van het lid Van der Plas over uitspreken dat stikstofreductie niet gelijkgesteld kan worden aan natuurherstel
Verworpen · 54 voor, 96 tegen
Op 24 maart 2026 stemde de Tweede Kamer over deze motie. Het voorstel is verworpen met 54 stemmen voor en 96 tegen. Voor stemden PVV, JA21, FVD, Groep Markuszower, BBB, ChristenUnie, SGP, 50PLUS en Keijzer. Tegen stemden D66, VVD, GroenLinks-PvdA, CDA, DENK, PvdD, SP en Volt.
In het kort
Wat vraagt de motie?
- Spreekt uit dat stikstofreductie niet gelijkgesteld kan worden aan natuurherstel en dat de staat en ontwikkeling van natuurgebieden primair beoordeeld moeten worden op hun feitelijke ecologische kwaliteit en het gevoerde natuurbeheer
Aanleiding
Constaterende dat stikstofreductie in het huidige beleid vaak wordt gepresenteerd als noodzakelijke voorwaarde voor natuurherstel
Overgenomen uit de tekst zelf, zonder eigen interpretatie.
Behandeld bij: Problematiek rondom stikstof en PFAS
Ingediend door C.A.M. van der Plas (BBB).
Zo stemde elke partij
| Partij | Stem | Zetels |
|---|---|---|
| D66 | ✗ Tegen | 26 |
| VVD | ✗ Tegen | 22 |
| GroenLinks-PvdA | ✗ Tegen | 20 |
| PVV | ✓ Voor | 19 |
| CDA | ✗ Tegen | 18 |
| JA21 | ✓ Voor | 9 |
| FVD | ✓ Voor | 7 |
| Groep Markuszower | ✓ Voor | 7 |
| BBB | ✓ Voor | 3 |
| ChristenUnie | ✓ Voor | 3 |
| DENK | ✗ Tegen | 3 |
| PvdD | ✗ Tegen | 3 |
| SGP | ✓ Voor | 3 |
| SP | ✗ Tegen | 3 |
| 50PLUS | ✓ Voor | 2 |
| Keijzer | ✓ Voor | 1 |
| Volt | ✗ Tegen | 1 |
Andere motieen op 24 maart 2026
Motie van het lid Van der Plas over de geldkraan dichtdraaien voor culturele instellingen, groepen en organisaties die Israëlische en Joodse artiesten of instellingen boycottenVerworpen · 67–83Motie van het lid Van der Plas over wolven die meer dan één keer een wolfwerend hek omzeilen als probleemwolf aanmerkenVerworpen · 74–75Motie van het lid Ceder over het Online Outreach Programma voor 2026 voortzetten met als dekking onderuitputting op de begroting van JenVAangenomen · 98–52Motie van de leden Nobel en Flach over gemeenten stimuleren en belonen om alternatieve huisvesting te realiseren voor statushouders en andere doelgroepen die een flexibele woning nodig hebbenAangenomen · 87–63Motie van de leden Nobel en Steen over voorrang op bestaande regelingen voor gemeenten die de doelstelling van minimaal 25% aan betaalbare koopwoningen behalenAangenomen · 121–29Motie van de leden Flach en Nobel over knelpunten inventariseren bij vergunningverlening voor (woning)bouwprojectenAangenomen · 147–3Motie van het lid Mooiman over vastleggen dat ook bij betaalbare koop de minimale instandhoudingstermijn start vanaf de ingebruikname van de woningVerworpen · 60–90Motie van het lid Mooiman over vastleggen dat door het Rijk verzamelde woongegevens ook op gemeentelijk niveau beschikbaar worden gesteldAangenomen · 141–9Motie van het lid Mooiman over een haalbaarheidsonderzoek naar samenwerking tussen Nederlandse en Vlaamse gemeenten inzake versterking van de uitvoeringscapaciteit om woningbouw te versnellenAangenomen · 147–3Motie van het lid Clemminck over het wetsvoorstel dat de mogelijkheid tot voorrang van statushouders bij sociale huurwoningen beëindigt spoedig in procedure brengenVerworpen · 51–99Motie van het lid Clemminck over in het Besluit volkshuisvesting opnemen dat twee derde van de nieuwbouw betaalbaar is, waarvan 25% sociale huurVerworpen · 19–131Motie van het lid Clemminck over geen rijksbijdragen voor woningbouwprojecten in gemeenten die verdergaande betaalbaarheidseisen hanteren dan de landelijke normVerworpen · 41–109
Bron: Tweede Kamer Open Data. Bij een hoofdelijke stemming is de fractiestem de meerderheid van de leden.