1118829 Beantwoording vragen webinar mbt Kadernota 2026 - Raadsleden 13 januari 2025
Een raadslid stelde op 19 februari 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Baarn (7 vragen).
In het kort
7 vragen en wat het college antwoordt
- Veerkracht en weerbaarheid Veerkracht: wat is dat nou eigenlijk? → In het Nederlands gebruiken we twee verschillende woorden die samen omschrijven wat we proberen te bereiken, zowel veerkracht als weerbaarheid.
- Klimaatverandering Is klimaatverandering een oorzaak of een verzwaring van de risico's? → Klimaatverandering wordt gezien als een verzwaring van bestaande risico’s.
- Toekomstscenario’s Is het scenario ‘op koers’ niet te bescheiden? → Zijn investeringen voor toekomstbestendigheid voldoende gewaarborgd?
- Communicatie 4 Communiceren jullie nog steeds via X (Twitter)? → We communiceren primair via onze eigen kanalen, zoals onze website, waarbij berichten tevens kunnen worden gedeeld (gepusht) via sociaal mediakanalen vanwege het bereik.
- Financiën en Gemeentelijke Bijdragen Hoe gaat de gemeentelijke bijdrage aan de VRU zich ontwikkelen? → Is er sprake van een trend?
- Vrijwilligers en Opleiding Waarom heeft de VRU zo’n groot aandeel vrijwilligers in vergelijking met andere veiligheidsregio’s? → Wat doen jullie anders?
- Overig Waarom wordt er geen uitruktarief of kosten bij loos alarm gehanteerd? → In het verleden is al veel gedaan om het aantal nodeloze uitrukken terug te dringen.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Beantwoording vragen webinar van 13 januari 2025 voor raadsleden Hieronder een overzicht van de vragen die tijdens het webinar zijn gesteld over ‘veerkracht, toekomstscenario’s en kadernota 2026 VRU’.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Veerkracht en weerbaarheid Veerkracht: wat is dat nou eigenlijk?
Antwoord van het college
In het Nederlands gebruiken we twee verschillende woorden die samen omschrijven wat we proberen te bereiken, zowel veerkracht als weerbaarheid. In het Engels gebruikt men daar de mooie overkoepelende term ‘resilience’ voor.
Weerbaarheid is het incasseringsvermogen van de maatschappij tijdens een crisissituatie, en veerkracht gaat over het vermogen van de maatschappij om na een crisis weer terug te veren en adequaat te reageren.
Hanteert de VRU een bepaalde norm om een veerkrachtige samenleving te zijn?
De NAVO, waar Nederland onderdeel van uitmaakt, heeft een aantal jaar geleden een aantal weerbaarheidseisen opgesteld waar elk NAVO-lidstaat aan moet voldoen om veerkrachtig en weerbaar om te gaan met verstoringen. Deze zeven vereisten zijn gericht op de weerbaarheid van onze energievoorzieningen, communicatievoorzieningen, transportsystemen en voedsel- en watersystemen.
Ook raken de eisen aan hoe een lidstaat om gaat met grote aantallen slachtoffers en vluchtelingenstromen. Deze eisen zijn opgesteld om lidstaten zelf weerbaarder te maken zodat er niet snel een beroep hoeft te worden gedaan op de militaire NAVO-capaciteit.
De NAVO-eisen komen overeen met de vijf maatschappelijke basisbehoeftes die de VRU hanteert tijdens een crisis: veiligheid, gezondheid, basisbehoeften (bed, bad, brood, breedband), welzijn en continuïteit van de samenleving. Als we deze basisbehoeften kunnen garanderen zijn we als land weerbaar en veerkrachtig.
Deze vijf maatschappelijke behoeftes en de zeven NAVO-eisen vormen daarom de basis van het werk dat de VRU doet rondom veerkracht.
Wat doen we op dit moment om de bereikbaarheid van de hulpdiensten te waarborgen met het risico van cyberaanvallen?
Bedrijfscontinuïteit is een absolute prioriteit van de VRU. Als we onze eigen continuïteit (en dus de inzet van de brandweer en crisisorganisatie) niet kunnen waarborgen, kan de samenleving niet op ons rekenen tijdens een crisis. Hier besteden we dus veel aandacht aan. We onderzoeken hoe we kunnen blijven functioneren bij langdurige stroom- of internetuitval, en welke noodscenario’s we
AdresArchimedeslaan 6 3584 BA Utrecht Post Postbus 3154 3502 GD Utrecht Contact 088 878 1000 [email protected]
IBAN N L 8111.97.955B01 KVK 51817330
Veiligheidsregio Utrecht @vrutrecht @vrubrandweer
1
kunnen inzetten bij eventuele uitval, zoals ouderwetse communicatiemiddelen (sirenes) of herkenbare hulplocaties voor inwoners, zoals brandweerkazernes.
Kijken we voor samenwerking ook over de regiogrenzen heen?
Ja, dit onderwerp krijgt landelijk én internationaal veel aandacht. In Nederland werken de 25 veiligheidsregio's veel samen met andere hulpdiensten zoals de politie en Defensie, en zorgen we dat we van elkaar leren. Het ministerie van Justitie en Veiligheid is deels sturend hierin, en heeft de veiligheidsregio's gevraagd om een belangrijke rol te vervullen in het versterken van de weerbaarheid van de samenleving. Samen met de andere regio's kijken we hoe we hier het beste invullen aan kunnen geven.
Hoe verhoudt het programma Veerkracht zich tot integrale veiligheidsplannen van gemeenten?
De VRU werkt voor en met de 26 gemeenten in de regio Utrecht. Ook binnen het programma Veerkracht werken we nauw samen, de gemeenten vervullen een belangrijke rol als het gaat over communicatie naar inwoners, het bouwen van sterke lokale netwerken en het bevorderen van veerkracht. Gemeenten kunnen dit onderwerp bijvoorbeeld opnemen in hun integrale veiligheidsplannen, zo werken we aan een gezamenlijke doelstelling. De VRU vertaalt de integrale veiligheidsplannen naar een regionale visie op risico’s en geeft handvatten voor gemeentelijk beleid.
Wordt dat noodpakket wel serieus genomen door de bevolking? Kunnen gemeenten niet als steunpunt fungeren voor het opslaan van die pakketten?
Het doel van de campagne Denk Vooruit is niet om angst te creëren, maar om mensen te laten nadenken over hun eigen voorbereiding. Een noodpakket is hierbij een concreet voorbeeld, maar er zijn nog veel meer voorbeelden. Het uitgangspunt is dat inwoners zichzelf 48 uur kunnen redden als de stroom of het water uitvalt. De gemeenten en de VRU richten zich in een noodsituatie op inwoners die niet zelfredzaam zijn, dus door een noodpakket in huis te halen help je jezelf én de hulpdiensten.
Gaat er een soort Ministerie van Veerkracht worden opgericht?
Nee, dat is niet de bedoeling. Het gaat erom dat we inwoners een goed en helder handelingsperspectief bieden: wat moet je doen en vooral wat moet je niet doen in een noodsituatie? Maak jezelf en anderen om je heen weerbaar.
Hoe ervaren gemeenten de zelfredzaamheid van inwoners?
Er is een groeiend besef dat zelfredzaamheid belangrijk is. Bij incidenten, zoals de valwind bij Leersum (gemeente Utrechtse Heuvelrug) van twee jaar geleden, bleek dat mensen elkaar op grote schaal hielpen. Er was een groot besef van gemeenschap en samenredzaamheid. Het is niet realistisch om van de overheid te verwachten dat die alles oplost. Gemeenten ondersteunen dit bewustzijn onder inwoners actief en helpen hen waar nodig.
2
Moeten we burgers stimuleren om buurtapps te gebruiken?
Buurtapps worden steeds belangrijker in lokale communicatie en kunnen bijdragen aan een beter bereik van inwoners. Maar we moeten ook nadenken of deze blijven werken bij stroom- of internetuitval. Ze helpen ons, maar vervangen niet het ouderwetse fysieke één-op-één contact. Sociale media zijn en blijven een belangrijk kanaal voor risicocommunicatie, naast NL-Alert en andere communicatiemiddelen.
Wat doen we als mobiele telefoons uitvallen?
Als overheid denkt de VRU na over alternatieve methodes naast waarschuwing via NL-Alert, zoals de sirenes. Deze sirenes noemen we WAS-palen (waarschuwingsen alarmeringssysteem). Er wordt landelijk gesproken over afschaffing van de WAS-palen, maar door recente ontwikkelingen en de oorlog in Oekraïne wordt het nut en de noodzaak momenteel opnieuw overwogen.
Vraag 2
Klimaatverandering Is klimaatverandering een oorzaak of een verzwaring van de risico's?
Antwoord van het college
Klimaatverandering wordt gezien als een verzwaring van bestaande risico’s.
Extreme weersomstandigheden, zoals hittegolven, hevige regenval, en stormen, hebben impact op de veerkracht en veiligheidsvraagstukken binnen de regio.
Speelt andere vegetatie en andere hulpmiddelen een rol bij de toekomstscenario’s?
Ja, toekomstscenario’s houden rekening met veranderende omstandigheden, zoals een verschuiving in vegetatie en de daarbij behorende benodigde middelen.
Dit speelt bijvoorbeeld een rol in de repressieve aanpak en preventieve maatregelen.
Vraag 3
Toekomstscenario’s Is het scenario ‘op koers’ niet te bescheiden?
Antwoord van het college
Zijn investeringen voor toekomstbestendigheid voldoende gewaarborgd?
Het scenario ‘op koers’ is gebaseerd op de bestuursagenda 2024-2027. Hierin wordt een balans gezocht tussen haalbare investeringen en toekomstbestendige veiligheidsmaatregelen. Gelet op de financiële situatie van de gemeenten zijn de investeringen zoveel mogelijk beperkt. De bestuursagenda 2024-2027 is te raadplegen via deze link.
Hoe bereiden we ons als veiligheidsregio voor op de toekomst?
Uiteraard hoort bij ons werk om ons steeds aan te passen aan de veranderende omstandigheden en ons te prepareren op bestaande en nieuwe risico's. We hebben voor de komende jaren onze bestuursagenda opgesteld met daarin onze koers voor te toekomst. Deze bestuursagenda is gebaseerd op ons (regionale) risicoprofiel dat periodiek wordt geactualiseerd. Om uitvoering te geven aan onze
3
bestuursagenda en de bestuurlijke keuzes in beeld te brengen hebben we de toekomstscenario’s uitgewerkt. We betrekken gemeenten hierbij, zodat we gezamenlijk keuzes kunnen maken over risico’s en middelen.
Welke uitdagingen brengt bevolkingsgroei met zich mee?
Onze veiligheidsregio is de grootste van Nederland en omvat stedelijk, agrarisch en natuurgebieden. Dit maakt crisisbeheersing complexer. Nieuwe risico’s, zoals zonnepanelen en elektrische voertuigen, vragen om aangepaste brandweerprotocollen. Ook zien we dat er grote nieuwe wijken worden ontwikkeld.
We moeten daar op inspelen met de locaties van onze brandweerposten om ervoor te zorgen dat de wettelijke normtijden ook in de toekomst worden gehaald.
Dit kan ook investeringen vergen, zoals we voorzien in Amersfoort Noord.
Hoe verandert de rol van de veiligheidsregio?
Naast klassieke taken zoals brandbestrijding en risicobeheersing hebben we extra verantwoordelijkheden gekregen, zoals crisiscoördinatie bij pandemieën en opvang van ontheemden. Om goed voorbereid te zijn op de toekomstige crises die steeds vaker langdurig en steeds complexer zijn, zijn aanvullende middelen van het rijk beschikbaar gesteld om de crisisorganisatie en informatievoorziening te versterken.
Zijn er taken die extra druk leggen op de veiligheidsregio?
Ja, bijvoorbeeld reanimatie. We doen dit met volle inzet, vaak sneller dan ambulances. Dit heeft echter wel een mentale impact op onze vrijwilligers. Dit zien wij ook terug in het aantal brandweercollega's met PTSS.
Waarom is er een verschil tussen de scenario's 'op orde' en 'op koers'?
Op orde bevat de investeringen die nodig zijn om onze huidige taken te kunnen blijven uitvoeren. Het op koers scenario bevat aanvullende investeringen die voorkomen uit de bestuursagenda. Het verschil is klein, omdat er in het op orde scenario ook aanvullende besparingsopties zijn opgenomen, zodat per saldo het financiële verschil tussen beide scenario's beperkt is.
Zijn we niet te ambitieus met het scenario 'op koers'?
De ambitie zit niet in luxe, maar in het inspelen op veranderende eisen aan de brandweer en crisisbeheersing. Gezien de beperkte financiële ruimte is het scenario al maximaal haalbaar zonder extra risico’s voor de dienstverlening.
Wat zijn de belangrijkste toekomstige uitdagingen voor de regio?
We moeten blijven inspelen op groeiende risico’s, zoals cyberdreigingen, toenemende bouw en bevolkingsgroei. Daarnaast vragen taken zoals reanimatie, liftopsluitingen en ondersteuning bij ambulancezorg om evaluatie en mogelijke aanpassing van financiering.
Vraag 4
Communicatie 4 Communiceren jullie nog steeds via X (Twitter)?
Antwoord van het college
We communiceren primair via onze eigen kanalen, zoals onze website, waarbij berichten tevens kunnen worden gedeeld (gepusht) via sociaal mediakanalen vanwege het bereik.
Vraag 5
Financiën en Gemeentelijke Bijdragen Hoe gaat de gemeentelijke bijdrage aan de VRU zich ontwikkelen?
Antwoord van het college
Is er sprake van een trend?
De gemeentelijke bijdrage is niet gebaseerd op een vast bedrag per inwoner.
Verwacht wordt dat de gemeentelijke bijdragen in de toekomst verder zullen stijgen, onder andere door indexering als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen (inflatie). De verdeling van de individuele bijdrage per gemeente gebeurt op basis van parameters uit het gemeentefonds, zoals woonruimten en bedrijfsvestigingen.
Bezuinigt het Rijk ook op veiligheidsregio’s? Is er compensatie voor uitbreiding van taken?
Er is op dit moment nog geen duidelijkheid over bezuinigingen of compensatie vanuit het Rijk. Wel blijft het een belangrijk aandachtspunt bij onderhandelingen.
Hoe zit het met de financiering van de veiligheidsregio?
De veiligheidsregio's worden voor het grootste deel betaald door de deelnemende gemeenten. Ongeveer 10% van de inkomsten bestaat uit de rijksbijdrage.
Wat is het verschil tussen de groei van het gemeentefonds en de bijdrage aan de veiligheidsregio?
Het gemeentefonds groeit mee met de regio en de bevolking, terwijl de bijdragen van gemeenten aan de veiligheidsregio niet automatisch meestijgen. We hebben jarenlang op de nullijn gezeten en incidentele meevallers teruggegeven aan gemeenten. Maar de rek is eruit, en met nieuwe taken wordt financiering een grotere uitdaging. De gemeentelijke bijdrage wordt wel gecorrigeerd voor loon- en prijsontwikkelingen maar niet voor groei als gevolg van demografische ontwikkelingen.
Hoe doen wij het financieel ten opzichte van andere veiligheidsregio's?
Uit de benchmark blijkt dat wij relatief lage kosten hebben, vooral door het efficiënte gebruik van vrijwilligers. Onze brandweerzorg is daardoor kosteneffectief vergeleken met andere regio's.
Waarom is er structureel geld nodig voor vakbekwaamheid?
Het opleiden en vakbekwaam houden van brandweermensen is een landelijke verplichting. De afgelopen jaren is gebleken dat de beschikbare middelen ontoereikend zijn om in de opleidingsbehoefte te blijven voorzien. Dit komt onder andere door de toegenomen eisen aan opleidingen, maar ook doordat de kosten
5
sneller zijn gestegen dan de prijscompensatie die wij via de gemeentelijke bijdrage ontvangen.
Waarom heeft onze regio relatief lage kosten voor brandweerzorg?
Dat komt doordat wij relatief met veel met vrijwilligers werken, wat de personele kosten aanzienlijk drukt. Landelijk staat het model van vrijwilligheid wel onder druk.
Zie ook de informatie daarover in onze risicoparagraaf.
In hoeverre bevat de kadernota nieuw beleid?
De kadernota 2026 bevat geen nieuwe beleidsontwikkelingen vanwege de tijd die nodig is voor toekomstscenario's.
Als er extra geld vanuit het Rijk zou komen, waar wil de VRU dat als eerste op investeren?
Extra middelen zouden in eerste instantie worden gebruikt om de basis op orde te brengen: investeren in versterking van de operationele capaciteit, innovatieve technologieën en preventieve maatregelen. Prioriteiten zijn vakbekwaamheid en veiligheid van mensen en waarborgen van bedrijfscontinuïteit, met name op het gebied van cyberveiligheid).
Hoe wordt omgegaan met het risico vanuit het Rijk: de zogenaamde aangekondigde 10% korting van de rijksbijdrage van de BDur?
Een aangekondigde korting van 10% op de rijksbijdrage vormt een groot financieel risico. De minister heeft eerder geprobeerd dergelijke kortingen te herstellen, maar zekerheid ontbreekt vooralsnog. We houden hier rekening mee door dit risico in de risicoparagraaf op te nemen en vervolgens te monitoren. De BDuR is onderdeel van het financieel kader zoals verwerkt in de kadernota. Een mogelijke korting van 10% op rijksbijdrage heeft een significante impact.
Hoe werkt de VRU samen met andere veiligheidsregio’s om kosten te drukken en efficiënter te werken?
Er wordt actief samengewerkt met andere veiligheidsregio’s. Op deze manier kunnen we de kosten delen of efficiëntie bevorderen. Daarbij kunnen we ook kennis uitwisselen en samen optrekken bij landelijke vraagstukken.
Hoe ziet het verdere proces eruit?
Op 2 december 2024 heeft het algemeen bestuur de kaders voor de begroting 2026 en geactualiseerde begroting 2025, zoals opgenomen in het financieel kader van de kadernota VRU 2026, vastgesteld. De toekomstscenario's zijn nog niet opgenomen in de kadernota. Maar deze zijn vanuit transparantie in concept met de raden gedeeld. De gemeenteraden worden in de gelegenheid gesteld om een zienswijze in te dienen ten aanzien van de kadernota. Het is ook mogelijk om iets meegeven over de toekomstscenario's.
De VRU gaat verder met het uitwerken van de toekomstscenario's. De toekomstscenario's worden in de komende maanden verder uitgewerkt.
6
Ondertussen krijgen wij van de raden de zienswijze terug en wordt de ontwerpbegroting voor 2026 (inclusief de geactualiseerde begroting 2025) opgesteld op basis van de kadernota. Deze koers kan wijzigen op basis van de ingediende zienswijzen op de kadernota 2026. Het bestuur zal in maart 2025 een besluit nemen over de begroting, waarbij wordt vastgesteld of de Kadernota 2026 ongewijzigd wordt verwerkt. Hierbij benadrukken wij dat het algemeen bestuur als collectief de kaders voor de begroting vaststelt. De ontwerpbegroting voor 2026, geactualiseerde begroting 2025 en de jaarstukken van 2024 gaan opnieuw voor zienswijzen naar de gemeenteraden inclusief het voorstel voor de besteding van het rekeningresultaat 2024. De definitieve vaststelling van de jaarrekening 2024 vindt plaats op 7 juli 2025. De toekomstscenario's kunnen later terugkomen in de kadernota voor 2027 of in de geactualiseerde begroting van 2026.
Vraag 6
Vrijwilligers en Opleiding Waarom heeft de VRU zo’n groot aandeel vrijwilligers in vergelijking met andere veiligheidsregio’s?
Antwoord van het college
Wat doen jullie anders?
De brandweerzorg in onze steden wordt voor een belangrijk deel nog verzorgd door vrijwilligers. Op een aantal plaatsen lopen we wel aan tegen de grenzen van dit model. Desondanks koesteren wij het huidige model van vrijwilligheid omdat de brandweerzorg daarmee niet alleen robuust is georganiseerd, maar ook zeer efficiënt. We investeren daarom veel in het boeien en binden van onze vrijwilligers bijvoorbeeld door goede opleidingsmogelijkheden te bieden. We proberen zichtbaar te zijn in de samenleving met wervingsacties en open dagen. De jeugdbrandweer speelt ook een belangrijke rol, aangezien meer dan de helft doorstroomt naar de volwassenenbrandweer.
Vrijwilligers en beroepspersoneel worden toch op dezelfde manier opgeleid?
Ja, vrijwilligers en beroepskrachten krijgen dezelfde opleiding. Hierdoor is de kwaliteit van hulpverlening consistent.
Hoe kan de VRU meer jongeren werven? Bijvoorbeeld via middelbare scholen of het Middelbaar Beroepsonderwijs.
De VRU werkt al samen met scholen om jongeren bewust te maken van brandpreventie en veiligheid. Dit wordt uitgebreid door bijvoorbeeld de jeugdbrandweer actief te promoten vanaf 11 jaar.
Vraag 7
Overig Waarom wordt er geen uitruktarief of kosten bij loos alarm gehanteerd?
Antwoord van het college
In het verleden is al veel gedaan om het aantal nodeloze uitrukken terug te dringen. Dit is ook goed gelukt. Het sturen van rekeningen blijkt hiervoor overigens niet het meest geschikte middel. Het blijkt beter te werken om samen met de veroorzakers de oorzaken te achterhalen om zo te voorkomen dat er een nodeloze uitruk is. Ook wordt op de meldkamer eerst gemeld om de melding te verifiëren. Zo
7
vangen we veel van de nodeloze uitrukken af. Voorkomen is beter dan genezen.
Uit ervaring van andere regio's weten we dat veel rekeningen uiteindelijk niet betaald worden, hetgeen leidt tot hoge incasso- en administratiekosten. Hiermee kan het uiteindelijk meer kosten dan opleveren. We onderzoeken wel of we meer van onze inzet voor het verlenen van (til)assistentie aan de ambulancedienst vergoed kunnen krijgen. Daarnaast onderzoeken we of we onze inzet bij liftopsluitingen in rekening kunnen brengen, voor zover geen sprake is van een dreigende of gevaarlijke situatie.
Hoe gaan we om met mentale belasting bij medewerkers, zoals door reanimaties?
We willen preventieve maatregelen nemen en goede zorg bieden aan medewerkers met PTSS. Dit vraagt om aandacht en mogelijk aanpassingen in de organisatie.
Waarom overwegen jullie facturering bij liftopsluitingen?
We merken dat we vaak worden gebeld voor liftopsluitingen, omdat monteurs van liftbedrijven niet snel ter plaatse kunnen zijn. Als geen sprake is van een dreigende situatie, is dit eigenlijk niet onze taak. We onderzoeken of het passend is om in dergelijke gevallen onze inzet in rekening te brengen.
Hoe kunnen we nog beter samenwerken met partners?
We willen verkennen welke samenwerkingen met andere gemeenschappelijke regelingen of partners kwetsbaarheden kunnen verminderen en efficiëntie kunnen vergroten.
8
Bron: raadsinformatie van de gemeente Baarn (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.