Passieve Informatieplicht
Een raadslid stelde op 24 februari 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Brunssum.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Hieronder de antwoorden met akkoord van de portefeuillehouder:
•
Op basis van welke juridische of beleidsmatige grondslag wordt het criterium “regelmatig gebruik” gehanteerd bij WMO-vervoer?
Dit is niet vastgelegd in beleid.
•
Is het begrip “regelmatig gebruik” vastgelegd in gemeentelijk beleid, verordening of nadere regels? Zo ja, wat is de exacte definitie?
Dit is niet vastgelegd in beleid. Wel is in de verordening (art. 10) opgenomen dat iemand in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening als er langdurige beperkingen zijn in de zelfredzaamheid of participatie, die cliënt niet zelf of met netwerk of andere voorzieningen op kan lossen. Indien uit nazorg blijkt dat iemand 11 maanden geen of slechts incidenteel gebruik heeft gemaakt van de Omnibuzz, maar toch deelneemt aan het maatschappelijk verkeer kan aangenomen worden dat de persoon toch andere oplossingen voorhanden heeft om zich te verplaatsen en lijkt hierdoor geen noodzaak voor de gemeente om te compenseren. Tevens wordt ten tijde van de melding en het onderzoek met cliënt in kaart gebracht wat de vervoersbehoefte is waarvoor zij Omnibuzz willen gebruiken. Als cliënt vervolgens bij de nazorg niet conform de opgegeven vervoersbehoefte reist wordt hier wel op doorgevraagd. Hieruit kan blijken dat cliënt toch andere oplossingen voor het vervoersprobleem heeft, of om andere redenen de Omnibuzz niet gebruikt.
•
Welke contractuele afspraken zijn met Omnibuzz gemaakt over het minimaal aantal ritten per cliënt per jaar?
Er zijn geen afspraken gemaakt over het minimaal aantal ritten. Maatwerkers van de gemeente voeren zelf periodiek nazorg uit op het gebruik.
•
Kan een lage gebruiksfrequentie, bijvoorbeeld één rit per jaar, volgens beleid of contract aanleiding zijn om een vervoersvoorziening te weigeren of in te trekken?
Zoals hierboven toegelicht, dient er een langdurige noodzaak te zijn voor een Wmo-voorziening.
Indien iemand slechts incidenteel, bijv. 1x per jaar, reist met de Omnibuzz vragen we ons af of hiervoor niet een andere, voorliggende oplossing beschikbaar is. Mensen staat altijd vrij een nieuwe melding in te dienen, waarna bij gewijzigde vervoersbehoefte het recht opnieuw toegekend kan worden.
•
Wie is formeel bevoegd om een vervoersvoorziening te weigeren of in te trekken: de gemeente of de vervoerder, en op basis van welke criteria?
Het college is bevoegd een vervoersvoorziening te weigeren o.b.v. de Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning Gemeente Brunssum 2025, artikel 11.
Omnibuzz signaleert eventuele misstanden/wangedrag. Dit geven ze vervolgens aan de gemeente door die dan verantwoordelijk is voor een eventuele intrekking. Een indicatie collectief vervoer wordt in het begin afgegeven voor de duur van 12 maanden. Na 11 maanden vindt er een nazorggesprek plaats. Hiervoor wordt enerzijds de portal van Omnibuzz geraadpleegd om de gebruikshistorie te verifiëren. Daarnaast wordt de cliënt telefonisch benaderd en wordt het gebruik van, en eventuele problemen met de voorziening besproken. Indien iemand niet conform bij beschikking vastgestelde vervoersbehoefte heeft gereisd, wordt besproken wat hier de reden van is. In overeenstemming met cliënt en medewerker kan besloten worden de indicatie tijdelijk te verlengen om cliënt bijv. de gelegenheid te geven alsnog gebruik te maken van de voorziening. Cliënt wordt er dan op gewezen dat indien geen gebruik wordt gemaakt van de voorziening, deze bij de volgende hercontrole beëindigd zal worden.
•
Worden cliënten hierover vooraf en schriftelijk geïnformeerd tijdens of na de aanvraagprocedure?
Op het moment dat iemand Omnibuzz aanvraagt en deze komt o.b.v. de weigeringsgronden artikel 11 uit de verordening Wmo niet in aanmerking dan krijgt deze een negatief besluit met daarin een onderbouwing.
Tijdens het onderzoek/melding wordt met cliënt in kaart gebracht wat de vervoersbehoefte is, en of er andere voorliggende oplossingen zijn. Cliënt wordt er tijdens het onderzoek ook door medewerker op geattendeerd dat de voorziening niet bedoeld is voor incidenteel gebruik of om helemaal niet te gebruiken. M.b.t. het aflopen van een indicatie: indien uit hercontrole blijkt dat cliënt (zonder verschoonbare reden) niet conform opgegeven vervoersbehoefte gereisd heeft, wordt cliënt hier zowel telefonisch als schriftelijk bij de tijdelijke verlenging over geïnformeerd dat de voorziening bij geen gebruik niet verlengd kan worden.
•
Hoe wordt geborgd dat deze werkwijze in lijn is met de Wmo, met name het uitgangspunt van maatwerk en individuele beoordeling?
Een maatwerkvoorziening binnen de Wmo wordt enkel verstrekt als hier noodzaak toe is. Elke casus wordt zorgvuldig onderzocht door een Wmo consulent waarin maatwerk de uitgangspositie is. Op het moment dat iemand geen gebruik maakt van Omnibuzz gaan we met cliënt in gesprek of er inderdaad noodzaak is tot een indicatie.
•
Hoe wordt voorkomen dat cliënten door deze mededelingen worden ontmoedigd om een vervoersvoorziening aan te vragen of te gebruiken?
Zoals eerder aangegeven dient er een langdurige noodzaak te zijn, en sprake te zijn van een zelfredzaamheids- of participatieprobleem om voor een voorziening in aanmerking te komen. Het college is gehouden om een zorgvuldig onderzoek te doen, maar zich daarbij ook te houden aan geldende regelgeving. Indien er geen structurele/langdurige noodzaak voor een voorziening vastgesteld kan worden, is het college niet gehouden een voorziening te verstrekken. Cliënten er op wijzen dat een voorziening waarvoor gemeenschappelijke gelden worden gebruikt niet bedoeld is om
vervolgens niet te gebruiken, maar bedoeld is om een daadwerkelijk probleem op te lossen waarvoor geen andere oplossingen beschikbaar zijn, is onzes inziens geen ontmoedigingsbeleid maar in lijn met de wetgeving en opdracht die het college heeft.
•
Hoe ziet de gemeente erop toe dat de uitvoering door Omnibuzz in lijn blijft met de uitgangspunten van de Wmo, in het bijzonder maatwerk, rechtszekerheid en proportionaliteit?
Er zijn periodieke overlegmomenten tussen Omnibuzz en de gemeente waarin we toezien op hun uitvoering in lijn met de afspraken. Daarnaast ontvangen we maandelijks rapportages waarin gebruik, klachten en overige uitvoering gerelateerde zaken in de gaten worden gehouden. Bij de hercontroles wordt er, ook al is er geen gebruik gemaakt van de voorziening, met cliënt besproken wat de reden hiervan is. Indien er sprake is van een gegronde reden, kan het college besluiten de voorziening al dan niet tijdelijk toch te verlengen. Dit zal altijd blijken uit onderzoek.
•
Is het college bereid te bevestigen dat het enkele feit van weinig of incidenteel gebruik op zichzelf geen zelfstandige grond vormt voor weigering of intrekking van een WMOvervoersvoorziening?
Zoals eerder genoemd gaat de Wmo uit van noodzaak. Op het moment dat een cliënt binnen 12 maanden geen of slechts incidenteel gebruik maakt van Omnibuzz dan gaan we in gesprek met cliënt of een indicatie Omnibuzz noodzakelijk is.
Bekijk de brief: Beantwoording Vragen VVD Brunssum inzake Passieve Informatieplicht
Bron: raadsinformatie van de gemeente Brunssum (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.