20 december 2022 · artikel 35-vragen · gemeente De Ronde Venen

221125 Memo - Toelichting en beantwoording vragen CUSGP en PvdAGL

Een raadslid stelde op 20 december 2022 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van De Ronde Venen (5 vragen).

In het kort

5 vragen en wat het college antwoordt

  • In het raadsvoorstel schrijft u dat de verordeningen nu door een externe partij gemaakt zijn; er is dus geen sprake van bijstelling op enkele punten, maar geheel… → Zie de tekst onder ‘Het proces’.
  • GBA heeft de voorgestelde (gewijzigde) verordeningen getoetst (zo begrijpen we uit het RV). → Wat waren vervolgens de bevindingen van GBA?
  • Toeristenbelasting: in de definitie van een mobiel kampeeronderkomen wordt geen onderscheid gemaakt m.b.t. eigendom. → We nemen echter aan dat met mobiel bedoeld was, een kampeeronderkomen dat de gebruiker zelf meeneemt?
  • Wie bepaalt of bij een mobiel onderkomen per nacht of per arrangement wordt afgerekend? → Bijvoorbeeld: iemand huurt een standplaats op een camping voor 6 weken (42 overnachtingen) voor zijn caravan.
  • Forensenbelasting: Informatienota - documentnummer: VAR_nummer - pagina 3 a. → Beschikbaar houden wil niet zeggen dat de woning ook echt meer dan 90 dagen zelf wordt gebruikt.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

MEMO Aan:

De gemeenteraad

Van:

Wethouders Vijselaar en Van der Greft

Datum:

23 november 2022

Onderwerp: Toelichting en beantwoording vragen ChristenUnie/SGP en PvdA/GroenLinks Kenmerk:

58388/BDA

Inleiding Aanvullend op het raadsvoorstel leest u in dit memo een toelichting op het proces ten aanzien van de totstandkoming van de Belastingverordeningen 2023. Daarnaast ontvangt u een korte toelichting op de ‘was-wordt lijsten’ die zijn toegevoegd naar aanleiding van vragen die zijn gesteld door ChristenUnie/SGP. Tot slot worden de vragen van ChristenUnie/SGP en PvdA/GroenLinks beantwoord.

Het proces Het proces voor het opstellen van de Belastingverordeningen 2023 is reeds voor de zomer gestart. Op dat moment is in beeld gebracht welke stappen nodig zijn om te komen tot kwalitatief goede verordeningen. Twee partijen hebben opdracht gekregen om ons te ondersteunen bij het opstellen van de verordeningen, namelijk:  ANG voor de verordeningen toeristen- en watertoeristenbelasting (inclusief een 

volledigheidsonderzoek);

Involon voor de overige verordeningen.

Het uitgangspunt bij het opstellen van de verordeningen zijn de Modelverordeningen van Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG). Op enkele punten heeft dit geleid tot wijzigingen die nader worden toegelicht in de ‘was-wordt lijsten’. De eerder vastgestelde verordeningen door de raad (2022) zijn ook opgesteld op basis van de Modelverordeningen, maar op sommige onderdelen niet meer actueel.

Het proces is tijdig gestart, zodat de extra toets door Gemeentebelastingen Amstelland dit keer plaats kon vinden voorafgaand aan het aanbieden van de verordeningen door het college aan de raad.

Gemeentebelastingen Amstelland heeft aangegeven uitvoering te kunnen geven aan de invordering en heffing op basis van de belastingverordeningen die aan de raad zijn voorgelegd.

Op basis van het doorlopen proces is er bij het college voldoende houvast en vertrouwen om te veronderstellen dat (ambtshalve) aanpassingen niet nodig zijn om de verordeningen kloppend te maken. ‘Was-wordt lijsten’ toegevoegd aan de stukken Als gevolg van vragen van ChristenUnie/SGP zijn ‘was-wordt lijsten’ opgesteld. De ‘was-wordt lijst’ bevat de verordeningen van het huidige belastingjaar (2022) en het komende belastingjaar (2023). Op het

Memo - documentnummer: 58388/BDA

moment dat er sprake is van een wijziging wordt de wijziging toegelicht in de laatste kolom.…

Vragen en antwoorden

Vraag 1

In het raadsvoorstel schrijft u dat de verordeningen nu door een externe partij gemaakt zijn; er is dus geen sprake van bijstelling op enkele punten, maar geheel herschreven verordeningen?

Antwoord van het college

Zie de tekst onder ‘Het proces’.

Vraag 2

GBA heeft de voorgestelde (gewijzigde) verordeningen getoetst (zo begrijpen we uit het RV). Dat klopt?

Antwoord van het college

Wat waren vervolgens de bevindingen van GBA? We nemen aan dat zij dat in een schriftelijke reactie hebben verwoord; kunnen we die aanvullend ontvangen?

Zie de tekst onder ‘Het proces’.

Vraag 3

Toeristenbelasting: in de definitie van een mobiel kampeeronderkomen wordt geen onderscheid gemaakt m.b.t. eigendom. Met andere woorden als een campinghouder een gewone caravan op zijn terrein neerzet, bedoeld om permanent te verhuren; valt dat in uw definitie toch onder ‘mobiel’ en niet onder een ‘vakantieonderkomen’?

Antwoord van het college

We nemen echter aan dat met mobiel bedoeld was, een kampeeronderkomen dat de gebruiker zelf meeneemt? Klopt dat?

Dat klopt. In artikel 6 lid 1 en 2 wordt dit nader geduid. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen accommodaties die in eigendom zijn van de verblijfgever en door de verblijfgever ter beschikking wordt gesteld (een campinghouder die een (sta)caravan of (glamping)tent op zijn terrein neerzet om permanent te verhuren) en een mobiel kampeeronderkomen (bijvoorbeeld een zelf meegenomen tent of caravan).

Vraag 4

Wie bepaalt of bij een mobiel onderkomen per nacht of per arrangement wordt afgerekend?

Antwoord van het college

Bijvoorbeeld: iemand huurt een standplaats op een camping voor 6 weken (42 overnachtingen) voor zijn caravan. Bij betalen per overnachting betaald hij dan (2 personen): 2

Informatienota - documentnummer: VAR_nummer - pagina 2

x 1,20 x 42 = € 100,80. Zou hij het arrangement moeten betalen, dan betaalt hij € 375,00 (of het dubbele; wordt arrangement per locatie of persoon afgerekend)? De kampeerder zal liever per nacht betalen (het arrangement wordt pas ‘lonend’ vanaf 75 overnachtingen bij 5a).

In artikel 6 lid 3 staat toegelicht dat de mogelijkheid wordt gegeven om een arrangementstarief in rekening te brengen op het moment dat er sprake is van geheel of nagenoeg geheel gebruik tijdens de arrangementsperiode. De afrekening kan om die reden ook plaatsvinden op basis van het werkelijk aantal overnachtingen.

Ook is in de verordening een waarborg opgenomen, namelijk artikel 5 lid 3: “Op een door de belastingplichtige bij de aangifte gedaan verzoek wordt de maatstaf van heffing als bedoeld in het tweede lid vastgesteld op het werkelijk aantal overnachtingen als bedoeld in het eerste lid, als blijkt dat dit resulteert in een lager aanslagbedrag.” Daarnaast is sprake van verschillende arrangementstarieven, namelijk: artikel 6 lid 4 (gebaseerd op € 2,50 per persoon per nacht) en artikel 6 lid 5 (gebaseerd op € 1,20 per persoon per nacht).

Artikel 6 lid 4 betreft accommodaties die in eigendom zijn van de verblijfgever (chalets, vaste tenten, etc.) Dit zijn geen mobiele kampeeronderkomens, maar vakantieonderkomens en wordt gerekend met een tarief van € 2,50 per persoon per nacht. De arrangementstarieven zijn:  Bij een arrangement met verblijf van 4 weken tot 3 maanden: € 375,00;  Bij een arrangement met verblijf van 3 tot 6 maanden: € 562,50;  Bij een arrangement met verblijf van 6 tot 9 maanden: € 675,00;  Bij een arrangement met verblijf van 9 tot 12 maanden: € 750,00.

Artikel 6 lid 5 betreft accommodaties die zelf worden meegenomen (tent, caravan, etc.) Bij deze arrangementen is sprake van een mobiel kampeeronderkomen en wordt gerekend met een tarief van € 1,20 per persoon per nacht. De arrangementstarieven zijn:  Bij een arrangement met verblijf van 4 weken tot 3 maanden: € 180,00;  Bij een arrangement met verblijf van 3 tot 6 maanden: € 270,00;  Bij een arrangement met verblijf van 6 tot 9 maanden: € 324,00;  Bij een arrangement met verblijf van 9 tot 12 maanden: € 360,00.

Vraag 5

Forensenbelasting: Informatienota - documentnummer: VAR_nummer - pagina 3 a. We vinden de formulering van artikel 2 lid 1 en artikel 3 lid 2 vreemd m.b.t. de tekst ‘beschikbaar houdt’. We begrijpen de formulering niet dat een forens een woning beschikbaar houdt. Een forens maakt toch juist gebruik van een woning voor tijdelijk verblijf?

Antwoord van het college

Beschikbaar houden wil niet zeggen dat de woning ook echt meer dan 90 dagen zelf wordt gebruikt. Het meer dan 90 dagen beschikbaar houden van de woning voor eigen gebruik is genoeg om forensenbelasting op te leggen. De tekst sluit tevens aan op de Modelverordening van VNG.

b. Waarom heeft u lid 2 van artikel 3 toegevoegd; dit betekent namelijk dat als iemand meerdere woningen in onze gemeente aanhoudt er maar voor 1 forensenbelasting betaald hoeft te worden.

Artikel 3 lid 2 is niet toegevoegd aan de verordening en betreft geen wijziging. Dit betreft een verplaatsing van artikel 7 van de huidige verordening (2022) naar artikel 3 lid 2 in de voorgestelde verordening (2023). Voor de volledigheid verwijzen wij naar de ‘was-wordt lijst’.

Antwoorden op vragen PvdA/GroenLinks Onderstaand leest u de antwoorden op de vragen van PvdA/GroenLinks.

1. Bij de vast te stellen verordeningen mist de verordening op de heffing en invordering van lijkbezorgingsrechten. Op overheid.nl valt te lezen dat deze voor het laatst in 2020 is vastgesteld voor het jaar 2021. Vorig jaar is deze verordening niet opnieuw vastgesteld.

a. Is de hierboven genoemde verordening voor het jaar 2022 nog steeds geldig en ook voor komende jaren?

Ja, die blijft geldig tot er een nieuwe Verordening lijkbezorgingsrechten wordt vastgesteld.

b. Waarom wordt er geen nieuwe verordening met geactualiseerde tarieven aan de raad voorgelegd?

Op dit moment worden de kosten voor de begraafplaatsen in beeld gebracht. Op basis van deze uitkomsten wordt een voorstel voorgelegd aan de raad. De beleidskeuzes worden vervolgens verwerkt in een nieuwe verordening lijkbezorgingsrechten. Er wordt op dit moment ook gewerkt aan het herzien en actualiseren van de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen De Ronde Venen 2011. Deze verordening hangt samen met de Verordening lijkbezorgingsrechten.

2. In de verordening leges 2023 worden aangepaste tarieven gehanteerd voor bouwwerken t.b.v. zonnevelden.

a. Geldt dit ook voor windmolens?

Nee, dit tarief geldt niet voor windmolens. Voor deze aanvraag geldt het tarief voor reguliere bouwactiviteiten (2.3.1.1.1 t/m 2.3.1.1.3).

Informatienota - documentnummer: VAR_nummer - pagina 4

b. De Ronde Venen heeft windmolens uitgesloten, maar dat wil niet zeggen dat er nooit een initiatief daartoe zal komen, al dan niet opgelegd door een hogere overheid. In de verordening wordt overigens melding gemaakt van een tarieventabel behorende bij deze verordening, waar kunnen wij deze vinden?

De tarieventabel is, zoals eerder aangekondigd, later vastgesteld door het college. Dit heeft onder andere te maken met de late aankondiging over het uitstel van de Omgevingswet en de hierbij behorende tarieven. De tarieventabel is inmiddels toegevoegd aan de legesverordening De Ronde Venen 2023.

3. In de verordening voor de afvalstoffenheffing staat een tarief voor het ophalen van grof huishoudelijk afval. Zoals nu geformuleerd is dit niet gekoppeld aan een hoeveelheid grof huishoudelijk afval, waar dit in de praktijk wel het geval is. Moet dit in de verordening niet opgenomen worden?

Op de website (Grofvuil inleveren - Gemeente De Ronde Venen), waar inwoners een melding kunnen doen voor het laten ophalen van hun grof huishoudelijk afval, wordt dit expliciet gemaakt. De volumes zijn als gevolg van bovenstaande vraag verwerkt in de verordening afvalstoffenheffing. De wijzigingen in de verordening zijn geel gemarkeerd en de wijziging is opgenomen in de ‘was-wordt lijst’.

Informatienota - documentnummer: VAR_nummer - pagina 5

Bekijk de brief: 221125 Memo - Toelichting en beantwoording vragen CUSGP en PvdAGL

Bron: raadsinformatie van de gemeente De Ronde Venen (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van De Ronde Venen

Alle artikel 35-vragen in De Ronde Venen