Natuurbehoud bij komst F35
Linsey van der Veen (D66) stelde op 9 december 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Enschede (2 vragen).
In het kort
2 vragen en wat het college antwoordt
- Is het college inmiddels wel bereid om een omgevingsplan op te stellen voor het deel wat bestemming ‘natuur’ had moeten krijgen in het bestemmingsplan ‘Voormalige… → Hoewel er meer regels gelden dan alleen die van een bestemmingsplan/omgevingsplan, bestaan deze plannen niet voor niks.
- Kan het college uitsluiten dat bescherming van het gebied ten zuiden van de landingsbaan slechter is onder de huidige bestemming dan onder een bestemming ‘natuur’? → Het verzoek is om deze vraag uitgebreid juridisch onderbouwd te beantwoorden (dus niet alleen een ‘als Defensie wil, krijgen ze het toch wel voor elkaar’, we weten dat Defensie rekening…
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Is het college inmiddels wel bereid om een omgevingsplan op te stellen voor het deel wat bestemming ‘natuur’ had moeten krijgen in het bestemmingsplan ‘Voormalige vliegbasis Twenthe - Midden 2021’, ook met het oog op de mogelijke plannen van Defensie?
Antwoord van het college
Hoewel er meer regels gelden dan alleen die van een bestemmingsplan/omgevingsplan, bestaan deze plannen niet voor niks. Antwoord Als uw raad ons opdracht geeft de wijziging van het omgevingsplan voor het NNN-gebied met voorrang op te pakken dat gaan wij dat uiteraard doen. Wij vinden echter dat wijziging van het omgevingsplan voor dit gebied niet urgent is. De actualisatie is daarom onderdeel van de transitie van het omgevingsplan. Over deze transitie hebben we de raad per brief d.d. 17 december jl. geïnformeerd (als onderdeel van informatie over 1 jaar Omgevingswet). Zie eventueel Document enschede - Brief aan de raad: Een jaar Omgevingswet en Wkb - iBabs Publieksportaal. Toelichting (algemeen): • In de provinciale omgevingsvisie en omgevingsverordening staat dat het gebied onderdeel is van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). De regels in de omgevingsverordening beogen het beschermen, duurzaam ontwikkelen, verbeteren en in stand houden van een samenhangend netwerk van natuurgebieden in Overijssel met bestaande en potentiële natuurwaarden die van (inter)nationaal belang zijn. • Dit heeft echter in publiekrechtelijke zin geen rechtstreekse werking. Dit betekent dat de provinciale omgevingsverordening voor ons geen handhavingsgrondslag biedt. Daarvoor is het nodig dat wij de natuurfunctie verankeren in een omgevingsplan voor het gebied. In de provinciale omgevingsverordening staan instructieregels die dat voorschrijven. • In de provinciale omgevingsverordening is door wijziging van wetgeving de termijn gewijzigd waarop we de natuurfunctie juridisch planologisch moeten verankeren in een omgevingsplan: Onder de (oude) Wet ruimtelijke ordening (Wro) hadden we maximaal een jaar de tijd om een omgevingsplan op te stellen. De raad heeft hier tot twee keer toe gehoor aan gegeven door vaststelling van een bestemmingsplan voor het middengebied (nieuwe natuur en evenemententerrein). De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft deze bestemmingsplannen vernietigd, als gevolg van beperkte stikstofruimte. De Omgevingswet bevat geen (directe) termijn om de functie ‘natuur’ juridisch planologisch te verankeren in een omgevingsplan (zie de toelichting hieronder, waarom daar indirect wel een termijn voor geldt). • Het is ambtelijk bevestigd, dat de provincie - als eigenaar van de grond - zich zal verzetten tegen een invulling van het NNN-gebied dat in strijd is met de beoogde natuurdoelen. • Daardoor (zie vorig punt) ontbreekt de urgentie om apart voor het NNN-gebied versneld met een wijziging van het omgevingsplan te komen. Toelichting (op de transitie omgevingsplan): • Op 1 januari 2024 hebben alle gemeenten een tijdelijk van rechtswege verkregen omgevingsplan gekregen. Dit omgevingsplan bestaat uit alle geldende ruimtelijke plannen binnen de gemeentegrenzen (dus o.a. bestemmingsplannen en wijzigingsplannen) en rijksregels (regels van het Rijk die ‘verhuizen’ naar gemeentelijk niveau). • We bevinden ons nu in een overgangsperiode. Alle gemeenten in Nederland hebben de taak gekregen om het tijdelijke omgevingsplan om te zetten in een omgevingsplan dat voldoet aan de vereisten van de Omgevingswet (transitie in plansystematiek en wijze van publiceren). De Omgevingswet schrijft voor dat we tot 1 januari 2032 de tijd hebben gekregen om deze intensieve en tijdrovende taak uit te voeren. • Om ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken (want onze winkel blijft tijdens de verbouwing open) kan het tijdelijke (van rechtswege verkregen) omgevingsplan worden gewijzigd via een oude publicatiewijze (TAM-IMRO). Het nadeel van dit instrument is dat we deze plannen moeten opnemen in het nieuwe omgevingsplan (en dat betekent dubbel werk). • Op dit moment werken we aan de eerste wijziging van het omgevingsplan voor de wijk Stadsveld. Daarna rollen we de nieuwe plansystematiek stapsgewijs verder uit over de gehele gemeente Enschede. We nemen het natuurgebied naast Twente Airport daarin dan met een passende functie mee. Vraag
Vraag 2
Kan het college uitsluiten dat bescherming van het gebied ten zuiden van de landingsbaan slechter is onder de huidige bestemming dan onder een bestemming ‘natuur’?
Antwoord van het college
Het verzoek is om deze vraag uitgebreid juridisch onderbouwd te beantwoorden (dus niet alleen een ‘als Defensie wil, krijgen ze het toch wel voor elkaar’, we weten dat Defensie rekening houdt met de gevolgen voor mens en natuur). Antwoord Nee, dat kunnen we niet uitsluiten. Daarvoor hebben we de volgende argumenten: • De huidige bestemming van het (als natuur ingerichte) gebied ten zuiden van de landingsbaan is ‘Vliegveld’ met gebruiksmogelijkheden voor een vliegveld en/of militaire doeleinden. • • • • Strikt juridisch-planologisch gezien bieden deze gronden een passende regeling voor het vestigen van een militaire basis (met de kanttekening dat we niet weten welke bouw- en gebruiksmogelijkheden Defensie nodig heeft). Eventuele aanvragen van Defensie tot verlenen van een omgevingsvergunning voor het gewenste gebruik toetsen wij aan het (tijdelijke) omgevingsplan, onderdeel bestemmingsplan Buitengebied 1996. Gebruik door Defensie van het NNN-gebied staat echter niet op zichzelf. Voor eventuele terugkeer van YF35-vliegtuigen naar Twente Airport heeft Defensie meer nodig dan alleen het NNN-gebied, zoals voldoende geluidsruimte. De juridisch planologische grondslag ontbreekt daarvoor. De ‘oude’ geluidsruimte van de F16 is immers in 2014, met het vaststellen van het bestemmingsplan Voormalige Vliegbasis Twenthe – Zones, vervallen. De huidige geluidsruimte van Twente Airport is beperkt en biedt nauwelijks ruimte voor gebruik van Twente Airport door jachtvliegtuigen. Daarnaast zijn er nog andere besluiten en vergunningen nodig (zoals o.a. 1) het Luchthavenbesluit en 2) een omgevingsvergunning ten behoeve van de activiteit natuur. Daarvoor is de provincie het bevoegd gezag. Wij wijzen er in dit verband op dat het Rijk zelfstandig bij machte is deze planologische grondslag te verzorgen. Het Rijk kan daarvoor gebruik maken van het instrument ‘projectbesluit’. Enschede, 14 januari 2025
Bekijk de brief: Beantwoording art. 35 vragen D66 over omgevingsplan voor NNN-gebied
Bron: raadsinformatie van de gemeente Enschede (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.