15 oktober 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Goirle

05 Beantwoording schriftelijke vragen begroting 2025 - 11-10-2024.pdf

Een raadslid stelde op 15 oktober 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Goirle (7 vragen).

In het kort

7 vragen en wat het college antwoordt

  • Bladzijde 11 Staatje inwoner: Lasten: 38.342 (2023) 42.156 (2024) 35.198 (2025) Baten: 13.293 (2023) 11.986 (2024) 6.534 (2025 De lasten blijven daarna gelijk, de baten… → De afwijkingen worden veroorzaakt door eenmalige posten in combinatie met structurele posten.
  • Bladzijde 16 Staatje bovenaan: Preventie: Lasten: 5113 (2023) 5764 (2024) 5771 (2025) Baten: 1636 (2023) 1001 (2024) 1021 (2025) De lasten blijven daarna ongeveer… → De afwijkingen worden veroorzaakt door eenmalige posten in combinatie met structurele posten.
  • Welke bezuinigingen zijn er gevonden binnen de WMO? (Blz. 16) Is dit de lagere bijdrage aan Regio HvB door regionale inkoop? (Blz. 92). → De bezuinigingen zijn gevonden bij: 1.
  • Wat gebeurt er met de opdrachten en de personele inzet voor de energie- en warmtetransitie wanneer de beschikbare CDOKE middelen op zijn na 2025? (Blz. 32) → De CDOKE regeling loopt tot 31 december 2025.
  • Is er ook een indicator voor het aantal fietsdiefstallen binnen “Waarstaatjegemeente.nl” ? → Via Waarstaatjegemeente zijn gegevens over diefstal van brom- snor- en fietsen bekend.
  • Hoe is het redelijk nauwkeurige bedrag van EUR 11.180.000 voor de investering voor ‘t Schrijverke tot stand gekomen? → In 2022 is gekeken naar vervangende nieuwbouw voor ’t Schijverke, voor 590 leerlingen.
  • Een aantal grotere projecten zijn qua tijdslijn vooruit geschoven zoals de Geluidswal en Mill Hill. → “Vooruit geschoven” is niet de juiste duiding.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN BEGROTING 2025 Datum: 11 oktober 2024

Vragen van Joep van Iersel fractie LRG

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Bladzijde 11 Staatje inwoner: Lasten: 38.342 (2023) 42.156 (2024) 35.198 (2025) Baten: 13.293 (2023) 11.986 (2024) 6.534 (2025 De lasten blijven daarna gelijk, de baten liggen echter op 50% van 2023/2024? Kunt U dat verklaren?

Antwoord van het college

De afwijkingen worden veroorzaakt door eenmalige posten in combinatie met structurele posten.

Denk hierbij aan tijdelijke regelingen voor de opvang van vluchtelingen.

Daarnaast hadden enkele posten in 2023 het karakter van nagekomen baten/lasten over voorgaande jaren.

Vraag 2

Bladzijde 16 Staatje bovenaan: Preventie: Lasten: 5113 (2023) 5764 (2024) 5771 (2025) Baten: 1636 (2023) 1001 (2024) 1021 (2025) De lasten blijven daarna ongeveer hetzelfde, de baten lopen ook hier terug naar ongeveer 50%? Hoe moet ik dat zien?

Antwoord van het college

De afwijkingen worden veroorzaakt door eenmalige posten in combinatie met structurele posten. Enkele posten in 2023 hadden het karakter van nagekomen baten/lasten over 2023 en voorgaande jaren.

3. Bladzijde 27 21.10 Speelruimtebeleid, hier betrekt u de jeugdgemeenteraad in. Prima, goed initiatief.

In het bestuursakkoord " samen bouwen" wordt ook gesproken om hufterproof bewegingstoestellen te plaatsen in de buurt van speeltuinen voor ouderen. mogelijk kunt U hier ook het seniorencontact van de gemeente Goirle in betrekken.

Antwoord: Bij het opstellen van het Speelruimtebeleid onderzoeken we ook de noodzaak en mogelijkheden van toestellen voor oudere doelgroepen om het bewegen te motiveren. Fysiek Domein en Sociaal Domein werken hierin samen. We hebben contacten met seniorengroepen.

We nemen uw suggestie om deze belangengroepen zo nodig te betrekken ter harte.

1

Vragen van Nancy Jansen / Gezond verstand Goirle Riel

1. Hoe wordt er ingezet op inkoop- en contractmanagement om meer grip te krijgen op de contracten? Wat is hierbij het te verwachten resultaat (zowel financieel als organisatorisch)? (Blz. 2) Antwoord: Hoe er wordt ingezet om meer grip te krijgen is door de lopende contracten te inventariseren, de looptijd te bekijken en te beoordelen of deze contracten op de juiste manier nageleefd worden en eventueel scherper weggezet kunnen worden. Alle contracten worden in een centraal systeem geborgd, waardoor contracten beheerd kunnen worden.

Nieuwe contracten kunnen vanaf moment van opstellen scherper ingestoken worden en Social return of investment (SROI) meer betrekken als serieuze voorwaarde. Het verwachte resultaat is dat we meer voor minder of meer voor hetzelfde geld krijgen. Door de contracten centraal weg te zetten in een systeem en we hierdoor meer in control zijn, is het beheer van de contracten minder tijdsintensief, waardoor er efficiënter gewerkt kan worden. Daarnaast zijn er minder risico’s op ongunstige verlengingen.

2. Welke risico’s voor wat betreft de rechtmatigheid van aanbestedingen lopen we als gemeente door geringe personele capaciteit op de functie van inkoop? (Blz. 76) Antwoord: Hierdoor is er onvoldoende sturing op het inkoopbeleid of zicht op onrechtmatigheden. Met de geringe capaciteit lopen we risico’s omdat er stilzwijgende verlengingen kunnen voorkomen, waar een nieuwe aanbesteding had moeten plaatsvinden.

Of wordt niet de juiste inkoopprocedure bewandeld. We beperken deze risico’s door samen te werken met ‘Karel.’, onze partner voor inkoop.

Vraag 3

Welke bezuinigingen zijn er gevonden binnen de WMO? (Blz. 16) Is dit de lagere bijdrage aan Regio HvB door regionale inkoop? (Blz. 92). Zo ja, waardoor wordt deze lagere bijdrage veroorzaakt; kopen we minder in, kopen we slimmer in, is er sprake van schaalvoordelen etc.? Zo ja, hoe en hoeveel?

Antwoord van het college

De bezuinigingen zijn gevonden bij:

1. Persoonsgebonden Budget: De afgelopen jaren is er werkelijk minder uitgegeven dan dat er was begroot. Daarom is een deel van het budget structureel ingezet voor de bezuiniging.

2. Regio HvB SIEM: de regionale inkoop zorgt voor een voordeel, dit wordt veroorzaakt doordat we een andere manier van inkopen hanteren. We kopen niet meer in bij een groot aantal verschillende aanbieders, die soms ook regionaal werken, maar bij SIEM.

SIEM is een samenwerkingsverband dat gebiedsgericht werkt (GHO) en hierdoor beter aansluit op de lokale context. Dit geeft een inhoudelijke verbetering, maar ook een financieel voordeel. Met SIEM hebben we namelijk naast afspraken over de inhoud, ook afspraken gemaakt over de financiële beheersbaarheid.

Vraag 4

Wat gebeurt er met de opdrachten en de personele inzet voor de energie- en warmtetransitie wanneer de beschikbare CDOKE middelen op zijn na 2025? (Blz. 32)

Antwoord van het college

De CDOKE regeling loopt tot 31 december 2025. Zoals op de website van het RVO is aangegeven wordt er door het Rijk gewerkt aan een regeling voor na 2025. Hier is al budget voor gereserveerd. We krijgen bericht wanneer hier meer duidelijkheid over is. De verwachting is dat we met de nieuwe regeling de inzet van personeel kunnen continueren. Over het structurele karakter van de rijksbijdrage hebben we de raad eerder geïnformeerd via de raadsinformatiebrief over de voorlopige taakstelling Herstel balans formatie-werk van 10 oktober 2023.

Vraag 5

Is er ook een indicator voor het aantal fietsdiefstallen binnen “Waarstaatjegemeente.nl” ? Zo ja, kan deze worden opgenomen in dit overzicht? (Blz. 37) 2

Antwoord van het college

Via Waarstaatjegemeente zijn gegevens over diefstal van brom- snor- en fietsen bekend. Hieronder de gegevens. Wat de aantallen zijn van alleen fietsen is niet bekend.

(aantal per 1.000 inwoners)

Dit overzicht is niet opgenomen in de begroting 2025. We onderzoeken of deze informatie in de volgende P&C producten wordt opgenomen.

Vraag 6

Hoe is het redelijk nauwkeurige bedrag van EUR 11.180.000 voor de investering voor ‘t Schrijverke tot stand gekomen?

Antwoord van het college

In 2022 is gekeken naar vervangende nieuwbouw voor ’t Schijverke, voor 590 leerlingen. Daaruit volgt een school van ongeveer 3170 m2 BVO (bruto vloer oppervlak). Dat BVO wordt vermenigvuldigd met een voor nieuwbouw reëel geacht kengetal, in 2022 was dat € 3.100 per m2. Vervolgens is daar een indexering naar het jaar van uitvoering op los gelaten.

Vraag 7

Een aantal grotere projecten zijn qua tijdslijn vooruit geschoven zoals de Geluidswal en Mill Hill. Wat is het financiële risico wat we hiermee als gemeente lopen? Zoals het kostenplaatje van het fietspad Riel-Gilze wat door de jaren heen heel anders eruit is komen te zien.

Antwoord van het college

“Vooruit geschoven” is niet de juiste duiding. Deze investeringen zijn qua planning meer reëel geraamd (zie pag. 3 Begroting 2025). Dit vanwege nieuwe inzichten over de benodigde voorbereidingstijd. Ten aanzien van een eventueel financieel risico het volgende:

Over het algemeen is sprake van kostenstijging door inflatieontwikkeling. In tijden van recessie kan een omgekeerd effect optreden. Dat betekent dat kostenramingen in de tijd meestal stijgen.

Opgemerkt wordt dat de bedragen in de investeringsplanning nog ongewijzigd zijn ten opzichte van het Bestuursakkoord 2023-2026. Naarmate de voorbereiding verder vordert ontstaat ook meer zicht op de daadwerkelijk benodigde investeringskredieten die voor realisatie nodig zijn.

3

Vragen van Teun van den Brand / Gezond verstand Goirle Riel

1. Wat is het totale bedrag dat we als gemeente omzetten?

Antwoord: Bij gemeenten wordt niet over omzet gesproken maar ter vergelijking kijken we dan naar het totaal van onze exploitatiecijfers. Daarin onderscheiden we de zogenaamde “baten en lasten” en de “reservemutaties”. Het totaaloverzicht is in de begroting opgenomen op pagina 90. Hierop is zichtbaar dat het totaalbedrag voor de begroting 2025 uitkomt op € 73,3 mln.

We merken nog op dat investeringskredieten voor kapitaalwerken hier geen onderdeel van zijn.

Alleen de jaarlijkse kapitaallasten daarvan zijn onderdeel van het stelsel van baten en lasten.

2. Waar is te vinden hoe de uitkering van het gemeentefonds is opgebouwd, de middelen per post.

Antwoord: De berekening van de algemene uitkering is een complex geheel van verdeelmaatstafaantallen met bijbehorend gewicht, uitkeringsfactoren en aanvullende decentralisatie- en integratieuitkeringen. Daarbij prognosticeren we de toekomstige ontwikkeling op basis van ervaringsgegevens en verwachte trendafwijkingen.

Zoals gebruikelijk presenteren we in de raadsinformatiebrieven bij de circulaires alleen de wijzigingen en lichten die toe. De gedetailleerde berekeningen laten we steeds achterwege om de raad zoveel mogelijk op hoofdlijnen te informeren en niet teveel met details te belasten.

Maar om de vraag te beantwoorden is op de volgende pagina het gevraagde overzicht van de middelen per post opgenomen (gebaseerd op de meicirculaire 2024). De totaalbedragen corresponderen met de totalen op pagina 51 van de begroting 2025:

En met de totale baten van taakveld 0.7 op pagina 97:

4

Onderdeel A - Inkomstenmaatstaven Maatstaf 1g-2 WOZ niet-woningen eigenaren 1h-2 WOZ niet-woningen gebruikers 1a Waarde woningen eigenaren Subtotaal

2024 2025 2026 2027 2028 -771.783 -821.169 -831.946 -842.722 -853.499 -557.527 -593.463 -601.660 -608.217 -616.414 -3.214.064 -3.318.917 -3.337.197 -3.355.477 -3.373.757 -4.543.374 -4.733.549 -4.770.803 -4.806.416 -4.843.670

Onderdeel B - Uitgavenmaatstaven waarop de uitkeringsfactor is toegepast Maatstaf 8a-3 Bijstandsontvangers 2 Inwoners 7c-4 Huishoudens met laag inkomen boven drempel 12b-2 Inwoners met een migratieachtergrond 3c Eenpersoonshuishoudens 8b Loonkostensubsidie 4a Inwoners: jongeren jonger dan 18 jaar (vanaf uitkeringsjaar 2019) 8f-2 Doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep 5d-2 Inwoners 75+ met drempel 7m-2 Laag opleidingsniveau met drempel 14a-2 Lokale centrumfunctie (max 20km) 14b-2 Regionale centrumfunctie (max 60km) 14c-2 Landelijke centrumfunctie 15e Leerlingen VO 15d Leerlingen (V)SO 15h-3 Onderwijsachterstand 38 Bedrijfsvestigingen 29 Historische woningen in bewoonde oorden 1930 36 Kernen 36a Kernen met 500 of meer adressen 34 Oeverlengte * bodemfactor gemeente 35a Oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor 32b-2 Omgevingsadressendichtheid (vanaf UJR 2016, miv septembercirc. 2016) 23 Oppervlakte bebouwing buitengebied * bodemfactor buitengebied 22 Oppervlakte bebouwing woonkernen * bodemfactor woonkernen 23a Oppervlakte bebouwing buitengebied 22a Oppervlakte bebouwing woonkern 19 Oppervlakte binnenwater 16 Oppervlakte land 18 Oppervlakte land * bodemfactor gemeente 24b-2 Woonruimten (vanaf UJR 2016, miv septembercirc. 2016) 25b-2 Woonruimten (vanaf UJR 2016, miv septembercirc. 2016) * bodemfactor woonkernen 39 Vast bedrag Subtotaal

2.119.088 2.165.124 2.166.907 2.247.620 2.307.983 12.918.468 13.364.327 13.476.906 13.930.994 14.342.407 8.715.295 8.874.555 7.597.661 7.837.392 8.064.934 700.995 741.346 761.699 804.300 843.914 714.378 759.138 733.340 764.030 794.838 366.202 373.298 373.605 387.521 397.929 3.864.882 3.967.318 3.564.115 3.681.619 3.797.123 245.933 268.819 290.201 321.390 354.168 1.970.458 2.125.097 2.088.345 2.212.897 2.339.983 618.303 643.248 608.971 621.991 634.406 310.806 321.840 323.866 335.488 346.984 1.269.813 1.322.819 1.237.552 1.282.026 1.323.506 349.108 362.305 365.055 378.158 391.050 647.003 666.678 667.593 688.184 708.317 1.197.521 1.233.938 1.235.631 1.273.742 1.311.006 93.379 96.145 95.891 98.599 101.239 590.795 608.761 609.596 628.398 646.782 53.255 54.875 54.950 56.645 58.302 485.783 502.634 498.517 513.900 528.726 212.571 219.035 219.336 226.101 232.715 17.849 18.392 18.417 18.985 19.540 42.776 44.348 44.680 46.340 47.983 1.568.707 1.637.917 1.752.036 1.806.074 1.854.459 124.544 128.331 128.507 132.471 136.346 2.096.402 2.160.154 2.163.119 2.229.836 2.295.071 336.183 346.406 345.447 356.102 366.520 1.330.509 1.370.970 1.370.700 1.412.976 1.454.313 6.954 7.166 7.175 7.397 7.613 237.073 244.282 244.617 252.162 259.539 156.346 161.100 161.322 166.297 171.162 178.580 185.887 187.864 193.658 196.790 802.627 834.756 843.633 869.653 895.095 1.388.627 1.428.382 1.430.342 1.474.458 1.503.970 45.731.213 47.239.391 45.667.596 47.257.404 48.734.713

Onderdeel D - Uitgavenmaatstaven waarop de uitkeringsfactor niet van toepassing is Maatstaf 56g Suppletie-uitkering nieuw verdeelstelsel 2023 135 Suppletie-uitkering Bommenregeling Subtotaal

3.078.682 21.074 3.099.756

2.719.402 0 2.719.402

2.719.402 0 2.719.402

2.719.402 0 2.719.402

2.719.402 0 2.719.402

Onderdeel E - Integratie- en decentralisatieuitkeringen waarop de uitkeringsfactor niet van toepassing is Maatstaf 170 Decentralisatie provinciale taken vergunningverlening, toezicht en handhaving (DU) 58.371 205 Voorschoolse voorziening peuters (DU) 36.507 223 Armoedebestrijding kinderen (DU) 62.777 266 Maatschappelijke begeleiding (DU) 4.740 274 Jeugdhulp kinderen in een AZC (DU) 5.099 280 Impulsgelden Weerbaar Bestuur/Veilig wonen (DU) 7.062 393 Versterking omgevingsveiligheidsdiensten (DU) 4.000 409 Einde lening inburgeringsplichtig (DU) 2.318 421 Extra capaciteit BOAs (DU) 32.798 427 Invoerings/uitvoeringskosten Omgevingswet (DU) 112.502 428 Wet kwaliteitsborging bouw (DU) 13.759 435 Antidiscriminatie voorzieningen (DU) 3.393 Subtotaal 343.326

58.371 36.507 62.627 0 5.099 7.062 0 0 32.798 0 13.759 0 216.223

58.371 36.507 62.627 0 5.099 7.062 0 0 32.798 0 13.655 0 216.119

58.371 36.507 62.627 0 5.099 0 0 0 32.798 0 0 0 195.402

58.371 36.507 62.627 0 5.099 0 0 0 32.798 0 0 0 195.402

2.689.529 2.689.529

2.469.152 2.469.152

2.396.934 2.396.934

2.345.438 2.345.438

2.249.849 2.249.849

0 340.000 340.000

0 550.000 550.000

297.205 550.000 847.205

220.811 550.000 770.811

196.218 550.000 746.218

Onderdeel F - 3 D’s in het sociaal domein Maatstaf 260 Participatie (IU) Subtotaal Onderdeel G - Aanvullingen van de gebruiker Aanvullingen v/d gebruiker Jeugdzorg BCF Subtotaal Totaal

5

47.660.450 48.460.619 47.076.453 48.482.041 49.801.914

Bekijk de brief: 05 Beantwoording schriftelijke vragen begroting 2025 - 11-10-2024.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Goirle (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Goirle

Alle artikel 35-vragen in Goirle