5 november 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Goirle

vragen PAG - begroting 2025 - Cedoke gelden en klimaatadaptatie 31-10-2024.pdf

Een raadslid stelde op 5 november 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Goirle (3 vragen).

In het kort

3 vragen en wat het college antwoordt

  • CDOKE-gelden Vanuit de landelijke overheid zijn de volgende bedragen ter beschikking gesteld voor 2023, 2024 en 2025 (bron Overzicht bedragen per gemeente en provincie… → De vrijvalbedragen zijn in de tabel negatief gepresenteerd omdat ze worden afgetrokken van de totale bezuinigingsopdracht.
  • Klimaatdoelen begroting In de begroting zijn voor klimaat, milieu en energie de volgende posten voorzien op pagina 35 2.1 De komende 10 jaar zal er zeker een noodzaak… → Ja.
  • Warmteprogramma 3.1 Wijkuitvoeringsplannen zijn het vervolg op de Transitievisie Warmte (TVW) van 2021. → Ja.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Vragen d.d. 21 oktober Pro Actief Goirle i.r.t. voorstel begroting 2025 klimaat en energietransitie

In de begroting voor 2025 worden divers zaken vermeld i.r.t. het klimaatbeleid en de energietransitie. Tevens worden de CDOKE-uren vermeld. Het warmteprogramma lijkt volledig te ontbreken. ProActief Goirle heeft in dat verband de volgende vragen verwijzend naar de concept begroting van 2025.

Vragen en antwoorden

Vraag 1

CDOKE-gelden Vanuit de landelijke overheid zijn de volgende bedragen ter beschikking gesteld voor 2023, 2024 en 2025 (bron Overzicht bedragen per gemeente en provincie (rvo.nl)). Tabel 1 Door landelijke overheid toegezegde CDOKE bedragen Goirle 2023 EUR 435.306 2024 EUR 439.255 2025 EUR 443.203 Als we naar de begroting van 2025 kijken zien we dat er de volgende negatieve bedragen genoemd in de paragraaf Taakstellende bezuinigingen en de begroting 2025 (pagina 3) gaan “vrijvallen.” Tabel 2 Samenvatting bezuinigingsmonitor 1.1 Graag krijgen wij een verduidelijking van de betekenis van de negatieve vrijvalbedragen in bovenstaande tabel?

Antwoord van het college

De vrijvalbedragen zijn in de tabel negatief gepresenteerd omdat ze worden afgetrokken van de totale bezuinigingsopdracht. Beide Pagina 1 van 5

vrijvalregels hebben betrekking op de “voorlopige stelpost herstel balans formatie-werk”. De twee vrijvalregels laten zien hoe die voorlopige stelpost zich heeft ontwikkeld.

Op pag. 119 van de begroting 2025 is in de bezuinigingsmonitor zichtbaar dat die voorlopige stelpost door de twee vrijvalregels geheel is teruggebracht tot een nulsaldo.

Ter toelichting is over de eerste vrijvalregel in de bezuinigingsmonitor een verwijzing gemaakt naar de slotwijziging 2023. Daarin wordt weer verwezen naar de raadsinformatiebrief van 6 oktober 2023. In deze raadsinformatiebrief is een en ander inhoudelijk uitgelegd.

Zoals in de raadsinformatie is aangegeven is dit veroorzaakt doordat de aanvankelijk incidentele CDOKE-bijdrage 2023 tot en met 2025, ingaande 2026 wijzigt in een structurele rijksbijdrage. De extra dekking die hierdoor vanaf 2026 ontstaat maakt dat de formatie-uitbreiding met 3 fte ook na 2026 is gedekt door extra geld vanuit het Rijk.

De 2e vrijvalvalregel m.b.t. raadsbesluit van 17-9-2024 is in het betreffende raadsbesluit en in het bijbehorend realisatiekrachtonderzoek toegelicht. Dat besluit kwam erop neer het restsaldo van de voorlopige stelpost te schrappen.

1.2 Waar komen de waardes uit tabel 2 van de bovenstaande CDOKE-bijdrages vandaan?

Antwoord:

In afwachting van de aangekondigde structurele CDOKE-regeling, waarnaar de RIB verwijst, gingen we voorlopig ingaande 2026 alleen nog uit van 100% dekking van de loonkosten voor de extra 3 fte medewerkers energietransitie. De loonkosten daarvoor inclusief geraamde loonkostenontwikkeling werden geraamd op:

Zodra de nieuwe structurele CDOKE-regeling met bijbehorende bijdragen vanaf 2026 bekend is dan verwerken we de financiële consequenties daarvan in een tussentijdse rapportage of begroting.

De genoemde gelden dienen volgens de bijbehorende regeling tijdig te worden besteed en kunnen anders terug worden gevorderd (bron: Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) (rvo.nl). Zie hiervoor onderstaande tekst.

Pagina 2 van 5

1.3 Wat zijn de plannen voor de tijdige en volledige besteding van de CDOKEbijdrages per bestedingsjaar (met steeds uiterlijke bestedingstermijn van 2 jaar na de aangegeven bestedingsjaren)? Zijn de huidige geplande 3fte’s voor de warmtetransitie hiervoor toereikend?

Antwoord:

Het maximaal benutten van de CDOKE middelen is uitgangspunt. Met de CDOKE middelen hebben we het team RBD uitgebreid met 3 fte conform het formatieplan, begroting en raadsinformatie april en oktober 2023.

Deze formatie is ingevuld met een beleidsadviseur energietransitie (1fte), een adviseur duurzame mobiliteit en energietransitie (1fte) en een adviseur participatie (1fte). Ook benutten we de middelen voor overhead als gevolg van deze extra formatie binnen het domein bedrijfsvoering, bijvoorbeeld door de inhuur van een extra communicatie-adviseur duurzaamheid, en zetten we de middelen in voor samenwerking in de regio en met onze lokale energie coöperatie. Daarmee worden de jaarlijks beschikbare CDOKE middelen volledig bestemd. Of dit toereikend is, is op dit moment niet bekend. De uitvoering van de Transitievisie Warmte/het Warmteprogramma Goirle en de wijkuitvoeringsplannen is nog onvoldoende uitgekristalliseerd om antwoord te kunnen geven op deze vraag.

Vraag 2

Klimaatdoelen begroting In de begroting zijn voor klimaat, milieu en energie de volgende posten voorzien op pagina 35 2.1 De komende 10 jaar zal er zeker een noodzaak blijven van een stevig bemenst energietransitie-team. Wordt er daarom ook vast personeel geworven voor de realisatie van de wijkuitvoeringsplannen (gemiddeld 3 extra fte)?

Antwoord van het college

Ja. Zie antwoord bij 1.3. Met de CDOKE middelen is een extra beleidsadviseur energietransitie (1fte) geworven, die als belangrijkste taak heeft om uitvoering te geven aan de warmtetransitie en de wijkuitvoeringsplannen. Ook is een extra adviseur participatie in dienst getreden (1fte) die mede uitvoering gaat geven aan de wijkuitvoeringsplannen. Op dit moment is de uitvoering van de Pagina 3 van 5

wijkuitvoeringsplannen nog onvoldoende uitgekristalliseerd om antwoord te kunnen geven op de vraag of daarnaast nog meer menskracht noodzakelijk is en of deze dan in vaste dienst geworven moet worden of dat dit op een andere manier gestalte kan krijgen.

2.2 Door wie wordt het haalbaarheidsonderzoek van warmtenetten in Goirle uitgevoerd?

Antwoord:

Ten behoeve van het Warmteprogramma Goirle starten we in 2025 met een onderzoek naar realistische alternatieve warmtebronnen per wijk.

Hiervoor is budget in de begroting opgenomen. Welke partij dit onderzoek gaat uitvoeren is op dit moment niet bekend. Daarnaast starten we in 2025 in regionaal verband het onderzoek naar de praktische mogelijkheden van toepassing van aquathermie vanuit onze zandwinplassen Surfplas en Oostplas en de randvoorwaarden die daarbij dan gelden. In 2025 wordt in regionaal verband ook verder verkend of er voor Goirle kansen zijn voor aansluiting op het Amernet en/of het warmtenet Tilburg Zuid. Deze onderzoeken vinden plaats in het kader van Programmaplan regionale warmtetransitie REKS Hart van Brabant, welke onderdeel is van de kernagenda van de regio Hart van Brabant en de daarbij behorende begroting. 2.3 Welke term gaat het college gebruiken, wijk-uitvoeringsplannen of wijkwarmteplannen? Beiden worden gebruikt in de begroting.

Antwoord:

Daar is nog geen keuze in gemaakt. Deze keuze kan worden gemaakt in het kader van het Warmteprogramma Goirle. 2.4 Een wijkuitvoeringsplan maken is nog géén wijkuitvoeringsplan uitvoeren.

Deze activiteiten zullen hoogstwaarschijnlijk nog gedurende 8 tot 10 jaar na het vastleggen van de wijkuitvoeringsplannen worden uitgevoerd.

Welke middelen en/of formatie denkt de gemeente te reserveren voor de realisatie van de activiteiten behorende bij de uitvoeringsplannen?

Antwoord:

Pas op het moment dat een wijkuitvoeringsplan is gemaakt kan iets worden gezegd over de middelen en/of formatie die nodig zijn om tot uitvoering te kunnen komen. Op dit moment is daar nog onvoldoende over bekend. Volgend jaar gaan we starten met de uitvoering van het plan van aanpak NIP (Nationaal Isolatieprogramma). Daarmee zetten we met gebruik van de NIP-gelden de eerste stap met het samen met onze inwoners isoleren van de woningen in onze wijken.

Vraag 3

Warmteprogramma 3.1 Wijkuitvoeringsplannen zijn het vervolg op de Transitievisie Warmte (TVW) van 2021. Is het college zich bewust dat er ook een warmteprogramma gemaakt dient Pagina 4 van 5 te worden als 5-jarige herijking van de TVW?

Antwoord van het college

Ja. Het maken van een Warmteprogramma is een wettelijke taak die voortvloeit uit de nieuwe Omgevingswet. Het Warmteprogramma Goirle, die de huidige Transitievisie Warmte vervangt, moet uiterlijk eind 2026 zijn vastgesteld. Het warmteprogramma zal (net als andere programma’s onder de omgevingswet) een bouwsteen vormen voor het op te stellen omgevingsplan. 3.2 In de perspectiefnota en de voorstel begroting van 2025 is niets terug te vinden over het warmteprogramma. Wanneer denkt het college dit programma te gaan realiseren aangezien dit essentieel iets anders is dan uitvoeringsplannen realiseren?

Antwoord:

Het maken van een Warmteprogramma is een van de wettelijke taken die voortvloeit uit de nieuwe Omgevingswet. Het Warmteprogramma Goirle, die de huidige Transitievisie Warmte vervangt, moet uiterlijk eind 2026 zijn vastgesteld. Ten behoeve van het Warmteprogramma Goirle starten we in 2025 met een onderzoek naar realistische alternatieve warmtebronnen per wijk. Hiervoor is budget in de begroting opgenomen. 3.3 Het warmteprogramma is dus de 5-jaarlijkse herijking van de transitie visie warmte uit 2021. Deze dient 2026 gereed te zijn en VNG adviseert dringend om hier in 2025 al mee te starten vanwege de mogelijkheden van ondersteuning door het NPLW en het verkiezingsjaar 2026. E.e.a is verduidelijkt door de VNG via de volgende link: Handreiking beschikbaar voor opstellen warmteprogramma | VNG Gaat het college de adviezen van de VNG volgen om al in 2025 te starten met het warmteprogramma?

Antwoord:

Ja. Het NPLW heeft een handreiking beschikbaar en werkt op dit moment aan een ondersteuningsprogramma voor gemeenten. Om uiterlijk eind 2026 het Warmteprogramma Goirle te kunnen vaststellen, zullen ook wij in 2025 actief met dit programma aan de gang gaan. Met de voorbereidingen daarvoor zijn we ambtelijk inmiddels gestart. 3.4 Overweegt het college een aanvullende formatie voor het realiseren van bovengenoemde verplichte warmtetransitie opgave?

Antwoord:

Met de CDOKE middelen is aanvullende formatie ingevuld. Zie antwoorden bij 1.3 en 2.1

Pagina 5 van 5

Bekijk de brief: Beantwoording vragen PAG - begroting 2025 - Cedoke gelden en klimaatadaptatie 31-10-2024.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Goirle (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Goirle

Alle artikel 35-vragen in Goirle