16 juni 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Gorinchem

980903 Beantwoording Schriftelijke vragen D66 Voorschoolse Educatie een goed begin is het halve werk

Tekir (D66) stelde op 16 juni 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Gorinchem (3 vragen).

In het kort

3 vragen en wat het college antwoordt

  • Hoeveel ontvangt de gemeente nu jaarlijks aan OAB-, SMI- en Asscher-middelen? → Is er al bekend wat de Rijksoverheid met deze middelen gaat doen?
  • Wat zijn de effecten van bezuinigingen op de verschillende pijlers van het VE beleid: a. → b.
  • Niet alle ouders van geïndiceerde kinderen die deelnemen aan VE komen in aanmerking voor de kinderopvangtoeslag (KOT). → Wordt hierbij gebruik gemaakt van de VNG adviestabel ouderbijdrage peuteropvang2025?

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

v

w Gemeente Ç"Ç[iêrçtLg[n"n zozs z ^" -"zr¿z ^-gsogog Formulier voor het beantwoorden van schriftelijke vragen als bedoeld in artikel 51 van het Reglement van Orde voor de vergadering van de raad van de gemeente Gorinchem.

Schriftelijke vragen van dhr. Tekir van de fractie D66, inzake Voorschoolse educatie: een goed begin is het halve werk, d.d. 13 juni 2025 In het Onderwijs Achterstanden Beleid (OAB) heeft een gemeente de opdracht om voor voldoende plaatsen Voorschoolse Educatie (VE) te zorgen voor peuters uit kwetsbare doelgroepen. De VE levert een belangrijke bijdrage aan het creëren van een goede start en gelijke kansen bij de ontwikkeling van kinderen. De gemeente Gorinchem maakt daar, samen met de betrokken partijen, al jarenlang met succes veel werk van en monitoft de uitvoering en opbrengsten. In 2023-2024 bezocht bijvoorbeeld maar liefst 90 o/o van de geïndiceerde driejarige peuters een voorschool.

In Gorinchem is afgesproken dat JongJGZ voor de indicatie VE van kinderen in de peuterleeftijd zorgt. Kinderen komen in aanmerking voor VE als ze tot één of meerdere van onderstaande doelgroepen behoren:

- (risico oP) taalachterstand

- (risico op) achterstand motorische ontwikkeling

- (risico op) achterstand sociaal-emotioneleontwikkeling

- (risico op) belemmerende thuisomgeving (bv schuldsanering of kort in Nederland, of Nederlands thuis geen voertaal) D66 maakt zich zorgen over mogelijke bezuinigingen op de VE. Deze zullen naar verwachting verschraling van VE en daardoor ongewenste effecten op de deelname en opbrengsten veroorzaken. VE wordt vooral bekostigd door OAB-middelen, middelen uit de regeling Sociaal Medische Indicatie (SMI) en de Asscher-middelen. Vanuit onze zorgen stellen we u daarom onderstaande vragen:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Hoeveel ontvangt de gemeente nu jaarlijks aan OAB-, SMI- en Asscher-middelen?

Antwoord van het college

Is er al bekend wat de Rijksoverheid met deze middelen gaat doen? Zo ja, welke bezuinigingsopgave ligt er op het gebied van VE?

Vraag 2

Wat zijn de effecten van bezuinigingen op de verschillende pijlers van het VE beleid: a. Het aanbod VE?

Antwoord van het college

b. De vroegsignalering van VE-kinderen?

c. Het bereik van de doelgroep?

d. De zorg voor geïndiceerde kinderen en hun ouders?

Vraag 3

Niet alle ouders van geïndiceerde kinderen die deelnemen aan VE komen in aanmerking voor de kinderopvangtoeslag (KOT). Wat is de eigen bijdrage voor deelname van die ouders?

Antwoord van het college

Wordt hierbij gebruik gemaakt van de VNG adviestabel ouderbijdrage peuteropvang2025? Wat zijn de te verwachten effecten van een stijging van de eigen bijdrage

Antwoorden van burqemeester en wethouders d.d. O8-O7-2025:

1. Hoeveel ontvangt de gemeente nu jaarlijks aan OAB-, SMI- en Asscher-middelen? Is er al bekend wat de Rijksoverheid met deze middelen gaat doen? Zo ia, welke bezuinigingsopgave ligt er op het gebied van VE?

De gemeente heeft in 2025 de volgende middelen ontvangen: . Onderwijsachterstandenbeleid (OAB): € 1.616'107 . Sociaal Medische Indicatie (SMI): € 85.000 (begroot voor 2025). De SMl-middelen zijn bedoeld voor peuters met een zorgvraag die extra ondersteuning nodig hebben.

Stadhuisplein 1 Postbus I08 / 4200 AC Gorinchem

gorinchem.nl

Telefoon: 14 0183 [email protected]

a

Asscher-middelen: € 375.000 (begroot voor 2O25; deze middelen zijn onderdeel geworden van de algemene uitkering). De Asscher-middelen zijn bedoeld om peuteropvang toegankelijk te houden voor ouders die geen kinderopvangtoeslag (KOT) ontvangen. Met deze middelen kunnen ouders waarvan hun kind geen VEindicatie heeft toch ondersteuning krijgen en kinderopvang voor hun kind bekostigen.

Bezuinigingssopgave

Voor de Specifieke Uitkering (SPUK) OAB is een korting van 10o/o vanuit het Rijk aangekondigd voor het jaar 20261. Op basis van recente informatie (1juli 2025) bestaat de mogelijkheid dat deze korting wordt verhoogd naar l2o/o. Dit, is dit echter nog niet officieel bevestigd. Uitgaande van de bijdrage voor 2025 betekent dit dat er circa € 160.000,minder budget beschikbaar is.

De huidige SPUK-periode loopt tot en met 2026. Vanaf 2027 is het voornemen van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) om de SPUK om te zetten in een bijzondere fondsuitkering. De exacte gevolgen hiervan zijn nog niet bekend.

Binnen de gemeentelijke taakstelling op subsidies is voor de Voorschoolse Educatie (VE) een besparing van € 106.000 voor 2026 opgenomen in de Perspectiefnota. Voor 2025 was er een totaal bedrag van € t.99LtO7,- tot de beschikking.

2. Hoe denken gemeente en Lokale Educatieve Agenda (LEA) eventuele bezuinigingen op te vangen?

Tot nu toe heeft de gemeente alle subsidieaanvragen gerelateerd aan Voor- en Vroegschoolse Educatie (WE) kunnen honoreren, mede dankzij incidentele middelen zoals het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Door het toenemende aantal VE-kinderen en het wegvallen van tijdelijke fondsen komt de financiering van interventies, zoals Deelstof, Zomérschool in de kinderopvang en Caroussel, onder druk te staan. Bij minder beschikbaar budget kunnen deze niet allemaal worden voortgezet.

Achterstandsscholen ontvangen extra middelen via hun lumpsum2 en via aanvullende subsidies (bijvoorbeeld voor de Rijke Ontwikkeldag Gorinchem), mits zij aan de voorwaarden voldoen. Voor peuters (2,5-4 jaar) blijven voldoende Voorschoolse Educatie (VE) plekken beschikbaar. Gorinchem beschikt over voldoende VE-locaties om aan de vraag

te voldoen.

Wel is het zo dat VE-locaties duurder zijn vanwege hogere eisen (zoals VE-geschoold personeel, (extra) oudergesprekken en kleine groepen). Deze hogere kosten maken het

voor reguliere opvangorganisaties soms lastig om VE-locaties in stand te houden, wat kan leiden tot herprofilering naar reguliere opvang.

De wettelijke verplichting voor VE wordt gewaarborgd. Binnen de LEA is het thema 'Gelijke Kansen' structureel onderwerp van gesprek.

3. Wat zijn de te verwachten effecten van bezuinigingen op de korte en lange termijn opbrengsten van VE?

De opbrengsten van VE worden verantwoord richting de Inspectie van het Onderwijs.

Gorinchem voldoet aan de inspectienormen. Verwacht wordt dat dit op de lange termijn zo

1

2

Kam*erþrelz1-rnelzQæ

Lumpsumfinanciering houdt in dat de school één bedrag, de lumpsum, krijgt om daarmee alle kosten te betalen waaronder het personeel en schoolmaterialen.

brijft.

Wanneer VE-locaties uitsluitend bezocht worden door VE-peuters, komt de integratie onder druk te staan. Ouders met een hogere sociaaleconomische status kiezen dan minder snel voor deze locaties. Landelijk heeft de inspectie gemeenten daarom opgeroepen om meer aandacht te besteden aan het tegengaan van segregatie.

Verder is de verwachting dat ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag (KOT) mogelijk afzien van deelname aan VE. Zij zullen extra gestimuleerd moeten worden om gebruik te maken van ondersteuning via Avres.

4. Wat zijn de effecten van bezuinigingen op de verschillende pijlers van het VE beleid:

a. Het aanbod VE?

Er is meer dan voldoende aanbod van VE locaties in de stad. Er zijn geen wachtlijsten voor VE peuters.

b. De vroegsignalering van VE-kinderen?

Deze signalering vindt plaats via de JongJGT. De VE kinderen zijn in beeld. Niet alle ouders kiezen echter voor kinderopvang (non-bereik). Sommige kinderen uit het non-bereik worden pas later gesignaleerd, bijvoorbeeld bij de start in groep 1. Dan

zijn mogelijk extra interventies nodig, bijvoorbeeld via het samenwerkingsverband Driegang. c.

Het bereik van de doelgroep?

De doelgroep is volledig in beeld bij Jong lGZ. Alle doelgroepkinderen kunnen gebruikmaken van 16 uur kinderopvang per week. Er worden geen directe effecten verwacht op het bereik van de doelgroep.

d. De zorg voor geîndiceerde kinderen en hun ouders?

De bestaande ondersteuning blijft beschikbaar voor deze groep

5. Niet atte ouders van geîndiceerde kinderen die deelnemen aan VE komen in aanmerking voor de kinderopvangtoeslag (KOT). Wat is de eigen bijdrage voor deelname van die ouders? Wordt hierbij gebruik gemaakt van de VNG adviestabel ouderb¡idrage peuteropvang 2025? Wat zijn de te verwachten effecten van een stiiging van de eigen bijdrage?

De Asschermiddelen zijn oorspronkelijk bedoeld om peuteropvang toegankelijk te houden voor ouders die geen kinderopvangtoeslag (KOT) ontvangen. Deze ouders betalen een eigen bijdrage, waarvoor de VNG-adviestabel wordt gehanteerd.

Indien de eigen bijdrage stijgt, verwachten we dat sommige ouders geen gebruik meer maken van het aanbod. Deze ouders kunnen echter een beroep doen op ondersteuning via Avres. Kinderopvangorganisaties hebben goed zicht op de huidige VE-kinderen zonder KOT.

JongJGZ heeft alle peuters in beeld en daarmee ook de VE peuters, waarvan ouders niet in aanmerking komen voor de KOT. Zii worden gewezen op de mogelijkheden van ondersteuning via Avres.

Bu rgemeester en wethouders van Go

secretaris,

de bu

Bekijk de brief: 980903 Beantwoording Schriftelijke vragen D66 Voorschoolse Educatie een goed begin is het halve werk

Bron: raadsinformatie van de gemeente Gorinchem (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Gorinchem

Alle artikel 35-vragen in Gorinchem