vragen VVD Gorinchem 19juni 2024 RES windenergie
Een raadslid stelde op 27 juni 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Gorinchem (14 vragen).
In het kort
14 vragen en wat het college antwoordt
- Hoe is gekeken naar de geluidsnormen binnen de RES? → Bij de windverkenning is gebruik gemaakt van de landelijke ontwerp-normen zoals die in oktober 2023 bekend zijn geworden.
- Hoe verhoudt zich dit in de relatie tot de volksgezondheid en mogelijke consequenties daarvan op onze inwoners? → De geluidsnormen die wij in de windverkenning hebben gehanteerd volgen het advies van de World Health Organisation en zijn substantieel strenger dan de vorige landelijke geluidsnormen voor…
- Kijkt u bij het afgeven van eventuele nieuwe vergunning ook naar de effecten van laagfrequent geluid en/of geluid over het water? → En wat betekent dit effect voor onze RES en de impact op naburige gemeente(n) waaronder Altena?
- Hoe loopt Nederland als geheel in de pas met het bod? → In het Klimaatakkoord uit 2019 hebben de 30 energieregio’s het doel meegekregen om gezamenlijk uiterlijk in 2030 ten minste 35 TWh elektriciteit te produceren met windturbines op land en…
- Hoe verhoudt de RES Alblasserwaard zich tot andere regio’s qua tijdlijnen? → M.a.w.; waar staan we als RES – lopen we voorop, in het midden of achteraan?
- In hoeverre is onze RES regio meer of minder geschikt ten opzichte van de andere RES regio’s als het gaat om de opwerk van windenergie? → Wat kunt u hierover zeggen?
- Is er al een voorzichtige conclusie mogelijk als het gaat om de haalbaarheid van het bod in onze RES regio ten opzichte van de andere RES regio’s? → M.a.w.; kan het zijn dat andere RES regio’s meer (of minder) geschikt zijn dan onze regio en hoe verhoudt zich dat?
- Stel dat de conclusie is dat onze regio minder geschikt blijkt te zijn; gaat u dan daarop het bod aanpassen? → Zo niet; waarom niet?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Beantwoording Aanvullende vragen RES Alblasserwaard – VVD Gorinchem 19 juni 2024
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Hoe is gekeken naar de geluidsnormen binnen de RES?
Antwoord van het college
Bij de windverkenning is gebruik gemaakt van de landelijke ontwerp-normen zoals die in oktober 2023 bekend zijn geworden. Dus in de windverkenning is gewerkt met een afstandsnorm van 2x de tiphoogte (in ons geval 2 x 240 meter = 480 meter) op basis van de in de windverkenning gehanteerde referentie-windmolen met een tiphoogte van 240 meter. Daarnaast is de adviesnorm van de WHO (World Health Organisation) voor een jaargemiddelde geluidsnorm van 45 dB Lden en 39 dB Lnight gehanteerd. Van beide type normen (afstandsnorm en jaargemiddelde geluidsnorm) geldt dat deze opgenomen zijn in het ontwerp-normenkader van het ministerie. De verwachting is dat de definitieve geluidnorm (en eventuele afstandsnorm) medio 2025 vastgesteld zullen worden.
Vraag 2
Hoe verhoudt zich dit in de relatie tot de volksgezondheid en mogelijke consequenties daarvan op onze inwoners?
Antwoord van het college
De geluidsnormen die wij in de windverkenning hebben gehanteerd volgen het advies van de World Health Organisation en zijn substantieel strenger dan de vorige landelijke geluidsnormen voor windturbines op land die in Nederland golden. Wij gaan ervan uit dat daarmee de volksgezondheid voldoende geborgd wordt. Een verlaging van de jaargemiddelde norm van 2 dB betekent een vermindering van de gemiddelde geluidbelasting met een factor 3,5 voor alle nieuwe zoekgebieden voor windenergie in Nederland.
Vraag 3
Kijkt u bij het afgeven van eventuele nieuwe vergunning ook naar de effecten van laagfrequent geluid en/of geluid over het water?
Antwoord van het college
En wat betekent dit effect voor onze RES en de impact op naburige gemeente(n) waaronder Altena?
Ja, laagfrequent geluid (LFG) is een onderdeel van geluidbelasting en daarmee automatisch een onderdeel van een vergunningaanvraag waarop getoetst zal worden op (eventuele nadelige) effecten van LFG.
De geluidbelasting van windturbines wordt modelmatig berekend. In het model wordt rekening gehouden met de lokale omstandigheden. Onder andere water en bebouwing worden hierin meegenomen. Dit soort specifieke elementen maakt dus standaard onderdeel uit van de toetsing.
In vergelijking met andere RES regio’s;
Vraag 4
Hoe loopt Nederland als geheel in de pas met het bod?
Antwoord van het college
In het Klimaatakkoord uit 2019 hebben de 30 energieregio’s het doel meegekregen om gezamenlijk uiterlijk in 2030 ten minste 35 TWh elektriciteit te produceren met windturbines op land en zonnepanelen. De RES-regio’s hebben vervolgens elk een RES 1.0 opgesteld. Opgeteld komen de RES 1.0-biedingen hoger uit dan dit gestelde doel, namelijk op 55 TWh. Uit de Monitor RES 2023 van Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) blijkt dat het doel om in 2030 35 TWh op te wekken op basis van de recentste ontwikkelingen goed haalbaar is. Volgens het PBL is het halen van het opgetelde bod van 55 TWh in 2030 onwaarschijnlijk. Vanuit het Nationaal Programma RES en haar opdrachtgevers (ministeries EZK, BZK, Interprovinciaal Overleg, Vereniging van Nederlandse Gemeenten en Unie van Waterschappen) wordt overigens wel gestuurd op realisatie van de opgetelde biedingen van 55 TWh, omdat sinds het Klimaatakkoord van 2019 bekend is dat de vraag naar elektriciteit veel hoger zal zijn in 2030 dan in 2019 voorzien.
Vraag 5
Hoe verhoudt de RES Alblasserwaard zich tot andere regio’s qua tijdlijnen?
Antwoord van het college
M.a.w.; waar staan we als RES – lopen we voorop, in het midden of achteraan?
Als we kijken naar alle Nederlandse RES-en gezamenlijk, dan was in 2023 55% van het bod gerealiseerd (incl. pijplijn-projecten). Dit blijkt uit de Monitor RES 2023 van PBL. De RES
Alblasserwaard loopt achter op dit landelijk gemiddelde; de Voortgangsrapportage 2023 van de RES Alblasserwaard laat zien dat 36% van het bod gerealiseerd is. Hierbij is het belangrijk te weten dat verschillen tussen de regio’s groot zijn. Enkele regio’s hebben hun volledige doel al behaald, anderen lopen nog verder achter dan regio Alblasserwaard. Als we kijken naar Zuid-Holland, dan neemt de RES Alblasserwaard een middenpositie in. In de GS-brief ‘Routekaart Regionale Energie Strategie (RES) Elektriciteit’ uit april 2024 worden 2 regio’s genoemd waar het RES-bod gehaald of in zicht is (RES Hoeksche Waard en RES Goeree-Overflakkee), 2 regio’s waar het RES-bod niet in zicht is maar waar afspraken gemaakt zijn met RES-partners over te ondernemen stappen (RES Alblasserwaard en RES Rotterdam-Den Haag) en 3 regio’s waar het RES-bod niet in zicht is en nog geen concrete afspraken over het traject om te komen tot zoeklocaties met RES-partners (RES Drechtsteden, RES Holland Rijnland en RES Midden-Holland). Voor deze laatste 3 regio’s wil GS de komende maanden met de RES-partners bespreken op welke wijze gemeenten bijdragen aan het RES-bod van hun regio.
Vraag 6
In hoeverre is onze RES regio meer of minder geschikt ten opzichte van de andere RES regio’s als het gaat om de opwerk van windenergie?
Antwoord van het college
Wat kunt u hierover zeggen?
Op deze vraag is geen eenduidig antwoord te geven, omdat meer of minder geschikt geen objectieve criteria zijn. Dit is eerder een politieke beoordeling. Uit de verkenning van Arcadis, op basis van verwachte wettelijke normen, is eind vorig jaar gebleken dat windenergie op meer dan 20 plekken in de regio mogelijk is, in technische zin. In het vervolg van de verkenning zijn we gaan trechteren op basis van provinciaal beleid en gemeentelijke uitgangspunten, uitmondend in het raadsvoorstel dat nu voorligt om twee toekomstige windlocaties voor te dragen aan de provincie om op die locaties het deel windenergie van het RES-bod te realiseren. Er vindt bij ons weten geen vergelijking plaats over de geschiktheid van RES-regio’s voor windenergie ten opzichte van elkaar.
Vraag 7
Is er al een voorzichtige conclusie mogelijk als het gaat om de haalbaarheid van het bod in onze RES regio ten opzichte van de andere RES regio’s?
Antwoord van het college
M.a.w.; kan het zijn dat andere RES regio’s meer (of minder) geschikt zijn dan onze regio en hoe verhoudt zich dat?
In antwoord op vraag 5 en 6 zijn we al ingegaan op de voortgang van onze RES ten opzichte van andere RES-en op de geschiktheid voor wind.
We willen hier graag aan toevoegen dat het de intentie van alle RES-partners is om ons bod tijdig en volledig te halen. In dit kader wijzen we ook op de eerdergenoemde GS-brief, waarin de provincie Zuid-Holland, medepartner in de RES Alblasserwaard, ons onlangs liet weten er samen met de RESpartners actief aan te werken om de RES-bieding te realiseren.
Ons RES bod bestaat uit zon- en windenergie. Voor het deel zon verwijzen wij u naar de raadsinformatiebrief van april 2024: Document Gorinchem - 916326 RIB Stand van zaken zonnepanelen op grote daken in RES Alblasserwaard - iBabs Publieksportaal (bestuurlijkeinformatie.nl)
Vraag 8
Stel dat de conclusie is dat onze regio minder geschikt blijkt te zijn; gaat u dan daarop het bod aanpassen?
Antwoord van het college
Zo niet; waarom niet?
Wij gaan niet mee in uw aanname dat onze regio minder geschikt zou zijn voor windenergie dan andere regio’s. Wij houden vast aan realisatie van het kwantitatieve RES-bod dat uw raad , de raad van Molenlanden, Provinciale Staten en het Algemeen Bestuur van waterschap Rivierenland hebben vastgesteld medio 2021.
Met betrekking tot het samenwerkingsverband;
In de presentatie kwam een mogelijk mandaatverlegging naar voren vanuit provincie naar de gemeente(n).
Vraag 9
Wanneer wordt een dergelijk mandaatbesluit besproken of genomen?
Antwoord van het college
Dit is nog niet zeker en hangt af van de nog te nemen politieke besluiten in beide gemeenteraden en bij provincie Zuid-Holland. Er is geen wet of regel die aangeeft op welk moment een dergelijke bestuursovereenkomst tussen de provincie en gemeenten wordt gesloten. Het is gebruikelijk dat dit eventueel gebeurt nadat het provinciale besluit omtrent zoeklocaties windenergie is genomen. De planning is dat dit besluit (door Provinciale Staten) eind 2025 genomen zal worden, conform de huidige planning van de provinciale Omgevingseffectrapportage.
Indien de gemeente Gorinchem en/of de gemeente Molenlanden de planologische bevoegdheid wenst te hebben voor het afgeven van omgevingsvergunningen voor windenergie dan kan daar voortijdig met de provincie al over gesproken worden. Een dergelijk afsprakenkader/bestuursovereenkomst tussen provincie en een gemeente is al veel afgesloten tussen Zuid-Hollandse gemeenten en de provincie Zuid-Holland. De komende periode zullen we benutten om met de provincie te overleggen over de voor- en nadelen voor de provincie en gemeenten van het delegeren van bevoegd gezag. Wij houden de raden van de vorderingen op de hoogte.
Vraag 10
Wat zou daarvan de precieze consequentie zijn?
Antwoord van het college
De consequentie is dat na het afsluiten van een bestuursovereenkomst met de provincie de desbetreffende gemeente zelf verantwoordelijk is voor de procesvoering om te komen tot een besluit over vergunningsaanvragen met als doel om windenergie planologisch mogelijk te maken. De gemeente ontvangt dan ook de leges. De gemeente heeft een inspanningsverplichting.
Vraag 11
Kan een dergelijk mandaat weer worden ingetrokken of juist niet?
Antwoord van het college
Ja, een dergelijk mandaat kan worden ingetrokken indien daar aanleiding toe is. Bijvoorbeeld als de provincie meent dat de desbetreffende gemeente zich niet voldoende inspant om een vergunning af te geven voor ingediende ontwikkelingsplannen voor windenergie.
Vraag 12
Op welk moment en op basis van welke gronden kan de provincie besluiten om zelfstandig een locatie aan te wijzen?
Antwoord van het college
Op het moment dat er geen planologische delegatie van beslissingsbevoegdheid heeft plaatsgevonden, blijft de provincie Zuid-Holland verantwoordelijk voor het afgeven van vergunningen aan initiatiefnemers voor de ontwikkeling van windenergie. Vaak gebeurde dit door een provincie op basis van het laten vaststellen van een Provinciaal Inpassingsplan (Projectbesluit onder de Omgevingswet). Als een provincie het bevoegd gezag houdt, is er minder sturing en regie door de gemeente aan de orde om het planologische traject te begeleiden. Ook de participatie met inwoners en andere belanghebbenden vindt dan in principe plaats door de provincie.
Aangaande het proces;
Vraag 13
Op het moment dat de raden een besluit hebben genomen, geeft de RES-organisatie aan dat er vrijwel zeker aanvullend onderzoek moet plaatsvinden. Dit in verband met o.a. de defensieradar, OER-traject voor erfgoed / archeologie en een Heritage Impact Assessment. Wat gebeurt er als blijkt dat uit één of meerdere van die onderzoek een negatief advies volgt?
Antwoord van het college
Mocht dit aan de orde zijn dan treden de RES-partners Molenlanden, Gorinchem en provincie ZuidHolland bestuurlijk met elkaar in gesprek over de te nemen vervolgstappen, waarbij zowel de RES 1.0 als de bestuursovereenkomst kaderstellende documenten zijn.
Vraag 14
Er is kritiek op de wijze waarop het participatieproces heeft plaatsgevonden. Wat zijn de belangrijkste leerpunten richting de toekomst en hoe worden deze geëvalueerd?
Antwoord van het college
Wethouder Lock heeft mede namens wethouder De Boer aangegeven dat de start van het participatietraject beter had gekund. In onze ogen wilde de RES-organisatie samen met het extern
ingehuurde adviesbureau te snel aan de slag om te komen tot adviezen. Er werd onvoldoende ruimte voor vragen en antwoorden ervaren op de eerste bijeenkomsten van het participatietraject.
Dit is tijdens het participatietraject direct opgepakt en er zijn verbeteringen doorgevoerd. U moet daarbij denken aan het organiseren van extra bijeenkomsten voor bewoners en andere betrokkenen én het vervaardigen van een vragen- en antwoordendocument wat momenteel inmiddels uit 100 vragen en antwoorden bestaat en wat openbaar toegankelijk is als naslagwerk voor geïnteresseerden.
De participatie en de communicatie is overigens niet gestopt. In deze fase ligt de nadruk op de communicatie, in de vervolgfase gaan we ook de participatie weer oppakken. De precieze vorm daarvan is nog niet bekend, maar hierbij nemen we de leerpunten van de afgelopen periode zeker mee.
Bekijk de brief: Beantwoording vragen VVD Gorinchem 19juni 2024 RES windenergie
Bron: raadsinformatie van de gemeente Gorinchem (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.