23 april 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Hardinxveld-Giessendam

106 Beantwoording schriftelijke vragen CU nav Jaarrapportage 2025.pdf

Een raadslid stelde op 23 april 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Hardinxveld-Giessendam.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

RAADSVRAGEN

Onderwerp:

Schriftelijke politieke vragen n.a.v. Jaarrapportage 2025

Naam steller:

Partij:

Wim IJzerman ChristenUnie

Categorie:

Schriftelijke vragen over niet geagendeerde stukken

Vraag 1: -blz. 6 Beleidsplan voor een natuurvriendelijke oevers. De uitwerking hiervan is verplaatst naar 2026 vanwege extra aandacht voor het ophogen van de begraafplaats aan de Spindermolen.

Kan het College aangeven waarom dit het uitwerken van een Beleidsplan in de weg staat?

De ophoging bevindt zich immers al in de uitvoerende fase?

Reactie college Allereerst ter verduidelijking: er wordt geen beleidsplan natuurvriendelijke oevers opgesteld. De opgave betreft het maken van een nadere uitwerking van het groenbeleidsplan. Een van de onderdelen is het maken voor en voorstel om op geschikte locaties natuurvriendelijke oevers aan te leggen. Veelal zijn deze oevers nu voorzien van een beschoeiing.

Inhoudelijk is er geen relatie tussen deze uitwerking en de werkzaamheden op de begraafplaats. Het gaat hier vooral om een capaciteitsvraagstuk, waarbij de prioriteit is gelegd bij de in- en uitbreiding van de begraafplaats Spindermolen en de communicatie rondom de aanpassingen van begraven op deze begraafplaats.

Vraag 2: -blz. 8 Schone Lucht Akkoord. Dit is geborgd in de Omgevingsvisie, zo staat er. Echter, in de Omgevingsvisie staat alleen dat hieraan gewerkt wordt. Dat is niet erg concreet.

Kunt u aangeven wat we kunnen verwachten en wanneer?

Reactie college Het Schone Lucht Akkoord wordt in Hardinxveld-Giessendam stapsgewijs uitgewerkt. De uitvoering is belegd binnen de organisatie en jaarlijks worden de maatregelen in beeld gebracht. Deze maatregelen variëren van communicatie rondom houtstook tot het faciliteren en stimuleren van walstroom in de gemeentehaven. De ingediende maatregelenlijst is als bijlage bij deze beantwoording toegevoegd.

Daarbij is sprake van een groeimodel: op onderdelen is al invulling gegeven, terwijl andere onderdelen nog in ontwikkeling zijn of vooral via bestaand lokaal, regionaal en landelijk beleid worden uitgevoerd.

Vraag 3: -blz. 10 Het fietsenbeleidsplan heeft vertraging opgelopen door een wisseling in model voor de laadinfrastructuur. Is dit inmiddels opgelost? Wanneer kunnen we dit plan verwachten?

Reactie college De overgang naar het concessiemodel voor de laadinfrastructuur is inmiddels afgerond. Wel loopt er nog een bezwaarprocedure tegen de concessie, maar dat ligt bij de concessieverlenende gemeente.

Door andere prioritering, zoals de grootschalige gebiedsontwikkeling, de raadsopdracht voor de tunnel onder het spoor door en de raadsopdracht om te komen tot parkeerbeleid, is het fietsbeleid voorlopig niet ingepland.

Vraag 4: -blz. 11 Aanpassing Spoorwegovergang Binnendams. In de samenleving leven veel vragen over deze spoorwegovergang. Gezien de plannen voor de verdere inrichting en de mogelijke tunnel snappen we het dilemma waarvoor het College staat.

Welke concrete maatregelen ziet het college en wanneer kan de aanpassing dan daadwerkelijk worden doorgevoerd?

Reactie college Graag verwijzen wij u naar de eerder uitgebrachte memo in 2025 hierover. Daarin is aangegeven dat één van de opties is dat de spoorwegovergang niet aangepast zal worden, omdat we geen instemming van ProRail krijgen voor beide maatregelen: een tunnel en aanpassingen aan de overweg. Ondertussen wordt nader onderzoek gedaan naar de verkeerssituatie op de overweg. In dat onderzoek worden maatregelen doorgerekend die ertoe kunnen leiden dat het verkeersaanbod op de overweg kleiner wordt en acceptabel is voor een veilige verkeersafwikkeling met de komst van de 170 woningen in ‘t Oog. Over de uitkomst hiervan zal de raad worden geïnformeerd.

Vraag 5: -blz 12. Kruising Rivierdijk-Nieuweweg. Wanneer verwacht het College daarover overeenstemming te bereiken met de nutsbedrijven? En hoe lang duurt het dan nog voordat gestart kan worden met de herinrichting?

Reactie college Het college verwacht zeker tot overeenstemming te komen met de nutsbedrijven. De uiteindelijke planning is echter afhankelijk van de uitkomst van het overleg met de nutsbedrijven. Er is nu dus nog geen duidelijkheid over de start van herinrichting te geven.

Vraag 6:

Kunt u in de volgende Jaarrapportage concreter aangeven:

a. wat de oorzaken zijn waarom bepaalde zaken niet gedaan zijn,

b. wanneer dit wel het geval zal zijn en

c. welke actie is ondernomen.

Reactie college We zijn zeker bereid om deze onderdelen in een volgende jaarrapportage mee te nemen.

-2-

Code M.2B.D

Titel Emissie-eisen in vergunningen

Omschrijving van de maatregel Gemeenten en provincies nemen, waar mogelijk, gezondheidsdoelen, in de vorm van emissie-eisen op in vergunningen voor bedrijven en relevante activiteiten.

Ambitie daarbij is om zo snel mogelijk de inzet van oudere dieselvoertuigen te beëindigen en schone alternatieven te stimuleren. De mogelijkheden hiervoor worden door partijen in het SLA verkend.

Fase Omschrijving van de voortgang 3 De gemeente monitort via het CIMLK of aan de omgevingswaarden wordt voldaan, zoals verplicht in het Bkl.

Als uit deze monitoring blijkt dat maatregelen nodig zijn, moet de gemeente handelen. Hoewel nu nog geen specifieke maatregelen zijn uitgewerkt rond voertuigemissie, volgt de gemeente de nationale ontwikkelingen (roetfiltertest, Adblue‑maatregelen, vrachtwagenheffing) en verkent zij hoe in de toekomst, indien nodig, vergunningen kunnen worden ingezet om aan de Bkl‑verplichtingen te voldoen.

M.2A.D

Emissie-eisen in aanbestedingen

Gemeenten, provincies en het Rijk nemen vanaf 2021 3 luchtkwaliteits en gezondheidsdoelen standaard op in aanbestedingen van voertuigen en transportdiensten. De aanbestedingscriteria komen minimaal overeen met de emissie-eisen van de MVI criteria zoals gepubliceerd op de PIANOo website. Partijen maken afspraken over de periodieke aanscherping van de eisen richting 2030. Indien gewenst kunnen gemeenten en provincies kiezen voor een verdergaande ambitie, Bijvoorbeeld voor hoogblootgestelde of nabij kwetsbare bestemmingen gebieden.

Ambitie is, om de inzet van (oudere) dieselvoertuigen te beëindigen en schone alternatieven te stimuleren.

Bij aanbestedingen voor voertuigen en transportdiensten nemen we – in lijn met de afspraken uit het Schone Lucht Akkoord – luchtkwaliteits- en gezondheidseisen expliciet op in de aanbestedingsstukken en contractafspraken. De Algemene Inkoopvoorwaarden Drechtsteden 2020 (AIVD 2020) borgen daarbij dat leveranciers moeten voldoen aan toepasselijke weten regelgeving en algemeen geldende normen, waaronder voorschriften op het gebied van milieu. Waar relevant sluiten we bij de formulering van emissie-eisen aan op de (periodiek aangescherpte) MVI-criteria zoals gepubliceerd via PIANOo, met ruimte om in specifieke situaties (bijvoorbeeld nabij kwetsbare bestemmingen) zwaardere eisen te stellen.

M.3.D

Regionale mobiliteitsprogramma’s

Gemeenten en provincies nemen de gezondheidsdoelen uit 3 het SLA akkoord (Artikel 1) mee in de uitwerking, uitvoering en toekomstige herijkingen van alle Regionale Mobiliteitsprogramma’s.

De gemeente neemt via de regionale samenwerking (RMPregio Drechtsteden) deel aan de doorlopende uitwerking en actualisatie van het Regionaal Mobiliteitsprogramma. IIn regionaal verband is aandacht gevraagd voor het expliciet meewegen van de SLA-gezondheidsdoelen bij de selectie/actualisatie van maatregelen (o.a. stimulering van schone en actieve mobiliteit, en het versnellen van de verschoning van voertuigen en logistiek). Bij eerstvolgende actualisatie van het regionale maatregelenpakket wordt vastgelegd hoe gezondheid/luchtkwaliteit structureel wordt meegenomen (bijv. als toets/afwegingscriterium en via periodieke herijking).

M.1.D

Gezondheidsdoelen in verkeers- en vervoersplannen

Gemeenten, provincies en Rijk, streven ernaar om vanaf 2021 4 gezondheidsdoelen (zoals geschreven in artikel 1 uit het Schone Lucht Akkoord) voor schonere lucht op te nemen in alle relevante nieuwe verkeers- en vervoersplannen en bestaande plannen periodiek te herijken. Dit is een continu proces.

M.4.D

Effectstudies luchtemissies

Gemeenten, provincies en Rijk brengen de negatieve 5 gezondheidseffecten van luchtemissies in kaart bij effectstudies voor projecten waarvan een mogelijk substantieel effect wordt verwacht. In de themagroep mobiliteit verkent de rijksoverheid, in samenwerking met gemeenten en provincies de mogelijkheden hiervoor. Voor kleine projecten kan gebruik gemaakt worden van de Niet In Betekenende Mate (NIBM) tool. Voor grote projecten kan men de milieueffectrapportage procedure gebruiken. Meer informatie hierover is te vinden op iplo.nl.

Gemeenten en provincies streven ernaar om emissie-eisen in 0 omgevingsvergunningen en milieuzones toe te passen ten behoeve van stedelijke en in het bijzonder hoogblootgestelde gebieden voor mobiele werktuigen die worden ingezet onder andere voor de logistiek, evenementen, groenbeheer, infraen bouwwerken.…

Bekijk de brief: 106 Beantwoording schriftelijke vragen CU nav Jaarrapportage 2025.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Hardinxveld-Giessendam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Hardinxveld-Giessendam

Alle artikel 35-vragen in Hardinxveld-Giessendam