11 juni 2026 · artikel 35-vragen · gemeente Hardinxveld-Giessendam

volkshuisvestingsprogramma.pdf

Een raadslid stelde op 11 juni 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Hardinxveld-Giessendam.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

RAADSVRAGEN

Onderwerp:

Raadsvragen in relatie tot raadsinformatieavond volkshuisvestingsprogramma

Naam steller:

Partij:

Koen Schouten SGP

Categorie:

Raadsvragen over niet geagendeerde stukken

Toelichting Tijdens de raadsinformatieavond van 18 mei is gesproken over het onderwerp volkshuisvestingsprogramma. Mede omwille van de tijd was er niet de gelegenheid om alle beoogde vragen te stellen. Hierbij conform afspraak de op 18 mei niet gestelde vragen op papier ter schriftelijke beantwoording.

Vraag 1:

Met betrekking tot het regionaal woningbouwprogramma: wij doen op dit moment in het beleid wat (minimaal) moet van de wet, toch? Of zijn er aanvullingen / aanpassingen nodig?

Reactie college In het door de raad vastgestelde volkshuisvestingsprogramma is rekening gehouden met de randvoorwaarden uit de wet regie voor de samenstelling van het woningbouwprogramma (aandeel betaalbare woningbouw en sociale huurwoningen). Het volkshuisvestingsprogramma vormt ook de basis voor de gemeentelijke inbreng in het op te stellen regionale woningbouwprogramma. Op dit moment wordt niet voorzien dat er op dit punt aanvullingen of aanpassingen nodig zijn.

Vraag 2:

Nog niet helder is hoe het zit met de bijzondere aandachtsgroepen vanuit het volkshuisvestingsprogramma: over welke doelgroepen gaat dit, en hoeveel mensen betreft dit? Kunnen we onderling / binnen de regio groepen ‘uitwisselen’ en specialiseren op bepaalde aandachtsgroepen of is er sprake van een evenredige verdeling?

Reactie college We onderscheiden de volgende aandachtsgroepen:

- Ouderen

- Mensen in verplichte urgentiegroep

- Mensen met lichamelijke/verstandelijke/zintuigelijke beperking of psychische kwetsbaarheid

- (Dreigend) dak- en thuislozen

- Arbeidsmigranten

- Studenten

- Starters

- Woonwagenbewoners

- Vergunninghouders Op de pagina’s 20 t/m 25 van het Volkshuisvestingsprogramma staan de aantallen per aandachtsgroep beschreven (voor enkele groepen is benoemd dat de omvang nog niet bekend is en nader onderzocht moet worden). Deze zijn afkomstig uit de lokale woonzorganalyse, uitgevoerd door bureau HHM in 2025.

Enkel voor de aandachtsgroepen ‘mensen met psychische kwetsbaarheid’ en ‘dak- en thuislozen’ geldt dat de regio met elkaar afspraken maakt over de spreiding van specialistische woonzorglocaties. Het is namelijk voor de omvang van de doelgroepen niet nodig dat er in elke gemeente bijvoorbeeld een opvanglocatie voor daklozen, een intramurale beschermd wonen locatie en vrouwenopvang aanwezig is.

Rondom intramurale zorg voor ouderen en intramurale zorg voor mensen met een lichamelijke en/of verstandelijke beperking is de rol van gemeenten beperkt tot het toetsen van ruimtelijke en bouwkundige aspecten. Zorgaanbieders maken onderling en in samenwerking met zorgkantoren zelf afspraken met elkaar over spreiding van intramurale voorzieningen over de regio, aansluitend op de vraag.

In samenhang met de opstelling van een regionaal woningbouwprogramma worden binnen regio Drechtsteden ook samenwerkingsafspraken tussen de gemeenten voorbereid over de huisvesting van aandachtsgroepen (in aanvulling op de hiervoor genoemde groepen waarvoor nu al regionaal wordt samengewerkt). Onderdeel van deze afspraken zou inderdaad kunnen zijn dat gemeenten ook voor deze groepen kunnen ‘uitwisselen’ c.q. zich specialiseren op de huisvesting van bepaalde aandachtsgroepen.

Vraag 3:

Een huisvestingsverordening: kun je die regionale urgentieverordening / huisvestingsverordening ook op gemeenteniveau aanvullen met bijvoorbeeld lokale binding, e.d.? Met andere woorden dient er regionaal een uniforme verordening zijn of is er sprake voor lokaal maatwerk / keuzes?

Reactie college De inhoud van een Huisvestingsverordening moet regionaal worden afgestemd, maar er is ruimte voor lokaal maatwerk en aanvullende keuzes per gemeente (behoudens de onderdelen die volgens de wet (uniform) moeten worden opgenomen in de verordening, zoals ten aanzien van voorrang voor urgent woningzoekenden).

Vraag 4:

We hoorden van monitoring (PPM): krijgen we hierdoor ook als raad een rapportage welke woningen er zijn gebouwd per segment of soort woning (conform wat de CU ooit als toezegging vroeg bij monde van dhr. Van Dijk)?

Reactie college De informatie uit de PPM vormt ook de basis voor een monitoring en verantwoording via de producten van de P&C-cyclus aan de raad over de voortgang van het woningbouwprogramma.

Vraag 5:

Waarom wordt de regionale visie beschermd wonen door de centrumgemeente Dordrecht vastgesteld (en daarna door de colleges), en niet door de lokale raden? Hoe wordt de raad m.b.t. aandachtsgroepen betrokken in het vervolgproces?

Reactie college Zolang de doordecentralisatie van Beschermd Wonen nog altijd niet aan de orde is, is de vaststelling van de regiovisie gekoppeld aan de verantwoordelijkheid van de centrumgemeente. Zo is dit ook vastgelegd in artikel 13.1 1van de Samenwerkingsovereenkomst Beschermd Wonen en Opvang (BW&O). De visie is wel in co-creatie met de regiogemeenten opgesteld, geaccordeerd in het Bestuurlijk Overleg BW&O en vervolgens vastgesteld door de lokale colleges.

De huidige regiovisie gaat voornamelijk in op uitgangspunten t.a.v. de ondersteuning die wordt geboden aan de doelgroepen van beschermd wonen: dat we mensen het liefst binnen hun eigen omgeving ondersteunen (beschermd thuis), dat we beschermd wonen zien als tijdelijk, dat we lichte ondersteuning inzetten waar mogelijk en intensieve ondersteuning waar nodig en dat het lokale en regionale ondersteuningsaanbod samen dekkend zijn. Deze uitgangspunten komen overeen met onze lokale visie BW&O. Onze lokale visie wordt benoemd en erkend in de regionale visie (blz. 16).

Ten aanzien van het nodige vastgoed staat enkel opgenomen: “Elke gemeente neemt actief deel aan het realiseren en aanbieden van passende woonvoorzieningen en woonruimte vanuit de Agenda 1

Artikel 13 Beleid e.d.

1. Iedere vier jaar wordt een regionaal beleidsplan voor de uitvoering van Beschermd Wonen en Opvang voorbereid door Dordrecht en ter vaststelling voorgelegd aan de colleges van de deelnemende gemeenten.

-2-

Huisvesting Kwetsbare groepen (nu: Investeringsagenda BW&O). Zo zorgen we er samen voor dat onze inwoners in de eigen omgeving zo zelfstandig mogelijk kunnen blijven wonen.” De lokaal vastgestelde woonzorganalyse en het volkshuisvestingsprogramma zijn voor het college belangrijke kaderdocumenten voor het leveren van een passende bijdrage in de regionale opgave van BW&O. Onderdeel van de verkenning naar mogelijke nieuwe woonzorgvoorzieningen is een actieve betrokkenheid van de raad in het besluitvormingsproces.

Vraag 6:

Tot welke percentage kan Fien Wonen de ‘formele lokale voorrang’ verhogen? En zet het college hier in de gesprekken, ook gezien de eerder aangenomen moties op dit terrein, ook op in?

Reactie college In de Huisvestingsverordening kunnen regels worden opgenomen voor het (formeel) met voorrang toewijzen van woningen. Maximaal mag tot 50% van het woningaanbod met voorrang worden toegewezen aan woningzoekenden met een maatschappelijke en/of economische binding. Voorwaarde voor het invoeren van een dergelijke regeling is dat ‘schaarste’ wordt aangetoond. Onderzocht wordt in hoeverre het mogelijk is om dit aan te tonen en of daarmee een in de Huisvestingsverordening op te nemen voorrangsregeling gemotiveerd kan worden. Bij het voorstel tot vaststelling van de Huisvestingsverordening zal hierop worden ingegaan.

-3-

Bekijk de brief: 233 Beantwoording schriftelijke vragen SGP over volkshuisvestingsprogramma.pdf

Bron: raadsinformatie van de gemeente Hardinxveld-Giessendam (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Hardinxveld-Giessendam

Alle artikel 35-vragen in Hardinxveld-Giessendam