30 oktober 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Heerde

14.7. Sv 2023-11 beantwoording vragen vragen GBP Initiatief zonnepark gemeente Heerde

Een raadslid stelde op 30 oktober 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Heerde (2 vragen).

In het kort

2 vragen en wat het college antwoordt

  • Hoe kan participatie worden geborgd? → En hoe zorgt men ervoor dat er geluisterd wordt naar de inbreng/ideeën voor alternatieven van inwoners?
  • Heeft het college grip/invloed op de wijze waarop Solarfields te werk gaat? → En zo ja, hoe pakt het college dit aan?

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Schriftelijke vragen Reg. Nr. 2023-11 Datum:

Van:

Aan:

Onderwerp:

Datum beantwoording:

Behandeld in college van:

15-05-2023 GBP College via gemeentesecretaris Initiatief zonnepark gemeente Heerde 06-09-2023 19 september 2023

[in te vullen door de griffie] [in te vullen door de aanvrager] [in te vullen door de aanvrager] [in te vullen door de organisatie] [in te vullen door de organisatie]

Toelichting Afgelopen maand heeft er een bijeenkomst plaatsgevonden in verband met een initiatief voor de aanleg van een zonnepark in Wapenveld. Initiatiefnemer ‘Solarfields’ heeft tijdens de bijeenkomst een presentatie gegeven over de plannen.

Ook heeft Solarfields keukentafelgesprekken gevoerd met inwoners/betrokkenen. Wat blijkt is dat slechts een deel van de genodigden voor de bijeenkomst uitgenodigd waren voor een dergelijk keukentafelgesprek.

Inwoners hebben zorgen geuit over het initiatief. Onder andere over de weerkaatsing van zonlicht door de panelen, leefbaarheid, participatie en het verdwijnen van groen, vogels en andere diersoorten.

Graag de volgende vragen schriftelijk beantwoorden:

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Hoe kan participatie worden geborgd?

Antwoord van het college

En hoe zorgt men ervoor dat er geluisterd wordt naar de inbreng/ideeën voor alternatieven van inwoners?

Vraag 2

Heeft het college grip/invloed op de wijze waarop Solarfields te werk gaat?

Antwoord van het college

En zo ja, hoe pakt het college dit aan?

In 2022 heeft de gemeenteraad het uitnodigingskader zonnevelden en windmolens vastgesteld.

Daarover een aantal vragen in relatie tot bovengenoemd initiatief:

1. In het uitnodigingskader staat onder andere beschreven welke locaties geschikter en minder geschikt zijn voor zonnepanelen. Wordt er ook gekeken naar alternatieve locaties?

2. Er wordt bij ieder initiatief gestreefd naar minimaal 50% lokaal eigendom. Hoe wordt dat in dit geval geborgd?

3. Wanneer er onvoldoende draagvlak is (en dat horen we tijdens de bijeenkomsten), hoe gaat de gemeente daar mee om?

Namens de fractie van GBP Bertus Dokter

Reactie vooraf De vragen van de fractie van GBP zijn ingediend op 15 mei jl.. Abusievelijk werd aangenomen dat deze vragen geacht werden te zijn betrokken bij de behandeling van de motie Zon op land en het uitnodigingskader (motie 2023-06) die de gemeenteraad op 5 juni jl. aannam.

In een eerste reactie op de motie, verwoord in memo Ari nr. 2023-43, kondigde het college onder meer aan het Lokaal uitnodigingskader zon en wind ‘on hold’ te zetten en stelde het een discussienota over mogelijkheden tot aanscherping ervan in het vooruitzicht.

Deze ontwikkeling plaatst de schriftelijke vragen van de fractie GBP nu in een gewijzigd perspectief.

Antwoord Solarfields en communicatie/participatie

1. Waarom heeft Solarfields slechts een deel van de betrokkenen uitgenodigd voor een keukentafelgesprek (en een ander deel van de aanwezigen tijdens de bijeenkomst niet)?

In het Uitnodigingskader zonnevelden en windmolens gemeente Heerde zijn processtappen uitgewerkt die voor de ontwikkeling van plannen en de realisatie van initiatieven doorlopen moeten worden. Het initiatief van Solarfields bevindt zich in stap 3 waarin de ontwikkelaar door het organiseren van een bijeenkomst inwoners een toelichting geeft op het initiatief en de inwoners raadpleegt voor het ophalen van aandachtspunten. Hoe de initiatiefnemer aan stap 3 exact uitvoering geeft onttrekt zich aan het beeld van de gemeente. De gemeente heeft hierop geen invloed.

2. Hoe kan participatie worden geborgd? En hoe zorgt men ervoor dat er geluisterd wordt naar de inbreng/ideeën voor alternatieven van inwoners?

Participatie is verwerkt in de processtappen volgens het uitnodigingskader. In de processtappen 3 (zie boven) en 5 (waarin de ontwikkelaar een gebiedsproces organiseert om samen met inwoners het plan te maken) vervult participatie een essentiële rol. Plantontwikkelaars krijgen de opdracht om het plan samen met de inwoners uit het gebied te ontwikkelen. Bovendien versterkt de belangrijke positie van de omgevingsraad tijdens de planvorming het participatieve karakter van het ontwikkelproces. Een deel van de omgevingsraad bestaat immers uit inwoners uit het gebied waar de realisatie van het plan wordt beoogd. Daarnaast kunnen inwoners gedurende de formele ter inzagetermijn (stap 8) inspreken op het plan.

3. Heeft het college grip/invloed op de wijze waarop Solarfields te werk gaat? En zo ja, hoe pakt het college dit aan?

De invloed die het college tot dusver heeft kunnen uitoefenen op Solarfields is gericht op het voorschrijven van het kader dat het bedrijf in acht moet nemen bij het proces tot realisatie van het voorgenomen plan. Op grond van dat kader (het uitnodigingskader) heeft ons college invloed op de volgorde waarin processtappen worden gezet. In de stappen 4 en 7 is het college in de positie om het initiatief te toetsen op haalbaarheid, ruimtelijke inpasbaarheid, toegevoegde gebiedskwaliteit, in hoeverre inwoners kunnen profiteren van het plan en proceszorgvuldigheid.

Het college maakt daarbij gebruik van het advies van de omgevingsraad en na akkoord van nadere maatwerkuitwerking op basis van een anterieure overeenkomst.

Toepassing Uitnodigingskader zonnevelden en windmolens gemeente Heerde

1. In het uitnodigingskader staat onder andere beschreven welke locaties geschikter en minder geschikt zijn voor zonnepanelen. Wordt er ook gekeken naar alternatieve locaties?

Als mogelijk alternatieve locatie heeft het college binnen de RES de A50 aangemeld voor het programma Opwek Energie op Rijksvastgoed. Met dit programma wil het Rijk eigen gronden structureel inzetten voor opwek van hernieuwbare energie. Dit biedt kansen voor energie-opwek die niet concurreert met ander landgebruik zoals natuur, landbouw of andere maatschappelijke opgaven.

2/3

2. Er wordt bij ieder initiatief gestreefd naar minimaal 50% lokaal eigendom. Hoe wordt dat in dit geval geborgd?

Er wordt gestreefd naar minimaal 50% eigendom door de lokale omgeving. In de eerste plaats gaat het daarbij om lokaal eigendom; een collectief of minimaal 5 lokale eigenaren. Ten tweede geldt dat iedereen in de omgeving mee kan doen. Dit is geen resultaatverplichting maar een inspanningsverplichting. Van borging is dus geen sprake. Tijdens het gebiedsproces (stap 5) moeten afspraken over het meeprofiteren van inwoners worden uitgewerkt in een profijtplan.

3. Wanneer er onvoldoende draagvlak is (en dat horen we tijdens de bijeenkomsten), hoe gaat de gemeente daar mee om?

Participatie is een belangrijk onderdeel van ons uitnodigingskader. Dat betekent dat wij op grond van dat kader van een initiatiefnemer verwachten dat hij inspanningen gericht op participatie uitvoert en deze ook duidelijk aantoonbaar maakt. Als de initiatiefnemer deze verplichting niet nakomt is dat een reden om de gevraagde medewerking aan de ontwikkeling te onthouden.

Daar staat tegenover dat als vaststaat dat de initiatiefnemer al het nodige heeft gedaan om lokaal draagvlak te creëren maar niet iedere omwonende tevreden wordt gesteld, dit niet betekent dat er onvoldoende draagvlak in de omgeving is. Bij projecten zoals een zonnepark moet de gemeente als bestuursorgaan immers een afweging maken tussen het belang van een duurzame energievoorziening in het kader van de energietransitie en de belangen van omwonenden. Het ontbreken van draagvlak bij direct omwonenden is in die belangenafweging niet zonder meer het meest zwaarwegend. Bovendien blijkt uit vaste jurisprudentie dat als uit een door een initiatiefnemer aantoonbaar zorgvuldig doorlopen participatietraject mocht blijken dat er onvoldoende draagvlak voor een ontwikkeling bestaat dit niet betekent dat de ontwikkeling niet in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Onvoldoende draagvlak leidt er dus niet automatisch toe dat planologische medewerking geweigerd moet/mag worden.

3/3

Bekijk de brief: 14.7. Sv 2023-11 beantwoording vragen vragen GBP Initiatief zonnepark gemeente Heerde

Bron: raadsinformatie van de gemeente Heerde (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Heerde

Alle artikel 35-vragen in Heerde