17 april 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Heerde

8.6. Sv 2023-02 beantwoording vragen D66GL Zoet Hoogwatergeul.docx

Een raadslid stelde op 17 april 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Heerde (2 vragen).

In het kort

2 vragen en wat het college antwoordt

  • Wat is de stand van zaken ten aanzien van de uitvoering van de zes punten in het Manifest invulling landschapszone Hoogwatergeul Veessen-Wapenveld, dd.11-10-2011? → De gehele zone lijkt nu versnipperd en zeker geen EHS zone (Ecologische Hoofd Structuur).
  • Tot slot: er was de afgelopen jaren een zekere verstandhouding tussen gemeente en de gemeenschap van Veessen om zorgvuldig om te gaan met het open landschap en de… → Namens de fractie van D66/GL, Dianneke Landman Silvia van Amerongen Bijlagen 1.

Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.

Aanleiding

Schriftelijke vragen Reg. Nr. 2023-02 Datum:

Van:

Aan:

Onderwerp:

Datum beantwoording:

Behandeld in college van:

14-02-2023 D66/GL College via gemeentesecretaris Zoet Hoogwatergeul [xx]-[xx]-20[xx]

[in te vullen door de griffie] [in te vullen door de aanvrager] [in te vullen door de aanvrager] [in te vullen door de organisatie] [in te vullen door de organisatie]

Toelichting N.a.v. de rondvraag in de commissie van 16 januari 2023 willen we als fractie graag meer weten over de voortgang en verloop van de beloftes die destijds aan de bewoners van Veessen, Vorchten en Wapenveld zijn gedaan als gevolg van de aanleg van de Hoogwatergeul. Zowel bij onze fractie als bij inwoners leven er onduidelijkheden en vragen over de diverse projecten die voortvloeien uit die beloftes. Het gaat om projecten die positief bijdragen aan de kwaliteit van het landschap en het dorp. Dit is ook wel benoemd als het “zoet na het zuur” (aanleg HWG).

Als compensatie voor de aanleg van de Hoogwatergeul Veessen-Wapenveld is een agenda Gebiedsontwikkeling Veessen-Wapenveld opgesteld. We refereren hierbij bijv. aan het Manifest 11-10-2011 “invulling landschapszone Hoogwatergeul Veessen-Wapenveld”, dat door alle betrokken partijen is ondertekend (zie bijlage).

Daarnaast is er een plan “Rivierfront” tot stand gekomen: “Het beoogde effect van het project is om het Rivierfront in Veessen, als compensatieopgave voor de aanleg van de Hoogwatergeul, te ontwikkelen tot een aantrekkelijke openbare rust- en pleisterplaats voor bewoners en uiteenlopende recreanten: vooral watersporters, wandelaars en fietsers, natuur- en rustzoekers. Een aantrekkelijk Rivierfront met kleinschalige, maar kwalitatief hoogwaardige voorzieningen, waaronder horeca, verblijfsrecreatie, zwemgelegenheid, een jachthaven en natuurontwikkeling versterken dit beeld. Een integrale aanpak biedt kansen om het ‘verrommelde’ aanzicht van het Rivierfront in zijn geheel en in samenhang met de verschillende bestemmingen en haar omgeving te versterken.” (Uit: raadsvoorstel 29-3-2016; Krediet project Rivierfront Veessen) Er is veel gemeenschapsgeld en projectgeld voor het zogenaamde “zoet” beschikbaar gesteld middels o.a. bovengenoemd raadsbesluit en gelden van diverse partners, PDR en de provincie.…

Vragen en antwoorden

Vraag 1

Wat is de stand van zaken ten aanzien van de uitvoering van de zes punten in het Manifest invulling landschapszone Hoogwatergeul Veessen-Wapenveld, dd.11-10-2011?

Antwoord van het college

De gehele zone lijkt nu versnipperd en zeker geen EHS zone (Ecologische Hoofd Structuur). En wat houden de afspraken in ten aanzien van compensatie van bomen en heggen en natuurbeheer door agrariërs?

Vraag 2

Tot slot: er was de afgelopen jaren een zekere verstandhouding tussen gemeente en de gemeenschap van Veessen om zorgvuldig om te gaan met het open landschap en de cultuurhistorische waarden van Veessen, zo ook over de betrokkenheid van inwoners bij nieuwe projecten/plannen. Er is ongerustheid over de bedreiging van juist deze gebiedswaarden door de veelheid aan (bouw)projecten. Hoe gaat het College hiermee om?

Antwoord van het college

Namens de fractie van D66/GL, Dianneke Landman Silvia van Amerongen

Bijlagen

1. Voorgeschiedenis project Rivierfront Veessen

2. Landschapszone Manifest Invulling landschapszone 241011 (bijlage bij memo ari 2018-03c)

Antwoord

1. Het begrip EHS wordt binnen de provincie Gelderland niet meer gehanteerd. Dit is in de provinciale verordening overgegaan in het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene ontwikkelingszone (GO). De gehele Landschapszone (noordelijk en zuidelijk deel valt onder het GNN en heeft binnen het Inpassingsplan voor de hoogwatergeul ook de bestemming Natuur gekregen.

Binnen de Landschapszone hebben de recreatieve elementen een plek gekregen. Er lopen wandelpaden (klompenpaden, fietspaden, kanoroutes en aanlegplekken en er zijn visplaatsen aangelegd). Ook is er een vogelkijkhut geplaatst.

2/5

De landschapszone is dus wel opgenomen in het natuurnetwerk van de provincie, maar dit is niet uitgewisseld met natuur in het Gulbroek. Deze wordt ook als ecologische en landschappelijke verbinding ontwikkeld.

Alle gronden binnen de landschapszone zijn door de overheid verworven. Het noordelijk gedeelte (ten noorden van de Kerkdijk) is aan het Waterschap overgedragen en het zuidelijk gedeelte aan de gemeente Heerde.

Echte bossen zijn in het gebied van de Gebiedsontwikkeling Veessen-Wapenveld niet ontwikkeld, maar er is wel op verschillende plaatsen nieuwe beplanting aangebracht. Ook op de aangegeven plaatsen in de landschapszone. Er zijn daarnaast verschillende particulieren erfbeplantingsrondes uitgevoerd en laanbeplanting aangebracht. Het voornemen is om het meest oostelijk gedeelte van de zuidelijke landschapszone te laten verruigen.

Langzamerhand wordt dit ook een bosperceel. Wel zal onder de hoogspanningsleidingen de beplanting laag gehouden worden. In het project voor het Gulbroek wordt ook bezien welke mogelijkheden er zijn voor beplanting.

De hoofdinrichting van de landschapszone is binnen het project Hoogwatergeul VeessenWapenveld ontwikkeld en uitgevoerd. Voor het beheer is vooral gekeken naar de mogelijkheden van het gebied binnen de afspraken die daarvoor zijn gemaakt.

2. Het beheer van de zuidelijke landschapszone wordt sinds de oplevering en overdracht van het gebied tijdelijk uitgevoerd door een plaatselijke agrariër. Ten tijde van het verkrijgen van het gebied door de gemeente, waren we nog voornemens om het gebied te verkopen. Echter hebben onder andere ervaringen van het Waterschap bij de noordelijke landschapszone ons doen besluiten om te kiezen voor een pachtconstructie. Dit om invloed te kunnen (blijven) uitoefenen op de kwaliteit van het gebied, de wijze waarop gebruik wordt gemaakt van dit gebied en hiermee de kwaliteit te kunnen borgen.

Daarmee start de zoektocht naar een langdurige beheerder voor het gebied, in de vorm van een pachter. De gemeente is niet vrij om één-op-één een pachter te contracteren, hiervoor moet zij zich houden aan criteria uit het Didam-arrest. Om te kunnen komen tot een pachtovereenkomst met een pachter moeten er daarom verschillende stappen worden gezet.

Inmiddels zijn er beheervoorwaarden voor het gebied uitgewerkt en door het college vastgesteld, waarbij rekening wordt gehouden met het specifieke type gebied en de wijze van onderhoud die hierbij hoort. Ook is de landschapszone toegevoegd aan het areaal van het door de gemeente te beheren natuurgebied, waarmee het beheer/toezicht op het beheer komt te liggen bij de gemeentelijke bosbeheerder. Binnenkort zullen geïnteresseerden de mogelijkheid hebben om zich in te schrijven voor de pacht met beheervoorwaarden. Naar verwachting zal er in 2023 een langdurig contract worden gesloten met een pachter voor het gebied.

3. De verschillende genoemde functies hebben bij de inrichting een plek gekregen. Dit moet ondersteund worden door het beheer. Wij zoeken dan ook een beheerder die daar een invulling aan kan geven.

4. Betreft een algemene zin en geen directe vraag (inleidend naar de volgende vragen).

5. Het klopt dat in eerste instantie sprake zou zijn van een openbaar toegankelijk rivierbad.

Hierover zijn in de samenwerkingsovereenkomst tussen partijen (gemeente en IJsselhoeve, collegebesluit 14 juni 2016) afspraken gemaakt. Zie hieronder.

Op het terrein van De IJsselhoeve zal door of in opdracht van de Gemeente een openbaar toegankelijk rivierbad worden gerealiseerd. Voor de realisatie van het rivierbad is een bedrag van € 12.000,- beschikbaar. Als de aanbesteding van het rivierbad lager uitvalt dan het taakstellende bedrag, mag het verschil worden ingezet voor andere maatregelen op het terrein van De IJsselhoeve, voor zover deze passend zijn binnen de doelstellingen van het project Rivierfront. Eventuele alternatieve 3/5

besteding van het resterende bedrag zal worden besproken binnen de projectgroep. In het geval dat het rivierbad wegens omstandigheden buiten de schuld van De IJsselhoeve om niet doorgaat, mag het bedrag dat beschikbaar is gesteld voor de realisatie van het rivierbad, worden ingezet voor andere maatregelen op het terrein van De IJsselhoeve, voor zover deze passend zijn binnen de doelstellingen van het project Rivierfront. Het toekomstig beheer en onderhoud van het rivierbad is voor rekening van De IJsselhoeve. Dit betekent dat De IJsselhoeve bezoekers van het openbaar toegankelijke rivierbad mag (laten) verwijderen, dan wel toegang ontzeggen wanneer zij zich niet als een goed gebruiker gedragen.

Omdat dit vanuit Rijkswaterstaat niet mogelijk bleek, is het genoemde rivierbad er niet gekomen. Er is toen voor gekozen om het bedrag van €12.000,- voor andere zaken in te zetten. De gesloten overeenkomst biedt die mogelijkheid. Dat is gebeurd in de vorm van het uitbreiden van de openbare parkeerplaats op het terrein. Dit is vastgelegd in een memo, zie bijlage.

Daarnaast heeft de eigenaresse van IJsselhoeve aangegeven dat het zwembad openbaar toegankelijk is voor inwoners van Veessen, tegen een kleine vergoeding. Het is niet zo dat het niet doorgaan van het rivierbad en het aanleggen van een strandje, er voor hebben gezorgd dat het zwembad werd opgeknapt.

Het zwembad is inderdaad buiten gebruik. Als gemeente hebben wij geen zicht op de ingebruikname en het moment waarop dat gebeurt.

Door de fractie wordt gesteld dat het strandje er niet is gekomen. Dat is niet juist. Het strandje is er nog steeds en wordt onderhouden door de stichting die de haven beheert.

6. Het ophogen van het terrein heeft plaatsgevonden op basis van de eisen die zijn gesteld aan de ophoging/afdekking om te voorkomen dat vervuilde grond aan het oppervlakte komt. Wij gaan er van uit dat bij de overdracht van de gronden van IJsselzicht naar de nieuwe eigenaar melding is gedaan van de milieukundige staat van de bodem en de afdekking, zodat de nieuwe eigenaar hier naar kan (en moet) handelen.

7. Het beheer van het voetveer ligt bij een andere stichting dan de haven. Tussen de gemeente en de Stichting die de haven beheert is twee keer per jaar een overleg. In dat overleg wordt de voortgang besproken. De overeenkomst tussen de gemeente en de stichting loopt vijf jaar en wordt om de vijf jaar verlengd. In de Stichting zitten mensen uit Veessen. Mensen uit Veessen die zitting willen nemen in de stichting zijn welkom.

Naast tweejaarlijks overleg met de Stichting vindt ook eens per jaar overleg plaats tussen de gemeente en omwonenden van de haven en met de visvereniging. De contacten zijn goed.

8. In de gemeente Heerde liggen 5 klompenpaden. Voor elk pad is een beheerovereenkomst afgesloten tussen Stichting Landschapsbeheer Gelderland (SLG) en de gemeente Heerde. Een beheerovereenkomst is voor een periode van 6 jaar.

Het betreft de volgende paden: Paddenpad, Vosbergenpad, Markluidenpad, Elsvoorderpad en Horsthoekerpad. Elk pad kent zijn eigen pool vrijwilligers die de paden bijhouden. Denk hierbij aan de bewegwijzering, de app, actualiteiten etc. Wanneer er onvolkomenheden of wijzigingen die door de vrijwilligers niet zelf zijn aan ta passen, dan neemt de vrijwilliger contact op met de coördinator van dat pad. De coördinator koppelt dat vervolgens weer terug

4/5

aan SLG. Kortom, beheer van de klompenpaden is ondergebracht bij SLG. Zij werken samen met vrijwilligers uit de gemeente.

9. Ter plaatse van IJsselzicht en IJsselhoeve is het geldende bestemmingsplan vooralsnog leidend. Daarin is geen periode opgenomen waarbinnen gerecreëerd mag worden.

In het bestemmingsplan is dat alleen opgenomen ter plaatse van ‘kleinschalig kamperen’.

Daar is in voorliggend geval geen sprake van omdat het plangebied de bestemming ‘Recreatie – verblijfsrecreatie’ heeft.

10. We nemen aan dat wordt gedoeld op ontwikkelingen/bouwwerken in het buitendijkse gebied.

Dit is het gebied tussen de dijk en de rivier de IJssel. Ook wel het uiterwaardengebied of het rivierbed genoemd. Welke ontwikkelingen/bouwwerken hier mogelijk zijn is afhankelijk van de situatie en locatie en kan niet kort en concreet worden opgesomd. Over het algemeen kan gesteld worden dat het geldende bestemmingsplan de kaders biedt voor ontwikkelingen en bouwwerken in het uiterwaardengebied. In het uiterwaardengebied geldt naast de reguliere bestemming (bijvoorbeeld agrarisch of natuur) overal de dubbelbestemming “WaterstaatWaterstaatsdoeleinden”. Vergunningverlening kan daarom alleen plaatsvinden indien de waterbeheerder (Rijkswaterstaat over het algemeen) positief advies heeft uitgebracht. Zo mag de afvoer van de rivier niet gehinderd worden door de ontwikkeling of het bouwwerk.

Ook is het niet gewenst dat ontwikkelingen en bouwwerken een belemmering vormen voor een toekomstige verruiming van het rivierbed. Dit zijn op hoofdlijnen de belangrijkste criteria.

11. Veessen is inderdaad een dorp met kenmerkende kwaliteiten, maar er zijn ook belangrijke opgaven in Veessen. Het bouwen van woningen is hier de belangrijkste de opgave, omdat dit bijdraagt aan de leefbaarheid en toekomst van Veessen. Inpassing van woningbouw in Veessen vraagt om zorgvuldigheid. Daarom wordt in Veessen het principe van organische groei toegepast, zoals beschreven in de structuurvisie en straks ook in omgevingsvisie.

Organische groei doet recht aan de kernkwaliteiten van Veessen. Organische groei betekent namelijk dat de groei moet aansluiten bij het huidige karakter en de identiteit van Veessen: voor het dorp karakteristieke woningen en woonomgevingen voor verschillende doelgroepen, voortbouwend op de stedenbouwkundige structuur en kwaliteiten van Veessen. Essentieel daarbij is een juiste balans tussen bebouwing, openheid en doorzichten. Organische groei betekent ook: meer ruimte creëren binnen de bestaande woningvoorraad. Oftewel het beter benutten van bestaande bebouwing en bestaand stedelijk gebied. Door bijvoorbeeld woningen te splitsen of erven te delen ontstaat er ook meer ruimte voor starters die willen terugkeren.

Programma gebiedsontwikkeling Veessen-Wapenveld is volledig afgerond Het college van B&W heeft geconstateerd dat veel vragen van de fractie D66/GroenLinks betrekking hebben op de gebiedsontwikkeling Veessen-Wapenveld. Deze vragen zijn hierbij van een antwoord voorzien. Daarnaast maakt het college van de gelegenheid gebruik om te benadrukken dat de gebiedsontwikkeling Veessen-Wapenveld volledig is afgerond. Het college verwijst hierbij naar de bijgevoegde controleverklaring van de accountant (12 november 2018), de bijgevoegde gemeentelijke aanvraag subsidievaststelling (d.d. 29 november 2018) en de bijgevoegde provinciale subsidievaststelling (d.d. 19 december 2019).

Bijlagen:

3. Controleverklaring van de accountant (12 november 2018)

4. Gemeentelijke aanvraag subsidievaststelling (d.d. 29 november 2018)

5. Provinciale subsidievaststelling (d.d. 19 december 2019)

5/5

Bekijk de brief: 8.6. Sv 2023-02 beantwoording vragen D66GL Zoet Hoogwatergeul.docx

Bron: raadsinformatie van de gemeente Heerde (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Heerde

Alle artikel 35-vragen in Heerde