20241010 Beantwoording vragen extra krediet onderwijshuisvesting
Een raadslid stelde op 15 oktober 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Helmond.
Brief van het college
Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.
Vragen bij een geagendeerd onderwerp Vergadering Agendapunt Ingekomen Indiener Partij Portefeuillehouder Datum antwoord
Gemeenteraad
: Adviescommissie inwoners 1 oktober 2024 : 5 Extra krediet onderwijshuisvesting : Tijdens behandeling in de commissievergadering : Divers : Divers : Wethouder Tuerlings : 10-10-2024
1. Antwoord op de vraag van mevrouw Brugmans over de locatiebenutting van de gymzalen.
2. Het overzicht waar de heer Van de Werff om vraagt aangaande de locaties voor IHP Fase 2.
3. Antwoord op de vraag mevrouw van Sambeek hoe de indexering is opgebouwd.
4. Antwoord op de vraag van meneer Manders over het oormerken van geld (en hoeveel geld het dan betreft)
5. Antwoord op de vraag van mevrouw Van Sambeeck over wat het geven van subsidie betekent voor andere kinderdagverblijven.
De antwoorden:
1. Andere partijen kunnen de gymzalen ook gebruiken als de school deze niet gebruikt.
2. Op dit moment is er nog geen overzicht met locaties en in welke volgorde ze aan de beurt komen in IHP fase 2. Voor IHP fase 2 komen we naar de raad in 2025.
3. De kosten voor de schoolgebouwen/MFA vanuit het oorspronkelijke IHP zijn in eerste instantie op het prijspeil 2024 gebracht. Dit is de verklaring voor een deel van de indexering van 8,4 miljn. Vervolgens is er een realistische planning afgegeven in welke jaren de schoolgebouwen gebouwd zullen gaan worden. Het totaalbedrag is verdeeld over de jaren 2024 t/m 2029. Vanaf 2025 zijn de jaarschijven opgehoogd met een index van 2,4% per jaar, gerekend vanaf 2025. Dit is de verklaring voor het andere deel van de indexering. Deze twee delen opgeteld, resulteren in een totale index van € 8,4 miljoen. Dit is gebaseerd op de planning zoals die nu voorligt.
4. Als gemeente hebben we de wettelijke plicht om te zorgen voor onderwijshuisvesting. Vanuit het Rijk ontvangen we geld vanuit de algemene uitkering. Het geld voor onderwijshuisvesting is door het Rijk niet geoormerkt. Een specifiek bedrag voor onderwijshuisvesting kan dan ook niet gegeven worden. De algemene uitkering is vrij besteedbaar door gemeenten. Hiermee geeft het Rijk beleidsvrijheid en flexibiliteit aan de gemeente en kan de gemeente prioriteiten stellen op basis van specifieke behoeften. De gemeente is verplicht om te zorgen voor goede schoolgebouwen, dus moet er geld voor worden gereserveerd. Daar gaat de Raad over. Voor de projecten in IHP fase 1 ligt dit nu voor.
5. Voor de huidige Integrale Kindcentra (IKC), die geen onderdeel uitmaken van dit IHP fase 1 verandert er niets. Voor de huidige huurprijzen voor het gebruik van ruimten in de scholen die reeds zijn gerealiseerd, geldt geen hogere huur dan de huidige kostprijs-dekkende huur. Hier is overbrugging van een verschil en dus compensatie niet aan de orde.
Wanneer de gemeente optreedt als verhuurder dan is zij verplicht tenminste de integrale kostprijs door te rekenen aan de huurder, we spreken dan over een kostprijsdekkende huur.
Voor de nieuw te bouwen kindcentra bestaat de kans dat de kostenprijsdekkende huur hoger uitvalt dan de marktconforme huurprijs. Dit zou tot gevolg kunnen hebben dat geen van de kinderopvangaanbieders in staat is ruimtes te huren in het kindcentrum. In die gevallen heeft
de gemeente de mogelijkheid het verschil tussen de kostprijsdekkende huur en de marktconforme huurprijs te compenseren middels een subsidie. Dat wordt de onrendabele top genoemd. Deze top is alleen bedoeld voor de bouwtrajecten die in het raadsvoorstel zijn aangegeven. Het uitgangpunt is beschreven in het raadsvoorstel onder kanttekening 1.1.
Door het verstrekken van een dergelijke subsidie wordt ten aanzien van de huurprijs de kinderopvangorganisatie die ruimtes gaat huren in het nieuw te bouwen kindcentrum in een gelijke positie gebracht als de aanbieders die van andere partijen huren waar wel een marktconforme huurprijs in rekening gebracht wordt. Een dergelijke subsidie dient het algemeen belang omdat het realiseren van een kindcentrum een maatschappelijke activiteit is. Er zal dan geen sprake zijn van het scheppen van precedent op deze manier.
Burgemeester en wethouders van Helmond mevr. P.J.M.G. Blanksma-Van den Heuvel burgemeester
de heer T.M.H.J.de Laat gemeentesecretaris
Bekijk de brief: 20241010 Beantwoording vragen extra krediet onderwijshuisvesting
Bron: raadsinformatie van de gemeente Helmond (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.