7 februari 2025 · artikel 35-vragen · gemeente Lansingerland

Technische beantwoording raadsvragen van GL en PvdA betreffende 'Armoedebestrijding onder jeugd in Lansingerland'

Een raadslid stelde op 7 februari 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Aan GroenLinks en PvdA

Van

College van B&W

Onderwerp

Armoedebestrijding onder jeugd in Lansingerland: het beleidsplan 2025-2025 Kansrijk opgroeien in Lansingerland

Datum

7 februari 2025

Ons kenmerk

U25.00737

Geachte heer Marko Ruijtenberg en heer Hamid Azzouzi, Op 7 februari 2025 heeft u raadsvragen ingediend over het beleidsplan Kansrijk opgroeien. Met deze brief geven wij u antwoord op uw vragen.

Vraag 1A.

Heeft het college inzicht in het aantal kinderen dat nu in Lansingerland opgroeit in armoede? Zo ja, hoeveel kinderen betreft dit en hoe wordt deze data verzameld?

Antwoord Er vindt geen registratie (identificatie) plaats van jeugdigen in Lansingerland die opgroeien in gezinnen waar sprake is van een laag inkomen of kansenongelijkheid.

We hebben wel een beeld van het aantal jeugdigen dat een aanvraag heeft ingediend bij het Jeugdfonds Sport en Cultuur of Stichting Leergeld en een financiële bijdrage of materiele voorziening (fiets, laptop, kindpas, jarige job verjaardagsbox enz.) toegekend heeft gekregen. Het Jeugdfonds Sport en Cultuur kende 337 sportaanvragen en 41 cultuuraanvragen toe. Stichting Leergeld kende de Kindpas en de Schoolspullenpas toe. Hier werden 728 jeugdigen en 303 gezinnen bereikt.

Vraag 1B.

Op welke manier worden kinderen die in armoede leven geïdentificeerd en bereikt binnen het jeugdbeleid van de gemeente?

Antwoord Er vindt geen registratie (identificatie) plaats van jeugdigen in Lansingerland die opgroeien in gezinnen waar sprake is van een laag inkomen of kansenongelijkheid. Wel hebben onze Toegang en onze samenwerkingspartners in de sociale basis en samenleving (bijvoorbeeld het CJG, scholen, kinderopvang, jeugdcoach op school, jeugd- en jongerenwerk) een signalerende functie bij het herkennen van (opgroei- en opvoed)problemen bij jeugdigen. Onze samenwerkingspartners kunnen zelf ondersteuning bieden aan jeugdigen en gezinnen of doorverwijzen naar bijvoorbeeld het Spreekuur SamenDoen. In dit gezamenlijke spreekuur zijn de krachten gebundeld van het Jeugdfonds Sport en Cultuur, Stichting Leergeld, Welzijn Lansingerland, de Bibliotheek, MEE en Kwadraad. Het Spreekuur Samendoen kan doorverwijzen naar minimaregelingen als het nodig is en kan het ook helpen bij het invullen van formulieren. Het jeugdbeleid

1/6

investeert in het versterken en verstevigen van vrij-toegankelijke voorzieningen, de beschikbaarheid en het aansluiten van het aanbod bij de vraag van jeugdigen en gezinnen (beleidsplan: blz. 16).

Vraag 1C.

Met wie werkt de gemeente samen om armoede onder kinderen vroegtijdig te signaleren?

Antwoord Zie het antwoord op vraag 1B.

Vraag 1D.

Hoeveel kinderen maken gebruik van deze armoede regelingen, en wordt er actief gestuurd op het vergroten van het bereik onder kwetsbare groepen?

Antwoord Ouders maken gebruik van regelingen zoals het Jeugdfonds Sport en Cultuur, Stichting Leergeld, de Rotterdampas en inkomensregelingen zoals de bijzondere bijstand en individuele inkomenstoeslag. Dit zijn regelingen die ten goede komen aan het hele gezin. Het vergroten van het bereik onder kwetsbare groepen is onderdeel van de signalerende functie die de Toegang en de samenwerkingspartners in de sociale basis en samenleving hebben.

Vraag 1E.

Zijn er financiële of praktische drempels die kinderen en ouders ervaren bij het aanvragen van ondersteuning, en hoe probeert de gemeente deze te verlagen?

Antwoord Uit het aantal aanvragen dat binnenkomt via het Spreekuur SamenDoen en uit de accountgesprekken die we voeren met de samenwerkingspartners die een rol spelen in de vrij-toegankelijke voorzieningen weten we de drempels voor ouders en jeugdigen relatief laag zijn. Het SamenDoen spreekuur wordt erg goed bezocht.

Daarnaast doet SamenDoen een voorzieningencheck waarbij wordt gekeken op welke andere voorzieningen het gezin mogelijk recht heeft. We beseffen dat er jeugdigen en ouders zijn die we (nog) niet bereiken.

Mensen met een laag inkomen leven vaak, zeker in Lansingerland, met schaamte en trekken daarom niet altijd tijdig aan de bel of vragen geen ondersteuning aan waar ze wel recht op hebben.

Het CJG heeft een belangrijke taak met het project Kansrijke Start in het vroegtijdig signaleren van opvoeden opgroeiproblematiek. Ook vanuit armoedebeleid en schuldhulpverlening (onderdeel van het beleidsplan ‘Volwassenen) zetten we in op het vergroten van bereik en het verlagen van drempels.

Vraag 2A.

Op welke manier wordt armoede als risicofactor specifiek meegenomen in het beleidsplan jeugd, vooral in de context van kansengelijkheid en sociale ontwikkeling?

Antwoord Er zijn veel risicofactoren die van invloed zijn op het gezond, veilig en kansrijk kunnen opgroeien van jeugdigen. Bijvoorbeeld echtscheidingen, huiselijk geweld of psychische problematiek. Ook het opgroeien in een gezin met een laag inkomen of bestaansonzekerheid is een risicofactor. De uitgangspunten en prioriteiten van het beleidsplan Kansrijk opgroeien zijn gericht op het beschikbaar stellen van het juiste voorzieningenaanbod zodat er ondersteuning of hulp kan worden geboden om de eventuele gevolgen van risicofactoren aan te pakken. De risicofactoren nemen we niet expliciet op in het beleidsplan Kansrijk opgroeien omdat het opgroeien in een gezin met een laag inkomen niet de enige risicofactor is. Daarnaast schetst het beleidsplan met name het kader voor de rol en het voorzieningenniveau van de gemeente.

Vraag 2B. 2/6

Hoe worden kwetsbare kinderen, bijvoorbeeld in armoede opgroeiende kinderen, ondersteund binnen de sociale basis die in het beleidsplan wordt beschreven?

Antwoord Jeugdigen (of gezinnen) met een ondersteuningsvraag kunnen terecht bij vrij-toegankelijke voorzieningen in de sociale basis (prioriteit 4). Voorbeelden van vrij-toegankelijke voorzieningen zijn de praktijkondersteuner bij de huisarts (POH-GGZ Jeugd), het jeugd- en jongerenwerk, de jeugdcoach op school, het CJG, diverse maatjesprojecten, Kansrijke Start enz.

Vraag 3A.

Hoe wordt er samengewerkt tussen het jeugdbeleid en andere beleidsterreinen, zoals de hervormingsagenda en het beleidsplan voor volwassenen, om armoede onder kinderen aan te pakken?

Antwoord De landelijke Hervormingsagenda Jeugd 2023-2028 heeft als doel knelpunten in de jeugdzorg structureel aan te pakken en het jeugdzorgstelsel financieel houdbaar te maken voor de toekomst. De hervormingsagenda is leidend voor het maken van het beleid op het gebied van jeugdhulp. De opdrachten van de hervormingsagenda vallen onder de Opgave Jeugd. Zo geeft de hervormingsagenda aan dat gemeenten een belangrijke rol hebben bij het vormen van krachtige, goed bereikbare lokale teams die aanwezig zijn op plekken waar inwoners van nature komen. Deze ontwikkeling is momenteel in volle voorbereiding en ook onderbracht in prioriteit 4 (beleidsplan blz. 17). Bij prioriteit 4 beschrijven we ook het belang van het integraal oppakken van meervoudige problematiek wanneer er parallel aan jeugdhulp vanuit andere domeinen hulp geboden wordt zoals bijvoorbeeld bij schulden- en armoedeproblematiek, huisvestingsproblemen enz. Dit vraagt om stevige verbindingen van de jeugdhulp met de aanpalende domeinen. Deze uitwerking volgt in het uitvoeringsplan Kansrijk opgroeien.

Het beleidsplan ‘Volwassenen’, dat momenteel in ontwikkeling is, schetst onder andere het beleidskader voor volwassenen met een ondersteuning- of hulpvraag op het gebied van bestaanszekerheid. De sleutel voor het oplossen van de gevolgen van armoede bij jeugdigen zit namelijk in de aanpak van de bestaanszekerheid van hun ouders.

Jeugdigen kunnen gevolgen ondervinden van het opgroeien in een gezin een laag inkomen of kansenongelijkheid. Met het beleidsplan Kansrijk zetten we in op het vergroten van kansen jeugdigen in Lansingerland. Daarom bieden we voorzieningen waar jeugdigen die een ondersteuning- of hulpvraag hebben terecht kunnen. Dus ook voor eventuele ondersteuning die zij nodig hebben als gevolg van het opgroeien in een gezin waar de bestaanszekerheid onder druk staat. Afhankelijk van wat de jeugdige nodig heeft kan een (vrij-toegankelijke) voorziening ingezet worden.

Vraag 3B.

Welke specifieke rol speelt de Jeugd in (de uitvoering van) het beleidsplan volwassenen?

Antwoord Er is geen sprake van een specifieke rol voor jeugdigen in het beleidsplan ‘Volwassenen’. Dit beleidsplan richt zich op de doelgroep volwassenen. Een deel van deze doelgroep heeft kinderen die gevolgen kunnen ondervinden van het opgroeien in een gezin met een laag inkomen of bestaansonzekerheid. Met het beleidsplan Kansrijk opgroeien dragen we zorg voor voorzieningen waar jeugdigen die een ondersteuning- of hulpvraag hebben terecht kunnen, dus ook voor eventuele ondersteuning die zij nodig hebben als gevolg van het opgroeien in een gezin met een laag inkomen of bestaansonzekerheid.…

Bekijk de brief: Technische beantwoording raadsvragen van GL en PvdA betreffende 'Armoedebestrijding onder jeugd in Lansingerland'

Bron: raadsinformatie van de gemeente Lansingerland (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Lansingerland

Alle artikel 35-vragen in Lansingerland