27 maart 2023 · artikel 35-vragen · gemeente Leeuwarden

2020-06-29 Beantwoording vragen Rekenkamer iz onderzoeksopzet LIA

Een raadslid stelde op 27 maart 2023 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Verzamellijst vragen Open Podium datum 2020 Onderwerp Woordvoerder (Raadsfractie)

Gestelde vragen aan de organisatie in de oranje balk:

Reactie rekenkamer

1 Uit de lijst van bevindingen en aanbevelingen van de Rekenkamer n.a.v. het ex ante onderzoek uit 2019 blijkt hoe belangrijk het is dat van tevoren aan bepaalde randvoorwaarden is voldaan. Onze KERNVRAAG in dezen is dan ook of deze nulmeting het beoogde effect heeft zolang nog niet aan deze randvoorwaarden voldaan is. Hoe kunnen de betrokkenheid en verwachtingen van de doelgroep vastgesteld worden als er binnen de LIA nog geen sprake is van een duidelijke doelgroepenanalyse en de huidige werkgroep niet alle disciplines omvat, zoals verwoord in diverse bevindingen en aanbevelingen n.a.v. het ex ante onderzoek?

Tot op heden is er geen brede en diepe analyse gemaakt van de doelgroep van het VN-verdrag in Leeuwarden. Daar is in Leeuwarden ook bewust voor gekozen. Het accent in de LIA ligt op de algemene voorwaarden en problemen in de verschillende levensdomeinen die in het verdrag aan de orde komen. De eerste meting in het kader van de VNG-monitor kan meer zicht bieden op de problemen die mensen met een beperking ervaren en hun verwachtingen aangaande de implementatie van het VN verdrag

Rekenkamer Femke Molenaar (PAL/GroenLinks)

De Werkgroep Toegankelijkheid heeft momenteel een lijst met ongeveer 200 personen uit de doelgroep van het verdrag.

Deze personen zullen benaderd worden voor het invullen van de vragenlijst die ten grondslag ligt aan de VNG-Monitor. Momenteel is onduidelijk in welke mate de verschillende doelgroepen in deze lijst vertegenwoordigd zijn en of de lijst representatief is voor de doelgroep van het VN-verdrag in Leeuwarden. In de vragenlijst van de VNG monitor zijn ook

algemene vragen over de respondenten opgenomen, waaronder ook een vraag over het type beperking waarmee de respondent te maken heeft. Dit zal in ieder geval een eerste beeld opleveren van de mate waarin de verschillende doelgroepen in beeld zijn en betrokken zijn bij de monitoring van de implementatie van het VN-verdrag in Leeuwarden. Daaruit kan ook blijken dat bepaalde doelgroepen weinig tot niet in beeld zijn.

De rekenkamer is verder niet in de positie een brede en diepe doelgroepenanalyse uit te voeren. Wel willen we met respondenten die dat willen nader in gesprek over hun betrokkenheid bij de implementatie van het VNverdrag en zonodig (vertegenwoordigers van) ondervertegenwoordigde doelgroepen actief benaderen 2 Een van de aanbevelingen betreft het ontbreken van een doelgroepenanalyse: “Zorg ervoor dat je als gemeente goed zicht hebt op de doelgroep van de LIA. Wat is de aard en omvang van de doelgroep, tegen welke problematieken lopen de verschillende deelgroepen aan, waar zitten hun ervaringsdeskundigen en vertegenwoordigers, welke stappen ondernemen ze zelf al etc. In de LIA ontbreekt een dergelijke doelgroepenanalyse.”

De rekenkamer zal in zijn aangepaste onderzoek vooral inzoomen op de betrokkenheid van de doelgroep bij de implementatie van het verdrag en daarbij wil het zoveel mogelijk doelgroepen onder het verdrag betrekken.

VRAAG: In hoeverre kan er sprake zijn van een gedragen 0-meting als er nog geen doelgroepenanalyse is uitgevoerd? 3 Ook is vastgesteld dat de kring van betrokkenen uit de doelgroep bij de uitvoering groter kan: "De ervaringsdeskundigheid is tot nu toe in de uitvoering voor een groot deel belegd bij een klein aantal mensen.

Andere (vertegenwoordigers van de) doelgroepen zoeken nog naar een manier om hun ervaringsdeskundigheid in te kunnen zetten en voelen zich niet als vanzelfsprekend onderdeel van de opgave. Op de werkconferenties wordt het hele, brede veld zo veel mogelijk betrokken, maar in de dagelijkse praktijk komt het op een beperkt aantal, steeds dezelfde mensen neer. Het is belangrijk dat ervaringsdeskundigheid zo breed mogelijk wordt ingezet.”

Zie punten 1 en 2

VRAAG: Hoe kan in de huidige bottom-up werkwijze worden voorkomen dat de doelgroep die betrokken is bij de totstandkoming van de LIA bij de evaluatie niet ook de slager wordt die zijn eigen vlees keurt? 4 De doelstelling van de nulmeting is als volgt geformuleerd: “Dit Zie punten 1 en 2. onderzoek moet inzicht geven in de stand van zaken in de beginfase van de uitvoering van de LIA om in een later stadium het effect en succes van het project te kunnen vaststellen. Daarbij is het van belang vast te stellen in hoeverre de doelgroep betrokken is en zich betrokken voelt bij de verdere ontwikkeling en uitrol van de Inclusie Agenda van de gemeente Leeuwarden en welke verwachtingen de doelgroep heeft ten aanzien van de resultaten van de inclusie-agenda en de eigen rol daarbij.” VRAAG: Is het beoogde doel van dit onderzoek realistisch gelet op de

uitspraak van dhr. Lokhorst van 4 maart jl. met de strekking dat de werkgroep toegankelijkheid niet alle disciplines en leefgebieden omvat en de eerder aangehaalde bevinding dat de kring van betrokkenen uit de doelgroep bij de uitvoering groter kan? 5 Het onderzoek zal door middel van een enquête onder Zie punten 1 en 2. ervaringsdeskundigen - specifiek mensen met een beperking, familie/partner van iemand met een beperking en/of vertegenwoordigers van een belangenorganisatie voor mensen met een beperking - worden uitgevoerd.

VRAAG: Hoe en welke ervaringsdeskundigen gaat de Rekenkamer benaderen om tot een zo compleet mogelijk beeld te kunnen komen?

En is dit niet wat feitelijk onderdeel is of zou moeten zijn van de LIA werkwijze? 6 Ook is vastgesteld dat de praktijk weerbarstig is: “Mensen die in de dagelijkse praktijk te maken hebben met mensen met een handicap merken dat de gemeente Leeuwarden zelf nog niet heel inclusief en integraal werkt en denkt. Zij lopen vaak tegen regelgeving aan, die niet is afgestemd op de complexe en omvangrijke doelgroep. Dit komt in de interviews vooral naar voren wanneer gesproken wordt over participatie. De regelgeving belemmert organisaties bij het inclusief en integraal aanpakken van de problemen rondom mensen met een beperking. Ook opvallend is dat de gemeente Leeuwarden zelf geen beleid heeft om mensen met een beperking in dienst te nemen en ook op banenmarkten gericht op personen met een beperking als werkgever ontbreekt. De gemeente Leeuwarden geeft wat dat betreft zelf nog niet het goede voorbeeld als het gaat om inclusief werken.”

Deze punten waren niet in het oorspronkelijke onderzoeksplan van de rekenkamer opgenomen en zullen ook geen plek krijgen in het aangepaste plan.

Deze bevinding heeft geleid tot een aanbeveling betreffende een voorbeeldfunctie voor de gemeente Leeuwarden als werkgever: “De gemeente Leeuwarden is een grote werkgever. Laat de gemeente Leeuwarden als werkgever ook het voortouw nemen door het in dienst nemen van mensen met een beperking en vergroot hun zichtbaarheid in de gemeentelijke organisatie, ook als ervaringsdeskundigen.” VRAAG: Zou de Rekenkamer de monitoring van dit gegeven ook concreet mee kunnen nemen in de nulmeting? 7 Waarom is deze opzet niet even voorgesproken met de werkgroep TT28?

De oorspronkelijke opzet is besproken met de TT28 en dit heeft tot aanpassing van de plannen geleid.

8 Wanneer wordt de werkgroep TT28 betrokken bij het vervolg?

Zie punt 7

9 De VNG monitor werkt ook met een nulmeting. Gaat de rekenkamer daar gebruik van maken om doublures te voorkomen?

Zie de punten 1 en 2 en de voortgangsbrief van de rekenkamer

Christiaan Okkema / Gijs Jacobse Gemeentebelangen

10 Onderzoeksopzet nulmeting inclusie-agenda: op zich heel goed dat er een nulmeting wordt gedaan over de betrokkenheid van de doelgroep bij de uitwerking van de lokale inclusie agenda. Meten is weten. Maar wat de doelgroep uiteindelijk het allerbelangrijkst vindt, is wat er zichtbaar voor hen verbeterd in de gemeentelijke samenleving, zowel fysiek als niet-fysiek (dienstverlening, toegankelijkheid, etc.).

Waarom is daar in de deelvragen niet wat meer aandacht voor? Van de 9 deelvragen gaat alleen de laatste over het daadwerkelijke resultaat.

De VNG monitor richt zich op de situatie in de verschillende levensdomeinen en algemene voorwaarden voor inclusie. De rekenkamer richt zich op de betrokkenheid van de doelgroep bij de implementatie van het VN-verdrag.

Marcel Visser (VVD)

11 Hoe kijkt de Rekenkamer naar de Rol van de gemeenteraad in het

De rekenkamer verwacht een actieve opstelling

Andries Ekhart (Partij van de Arbeid)

proces van de verdere agenda ontwikkeling

van de raad onder meer bij de informatieoverdracht naar de raad. Zorg dat de aandacht niet verslapt en vraag naar voortgang inclusie, betrokkenheid doelgroep en Leeuwarden als werkgever.

12 Wordt onderzocht hoe de doelgroep kijkt naar de rol van de gemeenteraad? Welke verwachting hebben zij?

Dat behoort niet tot de kernpunten van het aangepaste rekenkameronderzoek, maar kan wel in de gesprekken aan de orde komen.

Freek van Leeuwen (50PLUS)…

Bekijk de brief: 2020-06-29 Beantwoording vragen Rekenkamer iz onderzoeksopzet LIA

Bron: raadsinformatie van de gemeente Leeuwarden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Leeuwarden

Alle artikel 35-vragen in Leeuwarden