2025-09-08 Beantwoording schriftelijke vragen Beleidskader Meedoen telt
Een raadslid stelde op 1 oktober 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden (11 vragen).
In het kort
11 vragen en wat het college antwoordt
- Welke aanpak omtrent fraude in de bijstand past binnen dit beleidskader en zal worden opgenomen in het uitvoeringsplan? → In het beleidskader staat de re-integratie en participatie van inwoners centraal.
- Kunnen inwoners, vergelijkbaar met Rotterdam, terecht bij een meldlijn om fraude in de bijstand te melden? → Ja.
- Wordt er bij bijstand ook, vergelijkbaar met Rotterdam, gekeken naar buitenlandse vermogens? → Ja.
- Doorrekenen van het salaris bij werk na bijstand gebeurd via een digitale tool (aldus beleidskader). → Of is het ook mogelijk om dit persoonlijk per bijstandsgerechtigde toe te lichten?
- In Rotterdam krijgt iedereen in de bijstand een intensief traject van 6 maanden. → Leeuwarden heeft een eigen aanpak, waarbij inwoners die een beroep op bijstand doen direct worden geholpen als de uitkering is toegekend.
- Korten op een uitkering bij geen deelname aan het participatietraject is niet meteen aan de orde in Leeuwarden, maar kan wel een uiteindelijk gevolg zijn. → (Vergelijkbaar met Rotterdam: hier is de situatie maximaal 3 maanden korting).
- Wat is de opvatting/beleid omtrent tegenprestatie in de bijstand bij dit beleidskader? → Dit betreft deels een politieke vraag.
- Meten is weten en gissen is missen: welk doel hebben we gesteld als het gaat over het aantal bijstandsgerechtigden over 2 jaar (lengte uitvoeringsprogramma) en de… → Dit wordt uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Schriftelijke vragen n.a.v. de informatieve bijeenkomst Beleidskader Meedoen telt, 3 september Hierbij de beantwoording van de vragen. I.v.m. de korte reactietijd zijn een aantal antwoorden mogelijk wat beknopt weergegeven. Indien u meer informatie wenst na het debat, kom dan gerust op de lijn.
VVD-vraag ten aanzien van de evaluatie participatiebeleid:
Er heeft geen specifieke evaluatie plaatsgevonden van het participatiebeleid. Het huidige participatiebeleid sluit echter steeds minder goed aan bij de werkelijkheid. De komst van de Participatiewet in balans, de arbeidsmarkt in ontwikkeling en de veranderingen in de doelgroep vragen om herziening (dit wordt ook verder toegelicht op P6 van het beleidskader). We volgen deze ontwikkelingen continu en informeren u periodiek onder andere over de in- en uitstroom van de Participatiewet.
VVD (Luik-Schalk)
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Welke aanpak omtrent fraude in de bijstand past binnen dit beleidskader en zal worden opgenomen in het uitvoeringsplan?
Antwoord van het college
In het beleidskader staat de re-integratie en participatie van inwoners centraal. Van inwoners mag worden verwacht dat zij zich actief inzetten om ‘werkfit’ of ‘maatschappelijk fit’ te worden. Het niet meewerken hieraan kan consequenties hebben voor de uitkering in de vorm van verlaging van de uitkering (zie ook het antwoord bij vraag 6 voor een verdere toelichting).
Daarnaast is het doel van de gemeente om rechtmatig uitkeringen te verstrekken. Daarvoor zijn we streng aan de poort en handhaven waar nodig op misbruik.
Vraag 2
Kunnen inwoners, vergelijkbaar met Rotterdam, terecht bij een meldlijn om fraude in de bijstand te melden?
Antwoord van het college
Ja. Inwoners kunnen vermoedens van oneigenlijk gebruik van uitkeringen of zorg telefonisch of per email melden bij de gemeente. Op de website van de gemeente staat vermeld op welke wijze en waar dit kan worden doorgegeven.
LINK: https://www.leeuwarden.nl/melden-bij-de-gemeente/melding-over-misbruik-vanbijstandsuitkeringen-of-zorg-maken/
Vraag 3
Wordt er bij bijstand ook, vergelijkbaar met Rotterdam, gekeken naar buitenlandse vermogens?
Antwoord van het college
Ja. Bij de vermogenstoets tellen ook bezittingen mee die zich in het buitenland bevinden. Het kan daarbij bijvoorbeeld gaan om tegoeden op bank- en spaarrekeningen, maar ook om onroerende zaken zoals huizen en grond.
Indien nodig wordt hierbij gebruikt gemaakt van de ondersteuning van het Internationaal Bureau Fraude-informatie (IBF). Het IBF is bevoegd om namens de gemeente grensoverschrijdend onderzoek te verrichten naar mogelijke inkomens- of vermogensbestanddelen buiten Nederland. Wel is het zo dat een onderzoek in het ene land tot meer resultaten leidt dan in het andere land. Dit hangt af van de medewerking en de
politieke situatie, maar ook van verdragsrechtelijke afspraken op het gebied van informatieuitwisseling over uitkeringen, pensioenen of inkomsten.
Vraag 4
Doorrekenen van het salaris bij werk na bijstand gebeurd via een digitale tool (aldus beleidskader). Is dit alleen digitaal?
Antwoord van het college
Of is het ook mogelijk om dit persoonlijk per bijstandsgerechtigde toe te lichten?
Naast de digitale tool is er ook een workshop beschikbaar bij ‘Vizier op werk’. Daarnaast zijn de betrokken consulenten altijd beschikbaar om persoonlijk met de inwoner mee te kijken als dit gewenst is.
Vraag 5
In Rotterdam krijgt iedereen in de bijstand een intensief traject van 6 maanden. Is dat vergelijkbaar met de Leeuwarder aanpak?
Antwoord van het college
Leeuwarden heeft een eigen aanpak, waarbij inwoners die een beroep op bijstand doen direct worden geholpen als de uitkering is toegekend. Over het algemeen is binnen twee weken duidelijk op welke spoor de inwoner zit (welke afstand tot de arbeidsmarkt en welke aanpak daarbij volgt). Inwoners met een korte afstand tot de arbeidsmarkt bijvoorbeeld volgen het ‘eerst werk’ programma 8 weken waarbij wekelijks intensief contact is om de inwoner te ondersteunen terug naar de arbeidsmarkt. Daarnaast zijn er voor andere doelgroepen weer andere vormen van ondersteuning / aanpak, zoals het programma ‘vizier op werk’ waarin inwoners worden ‘klaargestoomd’ voor de arbeidsmarkt. Voor alle doelgroepen is er een aanpak op maat.
Vraag 6
Korten op een uitkering bij geen deelname aan het participatietraject is niet meteen aan de orde in Leeuwarden, maar kan wel een uiteindelijk gevolg zijn. Hoe hoog is deze korting maximaal?
Antwoord van het college
(Vergelijkbaar met Rotterdam: hier is de situatie maximaal 3 maanden korting).
In de Participatiewet en in de Maatregelenverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Leeuwarden 2015 is opgenomen welke maatregel voor welke gedraging wordt toegepast bij het niet nakomen van afspraken, zoals deelname aan een re-integratie of participatie traject. Deze maatregelverordening is voor het laatst gewijzigd op 20 april 2022.
Naast een herziening van de Participatiewet volgt er nog een wetsvoorstel over handhaving sociale zekerheid. De huidige afstemmingsverordening van de gemeente komt daarmee te vervallen. In het Maatregelenbesluit socialezekerheidswetten komen regels met betrekking tot de hoogte en de duur van de maatregelen te staan. De ingangsdatum hiervan wordt verwacht per 1 januari 2027.
Een vaste werkwijze is om, bij het niet verschijnen op een afspraak, direct (meestal dezelfde dag) langs te gaan bij de inwoner en een nieuwe uitnodiging te verstrekken. Dit fysieke contact zorgt ervoor dat in de meeste gevallen daarna alsnog wordt verschenen op de vervolgafspraak.
Vraag 7
Wat is de opvatting/beleid omtrent tegenprestatie in de bijstand bij dit beleidskader?
Antwoord van het college
Dit betreft deels een politieke vraag.
In het beleidskader gaan we uit van inzet van beide partijen: gemeente en inwoners. Hier is sprake van wederkerigheid. Inwoners ontvangen ondersteuning, en zetten zich - naar
vermogen - in voor hun eigen ontwikkeling en participatie. Als afspraken structureel niet worden nagekomen, kunnen we besluiten om maatregelen te nemen.
Vraag 8
Meten is weten en gissen is missen: welk doel hebben we gesteld als het gaat over het aantal bijstandsgerechtigden over 2 jaar (lengte uitvoeringsprogramma) en de gemiddelde bijstandsduur?
Antwoord van het college
Dit wordt uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma.
Vraag 9
Wat verstaan we onder een lifecoach?
Antwoord van het college
Welke taken doet zo'n persoon?
Lifecoaches begeleiden jongeren met meervoudige problematiek. De lifecoach werkt op alle leefgebieden laagdrempelig met de jongere aan stabilisatie en toekomstperspectief. Uniek is de sterke focus op vertrouwen en blijven volhouden. Ze doen wat nodig is voor de jongere en zoeken naar mogelijkheden in en buiten het systeem. Ook na de coaching blijven lifecoaches beschikbaar. De aanpak kent grofweg drie stappen: vertrouwen winnen, stabiliseren en ontwikkelen. Lifecoaches zijn in staat om met één been in de gemeente en één been in het veld het nodige voor elkaar te krijgen voor de jongeren.
Vraag 10
In het koersdocument sociaal domein 2018 stond: "U komt voor een uitkering?
Antwoord van het college
Wij hebben werk voor u". Staat deze uitspraak overeind en is deze passend bij dit nieuwe beleidskader?
Werk staat nog steeds voorop. Werk biedt structuur en doel, vergroot zelfvertrouwen, leidt tot sociale interactie, en bied waardering. Inwoners die aan het werk kunnen krijgen passende begeleiding via de programma’s ‘Eerst werk’ en ‘Vizier op werk’. Tegelijkertijd hebben we te maken met de ontwikkelingen die hebben geleid tot het opstellen van dit beleidskader. Niet voor iedereen is werk (direct) haalbaar, en de begeleiding naar werk vraagt om intensievere inzet en ondersteuning om de aansluiting te maken en te behouden van bijstandsgerechtigden met de arbeidsmarkt. Ook werkgevers spelen een belangrijke rol bij het creëren van passend werk en het bieden van ontwikkelkansen.
Vraag 11
Er is weinig zicht op hoe het met mensen gaat wanneer ze uit de bijstand zijn. Hoe ziet de monitoring er nu uit?
Antwoord van het college
Of is er geen monitoring?
In de praktijk wordt een verzoek om hulp (nazorg) verleend als de inwoner hierom vraagt. Als een inwoner aan het werk en is de hoogte van de inkomsten zijn wisselend of onzeker of het is nog niet duidelijk of de werkzaamheden van korte of langere duur zijn dan wordt de uitkering niet direct beëindigd. We beoordelen dan na 2 maanden of we de uitkering kunnen beëindigen. In deze periode is er ook ondersteuning beschikbaar.
Inwoners die met een loonkostensubsidie aan het werk gaan krijgen gedurende een langere periode begeleiding via onder andere jobcoaching.
CDA (van der Meulen-Diever)
1. In de praktijk blijken veel statushouders het taalniveau B1 nog niet te beheersen.
Kunnen we de cursisten ook verplicht aanwezig laten zijn tijdens de taallessen.
Iedereen die een inburgeringsplicht heeft (zoals de meeste statushouders) is verplicht om hieraan mee te werken. Er zijn verschillende leerroutes, afgestemd op de mogelijkheden en leerbaarheid van de cursist. Deze leerroutes zijn niet vrijblijvend. Als afspraken, waaronder het volgen van taallessen, niet worden nagekomen kan er een maatregel of een boete worden opgelegd door de gemeente en de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO).
2. Hoe zorgen we ervoor dat iedere werkzoekende de juiste info krijgt over de website “Het Noorden werkt door”?
Veel werkzoekenden en werkgevers hebben de weg al gevonden naar de ondersteuning via het Noorden werkt door’ Met de start van het Werkcentrum volgt er nog een uitgebreide marketing campagne (zowel landelijk als lokaal) om deze ondersteuning onder de aandacht te brengen.
3. Gaan de mensen die voorheen bij het RMC werken nu bij de doorstroomlocatie werken?
Voor de beantwoording van deze vraag nemen we aan dat met doorstroomlocatie het doorstroompunt wordt bedoelt. Het antwoord op de vraag is dan ja. Medewerkers die voorheen bij het RMC werkzaam waren, zijn nu werkzaam bij het doorstroompunt.
4. Tijdens de bijpraat sessie van 27 augustus werd gezegd dat decanen geïnformeerd gaan worden over deze nieuwe aanpak. Wordt het speciaal onderwijs niet vergeten?
Ook met deze scholen is er contact over de nieuwe aanpak.
LIJST058 (Runhart)
1. Op pagina 10 van het kader staat:
De groep inwoners die ondersteuning nodig heeft van de gemeente is veranderd. Inwoners met een korte afstand tot de arbeidsmarkt vinden relatief snel hun weg. Maar de doelgroep met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt is toegenomen. We zien steeds vaker meerdere problemen. Bijvoorbeeld mentale klachten, beperkte basisvaardigheden, schulden of gezondheidsproblemen.
Onze fractie is benieuwd wat daarvan de reden is. En daarnaast zouden we graag een toelichting willen hebben van de grafiek op pagina 59 dat gaat over Belemmeringen.
Uit onderzoek (SCP rapport, “Een brede blik op bijstand” e.a. onderzoeken) is gebleken dat bijstandsgerechtigden vaker te maken hebben met een stapeling van problematiek op verschillende levensdomeinen dan mensen zonder bijstand. Denk aan economische problematiek als schulden of weinig inkomen, maar ook aan andere zaken zoals een slechte gezondheid, weinig administratieve vaardigheden en een klein sociaal netwerk.
In de gesprekken die de consulenten met inwoners voeren komen deze problematiek ook voorbij. De grafiek op pagina 59 van het beleidskader over belemmeringen is daarvan een weergave. Om de ontwikkelingen in het traject te volgen en de voortgang van oplossingen te monitoren wordt dit, met toestemming van de inwoner, genoteerd in het participatiedossier.
Tegelijkertijd speelt mee dat de arbeidsmarkt snel verandert. De inhoud van werk verandert en vraagt andere vaardigheden van werknemers waardoor er vaker een disbalans is tussen de vraag en het aanbod.
2. Wat is het exacte tekort van bijstandsuitkering minus de BUIG inkomsten?
Omdat het jaar 2025 nog niet is afgerond en het definitieve BUIG budget over 2025 eind dit jaar bekend wordt, volgt hieronder het overzicht van 2024. In 2024 bedroeg het tekort € 8.183.766.
3. In hoeverre zou het bestand uitkeringsgerechtigden moeten dalen om dit te kort in te lopen?
Via het BUIG-budget ontvangen gemeenten financiële middelen voor het betalen van bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies. Het rijk stelt jaarlijks het macro-budget vast en verdeelt dit aan de hand van een verdeelmodel over de gemeenten. In dit verdeelmodel zitten allerlei maatstaven die bepalen wat de hoogte is per gemeente. Gemeenten ontvangen een voorlopig budget, welke tussentijds nog een keer wordt bijgesteld. Ieder najaar ontvangen gemeenten dan het definitieve budget over dat jaar.
Eerder heeft u als raad op 28 mei 2025 ingestemd met de verklaring bij de aanvraag voor de vangnetuitkering over 2024. In deze verklaring (onderdeel van het aanvraagformulier ‘Vangnetuitkering Participatiewet over 2024’) is uitleg gegeven over de interne en externe maatregelen die getroffen zijn om te komen tot verdere tekortreductie. Onder paragraaf A (vanaf p7 van het genoemde document) wordt een analyse gegeven van de oorzaken van het tekort. Hierin is toegelicht dat Leeuwarden structureel ongunstig in het verdeelmodel van de BUIG zit, waardoor we een structureel tekort gemeente blijven. Het tekort is daarmee niet 1 op 1 te koppelen aan de daling van het bestand uitkeringsgerechtigden.
GLL (Vlutters)
1. Worden er verbindingen gelegd met andere beleidskaders – zoals wonen met zorg, mobiliteit of sociale basis – om integrale samenwerking te bevorderen?
Ja, om de integrale samenwerking te bevorderen zoeken we actief verbinding met andere beleidskaders.
2. ‘Voor het opstellen van dit beleidskader zijn signalen en ervaringen uit de praktijk meegenomen’(blz 6). Oa inzichten van ervaringsdeskundigen en feedback door inwoners’:
Hoe wordt inwonersparticipatie concreet georganiseerd? Worden inwoners betrokken bij beleidsvorming, uitvoering en evaluatie? (Hoe en wie?) Zijn er verankeringen voor betrokkenheid en transparantie? Bijvoorbeeld via panels,
klankbordgroepen of evaluatie door inwoners? (• Stimuleer transparantie en participatie op de uitvoering – niet alleen beleidsnota’s, maar ook concrete praktijken.
• feedbackloop – inwoners melden ervaringen, de gemeente past aan en stuurt bij: Dit doorlopende proces heeft u reeds genoemd).
Bij de beleidsvorming zijn inwoners, ervaringsdeskundigen en sociaal maatschappelijke partners betrokken en hun ervaringen en ideeën zijn meegenomen in het beleid. Zodra het beleidskader wordt vastgesteld start het opstellen van een uitvoeringsprogramma, waarin deze participatie ook vorm zal krijgen.
3. Wordt duurzame participatie bewaakt? Hoe? Maatwerk in uitvoeringspraktijk vraagt immers structurele borging. (of wordt dat ook nog uitgewerkt in de uitvoering?) Het is niet helemaal duidelijk wat er wordt verstaan onder duurzame participatie.
Maatwerk in de uitvoeringspraktijk is structureel geborgd.
We werken samen, overstijgend, brengen verschillende expertises bij elkaar en bieden op die manier een passende oplossing of doorbraak door middel van een geïntegreerde maatwerkmethode (Op Maat methode).
4. • Monitor effectiviteit bij kwetsbare groepen – hoe werkt het maatwerk bij jongeren, statushouders, gezinnen? Vraag: Gaat u in de uitvoeringsnota concreet aangeven hoe het maatwerk geëvalueerd wordt? U gaf aan dmv enquêtes maar wordt er daarbij ook bijgehouden welke participatie en hoeveel uren mensen zijn gaan participeren en het effect op hun welzijn? En welke methode van maatwerk is toegepast? En wanneer mensen juist vrijgesteld worden van participatie?
Dank voor het meedenken, dit zal verder worden uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma.
Wij helpen onze inwoners graag op maat en hebben dit geïntegreerd in onze uitvoering (zie voor maatwerk methode ook de beantwoording bij de vorige vraag).
We ontwikkelen indicatoren die passen bij het bredere doel van werk én participatie en maken deze onderdeel van het tweejaarlijkse uitvoeringsprogramma. Bijvoorbeeld: mensen worden zelfstandiger, ronden hun ontwikkeltrajecten af, doen mee aan maatschappelijke activiteiten of houden hun baan. Zo kunnen we zien wat écht helpt in het leven van mensen.
5. -COMMUNICATIE:
We horen nog te vaak dat mensen veel stress krijgen van de brieven die ze ontvangen; Op welke manier wordt daar blijvend aan gewerkt?
B) En wordt er gewerkt aan training van uw eigen personeel op stress-sensitief werken? (en daarmee op bewustwording en gesprekvoering op onderliggende overtuigingen en vooroordelen zodat er werkelijk uit vertrouwen kan worden gewerkt). Hoe?
Medewerkers zijn getraind om brieven te schrijven in begrijpelijke taal want we willen dat onze brieven duidelijk en makkelijk te begrijpen zijn. AIs een brief onduidelijk is dan horen we dit graag. Daarom staat er een brievenbus in de hal van het gemeentehuis waar inwoners onduidelijke brieven van de gemeente in kunnen doen. We nemen dan contact met ze op om samen te kijken hoe de brief beter kan.
De training stress sensitief werken is onderdeel van het leeraanbod. Deze training gaat in op de impact van stress op inwoners en rust medewerkers toe om effectief en empathisch te communiceren met individuen die stress ervaren. Het richt zich op het opbouwen van vertrouwen en het empoweren van inwoners om weer een gevoel van welzijn te krijgen.
6. Mantelzorg annex betaald werk: dikwijls hebben mensen zware mantelzorgtaken. Wordt er dan gekozen om mensen aan een werktraject te laten deelnemen of krijgt de mantelzorgtaak dan voorrang? Hebben mensen hier eigen inbreng in?
De Participatiewet vormt de basis voor dit beleidskader. Deze wet heeft als doel dat mensen zoveel ze kunnen (naar vermogen) meedoen aan de samenleving, bij voorkeur via werk, of een vorm van participatie als werk (nog) niet haalbaar is. Ook voor mantelzorgers geldt deze participatieplicht. In de individuele invulling van de participatieplicht is het verlenen van mantelzorg een omstandigheid die moet worden meegewogen. Op welke wijze dat gebeurt kan worden vastgelegd in individuele afspraken die samen met de inwoner worden gemaakt.
7. Blz 32 ‘Methodes die bewezen effectief zijn’ -Welke uitvoeringsinstrumenten zijn er al en welke worden nog ontwikkeld en van welke is nu al duidelijk dat ze wel of niet werken? Of wordt dat in het uitvoeringsbeleid uitgewerkt?
B) In de Kinderopvang wordt voorzien. Gaat u in de uitwerking ook aangeven wat daarin is/wordt veranderd?
Dit wordt uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma.
We ondersteunen onze inwoners bij het vinden van kinderopvang
8. -Groep 55 plus stijgt verhoudingsgewijs. Hoeveel investeert u nog in deze groep? En vooral in de mensen die nog graag willen, krijgen zij bv nog een opleiding aangeboden? Ook als zij alleen deeltijd kunnen werken?
B) Is daarbinnen ook voldoende aanbod voor HBO geschoolden? Welk of waar is dat te vinden?
We zijn er voor iedereen, maar willen de focus leggen op een aantal doelgroepen. In de ondersteuning die geboden wordt zal altijd worden aangesloten bij de kansen en mogelijkheden van de inwoner, ongeacht het opleidingsniveau.
9. Is er ook een overzicht van (gemeentelijke) Participatieplekken? (naast de reguliere vrijwilligersvacatures?) Zo ja, Waar kunnen inwoners en de raad deze vinden?
Het is niet helemaal duidelijk wat er met participatieplekken wordt bedoeld. Er is een heel netwerk van partijen, waaronder bedrijven en maatschappelijke partners waarmee we intensief contact onderhouden over mogelijkheden voor werk en participatie.
10. Jaren geleden is er een beleidsstuk ‘Flexibele bijstand’ vastgesteld. Daarmee zouden mensen die bij uitstroom naar werk binnen 6 maanden opnieuw een bijstandsuitkering aan moeten vragen, deze snel weer ontvangen (zonder de hele procedure weer te moeten doorlopen).
Werkt dit naar behoren? Kunnen cliënten direct weer vrij gemakkelijk op de PWet uitkering terugvallen indien betaald werken ophoudt of niet lukt? Of is daar meer voor nodig?
Deze verkorte aanvraagprocedure hanteren we nog steeds. Het recht op uitkering wordt dan vastgesteld op basis van de gegevens op het aanvraagformulier. De inwoner hoeft geen bewijsstukken in te leveren.
Bekijk de brief: 2025-09-08 Beantwoording schriftelijke vragen Beleidskader Meedoen telt
Bron: raadsinformatie van de gemeente Leeuwarden (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.