criminaliteit en veiligheid (zie 2026-151)
Een raadslid stelde op 7 mei 2026 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Nieuwegein (1 vragen).
In het kort
1 vragen en wat het college antwoordt
- 000 inwoners? → ’): Op de site waarstaatjegemeente.nl worden de veiligheidscijfers afgezet tegen het aantal inwoners.
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
Contactpersoon Telefoon
Paulien de Jong
14 030
E-mail [email protected]
De heer F. Folkerts (Forum voor Democratie)
Datum
2 juni 2026
Kenmerk Zaaknummer Berichtnummer Onderwerp
Schriftelijk vragen m.b.t. veiligheid
Geachte heer Folkerts, In uw brief van 7 mei 2026 heeft u schriftelijke vragen gesteld over veiligheid.
Hieronder treft u uw vragen en de beantwoording ervan aan.
Introducerende tekst boven de vragen:
De criminaliteit in Nieuwegein stijgt fors: +16% in H1 2025 (1.980 registraties), met pieken in drugs (+67% naar 92 in 2025, provincie-top), geweld (+32%) en ondermijning (gemeente #31 op Onderwereldkaart). Dit vereist urgente technische inzichten en aanpak.
Vraag 1:
Welke exacte criminaliteitscijfers (totaal en per delictcategorie: drugs, geweld, inbraken, ondermijning) gelden voor Nieuwegein in 2025-2026, inclusief per wijk (bijv. Hoge Landen, Batau Noord)? Vergelijk met regio en landelijk gemiddelde.
Antwoord 1:
De ‘criminaliteitscijfers’ voor Nieuwegein in 2025 kunt u vinden in de brief aan de raad: ‘jaarlijks veiligheidsbeeld Nieuwegein 2025 (2026-068)’. Dit bestand bevat ook een vergelijking tussen de cijfers van Nieuwegein en de gemiddelde cijfers van de gemeenten in de regio Midden-Nederland.
Het veiligheidsbeeld wordt tweemaal per kalenderjaar met de gemeenteraad gedeeld. Dit vindt plaats na het verstrijken van de eerste zes maanden van een kalenderjaar en na het verstrijken van het gehele jaar. Voor het jaar 2026 heeft u dus nog geen veiligheidsbeeld met bijbehorende ‘criminaliteitscijfers’ ontvangen. Wij ontvangen normaliter in de eerste helft van de maand juli het veiligheidsbeeld vanuit
de Veiligheidscoalitie Midden-Nederland. Op het moment dat wij dit ontvangen, delen wij dit beeld z.s.m. met u als gemeenteraad. Daarbij geven wij een duiding van het beeld vanuit de politie en ons.
Het halfjaarlijkse en jaarlijkse veiligheidsbeeld bevat geen cijfers per wijk en geen vergelijking met het landelijk gemiddelde. Criminaliteitscijfers zijn in Nederland echter grotendeels openbaar. De meest actuele cijfers m.b.t. geregistreerde misdrijven en aangiften, dus ook de cijfers van de eerste maanden van 2026, kunt u vinden in het openbare dataportaal van politie. Binnen dit dataportaal is het ook mogelijk om de cijfers per wijk in te zien. U kunt zelf selecteren van welke wijken u de cijfers wilt bekijken.…
Vragen en antwoorden
Vraag 1
000 inwoners?
Antwoord van het college
’):
Op de site waarstaatjegemeente.nl worden de veiligheidscijfers afgezet tegen het aantal inwoners. Niet voor alle soorten criminaliteit en veiligheidsproblematiek zijn de relatieve cijfers per 1.000 inwoners beschikbaar. Wegens de hoge of lage absolute aantallen van een bepaald type criminaliteit of veiligheidsproblematiek wordt er soms voor gekozen om de relatieve cijfers weer te geven per 10.000 of 100.000 inwoners. -Antwoord tweede deelvraag vraag 2 (‘Welke trends tonen de jongste 6maandsveiligheidsanalyses’):
Het veiligheidsbeeld dat tweemaal per jaar met de gemeenteraad wordt gedeeld bestaat gedeeltelijk uit een beschrijving en duiding van de trends en ontwikkelingen (zie antwoord op vraag 1).
De ‘jongste 6-maandsveiligheidsanalyse’ vindt u in de brief aan de raad: ‘6maandelijksveiligheidsbeeld Nieuwegein (2025-247)’.
Een beschrijving en duiding van actuelere trends vindt u in de brief aan de raad: ‘jaarlijks veiligheidsbeeld Nieuwegein 2025 (2026-068)’. Dit is echter een analyse van een geheel kalenderjaar en niet van zes maanden.
Vraag 3: Welke oorzaken (bijv. drugsnetwerken, problematische schulden 9,1%, vastgoedrisico’s) identificeert het college als drijvende krachten achter de stijging?
Antwoord 3:
De stijging van 16% van ‘criminaliteit totaal’ over de eerste helft van 2025 in Nieuwegein, waar u in de introducerende tekst van uw vragen naar verwijst, wordt namens het college geduid in de brief aan de raad: ‘6-maandelijksveiligheidsbeeld Nieuwegein (2025-247)’.
Zoals u in bovenstaande brief kunt zien heeft specifiek voor dit 6maandelijksveiligheidsbeeld het relatief hoge aantal brom-, snor- en fietsendiefstallen veruit de grootste negatieve invloed op de totale hoeveelheid criminaliteit. In het algemeen is het aannemelijk dat het motief voor het plegen van dit soort misdrijven is dat de daders relatief snel geld willen verdienen. Bovendien is het stelen van brom-, snor- en fietsen een relatief eenvoudig te plegen misdrijf, voornamelijk wanneer deze voertuigen niet op een veilige manier en/of op een veilige plek gestald worden.
Over het gehele kalenderjaar van 2025 is de totale criminaliteit met 4% gestegen (zie brief aan de raad: ‘jaarlijks veiligheidsbeeld Nieuwegein 2025 (2026-068)’).
Deze ontwikkeling is aanzienlijk minder negatief dan de ontwikkeling in het bovenstaande halfjaarsbeeld. In de brief vindt u de duiding van deze stijging namens de gemeente en politie.
Het aantal registraties van brom-, snor- en fietsendiefstal is in het gehele kalanderjaar 2025 met 18% gestegen (van 297 naar 351 registraties ten opzichte van 2024). Deze stijging valt relatief mee, aangezien in het halfjaarlijkse overzicht nog sprake was van een toename van 91% (van 116 naar 222 registraties in vergelijking met de eerste zes maanden van 2024). Dit is een kermerkende ontwikkeling voor een vorm van traditionele criminaliteit, zoals diefstallen, autokraken en inbraken. Deze vormen van criminaliteit kennen qua aantallen vaak pieken en dalen gedurende een bepaalde periode op een bepaalde plek. Dit komt onder andere doordat de daders er vaak voor kiezen om voor een bepaalde tijd actief te zijn op een bepaalde locatie, maar hiermee stoppen en een andere locatie uitkiezen op het moment dat er verhoogde aandacht in het gebied (de gemeente) komt op de oorspronkelijke locatie.
Vraag 4: Is er een helder actieplan voor aanpak, met prioriteiten uit het Integraal Veiligheidsplan 2025-2028 (bijv. drugslabs op bedrijventerreinen)? Welke concrete maatregelen zijn ingevoerd sinds de +16% stijging?
Antwoord 4: -Antwoord eerste deelvraag vraag 4 (Is er een helder actieplan voor aanpak, met prioriteiten uit het Integraal Veiligheidsplan 2025-2028 (bijv. drugslabs op bedrijventerreinen)?):
De verschillende aanpakken van de prioriteiten uit het Integraal Veiligheidsplan (IVP) 2025-2028 zijn uitgewerkt in het uitvoeringsplan IVP 2025-2026 (UVP) en in het uitvoeringsplan Preventie met Gezag. -Antwoord tweede deelvraag vraag 4 (Welke concrete maatregelen zijn ingevoerd sinds de +16% stijging?):
Naast een beschrijving van de inzet op en ontwikkelingen binnen de prioriteiten en reguliere werkzaamheden van het IVP en UVP vindt u in de jaarlijkse UVPvoortgangsrapportages de maatregelen die wij treffen/ de acties die wij ondernemen n.a.v. de ontwikkelingen van de veiligheidscijfers/beeld. Zie specifiek subparagraaf 5.7 en 5.9 van de voortgangsrapportage UVP 2025. Daarnaast wordt in de brieven aan de raad over het veiligheidsbeeld vaak ook beschreven welke ontwikkelingen er plaatsvinden binnen de aanpak van de veiligheidsproblematiek die specifiek op dat moment veel voorkomt. Zie bijvoorbeeld de brief aan de raad: ‘jaarlijks veiligheidsbeeld Nieuwegein 2025 (2026-068)’, waarin onder andere beschreven is hoe er met de politie is ingezet op het grote aantal brom-, snor- en fietsendiefstallen.
Bovenstaand voorbeeld is een maatregel die specifiek aansluit bij de stijging van +16% waar u naar refereert. Het is echter belangrijk om te benoemen dat de criminaliteitscijfers, in het bijzonder over een relatief kleine periode als 6 maanden, sterk kunnen fluctueren. Een halfjaar na de toename van 16% was de totale toename al gedaald naar 4%. En zoals bovenstaand weergegeven was in dezelfde periode de stijging van het aantal brom-, snor- en fietsendiefstallen zelfs afgenomen van een stijging van 91% naar een stijging van 18%. Daarnaast geven de cijfers van het veiligheidsbeeld maar een bepaald gedeelte weer van de gehele veiligheidsproblematiek. Onze geprioriteerde thema’s als ondermijning, jonge aanwas en cybercrime zijn minder eenvoudig in cijfers uit te drukken. Hiervan weten wij dat het vaker voorkomt dan dat de cijfers laten zien. Het nemen van concrete maatregelen n.a.v. ontwikkelingen binnen het veiligheidsbeeld kan dus soms nodig en nuttig zijn, maar deze ontwikkelingen alleen zijn niet bepalend voor de veiligheidsaanpak of voor het bijstellen daarvan. Ook kan de inzet op bepaalde veiligheidsvraagstukken vanuit de politie en gemeente juist zorgen voor een stijging van de cijfers. Een stijging van bepaalde veiligheidscijfers is dus niet altijd enkel een negatieve ontwikkeling.
Op het moment dat nieuwe ontwikkelingen voor een langere tijd van invloed zijn op de openbare orde en veiligheid, wordt waar wenselijk en noodzakelijk inzet bijgesteld. Bij deze afweging spelen de beschikbare middelen, de doorlooptijd, het gewenste kwaliteitsniveau en de urgentie vanuit de samenleving en het bestuur een belangrijke rol.
Vraag 5: Welke samenwerking loopt met het Openbaar Ministerie (OM) voor vervolging, prioritering van zaken en capaciteitsversterking? Zijn er lopende taskforces of integrale afspraken?
Antwoord 5: -Antwoord eerste deelvraag vraag 5 ‘Welke samenwerking loopt met het Openbaar Ministerie (OM) voor vervolging, prioritering van zaken en capaciteitsversterking?’:
Samen met de gemeente en de politie vormt het Openbaar Ministerie de lokale veiligheidsdriehoek. Om gezamenlijk zo goed mogelijk invulling te kunnen geven aan de veiligheidsaanpak worden elkaars prioriteiten (waaronder de prioriteiten van het IVP) op elkaar afgestemd en wordt er zoveel mogelijk samengewerkt. -Antwoord tweede deelvraag vraag 5: Zijn er lopende taskforces of integrale afspraken?:
Naast de structurele afstemming en samenwerking met het OM over de veiligheidsaanpak zoals bovenstaand genoemd, zijn er verschillende andere samenwerkingsverbanden waar het OM en de gemeente Nieuwegein aan deelnemen, zoals: -
De integrale districtelijke aanpak van ondermijning binnen het convenant van het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum Midden-Nederland (RIEC).
-
De aanpak Preventie met Gezag/ Aanpak Jonge Aanwas en Doorgroeiers.
-
De integrale aanpak van zorg en veiligheid van het Zorg- en Veiligheidshuis Regio Utrecht (ZVHRU)
Het woord ‘taskforces’, zoals in de vraag staat aangegeven, is geen term die binnen het werkveld vaak gebruikt wordt, maar binnen o.a. bovenstaande samenwerkingsverbanden worden integrale afspraken gemaakt.
Vraag 6: Wordt Den Haag (bijv. via rijkssubsidies, nationale politiecapaciteit of wetgeving) betrokken? Welke lobby of signalen zijn uitgezet?
Antwoord 6:
Binnen de Regionale Veiligheidscoalitie waar 38 gemeenten, politie, Openbaar Ministerie en andere veiligheidspartners samenwerken worden signalen uitgewisseld.
De regioburgemeester vertegenwoordigt de regio in Den Haag en brengt daar ook signalen in.
Vraag 7: Welke monitoringtools (data-analyse, predictieve modellen) en KPI’s (bijv. ontruimde labs, daderopsporing) meten succes? Wat zijn tussentijdse resultaten?
Antwoord vraag 7:
Hoe wij de ontwikkelingen, inzet en bijbehorende (tussentijdse) resultaten op het gebied van veiligheid meten en verantwoorden staat weergegeven in: -
De P&C-cyclus stukken onder de paragraaf veiligheid binnen het programma Leefomgeving en Veiligheid.
-
Integraal Veiligheidsplan 2025-2028 – Uitvoeringsplan Integraal veiligheidsplan 2025-2026 – UVP-voortgangrapportage 2025.
-
Uitvoeringsplan Preventie met Gezag -Voortgangsrapportage Preventie met Gezag (dit bestand wordt nog aan de gemeenteraad toegezonden)
In de bovenstaande bestanden wordt relatief veel gebruik gemaakt van kwalitatieve data of kwantitatieve data die wordt ondersteund met kwalitatieve data. Om ‘succes’/ onze resultaten te kunnen meten en verantwoorden gebruiken wij dit soort methodes relatief vaak i.p.v. enkel kwantitatieve data-analyse en predicatieve modellen. Dit heeft als voornaamste reden dat, zoals bij het antwoord op vraag 4 aangegeven, het minder eenvoudig in om dit in cijfers uit te drukken. Op het moment dat de omvang van een veiligheidsvraagstuk lastig in cijfers is uit te drukken, is het nog complexer (en in veel gevallen zelfs niet mogelijk) om op een betrouwbare kwantitatieve wijze aan te duiden welke invloed bepaalde interventies hebben op deze cijfers.
Vraag 8: Wanneer volgt een update aan de raad met wijk-specifieke data en prognoses voor 2026?
Antwoord vraag 8:
Er volgt geen update met wijk-specifieke data.
U kunt wel op verschillende andere manieren inzichten opdoen over (wijk-specifieke) data m.b.t., veiligheid (zie antwoord op vraag 1).
Ook prognoses worden niet openbaar gedeeld. De politie heeft wel de beschikking over prognoses en kan hiervan gebruik maken bij het aanpakken van bepaalde veiligheidsproblematiek, bijvoorbeeld autokraken en woninginbraken. Mocht het mogelijk zijn om een aanpak op basis van een prognose aan te scherpen is het niet bevorderlijk dat deze prognoses openbaar beschikbaar zijn. Wanneer wij verwachten
dat bepaalde veiligheidsproblematiek op een bepaald moment relatief veel gaat voorkomen communiceren wij hier in samenwerking met de politie waar mogelijk wel over, bijvoorbeeld communicatiecampagnes over het veel voorkomen van woninginbraken tijdens schoolvakanties. Hiermee geven wij naast informatie onze inwoners ook handelingsperspectief om weerbaarder te kunnen worden.
Bron: raadsinformatie van de gemeente Nieuwegein (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.