15 april 2024 · artikel 35-vragen · gemeente Nieuwegein

reactie op informatiebrief WUP Gebouwendriften (zie 2024-105)

Een raadslid stelde op 15 april 2024 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Nieuwegein.

Brief van het college

Deze brief is niet in losse vragen en antwoorden uit te lezen. Hieronder staat de tekst; het origineel staat via de link.

Postbus 1 3430 AA Bezoekadres Stadsplein 1 3431 LZ IBAN: NL49 BNGH 0285 0043 87 BIC: BNGHNL2G

www.nieuwegein.nl

2024-131 Contactpersoon

Anne Wijers

Telefoon

(030) 607 18 11

E-m ail

[email protected]

De heer T.A.C. Verhoeve

Datum

2 mei 2024

(D66)

Kenmerk

2024-105

Zaaknummer Berichtnummer Ond erwerp

Schriftelijk vragen inzake reactie op informatiebrief 2024-079 WUP Gebouwendriften

Geachte heer Verhoeve, In uw brief van 14 april 2024 heeft u schriftelijke vragen gesteld over de informatiebrief 2024-079 warmteuitvoeringsplan (WUP) Gebouwendriften.

Hieronder treft u uw vragen en de beantwoording ervan aan.

1. Isolatiemaatregelen Hoewel we herkennen dat het uitblijven van een grote verbouwing prettig voor zowel de bewoners als de woningeigenaar is, vragen we ons af of deze overweging terecht leidt tot de conclusie dat er geen verdere isolatiemaatregelen nodig zijn. Graag ontvangen wij nadere duiding van het college op dit argument. Immers, hoe beter de warmte wordt vastgehouden, hoe minder warmte wordt verbruikt en hoe minder hoeft te worden geproduceerd.

Antwoord: We streven altijd naar maximale energiebesparing, maar dat is financieel lang niet altijd haalbaar voor bewoners. De trajecten Aardgasvrij en Isoleren van je woning trekken we los van elkaar om Nieuwegeiners meer eigen regie te bieden.

Voor aardgasvrij geldt dat we uit de buurtgesprekken weten dat een deel van de woningeigenaren zich zorgen maakt over de investeringskosten. Daarom zorgen we dat de investeringskosten in de basis zo laag mogelijk blijven, zodat iedereen de overstap kan maken richting aardgasvrij. Daarnaast zetten we in op het verder stimuleren van isolatiemaatregelen bij bewoners waar de financiële situatie dat toelaat. Voor isolatie geldt dat de buurt verschillende doelgroepen heeft waar andere maatregelen bij passen, gebaseerd op de woon- en financiële situatie. Voor iedere doelgroep komt een passend aanbod. Denk daarbij aan collectieve inkoopacties voor woningeigenaren, waarbij we bewoners wijzen op beschikbare subsidies en ontzorgen waar nodig. Energiecoaches en de FIXbrigade zijn dit voorjaar al actief in de buurt.

Bladnummer Kenmerk

2/5

2024-105

Ond erwerp

reactie op informatiebrief 2024-079 warmteuitvoeringsplan Gebouwendriften

2. Voorkomen hittestress Daarnaast is hittestress in toenemende mate een probleem. Het nadeel van het warmtenet van Eneco is dat er geen koeling mee kan worden geregeld.

Om de woningen te koelen, zullen alsnog extra maatregelen moeten worden getroffen. In de bijlage bij de brief wordt onder meer gesproken over investeren in extra zonwering en het vergroenen van de openbare ruimte.

Hoe is de noodzaak tot koelen in dit scenario voor de Gebouwendriften meegenomen in de overwegingen voor de te kiezen oplossing? Welke andere maatregelen ziet u voor zich om koelen mogelijk te maken en welke investeringen voor bewoners zijn daarvoor noodzakelijk (zowel in ruimte als in geld)?

Antwoord: In de keuze voor een alternatieve warmteoplossing is het advies van de buurtgroep, de voorkeursoplossing van Jutphaas Wonen en de uitgangspunten zoals beschreven in de Transitievisie warmte afgewogen. De mogelijkheid om te koelen is niet doorslaggevend geweest in de keuze voor een alternatieve warmteoplossing. We erkennen het toenemende belang om maatregelen te treffen om hittestress te voorkomen. Dat kunnen we op andere manieren realiseren. Vergroening van de openbare ruimte wordt meegenomen in het voorlopige ontwerp van Betere Buurten door het aanleggen van groene parkeerplaatsen en ruim 20% extra bomen.

Daarnaast wordt het Betere Buurten ontwerp getoetst aan de provinciale prestatieeisen voor hittestress. We onderzoeken het stimuleren van aanvullende maatregelen zoals extra zonwering of vergroening van daken en tuinen. Daar gaan we in het warmteuitvoeringsplan (WUP) verder op in.

Bladnummer Kenmerk

3/5

2024-105

Ond erwerp

reactie op informatiebrief 2024-079 warmteuitvoeringsplan Gebouwendriften

3. Financieel haalbaar?

In Utrecht is onlangs besloten om Overvecht-Noord niet aan te sluiten op het warmtenet van Eneco. Na acht jaar praten, bleek dat de oplossing ‘financieel niet haalbaar’ was. Hoe groot is de kans dat, met dezelfde leverancier, op hetzelfde warmtenet, dezelfde conclusie wordt getrokken?

Antwoord: De discussie en ontwikkelingen in Utrecht alsook in Amsterdam en Rotterdam zijn ons niet ontgaan. Ook vanuit de Gebouwendriften krijgen wij vragen en worden zorgen geuit. De hoofdreden vanuit Eneco voor het stopzetten van de ontwikkeling van het warmtenet in Overvecht-Noord is dat 75% van het gebied bestaat uit grondgebonden eengezinswoningen.1 In de Gebouwendriften is dat percentage lager. Bovendien liggen de woningen dichter bij elkaar ten opzichte van de eengezinswoningen in Overvecht-Noord. Naast woningtype speelt ook eigendom een rol bij de haalbaarheid. In de Gebouwendriften is maar een klein percentage in particulier eigendom. Woningcorporatie Jutphaas Wonen heeft 65% van de woningen in bezit en is mede-initiatiefnemer van het traject naar een aardgasvrij Gebouwendriften. Dat maakt de kans groter dat de deelnamegrens van 70%, die benodigd is voor een betaalbaar warmtenet, wordt behaald. In Overvecht-Noord had Eneco de verwachting dat deze deelnamedrempel niet gehaald zou worden.

Op basis van een businesscase en onderzoek naar financieringsmogelijkheden kunnen we bepalen of de Gebouwendriften aansluiten op het warmtenet financieel haalbaar is. Het demissionaire kabinet onderzoekt naar aanleiding van alle recente ontwikkelingen welke maatregelen er nodig zijn om warmtenetten aantrekkelijker te maken.2 Dat zou per volgend jaar al kunnen helpen om (uitbreiding van) warmtenetten financieel haalbaarder te maken.

1 Laagbouwwoningen in Overvecht-Noord niet geschikt voor betaalbaar warmtenet (03-042024): Laagbouwwoningen in Overvecht-Noord niet geschikt voor betaalbaar warmtenet (eneco.nl) 2 Kamerbrief Tijdlijnen Warmtetransitie (16-04-2024): Kamerbrief tijdlijnen warmtetransitie | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl

Bladnummer Kenmerk

4/5

2024-105

Ond erwerp

reactie op informatiebrief 2024-079 warmteuitvoeringsplan Gebouwendriften

4. Is en blijft het ook echt betaalbaar?

Huidige gebruikers van het Eneco warmtenet in Nieuwegein ervaren niet dat zij een relatief goedkope warmtevoorziening hebben. Er wordt hierover geregeld geklaagd, zowel bij meerdere raadsleden, de ACM, Eneco als het college. Zo is ruim een week geleden een inwoner uit onze stad geïnterviewd in het NRC.

Daarnaast blijkt dat eerdere gemaakte afspraken niet altijd nagekomen worden, zoals onlangs in Amsterdam. Tenslotte blijkt uit onderzoek van TNO dat “stadsverwarming in Nederland twee tot drie keer zo duur is als in andere landen. Het prijsverschil is bovendien de laatste jaren een stuk groter geworden.” Op welke wijze kan het college garanderen dat de keuze voor deze oplossing ook daadwerkelijk betaalbaar is en blijft voor de bewoners?

Antwoord: Samen met woningcorporatie Jutphaas Wonen wordt een uitgangspuntennotitie opgesteld, waarin betaalbaarheid een belangrijk onderdeel zal zijn. In de Gebouwendriften zal iedere woning (koop en huur) een eigen installatie (afleverset) krijgen inclusief een eigen verbruiksmeter. Dit is niet het geval bij de Nieuwegeinse inwoner in het NRC-artikel, die warmte krijgt van het warmtenet via een ‘blokaansluiting’ waarbij er niet per woning wordt bemeterd en afgerekend.

Bladnummer Kenmerk

5/5

2024-105

Ond erwerp

reactie op informatiebrief 2024-079 warmteuitvoeringsplan Gebouwendriften

De maximumtarieven voor warmte wordt nu en straks door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) bepaald. De warmtetarieven zijn nu nog gekoppeld aan de aardgasprijs. Het kabinet heeft aangekondigd dat zij bezig is met een methode om de warmtetarieven onafhankelijk van de aardgasprijs vast stellen op basis van de kostprijs plus een redelijk rendement. De wijziging wordt geregeld in de Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw) die in ontwikkeling is. Belangrijke uitgangspunten van de Wcw zijn hierbij om burgers zo veel mogelijk zekerheid te bieden, collectieve warmte te verduurzamen en de inrichting en sturing van collectieve warmtesystemen te moderniseren.

Het college zal in de tussentijd in bestuurlijke overleggen met Eneco blijven inzetten op betaalbaarheid voor gebruikers. Zoals wij eerder hebben gecommuniceerd in antwoorden op raadsvragen 2020-070 en 2022-065 en in een gezamenlijke brief met 13 gemeenten aan Eneco3.

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Nieuwegein,

Ellie Liebregts

Marijke van Beukering-Huijbregts

secretaris

burgemeester

3 Gezamenlijke brief 13 gemeenten aan Eneco (21-02-2023): Gezamenlijke brief 13 gemeenten

aan Eneco | Gemeente Nieuwegein

Bekijk de brief: 2024-131 Antw. Br. schriftelijke vragen D66 dd 02-05-24 over reactie op informatiebrief WUP Gebouwendriften (zie 2024-105)

Bron: raadsinformatie van de gemeente Nieuwegein (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.

Meer vragen aan het college van Nieuwegein

Alle artikel 35-vragen in Nieuwegein