vervolvragen inzake vervolgonderzoek in 2015 door huisadvocaat Van Beurden
Een raadslid stelde op 28 maart 2025 schriftelijke vragen aan het college van burgemeester en wethouders van Nieuwegein (21 vragen).
In het kort
21 vragen en wat het college antwoordt
- Welke vragen behoren volgens u niet tot uw verantwoordelijkheid als hoeder van de bestuurlijke integriteit? → 2
- Welke woorden uit mijn betoog (zie bijlage 1 voor de betreffende tekst) tijdens de raadsvergadering van 7 november2024 zodanig begrepen dat het om een… → Ik heb geen woord over een griffiemedewerkster uitgesproken.
- Bent u het met ons eens dat u door dit illegitiem persoonsonderzoek door de huisadvocaat Van Beurden een ‘advies’ te noemen niet zorgvuldig en zelfs respectloos handelt? → Zo nee waarom vind u uw woordkeuze wel zorgvuldig en respectvol?
- Bent u het eens met bovenstaande? → Zo nee, waarom niet?
- Bent u het met ons eens dat noch raadsleden, noch raadscommissies, noch ambtenaren gerechtigd zijn om onderzoek te doen naar de handel en wandel en uitspraken van… → Zo nee waarom niet?
- Als het over zorgvuldigheid gaat dan wordt u als burgemeester, raadsvoorzitter en hoeder van de bestuurlijke integriteit op zijn minst geacht te weten dat noch de 3… → Zo nee, waarom niet?
- Bent u het met ons eens dat de gemeenteraad het bevoegd orgaan is in deze en dat “zorgvuldig handelen als werkgeverscommissie in drietal situaties” had moeten betekenen… → Zo nee waarom niet?
- Bent u het met ons eens dat ook met de inzet van de huisadvocaat en/of gebruik van het geld van de gemeenschap zonder expliciete toestemming van de budgethouder niet is… → Zo nee waarom niet?
Overgenomen uit de brief van het college; hieronder staan de volledige vragen en antwoorden.
Aanleiding
2025-088
Vervolg raadsvragen inzake vervolgonderzoek in 2015 door huisadvocaat van Beurden
Beste burgemeester, mevrouw van Beukering, Wij wijzen u erop dat u niet alleen als burgemeester, maar ook als voorzitter van de raad en als hoeder van de bestuurlijke integriteit onze vragen van antwoorden dient te voorzien. Wij willen graag uw standpunt weten inzake deze kwestie, waaronder ook de handelwijze van de werkgeverscommissie.
Het zijn dus geen vragen aan de werkgeverscommissie. En wat het college betreft: het college heeft uiteraard helemaal geen rol in deze.
De antwoorden op onze vorige en op deze vragen beschouwen wij dan ook als uw antwoorden als hoeder van de bestuurlijke integriteit.
In de raadsvergadering van 7 november 2024 heb ik na een uitvoerige en duidelijke inleiding heel duidelijke en heel concrete vragen geformuleerd over het vervolgonderzoek uit 2015 door de gemeentelijke huisadvocaat van Beurden.
De letterlijke tekst, die u uiteraard ook zelf nogmaals kunt beluisteren op de opname van de raadsvergadering voeg ik als bijlage 1 bij deze brief.
Zoals u kunt vaststellen heb ik met geen woord gesproken over welk ander dossier dan ook.
Ook in de rest van mijn eerste termijn heb ik niets gezegd wat te maken heeft of zou kunnen hebben met welke griffiemedewerker dan ook.
Woord voor woord gingen mijn tekst en mijn vragen over het Van Beurdenvervolgonderzoek.
U gaf deze reactie op onze vragen: “Dan geef ik u hierbij nogmaals in het openbaar aan dat de documenten waar u om heeft gevraagd, dat u die documenten niet krijgt en als u daarover niet met mij in gesprek wil is daarmee wat mij betreft de kous af.” In uw antwoorden op onze schriftelijke vragen schrijft u dat het allemaal op een misverstand berust. Goed te lezen dat u tot inkeer bent gekomen. We hebben er echter alsnog een aantal vervolgvragen over.
Maar vooraf willen wij graag een drietal zaken duidelijk maken. 1
A. Dit gaat over bestuurlijke integriteit en over behoorlijk bestuur. En dan gaat het over de Algemene Beginselen van Behoorlijk Bestuur en Persoonsonderzoek. Zie bijlagen. Uit uw antwoorden lijkt het alsof er geen checks en balances en controle en mandaatregels in de gemeentelijke organisatie gelden; alsof willekeur de norm is en raadsleden een gemeentelijk dossier zijn.
B. Dit niet gaat om een willekeurig gemeentelijk onderzoek.…
Vragen en antwoorden
Vraag 1
Welke vragen behoren volgens u niet tot uw verantwoordelijkheid als hoeder van de bestuurlijke integriteit?
Antwoord van het college
2
Vraag 2
Welke woorden uit mijn betoog (zie bijlage 1 voor de betreffende tekst) tijdens de raadsvergadering van 7 november2024 zodanig begrepen dat het om een griffiemedewerkster zou gaan?
Antwoord van het college
Ik heb geen woord over een griffiemedewerkster uitgesproken.
In de verslagen van de werkgeverscommissie staat duidelijk dat de werkgeverscommissie de huisadvocaat speciaal had uitgenodigd om een vervolgonderzoek tegen mij in te stellen in het verlengde van het stiekeme onderzoek uit 2014. In uw antwoord op onze vraag 1 antwoord u dat de werkgeverscommissie advies wilde van huisadvocaat Van Beurden. Het belangrijkste laat u daarbij weg. Er staat immers duidelijk in het verslag dat ChristenUnie raadslid Monrooij aan de gemeentelijke advocaat Van Beurden heeft gevraag om een vervolgonderzoek tegen mij, raadslid Bakhtali, in te stellen.
Vraag 3
Bent u het met ons eens dat u door dit illegitiem persoonsonderzoek door de huisadvocaat Van Beurden een ‘advies’ te noemen niet zorgvuldig en zelfs respectloos handelt?
Antwoord van het college
Zo nee waarom vind u uw woordkeuze wel zorgvuldig en respectvol?
De werkgeverscommissie werkt voor en namens de gemeenteraad. Dus is niet de huisadvocaat degene naar wie de werkgeverscommissie zich moet wenden voor advies maar de gemeenteraad. Tevens is de juridische afdeling niet gerechtigd om een dergelijke opdracht te verstrekken. Wij vinden het daarom onbegrijpelijk en erg zorgelijk dat u antwoorden geeft alsof dat wel de norm is. Alsof ambtenaren wat te zeggen hebben over de democratisch gekozen volksvertegenwoordigers.
Feit is dat de commissie van raadsleden met raadslid Monrooij als voorzitter, hun positie hebben misbruikt om het functioneren van een democratisch gekozen raadslid aan een onderzoek van de gemeentelijke advocaat te onderwerpen. Geen enkel raadslid heeft daar het recht toe dus ook niet de raadsleden in de werkgeverscommissie. Tevens hebben zij het recht niet om daarvoor het geld van de gemeenschap te misbruiken en ook niet om daartoe een opdracht aan ambtenaren te geven.
Vraag 4
Bent u het eens met bovenstaande?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet?
In plaats van dit te veroordelen beantwoordde u onze vragen alsof er niets mis is met deze verwerpelijke gang van zaken.
Vraag 5
Bent u het met ons eens dat noch raadsleden, noch raadscommissies, noch ambtenaren gerechtigd zijn om onderzoek te doen naar de handel en wandel en uitspraken van raadsleden?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 6
Als het over zorgvuldigheid gaat dan wordt u als burgemeester, raadsvoorzitter en hoeder van de bestuurlijke integriteit op zijn minst geacht te weten dat noch de 3 raadscommissie noch het juridisch team het recht heeft om welk onderzoek dan ook te doen instellen naar raadsleden, ongeacht of u dat onderzoek ‘advies’noemt. Bent u het met ons eens dat de sterke indruk is gewekt dat raadslid Monrooij zijn contacten binnen de gemeentelijke organisatie, die hij heeft gelegd tijdens zijn functie als wethouder Financiën, heeft ingezet voor zijn politieke doelen en dat hier dus sprake is van netwerkcorruptie?
Antwoord van het college
Zo nee, waarom niet?
Vraag 7
Bent u het met ons eens dat de gemeenteraad het bevoegd orgaan is in deze en dat “zorgvuldig handelen als werkgeverscommissie in drietal situaties” had moeten betekenen dat deze kwestie bij de gemeenteraad werd neergelegd?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 8
Bent u het met ons eens dat ook met de inzet van de huisadvocaat en/of gebruik van het geld van de gemeenschap zonder expliciete toestemming van de budgethouder niet is voldaan aan het legaliteitsbeginsel?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 9
Sinds wanneer kunnen raadsleden opdrachten verstrekken aan ambtenaren?
Antwoord van het college
In welke wet of verordening is dat geregeld?
Vraag 10
Bent u het met ons eens dat die ambtenaren buiten hun bevoegdheid zijn getreden?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 11
De gemeentesecretaris is verantwoordelijk voor het functioneren van de gemeentelijke ambtenaren. Welke actie heeft de gemeentesecretaris ondernomen naar de ambtenaren die hierin een rol hebben gehad?
Antwoord van het college
Het is natuurlijk al zeer zorgelijk dat 150 ambtenaren kennelijk niet in staat zijn om zelf te bedenken hoe te communiceren met laaggeletterde inwoners, zoals vastgesteld in de raad van 20 maart j.l. 4
Maar mogen we ervan uitgaan dat ze wel de wetten en regels kennen die hun taken betreffen, zoals mandaten, doelmatigheid en doeltreffendheid, checks and balances, interne controleregels etc?
Vraag 12
Bent u het met ons eens dat het feit dat raadsleden een eenzijdige advocatenonderzoek naar cq advies over een ander raadslid kunnen gelasten zonder medeweten van de gemeenteraad en zonder medeweten van het raadslid een zeer bedreigende en dus zeer onveilige werkomgeving schept?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 13
Bent u het met ons eens dat het onderzoek zonder mijn medeweten en het opslaan van mijn persoonsgegevens zonder dat ik in de gelegenheid ben gesteld om die gegevens te weerspreken een inbreuk maakt op mijn persoonlijke levenssfeer?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 14
Bent u het met ons eens dat dergelijke stiekeme onderzoeken met als gevolg het beperken van mijn vrijheid als raadslid om vrijuit te spreken, het democratisch functioneren van de gemeente Nieuwegein ondermijnt?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
5
Vraag 15
Bent u het met ons eens dat het in een democratische rechtstaat onacceptabel is dat in het overheidsbestuur dergelijke eenzijdige en dus partijdige onderzoeken op basis van aannames zonder wederhoor worden uitgevoerd?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 16
U zegt in uw beantwoording dat er zorgvuldig is gehandeld. Wat vindt u zorgvuldig aan de gang van zaken bij deze opdrachtverstrekking en -uitvoering?
Antwoord van het college
Dan nog enkele vragen aan u als voorzitter van de raad.
Raadslid Heleen Peters van Lokale Vernieuwing (coalitiepartij) gebruikte tijdens mijn termijn de interruptie om het volgende te melden: “Ik heb het idee dat u heel veel waarschuwingen en verzoeken heeft gekregen maar dat u daar tot op heden niets aan doet niets mee doet en eigenlijk wil ik een ordevoorstel doen voorzitter. We hebben het over integriteit, elkaar vertrouwen, een goede relatie met elkaar hebben om vervolgens te kunnen zeggen wat je ergens van vindt. Daar hoort ook bij dat je sommige hoofdstukken afsluit. En niet keer op keer gelegenheid zoekt om oude koeien uit de sloot te halen, die gaat over mensen die hier helemaal niet meer zitten, dingen die feitelijk vaak onjuist zijn en dus wil ik voorstellen voorzitter dat degene die hier niet langer naar willen luisteren de zaal verlaten houdt mevrouw Bakhtali d’r verhaal en kom ik daarna weer terug.” In feite deed mevrouw Peters een wanordevoorstel maar u ondernam daar helemaal niets tegen en liet haar ongestoord begaan. Vermoedelijk omdat zij bij uw coalitiepartij hoort.
U wilde niet eens schorsen, een reflex waar u vaak in schiet als ik aan het woord ben. U lachte er maar een beetje bij en ik heb u van dit pijnlijk moment verlost door het woord te nemen.
Omdat u niet ingreep bij deze ernstige ordeverstoring hebben wij daar nog een paar vragen over voor u als raadsvoorzitter.
Vraag 17
Bent u het met mevrouw Peters eens dat bestuurlijke integriteit betekent dat je elkaar vertrouwt, zoals mevrouw Peters stelde?
Antwoord van het college
6
Vraag 18
Of bent u het met ons eens dat bestuurlijke integriteit juist betekent dat de gemeenteraad en de burgemeester in actie komen als er aanwijzingen zijn dat illegitieme dus illegale acties binnen het bestuur zich hebben voorgedaan?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 19
Bent u het met mevrouw Peters eens dat bestuurlijke integriteit betekent dat je ‘sommige hoofdstukken afsluit’, dus dat integriteitsschendingen onder het tapijt moeten worden geschoven?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 20
Bent u het met mevrouw Peters eens dat oude koeien in de sloot moeten blijven, met andere woorden dat u en de gemeenteraad de andere kant op moeten kijken als de kennelijke schendingen van de bestuurlijke integriteit uit onder andere 2014 en 2015 nu boven water komen en dat ze onbesproken moeten blijven?
Antwoord van het college
Zo nee waarom niet?
Vraag 21
Wat vindt u ervan dat ze poogde de raadszaal leeg te krijgen terwijl ze tegelijk beweerde dat iedereen moet kunnen zeggen wat hij of zij ergens van vindt?
Antwoord van het college
Wij zien uw antwoorden graag tegemoet.
Vriendelijke groet, Haseena Bakhtali Stadspartij Núwegein
Bijlage 1: De tekst die ik uitsprak tijdens de raadsvergadering van 7 november 2024.
Dan over belangrijke stukken die ons worden onthouden. Stukken over het uitschakelen van raadsleden, stukken die vriendjespolitiek bewijzen en over achterkamertjespolitiek.
In juni van dit jaar ontdekte ik dat de huisadvocaat van de gemeente in 2015 in het geniep een vervolgonderzoek heeft ingesteld tegen een democratisch verkozen raadslid. In 2014 was er al een onderzoek geweest door deze advcoaat. Dat eerste onderzoek kostte de gemeenschap ruim 12.000,- Euro.
Kennelijk beviel dat goed, want in 2015 werd een vervolgonderzoek ingesteld, wat de gemeenschap ruim 21.000 heeft gekost. Dat ontdekte ik vijf maanden geleden. 7
De opdrachtgever blijkt de werkgeverscommissie griffier te zijn geweest. Het is dus een clubje raadsleden die aan de huisadvocaat de opdracht kon geven om een onderzoek in te stellen tegen een raadslid. Zonder dat dat raadslid daarvan op de hoogte werd gesteld en zonder dat dat raadslid de kans kreeg op weerwoord en zonder dat de budgethouder, de gemeenteraad, daarvan op de hoogte werd gesteld.
Dit geld en de opdracht is op geen enkele manier correct, transparant en controleerbaar uitgegeven. Dat geldt ook voor het eerste onderzoek.
Dit is een kwestie waar niet alleen alle raadsleden op hun achterste poten van zouden moeten gaan staan, maar ook de burgemeester zou dit per direct in de raad ter bespreking moeten voorleggen. Vanwege opnieuw bewijs van misbruik van gemeenschapsgeld, vanwege onbevoegdheid en geheime praktijken in achterkamers. Dit is ontoelaatbaar!
Sinds juni vraag ik de stukken op bij de werkgeverscommissie griffie en bij de burgemeester. Door de commissie wordt mijn vraag straal genegeerd en de burgemeester weigert het rapport dat nota bene over mij gaat aan mij te verstrekken. Mijn vragen aan de burgemeester:
• Waarom krijgen de raadsleden het rapport en de bijbehorende stukken niet en waarom krijg ik, als onderwerp van dat onderzoek, de stukken niet?
• Wanneer wordt hierover in het kader van integer bestuur, verantwoording afgedragen aan de gemeenteraad, zoals beloofd in de programmabegroting?
Zolang dergelijke praktijken, waarbij met onrechtmatig gebruik van gemeentelijke middelen raadsleden in het geniep kunnen worden beloerd en uitgeschakeld, straffeloos doorgang kunnen hebben zijn we hier met zijn allen niets meer dan een lokale toneelvereniging.
Bijlage 2: De algemene beginselen van behoorlijk bestuur (abbb's) Algemene beginselen van behoorlijk bestuur kunnen onderscheiden worden in formele beginselen en materiële beginselen.
Formele beginselen Iedere bevoegdheid van de overheid (inclusief die van de gedecentraliseerde overheden zoals waterschappen, provincies, gemeentes) om besluiten te mogen nemen moet terug te voeren zijn op bevoegdheid die door de formele wetgever is toebedeeld.
Voorbeelden zijn: legaliteitsbeginsel, zorgvuldigheidsbeginsel, motiveringsbeginsel,en het formele rechtszekerheidsbeginsel
•
•
•
Legaliteitsbeginsel. Er is geen bevoegdheid zonder grondslag in wet of Grondwet.
Zorgvuldigheidsbeginsel. De overheid moet een besluit zorgvuldig voorbereiden en nemen: correcte behandeling van de burger, zorgvuldig onderzoek naar de feiten en belangen, procedure goed volgen en deugdelijke besluitvorming (art. 3:2 Awb).
Motiveringsbeginsel. De overheid moet haar besluiten goed motiveren: de feiten moeten kloppen en de motivering moet logisch en begrijpelijk zijn (art. 3:46 Awb). 8
•
•
•
Rechtszekerheidsbeginsel. De overheid moet haar besluiten zó formuleren dat de burger precies weet waar hij aan toe is of wat de overheid van hem verlangt.
Bovendien moet de overheid de geldende rechtsregels juist en consequent toepassen.
Fair-play-beginsel. Het Fair-play-beginsel zorgt voor een eerlijke behandeling van een besluit. Het bestuursorgaan vervult zijn taak zonder vooringenomenheid of partijdigheid (art. 2:4 Awb).
Verbod op détournement de procédure. Er mag geen lichtere procedure worden gevolgd om tot een besluit te komen, wanneer daarvoor een met meer waarborgen omklede procedure openstaat. (art. 3:3 Awb).
•
Materiële beginselen
•
•
•
•
•
•
Specialiteitsbeginsel. Een bestuursorgaan mag alleen die belangen behartigen waarvoor de betrokken wet of regeling een grondslag biedt (art. 3:4 lid 1 Awb).
Evenredigheidsbeginsel. De overheid moet ervoor zorgen dat de lasten of nadelige gevolgen van een overheidsbesluit voor een burger niet zwaarder zijn dan het algemeen belang van het besluit (art. 3:4 lid 2 Awb).
Materiële rechtszekerheidsbeginsel. Een burger die gedurende een ruime periode een bepaalde rechtspositie heeft opgebouwd, mag er in principe op vertrouwen dat deze rechtspositie kan worden voortgezet, dan wel dat hij bij gewijzigd beleid gecompenseerd wordt.
Gelijkheidsbeginsel. De overheid moet gelijke gevallen op gelijke wijze behandelen (art. 1 Grondwet).
Verbod van détournement de pouvoir. Een bestuursorgaan mag de hem geattribueerde of gedelegeerde bevoegdheid alleen gebruiken voor het doel waarvoor die bevoegdheid is gegeven (art. 3:3 Awb).
Vertrouwensbeginsel. Ook wel beginsel van de opgewekte verwachting. Wie op goede gronden – bijvoorbeeld na een duidelijke toezegging – erop mag vertrouwen dat de overheid een besluit neemt, heeft daar ook recht op.
De overheid mag geen zaken regelen die niet binnen haar bevoegdheid liggen of die willekeur oproepen. Zij mag niet buiten haar opgelegde verplichtingen en bevoegdheden treden.
Bijlage 3:
Uw antwoorden op onze eerste vragen.
Deze worden separaat bij deze vervolgvragen gevoegd.
9
Bron: raadsinformatie van de gemeente Nieuwegein (Open Raadsinformatie). De vragen en antwoorden zijn automatisch uit de brief gelezen; het origineel is leidend.